Het BMC onderscheidt bij de uitvoering van het alleenrecht op het in- en uitvoeren,
verkopen, afleveren en aanwezig hebben van cannabis, twee ‘regimes’ van verhandeling.
Regime 1 betreft cannabis die het BMC op eigen initiatief bestelt ten behoeve van
levering aan apothekers of apotheekhoudende artsen. Regime 2 betreft cannabis die
andere marktpartijen via het BMC aan elkaar willen leveren.
Regime 1
Onder dit regime valt cannabis flos die direct van het BMC wordt afgenomen en die
bestemd is voor apothekers en apotheekhoudende huisartsen in binnen- en buitenland.
De cannabis flos onder dit regime wordt geproduceerd door een partij die het BMC heeft
aanbesteed. Het BMC koopt de door hem bestelde en daartoe geteelde en geoogste cannabis
binnen vier maanden na het oogsten op en neemt deze fysiek in bezit, indien de cannabis
voldoet aan de geldende specificaties. Het BMC betaalt hier een bedrag voor, gebaseerd
op afspraken uit de aanbesteding. Daarna kan het BMC overgaan tot verdere verkoop
en fysieke overdracht van de cannabis flos, waarbij al dan niet sprake is van in-
en uitvoer.
Regime 2
Dit regime ziet op cannabis die door marktpartijen via het BMC aan andere marktpartijen wordt verhandeld. Onder dit regime:
-
– valt cannabis, m.u.v. de hieronder genoemde preparaten van cannabis, die wordt geleverd
aan alle marktpartijen behalve indien deze bestemd is voor apothekers en apotheekhoudende huisartsen in binnen-
en buitenland, en
-
– vallen preparaten van cannabis, die onder de Geneesmiddelenwet als werkzame stoffen worden beschouwd, die zijn geproduceerd met cannabis die in
opdracht van het BMC is geteeld, en worden geleverd aan alle marktpartijen in binnen-
en buitenland.
Het BMC zal het invoeren, uitvoeren, verkopen en afleveren van cannabis onder dit
regime faciliteren wanneer daartoe een verzoek wordt gedaan door of namens twee partijen
die met elkaar handel willen drijven ten behoeve van één van de wettelijke doeleinden
vermeld in artikel 8h van de Opiumwet.
Indien partijen binnen regime 2 dit verzoek doen, gaat het BMC samen met de aanbiedende
en afnemende partij overeenkomsten aan; in één overeenkomst worden de kwaliteitseisen
van de te leveren cannabis vastgelegd. In een andere overeenkomst wordt vastgelegd
dat de genoemde categorieën cannabis om-niet (gratis) door het BMC worden opgekocht
en door het BMC op papier in bezit worden genomen, waarna het bezit om-niet wordt
verkocht aan een afnemende partij.1 De fysieke overdracht van goederen, inclusief betaling, kan plaatsvinden tussen de
aanbiedende en de afnemende partij. Hierbij kan sprake zijn van in- of uitvoer van
goederen, waartoe het BMC het alleenrecht heeft. Partijen zullen in hun verzoek om
medewerking van het BMC de noodzaak van de hoeveelheid van de via het BMC te leveren
cannabis voldoende duidelijk moeten maken. De partij die de cannabis wenst te leveren,
moet bovendien aantonen dat, indien van toepassing, niet meer geteeld is dan waarop
het verzoek betrekking heeft.