Wet register onderwijsdeelnemers

Geldend van 01-08-2020 t/m heden

Wet van 20 februari 2019 inzake bundeling en aanpassing van regels over de registers met betrekking tot onderwijsdeelnemers (Wet register onderwijsdeelnemers)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de wetgeving over de registers met betrekking tot onderwijsdeelnemers doorzichtiger en toegankelijker te maken en ook overigens te moderniseren, en deze daartoe te bundelen in een nieuwe Wet register onderwijsdeelnemers, onder wijziging van diverse onderwijswetten;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt, voor zover niet anders is bepaald, verstaan onder:

Artikel 2. Reikwijdte

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel 3. Aard bepalingen

Voor zover de bij of krachtens deze wet gegeven voorschriften de onderwijsinstellingen betreffen, zijn zij regels voor het openbaar onderwijs en voorwaarden voor bekostiging van het bijzonder onderwijs.

Hoofdstuk 2. Het register onderwijsdeelnemers

§ 2.1. Algemene bepalingen

Artikel 4. Register onderwijsdeelnemers

  • 1 Er is een register onderwijsdeelnemers, waarin basisgegevens, vrijstellingsgegevens, verzuimgegevens, diplomagegevens en persoonsgebonden nummers van onderwijsdeelnemers zijn opgenomen.

  • 2 Onze Minister draagt zorg voor het beheer van het register onderwijsdeelnemers.

Artikel 5. Doel

  • 1 Het register onderwijsdeelnemers heeft tot doel gegevens over onderwijsdeelnemers te verstrekken voor de doelen, bedoeld in de volgende leden.

  • 2 Basisgegevens worden verstrekt ten behoeve van:

    • a. de bekostiging van onderwijsinstellingen door Onze Minister;

    • b. de planning van onderwijsinstellingen voor hoger onderwijs door Onze Minister;

    • c. de begrotings- en beleidsvoorbereiding door Onze Minister;

    • d. de uitvoering van overige wettelijke taken door Onze Minister;

    • e. het toezicht op het onderwijs door de inspectie;

    • f. de gegevensverstrekking door het CBS aan:

      • 1°. Onze Minister voor de beleidsvoorbereiding door Onze Minister; of

      • 2°. het college van burgemeester en wethouders voor de begrotings- en beleidsvoorbereiding inzake de gemeentelijke taken op het gebied van het onderwijs;

    • g. de uitvoering van aanmeldings-, toelatings- en inschrijvingsprocedures door onderwijsinstellingen als bedoeld in de WEB, de WHW en de WEB BES en van aanmeldings-, toelatings-, inschrijvings- en uitschrijvingsprocedures door onderwijsinstellingen als bedoeld in de WPO, de WEC, de WVO, de WPO BES en de WVO BES; of

    • h. de verstrekking van waardedocumenten door onderwijsinstellingen.

  • 3 Vrijstellingsgegevens worden verstrekt ten behoeve van:

    • a. de bekostiging van onderwijsinstellingen en de begrotings- en beleidsvoorbereiding door Onze Minister in verband met het aantal voortijdig schoolverlaters;

    • b. de beleidsvoorbereiding door Onze Minister over vrijstellingen en vervangende leerplicht; of

    • c. het toezicht op de naleving op grond van de LPW door het college van burgemeester en wethouders.

  • 4 Verzuimgegevens worden verstrekt ten behoeve van:

    • a. de uitvoering van wettelijke taken inzake verzuim door het hoofd, het bestuur en het college van burgemeester en wethouders; of

    • b. de beleidsvoorbereiding over verzuim door Onze Minister.

  • 5 Diplomagegevens worden verstrekt ten behoeve van het beschikbaar maken van betrouwbare diploma-informatie.

Artikel 6. Verwerkingsverantwoordelijke

Onze Minister is voor de verwerking van persoonsgegevens in het kader van het register onderwijsdeelnemers de verwerkingsverantwoordelijke.

Artikel 7. Autorisatie

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de autorisatie van degenen die onder het gezag van Onze Minister vallen voor verwerking van persoonsgegevens in het kader van het register onderwijsdeelnemers.

