Regeling ontheffing investeringsverplichting commerciële mediadiensten op aanvraag 2025

Geraadpleegd op 25-02-2026.
Geldend van 05-02-2025 t/m heden.

Regeling van het Commissariaat voor de Media van 4 februari 2025 over ontheffing van de investeringsverplichting voor aanbieders van commerciële mediadiensten op aanvraag (Regeling ontheffing investeringsverplichting commerciële mediadiensten op aanvraag 2025)

Het Commissariaat voor de Media,

Na de verkregen goedkeuring van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 3.29e, vijfde en zesde lid, en 3.29i, tweede lid, van de Mediawet 2008,

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. aanbieder: een media-instelling die een commerciële mediadienst op aanvraag verzorgt;

  • b. Commissariaat: Commissariaat voor de Media;

  • c. investeringsverplichting: de verplichting als bedoeld in artikel 3.29e, eerste lid, van de Mediawet 2008 voor een media-instelling die een commerciële mediadienst op aanvraag verzorgt, om te investeren in Nederlands cultureel audiovisueel product;

  • d. relevante omzet: de relevante omzet per boekjaar bestaat uit alle in Nederland gegenereerde omzet die verband houdt met het aanbieden van de betreffende commerciële mediadienst op aanvraag. Hiertoe wordt gerekend omzet uit: reclameboodschappen, abonnementen, gebruikerstransacties, sponsoring en productplaatsing;

  • e. Richtlijn: Richtlijn (EU) 2018/1808 van 14 november 2018 tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten in het licht van een veranderende marktsituatie;

  • f. wet: de Mediawet 2008.

Artikel 2. Gronden voor ontheffing

  • 1 Het Commissariaat verleent een ontheffing van de investeringsverplichting, indien de aanbieder naar het oordeel van het Commissariaat aantoont dat naleving gelet op de aard of het onderwerp van de betreffende mediadienst, of het gebruik van innovatieve formats, praktisch onuitvoerbaar of ongerechtvaardigd zou zijn.

  • 2 Het Commissariaat kan bij de vaststelling of sprake is van een geval als bedoeld in het eerste lid, in ieder geval de aard en omvang van de doelgroep van een mediadienst of specifieke economische omstandigheden aan de zijde van de aanbieder betrekken. Ook kan het Commissariaat hierbij rekening houden met de specifieke vereisten die gelden in het kader van de investeringsverplichting, zoals het vereiste dat de aanbieder de helft van het te investeren bedrag moet aanwenden voor een documentairefilm, documentaireserie, dramaserie of speelfilm, voor welke typen aanbod steeds een bepaalde minimumduur geldt.

  • 3 De enkele omstandigheid dat de aanbieder geen of weinig Nederlands cultureel audiovisueel aanbod produceert dan wel aanbiedt, is onvoldoende grond voor een ontheffing.

Artikel 3. Aanvraag om een ontheffing

  • 1 De aanbieder dient een aanvraag om een ontheffing in bij het Commissariaat uiterlijk vóór 1 juli van het jaar volgend op het boekjaar waarvoor de ontheffing wordt aangevraagd.

  • 2 De aanvraag om een ontheffing wordt schriftelijk ingediend.

  • 3 Bij de aanvraag om een ontheffing dient alle relevante informatie te worden gevoegd, waaronder in ieder geval:

    • a. de naam van de aanbieder en de naam van de betreffende commerciële mediadienst op aanvraag;

    • b. het boekjaar waarover de ontheffing wordt aangevraagd;

    • c. een met redenen omklede motivering.

  • 4 Indien een aanbieder meerdere commerciële mediadiensten op aanvraag verzorgt, wordt een aanvraag ingediend per commerciële mediadienst op aanvraag.

Artikel 4. Verlenen ontheffing

  • 1 Indien de aanbieder naar het oordeel van het Commissariaat aantoont dat sprake is van een geval waarin niet kan worden verlangd dat (geheel) aan de investeringsverplichting wordt voldaan, verleent het Commissariaat een ontheffing.

  • 2 Het Commissariaat verleent een ontheffing in beginsel voor de duur van maximaal één boekjaar. Dit is alleen anders als de aanbieder naar het oordeel van het Commissariaat heeft onderbouwd dat er een langdurige reden is voor de aanvraag om een ontheffing. In dat geval wordt een ontheffing voor langere duur verleend, waarbij een maximum geldt van drie boekjaren.

  • 3 Een ontheffing kan geheel of gedeeltelijk worden verleend.

  • 4 De aanbieder dient elke wijziging in de aangevoerde omstandigheden, op grond waarvan een ontheffing is verleend, zo spoedig mogelijk te melden bij het Commissariaat.

  • 5 Het Commissariaat kan een ontheffing intrekken of wijzigen, bijvoorbeeld:

    • a. op verzoek van de aanbieder van een commerciële mediadienst op aanvraag;

    • b. bij een relevante wijziging van omstandigheden;

    • c. wanneer blijkt dat bij de aanvraag om een ontheffing onjuiste of onvolledige informatie is verstrekt.

Artikel 5. Citeertitel en inwerkingtreding

  • 1 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling ontheffing investeringsverplichting commerciële mediadiensten op aanvraag 2025.

  • 2 Deze regeling wordt bekendgemaakt door plaatsing in de Staatscourant en op de website van het Commissariaat (www.cvdm.nl).

  • 3 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na plaatsing in de Staatscourant.

Commissariaat voor de Media,

A. Asante

voorzitter

P. Eijsvoogel

commissaris