Besluit elektronische publicaties

Geraadpleegd op 22-05-2022.
Geldend van 01-07-2021 t/m heden

Besluit van 1 april 2021, houdende regels over elektronische publicatie van algemene bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen (Besluit elektronische publicaties)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 25 mei 2020, nr. 2020-0000255276;

Gelet op de artikelen 15, 16, eerste, tweede en vierde lid, 19, eerste en tweede lid, en 20, tweede en derde lid, van de Bekendmakingswet, artikel 69, eerste en vijfde lid, van de Kernenergiewet, de artikelen 5.16, tweede lid, 5.44b, tweede lid, 15.8, vierde lid, 16.139, eerste en tweede lid, 19.12, vierde lid, en 20.26, eerste lid, van de Omgevingswet, artikel 18, derde lid, van de Wegenverkeerswet 1994, de artikelen 7.4, eerste lid, en 7.6, eerste lid, van de Wet dieren, artikel X, derde lid, van de Wet elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst, de artikelen 8.40, eerste lid, 8.41, vierde lid, 8.42, vijfde lid, en 10.32 van de Wet milieubeheer, artikel 1.13, eerste lid, van de Wet natuurbescherming en de artikelen 2.4, tweede lid, 3.7, achtste lid, 3.37, eerste lid, 4.2, vijfde lid, en 6.13, negende lid, van de Wet ruimtelijke ordening;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 17 juni 2020, nr. W04.20.0154/I);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 29 maart 2021, nr. 2020-0000412175;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Integriteit beraadslaging en vaststelling

Artikel 2.1. Waarborgen

Onze Minister, gedeputeerde staten, het college van burgemeester en wethouders, het dagelijks bestuur van het waterschap, het bestuurscollege, het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie en het gemeenschappelijk orgaan, dragen er zorg voor dat de nodige maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat het bekendgemaakte besluit het besluit is waarover is beraadslaagd en dat nadien is vastgesteld. Bij ministeriële regeling kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld.

Hoofdstuk 3. Publicatiebladen

Artikel 3.1. Uitgifte op internetadres

  • 1 De publicatiebladen, met uitzondering van het afkondigingsblad, worden uitgegeven op een bij ministeriële regeling te bepalen internetadres.

  • 2 Het afkondigingsblad dat elektronisch wordt uitgegeven, wordt uitgegeven op het internetadres, bedoeld in het eerste lid, of op een door het bestuurscollege te bepalen internetadres.

  • 3 Op de publicatiebladen wordt vermeld wanneer zij zijn uitgegeven.

Artikel 3.2. Beschikbaar blijven

Onze Minister draagt er zorg voor dat de publicatiebladen die worden uitgegeven door middel van de door Onze Minister in stand gehouden digitale infrastructuur na de uitgifte elektronisch op een algemeen toegankelijke wijze beschikbaar blijven. Bij ministeriële regeling kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld.

Artikel 3.3. Betrouwbaarheid, beveiliging en integriteit

Onze Minister draagt er zorg voor dat de nodige maatregelen worden getroffen ter waarborging van de betrouwbaarheid en de beveiliging van de elektronische uitgifte en de beschikbaarstelling van de publicatiebladen die worden uitgegeven door middel van de door Onze Minister in stand gehouden digitale infrastructuur, alsmede van de integriteit van publicaties zodanig dat de beschikbare versie van een publicatie gelijk is aan de publicatie zoals deze in het betreffende publicatieblad is geplaatst. Bij ministeriële regeling kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld.

Artikel 3.5. Opneming

  • 1 Naast al hetgeen waarvan bekendmaking, mededeling of kennisgeving in de publicatiebladen wettelijk is voorgeschreven, worden tevens opgenomen:

    • a. in de Staatscourant andere publicaties afkomstig van het Rijk, van bestuursorganen van andere openbare lichamen dan genoemd in artikel 2, eerste tot en met vijfde lid, van de wet en van bestuursorganen die niet behoren tot een openbaar lichaam; en

    • b. in het betreffende publicatieblad andere publicaties afkomstig van bestuursorganen die behoren tot een van de in artikel 2, eerste tot en met vierde lid, van de wet genoemde openbare lichamen, of de in artikel 2, vijfde lid, van de wet genoemde openbare lichamen, bedrijfsvoeringsorganisaties en gemeenschappelijke organen.