§ 2.2. Gegevens onderwijsdeelnemers

Artikel 8. Gegevens per onderwijsdeelnemer

  • 1 Het register onderwijsdeelnemers bevat voor elke daarin opgenomen onderwijsdeelnemer:

    • a. het persoonsgebonden nummer; en

    • b. voor zover van toepassing de basisgegevens, vrijstellingsgegevens, verzuimgegevens en diplomagegevens over de onderwijsdeelnemer.

  • 2 De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, zijn gekoppeld aan het persoonsgebonden nummer van de desbetreffende onderwijsdeelnemer.

  • 3 Basisgegevens kunnen tevens deel uitmaken van een andere gegevensset over de desbetreffende onderwijsdeelnemer.

  • 4 Onverminderd de artikelen 9, 10 en 11 worden bij algemene maatregel van bestuur de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, per gegevensset vastgesteld en kan bij ministeriële regeling nadere specificatie van de gegevens plaatsvinden.

Artikel 9. Identificerende gegevens

  • 1 De basisgegevens, vrijstellingsgegevens, verzuimgegevens en diplomagegevens over de onderwijsdeelnemer omvatten mede identificerende gegevens.

  • 2 De identificerende gegevens kunnen voor elke onderwijsdeelnemer niet meer omvatten dan gegevens over:

    • a. de geslachtsnaam;

    • b. de voornamen;

    • c. het geslacht;

    • d. het adres;

    • e. de postcode;

    • f. de geboortedatum;

    • g. de overlijdensdatum;

    • h. de geboorteplaats;

    • i. het geboorteland;

    • j. het geboorteland van elk van de ouders;

    • k. de nationaliteit, waaronder begrepen gegevens waaruit blijkt of de onderwijsdeelnemer op grond van artikel 2.2 van de Wet studiefinanciering 2000 met een Nederlander wordt gelijkgesteld;

    • l. het verblijf in en het vertrek uit Nederland; of

    • m. het verblijfsrecht van de vreemdeling.

  • 3 De identificerende gegevens worden verkregen uit de basisregistratie personen.

  • 4 Indien identificerende gegevens niet voorkomen in de basisregistratie personen, worden zij in het register onderwijsdeelnemers opgenomen voor zover zij deel uitmaken van de levering op grond van artikel 12.

Artikel 10. Basisgegevens, vrijstellingsgegevens, verzuimgegevens en diplomagegevens

  • 1 De basisgegevens omvatten, naast de identificerende gegevens, bedoeld in artikel 9, in elk geval gegevens met betrekking tot:

    • a. de onderwijsinstelling waar de onderwijsdeelnemer is of was ingeschreven;

    • b. de datum van in- en uitschrijving bij de desbetreffende onderwijsinstelling.

  • 2 De vrijstellingsgegevens omvatten, naast de identificerende gegevens, bedoeld in artikel 9, in elk geval gegevens met betrekking tot:

    • a. het feit dat het een vrijstelling van de leerplicht dan wel een vervangende leerplicht betreft;

    • b. de begin- en einddatum van de vrijstelling of vervangende leerplicht.

  • 3 De verzuimgegevens omvatten, naast de identificerende gegevens, bedoeld in artikel 9, in elk geval gegevens met betrekking tot:

    • a. het soort verzuim;

    • b. de begin- en einddatum van het verzuim.

  • 4 De diplomagegevens omvatten, naast de identificerende gegevens, bedoeld in artikel 9, in elk geval gegevens met betrekking tot:

    • a. het soort waardedocument;

    • b. de organisatie die het waardedocument heeft uitgereikt.

