2 In geval na het op afstand binnendringen in de digitale-gegevensdrager of het geautomatiseerde
werk onderzoek wordt verricht met het oog op het overnemen of het ontoegankelijk maken
van gegevens als bedoeld in het eerste lid, onderdelen d en e, dient de in het eerste
lid bedoelde verdenking een misdrijf te betreffen waarop naar de wettelijke omschrijving
gevangenisstraf van acht jaar of meer is gesteld, dan wel een misdrijf als omschreven
in de artikelen 98, eerste en tweede lid, 98c, eerste lid, 131, eerste en tweede lid,
138ab, eerste tot en met derde lid, 138b, eerste tot en met derde lid, 138c, 139c,
eerste lid, 139d, eerste tot en met derde lid, 139g, eerste lid, 140, eerste lid,
142a, eerste en tweede lid, 160, 161, aanhef en onder 1°, 161bis, aanhef en onder
2°, 161sexies, aanhef en onder 1°, 177, eerste en tweede lid, 179, 182, eerste en
tweede lid, onder 1°, 197a, eerste en tweede lid, 205, eerste en derde lid, 225, eerste
en tweede lid, 226, eerste lid, 227, eerste lid, 231, eerste en tweede lid, 231a,
eerste en tweede lid, 232, eerste en tweede lid, 240b, eerste lid, 247, 248a, 248e,
285b, eerste lid, 350a, eerste tot en met derde lid, 350c, eerste lid, 350d, 363,
eerste en tweede lid en 420bis, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.