Artikel 11. Bijzondere categorieën van persoonsgegevens en persoonsgegevens van strafrechtelijke aard

  • 2 Persoonsgegevens waaruit religieuze of levensbeschouwelijke overtuigingen blijken, gegevens over gezondheid en persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld in paragraaf 3.1 onderscheidenlijk paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming kunnen deel uitmaken van de verzuimgegevens. Deze gegevens worden uitsluitend verstrekt aan:

    • a. de betrokkene;

    • b. Onze Minister ten behoeve van de beleidsvoorbereiding over verzuim, onverminderd artikel 17, tweede lid;

    • c. het hoofd, het bestuur en het college van burgemeester en wethouders ten behoeve van de uitvoering van wettelijke taken inzake verzuim.

§ 2.3. Levering, opneming en verstrekking van gegevens; bewaartermijn

Artikel 12. Levering

  • 1 Het bestuur levert Onze Minister de basisgegevens.

  • 2 Het college van burgemeester en wethouders levert Onze Minister de vrijstellingsgegevens.

  • 3 Het hoofd, het bestuur en het college van burgemeester en wethouders leveren Onze Minister de verzuimgegevens voor zover deze niet ook basisgegevens zijn.

  • 4 Het bestuur, het College voor toetsen en examens en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid leveren Onze Minister de diplomagegevens voor zover deze niet ook basisgegevens zijn.

  • 5 De gegevens, bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, worden geleverd met het persoonsgebonden nummer van de onderwijsdeelnemer.

  • 6 Bij algemene maatregel van bestuur worden de gegevens die worden geleverd op grond van dit artikel per gegevensset vastgesteld. Bij ministeriële regeling kunnen de gegevens nader worden gespecificeerd.

  • 7 Bij algemene maatregel van bestuur wordt bepaald onder welke voorwaarden en in welke gevallen de levering, bedoeld in het tweede tot en met vijfde lid, gebeurt en wordt bepaald hoe de levering van verzuimgegevens en diplomagegevens is verdeeld tussen de leverende instanties, bedoeld in het derde en vierde lid.

  • 8 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de termijnen voor de levering, de tijdstippen en, onverminderd artikel 28, de wijze van de levering, bedoeld in het eerste tot en met vijfde lid.

Artikel 13. Opneming

Onze Minister neemt het persoonsgebonden nummer en de andere gegevens die zijn geleverd op grond van artikel 12 op in het register onderwijsdeelnemers, met dien verstande dat hij de identificerende gegevens die zijn geleverd op grond van dat artikel slechts opneemt voor zover deze niet kunnen worden verkregen uit de basisregistratie personen.

Artikel 14. Opneming basisgegevens

  • 1 Onze Minister neemt het persoonsgebonden nummer en de basisgegevens op in het register onderwijsdeelnemers na toetsing op juistheid en volledigheid. Onze Minister verstrekt de gegevens, zoals hij voornemens is die gegevens in het register onderwijsdeelnemers op te nemen, aan het bestuur. Onze Minister kan de door het bestuur verstrekte gegevens uitsluitend met instemming van het bestuur wijzigen.

  • 2 Het bestuur verstrekt Onze Minister alle inlichtingen die hij nodig acht voor de uitvoering van de in het eerste lid bedoelde taak. Het bestuur werkt eraan mee dat de in het register onderwijsdeelnemers opgenomen basisgegevens juist en volledig zijn.

  • 3 Indien Onze Minister naar aanleiding van de toetsing, bedoeld in het eerste lid, redenen heeft om aan te nemen dat een bestuur in strijd handelt of heeft gehandeld met het bepaalde bij of krachtens deze wet of een onderwijswet, en een onderzoek daarnaar door de inspectie nodig acht, verstrekt Onze Minister ten behoeve van dit onderzoek de gegevens, bedoeld in het eerste lid, van de desbetreffende onderwijsdeelnemers aan de inspectie. De inspectie meldt de uitkomst van het onderzoek aan Onze Minister.

  • 4 Voor zover de in het eerste lid bedoelde gegevens naar het oordeel van Onze Minister onjuist of onvolledig zijn, kan Onze Minister ten behoeve van de vaststelling van de bekostiging van deze gegevens afwijken. In dat geval neemt Onze Minister de door hem vastgestelde gewijzigde gegevens op in het register onderwijsdeelnemers nadat het desbetreffende besluit tot vaststelling van de bekostiging onherroepelijk is geworden.

Artikel 15. Verstrekking aan minister van basisgegevens

  • 1 De basisgegevens worden verstrekt aan Onze Minister voor zover dit noodzakelijk is voor de bekostiging van onderwijsinstellingen, de planning van onderwijsinstellingen voor hoger onderwijs, de begrotings- en beleidsvoorbereiding en het toezicht op de naleving van de Wet normering topinkomens.

  • 2 Bij de verstrekking, bedoeld in het eerste lid, kunnen persoonsgegevens worden verwerkt, indien dat noodzakelijk is voor de in het eerste lid genoemde doelen, onverminderd de verplichting voor de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en organisatorische maatregelen te treffen als bedoeld in artikel 25 van de Algemene verordening gegevensbescherming. Gegevens over de geslachtsnaam, de voornamen, het adres en de geboortedatum van onderwijsdeelnemers worden niet verstrekt.

  • 3 De basisgegevens kunnen met het persoonsgebonden nummer worden verstrekt aan Onze Minister voor zover dat noodzakelijk is voor het verkeer met het bestuur over de vaststelling van de bekostiging.

  • 6 Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ter uitvoering van het eerste tot en met vijfde lid, waarbij in ieder geval de te verstrekken gegevens worden vastgesteld. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de inhoud en samenstelling van de gegevens en worden regels gesteld over de tijdstippen van de verstrekking en de perioden waarop de gegevens betrekking hebben en, onverminderd artikel 28, de wijze van de verstrekking.

Artikel 16. Verstrekking aan minister van vrijstellingsgegevens

  • 1 De vrijstellingsgegevens worden verstrekt aan Onze Minister voor zover dit noodzakelijk is voor de beleidsvoorbereiding door Onze Minister over vrijstellingen en vervangende leerplicht.

  • 2 De verstrekking, bedoeld in het eerste lid, gebeurt in geaggregeerde vorm en betreft uitsluitend zodanige gegevens dat de betrokken onderwijsdeelnemers niet worden geïdentificeerd of identificeerbaar zijn.

  • 3 Bij algemene maatregel van bestuur worden de te verstrekken gegevens vastgesteld.

  • 4 Aan Onze Minister worden de persoonsgebonden nummers verstrekt van de onderwijsdeelnemers van wie vrijstellingsgegevens zijn opgenomen in het register onderwijsdeelnemers vanwege vrijstelling van de leerplicht op grond van de artikelen 5, 5a of 15 van de LPW.

  • 5 Onze Minister gebruikt de gegevens, bedoeld in het vierde lid, uitsluitend ten behoeve van:

    • a. de bijstelling van het aantal voortijdig schoolverlaters dat blijkt uit het register onderwijsdeelnemers;

    • b. de controle aan de hand van het register onderwijsdeelnemers of de onderwijsdeelnemer is ingeschreven bij een onderwijsinstelling.

Artikel 17. Verstrekking aan minister van verzuimgegevens

  • 1 De verzuimgegevens worden verstrekt aan Onze Minister voor zover dit noodzakelijk is voor de beleidsvoorbereiding door Onze Minister over verzuim.

  • 2 Bij de verstrekking, bedoeld in het eerste lid, kunnen persoonsgegevens worden verwerkt, indien dat noodzakelijk is voor het in het eerste lid genoemde doel, onverminderd de verplichting voor de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en organisatorische maatregelen te treffen als bedoeld in artikel 25 van de Algemene verordening gegevensbescherming. Gegevens over de geslachtsnaam, de voornamen, het adres en de geboortedatum van onderwijsdeelnemers worden niet verstrekt.

  • 3 Bij algemene maatregel van bestuur worden de te verstrekken gegevens vastgesteld.

Artikel 18. Verstrekking aan minister van diplomagegevens

  • 1 De diplomagegevens worden verstrekt aan Onze Minister voor zover dit noodzakelijk is voor de begrotings- en beleidsvoorbereiding door Onze Minister.

  • 2 Bij de verstrekking, bedoeld in het eerste lid, kunnen persoonsgegevens worden verwerkt, indien dat noodzakelijk is voor de in het eerste lid genoemde doelen, onverminderd de verplichting voor de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en organisatorische maatregelen te treffen als bedoeld in artikel 25 van de Algemene verordening gegevensbescherming. Gegevens over de geslachtsnaam, de voornamen, het adres en de geboortedatum van onderwijsdeelnemers worden niet verstrekt.

  • 3 De diplomagegevens kunnen met het persoonsgebonden nummer worden verstrekt aan Onze Minister voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van overige wettelijke taken door Onze Minister, waaronder wordt verstaan de uitvoering van taken met betrekking tot de verstrekking van studiefinanciering, vouchers en langstudeerderskrediet bij of krachtens de Wet studiefinanciering 2000 en de verstrekking van studiefinanciering BES en opstarttoelages bij of krachtens de Wet studiefinanciering BES.

  • 4 Bij algemene maatregel van bestuur worden de te verstrekken gegevens vastgesteld.

Artikel 19. Verstrekking aan inspectie

  • 1 De basisgegevens worden verstrekt aan de inspectie voor zover dit noodzakelijk is voor het toezicht op het onderwijs door de inspectie.

  • 2 Bij de verstrekking, bedoeld in het eerste lid, kunnen persoonsgegevens worden verwerkt, indien dat noodzakelijk is voor het in het eerste lid genoemde doel, onverminderd de verplichting voor de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en organisatorische maatregelen te treffen als bedoeld in artikel 25 van de Algemene verordening gegevensbescherming. Gegevens over de geslachtsnaam, de voornamen, het adres en de geboortedatum van onderwijsdeelnemers worden niet verstrekt.

  • 3 Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ter uitvoering van het eerste en tweede lid, waarbij in ieder geval de te verstrekken gegevens worden vastgesteld. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de inhoud en samenstelling van de gegevens en worden regels gesteld over de tijdstippen van de verstrekking en de perioden waarop de gegevens betrekking hebben en, onverminderd artikel 28, de wijze van de verstrekking.

  • 4 Desgevraagd worden de diplomagegevens met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan de inspectie voor zover dit noodzakelijk is voor het toezicht op het onderwijs door de inspectie.

Artikel 20. Verstrekking aan hoofd en bestuur

  • 1 De basisgegevens kunnen met het persoonsgebonden nummer worden verstrekt aan het bestuur.

  • 2 De verzuimgegevens worden met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan het hoofd of het bestuur voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van wettelijke taken door het hoofd of het bestuur inzake verzuim.

  • 3 Desgevraagd worden de diplomagegevens met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan het bestuur.

  • 4 De verstrekking, bedoeld in het eerste lid, gebeurt uitsluitend aan:

    • a. het bestuur van de onderwijsinstelling waar de betrokkene als onderwijsdeelnemer is of was ingeschreven en voor zover de gegevens op die periode van inschrijving betrekking hebben;

    • b. het bestuur van de onderwijsinstelling waar de betrokken onderwijsdeelnemer is ingeschreven, voor zover de gegevens betrekking hebben op de periode waarin deze aan een andere onderwijsinstelling was ingeschreven;

    • c. het bestuur van de onderwijsinstelling, bedoeld in de WPO, de WEC en de WPO BES, waar de betrokkene als onderwijsdeelnemer was ingeschreven, voor zover de gegevens betrekking hebben op de periode waarin hij is of was ingeschreven in een van de eerste drie leerjaren aan een onderwijsinstelling voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de WVO of de WVO BES of voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de WEC; of

    • d. het bestuur van onderwijsinstellingen, voor zover de gegevens noodzakelijk zijn voor de uitvoering van aanmeldings-, toelatings-, inschrijvings- en uitschrijvingsprocedures, bedoeld in artikel 5, tweede lid, onderdeel g.

  • 5 De verstrekking, bedoeld in het tweede lid, gebeurt uitsluitend aan het hoofd of het bestuur van de onderwijsinstelling waar de betrokken onderwijsdeelnemer is ingeschreven.

  • 6 De verstrekking, bedoeld in het derde lid, gebeurt uitsluitend aan het bestuur van de onderwijsinstelling waar het desbetreffende waardedocument is behaald of voor de aanmelding, inschrijving of examinering van de betrokkene.

  • 7 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste tot en met derde lid, worden de te verstrekken gegevens vastgesteld en wordt bepaald voor welke wettelijke taken inzake verzuim de verstrekking van verzuimgegevens op grond van het tweede lid gebeurt.

Artikel 21. Verstrekking aan college van burgemeester en wethouders

  • 1 De basisgegevens worden met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van een wettelijke taak door het college van burgemeester en wethouders.

  • 2 De vrijstellingsgegevens worden met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders voor zover dit noodzakelijk is voor het toezicht op de naleving op grond van de LPW door het college van burgemeester en wethouders.

  • 3 De verzuimgegevens worden met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van wettelijke taken door het college van burgemeester en wethouders inzake verzuim.

  • 4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste tot en met derde lid, worden de te verstrekken gegevens vastgesteld, wordt ter uitvoering van het eerste en derde lid bepaald voor welke wettelijke taken verstrekking gebeurt, en wordt ter uitvoering van het derde lid de termijn voor de verstrekking bepaald.

Artikel 22. Verstrekking aan CBS

  • 1 De basisgegevens en de diplomagegevens worden met het persoonsgebonden nummer verstrekt aan het CBS voor zover dit noodzakelijk is voor de gegevensverstrekking door het CBS aan:

    • a. Onze Minister voor de beleidsvoorbereiding door Onze Minister; of

    • b. het college van burgemeester en wethouders voor de begrotings- en beleidsvoorbereiding inzake de gemeentelijke taken op het gebied van het onderwijs.

  • 2 Het CBS kan de gegevens die het op grond van het eerste lid heeft ontvangen, alsmede de daaraan door het CBS gekoppelde gegevens van belang voor statistische doeleinden op het gebied van arbeid als bedoeld in artikel 33, tweede lid, onderdeel e, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, openbaar maken in de vorm van overzichten die betrekking hebben op afzonderlijke onderwijsinstellingen of opleidingen, voor zover deze overzichten geen gegevens bevatten waardoor een afzonderlijke persoon of een afzonderlijk huishouden wordt geïdentificeerd of identificeerbaar is.

  • 3 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste lid en worden de te verstrekken gegevens vastgesteld.

Artikel 23. Verstrekking aan aangewezen instellingen

  • 1 De basisgegevens worden verstrekt aan door Onze Minister aangewezen onderzoeksinstellingen voor zover dit noodzakelijk is voor onderzoeksactiviteiten naar de kwaliteit en toegankelijkheid van het beroepsonderwijs, het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs en het hoger onderwijs.

  • 2 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste lid.

Artikel 24. Verstrekking aan overige derden

  • 1 Onverminderd het bepaalde bij of krachtens andere wetten, worden het persoonsgebonden nummer en de gegevens, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, verstrekt aan een bestuursorgaan dat niet is genoemd in de artikelen 15 tot en met 22, voor zover dit noodzakelijk is voor de uitvoering van een wettelijke taak door dat bestuursorgaan.

  • 2 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste lid, wordt bepaald welke bestuursorganen voor verstrekking in aanmerking komen en voor welke wettelijke taken als bedoeld in het eerste lid die verstrekking gebeurt, en worden de te verstrekken gegevens vastgesteld.

Artikel 25. Voorhangprocedure

De voordracht voor een krachtens de artikelen 15 tot en met 24 vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Artikel 26. Nadere specificatie te verstrekken gegevens

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de inhoud en samenstelling van de op grond van de artikelen 16, 17, 18, 20, 21, 22 en 24 te verstrekken gegevens, de tijdstippen van de verstrekking, de perioden waarop de gegevens betrekking hebben en, onverminderd artikel 28, de wijze van de verstrekking.

Artikel 27. Vreemdelingenwet 2000

  • 1 Onze Minister verstrekt uit het register onderwijsdeelnemers niet het persoonsgebonden nummer van onderwijsdeelnemers ter uitvoering van artikel 107, zevende lid, van de Vreemdelingenwet 2000, tenzij verstrekking noodzakelijk is voor de nakoming van een verplichting als referent als bedoeld in die wet of voor het toezicht op de naleving van de wettelijke voorschriften over een dergelijke referent.

Artikel 28. Elektronisch gegevensverkeer

  • 1 De levering van gegevens aan het register onderwijsdeelnemers en de verstrekking van gegevens uit het register onderwijsdeelnemers gebeurt langs elektronische weg.

  • 2 Op diens verzoek gebeurt de verstrekking van gegevens uit het register onderwijsdeelnemers aan betrokkene op papier.

Artikel 29. Kosten verstrekking

  • 1 De verstrekking van gegevens uit het register onderwijsdeelnemers langs elektronische weg is kosteloos.

  • 2 Onze Minister kan voor de verstrekking van gegevens uit het register onderwijsdeelnemers op papier een bij ministeriële regeling te bepalen vergoeding vragen.

Artikel 30. Bewaartermijn

  • 1 Basisgegevens en het persoonsgebonden nummer worden in het register onderwijsdeelnemers bewaard in een vorm die het mogelijk maakt de onderwijsdeelnemer te identificeren, tot vijf jaar na beëindiging van diens laatste inschrijving bij een onderwijsinstelling.

  • 2 In afwijking van het eerste lid worden de volgende basisgegevens van de onderwijsdeelnemer die niet langer is ingeschreven aan een onderwijsinstelling voor hoger onderwijs in het register onderwijsdeelnemers bewaard tot vijftig jaar na beëindiging van diens laatste inschrijving:

    • a. de geslachtsnaam;

    • b. de voornamen;

    • c. de geboortedatum;

    • d. de onderwijsinstelling voor hoger onderwijs waar een opleiding is gevolgd;

    • e. de naam van de opleiding;

    • f. de datum van het diploma; en

    • g. het aantal jaren gevolgd hoger onderwijs.

  • 3 De basisgegevens, bedoeld in het tweede lid, worden uitsluitend bewaard ten behoeve van de vaststelling van de bekostiging van onderwijsinstellingen voor hoger onderwijs.

  • 4 Vrijstellingsgegevens en het persoonsgebonden nummer worden in het register onderwijsdeelnemers bewaard tot een jaar na de datum waarop de vrijstelling of de vervangende leerplicht afloopt.

  • 5 Verzuimgegevens en het persoonsgebonden nummer worden in het register onderwijsdeelnemers bewaard gedurende het schooljaar waarin zij in het register onderwijsdeelnemers zijn opgenomen en het daaropvolgende schooljaar.

  • 6 Diplomagegevens en het persoonsgebonden nummer worden in het register onderwijsdeelnemers bewaard in een vorm die het mogelijk maakt de onderwijsdeelnemer te identificeren tot zestig jaar na de maand van afgifte van het laatst behaalde waardedocument of, indien dat eerder is, tot het overlijden van de onderwijsdeelnemer.

§ 2.4. Bijzondere bepalingen over diplomagegevens

Artikel 31. Verstrekking elektronisch document met diplomagegevens

Uit het register onderwijsdeelnemers wordt desgevraagd aan de betrokkene een elektronisch document met diplomagegevens verstrekt dat is beveiligd tegen wijzigingen en waarvan kan worden vastgesteld dat het is afgegeven door Onze Minister.

Artikel 32. Correctie op verzoek

  • 1 De betrokkene kan Onze Minister elektronisch verzoeken de diplomagegevens over hem te verbeteren voor zover deze afwijken van de gegevens in het desbetreffende waardedocument.

  • 2 Onze Minister verzoekt de instantie die de diplomagegevens heeft geleverd, bedoeld in artikel 12, vierde lid, om hem elektronisch de juiste gegevens te verstrekken.

  • 3 Voor zover die instantie constateert dat:

    • a. de diplomagegevens van de betrokkene niet overeenkomen met de gegevens waarover zij beschikt, verzoekt zij Onze Minister om deze gegevens te verbeteren.

    • b. de diplomagegevens van de betrokkene overeenkomen met de gegevens waarover zij beschikt, deelt zij dit elektronisch mee aan Onze Minister en geeft Onze Minister dit elektronisch door aan de betrokkene.

    • c. zij niet meer over dergelijke gegevens van de betrokkene beschikt, deelt zij dit elektronisch mee aan Onze Minister en geeft Onze Minister dit elektronisch door aan de betrokkene. Deze kan in dat geval op vertoon van het desbetreffende waardedocument aan Onze Minister verzoeken de diplomagegevens over hem te verbeteren.

  • 4 Het eerste tot en met derde lid zijn niet van toepassing op de identificerende gegevens die zijn ontleend aan de basisregistratie personen.

Artikel 33. Informatie over verstrekking

  • 1 Onze Minister houdt gedurende twintig jaar na de verstrekking van diplomagegevens uit het register onderwijsdeelnemers aantekening van de verstrekking, tenzij de verstrekking in die periode op een andere manier is te herleiden uit het register onderwijsdeelnemers.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor de verstrekking op grond van artikel 18, tweede lid, van deze wet of artikel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming.

  • 3 Onze Minister deelt aan de betrokkene desgevraagd mee of diplomagegevens over hem gedurende ten hoogste twintig jaar voorafgaand aan het verzoek begrepen zijn geweest in een verstrekking waarop het eerste lid van toepassing is. Onze Minister kan volstaan met een in algemene termen gestelde mededeling over de verstrekkingen.

Hoofdstuk 3. Wijzigings- en samenloopbepalingen

Artikel 36. Wijziging Leerplichtwet BES

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel 42. Wijziging WPO BES

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel 43. Wijziging WVO BES

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel 44. Wijziging WEB BES

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel 51. Samenloop met het wetsvoorstel van de leden Jadnanansing en Rog tot wijziging in de Leerplichtwet 1969 en enkele andere wetten ter introductie van de verlengde kwalificatieplicht (Kamerstukken II 2013/14, 33 925, nr. 2)

  • 1 [Red: Wijzigt deze wet.]

  • 2 [Red: Wijzigt Kst. 33925.]

Hoofdstuk 4. Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen

Artikel 53. Sanctie

  • 1 Indien het bestuur in strijd handelt met het bepaalde bij of krachtens deze wet, kan Onze Minister, onverminderd het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, de bekostiging, voorschotten daaronder begrepen, geheel of gedeeltelijk opschorten of inhouden.

  • 2 Onze Minister kent de bekostiging opnieuw toe indien de reden voor de toepassing van het eerste lid is vervallen.

Artikel 54. Evaluatie

Onze Minister zendt binnen vijf jaar nadat deze wet in werking is getreden aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Artikel 55. Overgangsrecht

Onze Minister neemt de gegevens in het basisregister onderwijs, bedoeld in artikel 24b van de WOT, het meldingsregister relatief verzuim, bedoeld in artikel 24h van die wet, het diplomaregister, bedoeld in artikel 24m van die wet en het register vrijstellingen en vervangende leerplicht, bedoeld in artikel 24k2 van die wet, zoals deze artikelen luidden voor de inwerkingtreding van deze wet, op in het register onderwijsdeelnemers, voor zover deze gegevens overeenkomen met de gegevens die bij of krachtens deze wet in het register onderwijsdeelnemers worden opgenomen.

Artikel 56. Inwerkingtreding

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan, voor de verschillende onderwijssectoren en voor het Europese deel van Nederland en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage, 20 februari 2019

Willem-Alexander

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

I.K. van Engelshoven

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

A. Slob

Uitgegeven de twintigste maart 2019

De Minister van Justitie en Veiligheid,

F.B.J. Grapperhaus

Terug naar begin van de pagina