  • 2 Bij ministeriële regeling kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld omtrent andere publicaties als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b.

Artikel 3.6. Meerdere ondertekenaars

De eerste ondertekenaar van een publicatie als bedoeld in artikel 3.5, eerste lid, aanhef en onderdeel a, bepaalt het tijdstip van de plaatsing van de publicatie in de Staatscourant en draagt er zorg voor dat de toezending op een zodanig tijdstip en op zodanige wijze plaatsvindt dat de plaatsing tijdig kan geschieden.

Artikel 3.7. Zakelijke inhoud in kennisgeving

  • 1 In een kennisgeving in de vorm van een zakelijke weergave van de inhoud van een publicatie als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de wet, wordt ten minste vermeld:

    • a. een beschrijving van het betreffende object of de betreffende activiteit en, in voorkomend geval, de locatie daarvan;

    • b. een zodanige beschrijving van het gevraagde besluit, het ontwerpbesluit of het besluit en het gevraagde rechtsgevolg, het beoogde rechtsgevolg onderscheidenlijk het rechtsgevolg daarvan dat potentiële belanghebbenden eruit kunnen afleiden in hoeverre zij in hun belangen worden geraakt; en

    • c. of gelegenheid bestaat om zienswijzen naar voren te brengen dan wel rechtsmiddelen in te stellen en zo ja, voor wie.

  • 2 Bij ministeriële regeling kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld.

Artikel 3.8. Regels en technische standaarden

Onze Minister, gedeputeerde staten, het college van burgemeester en wethouders, het dagelijks bestuur van het waterschap, het bestuurscollege, het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam, het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie en het gemeenschappelijk orgaan, passen met betrekking tot de plaatsing in onderscheidenlijk de Staatscourant, het provinciaal blad, het gemeenteblad, het waterschapsblad, het afkondigingsblad indien dat elektronisch wordt uitgegeven en het publicatieblad de regels of technische standaarden toe die bij regeling van Onze Minister zijn gesteld onderscheidenlijk zijn aangewezen.

Hoofdstuk 4. Bekendmaking als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet

Artikel 4.1. Beschikbaar blijven

  • 1 Onderdelen van besluiten die zijn bekendgemaakt op de wijze, bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de wet, blijven elektronisch beschikbaar op de bij de bekendmaking aangegeven wijze.

  • 2 Indien de elektronische beschikbaarheid op de bij de bekendmaking aangegeven wijze niet langer is geborgd, voorziet het betreffende bestuursorgaan in afwijking van het eerste lid in een vervangende wijze die ten minste in de geconsolideerde tekst wordt vermeld.

  • 3 Bij ministeriële regeling kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld.

Hoofdstuk 5. Beschikbaarstelling geconsolideerde teksten

Artikel 5.1. Geconsolideerde teksten op internetadres

  • 1 De teksten van bekendgemaakte wetten, algemene maatregelen van bestuur en anders dan bij wet of algemene maatregel van bestuur vastgestelde algemeen verbindende voorschriften, beleidsregels en gemeenschappelijke regelingen zijn in geconsolideerde vorm voor eenieder beschikbaar door plaatsing op een bij ministeriële regeling te bepalen internetadres.

  • 2 Het eerste lid is niet van toepassing op:

    • a. wetten, algemene maatregelen van bestuur en anders dan bij wet of algemene maatregel van bestuur vanwege het Rijk vastgestelde algemeen verbindende voorschriften die zijn ingetrokken of uitgewerkt vóór 1 juli 2009;

    • b. anders dan vanwege het Rijk vastgestelde algemeen verbindende voorschriften die zijn ingetrokken of uitgewerkt vóór 1 januari 2011;

    • c. beleidsregels die zijn ingetrokken of uitgewerkt vóór de datum gelegen een jaar na het tijdstip waarop artikel 1.1 van de Wet elektronische publicaties in werking is getreden;

    • d. gemeenschappelijke regelingen die zijn ingetrokken of uitgewerkt vóór 1 januari 2015;

    • e. algemeen verbindende voorschriften die zijn bekendgemaakt op grond van de Wet ruimtelijke ordening;

    • f. wetten, algemene maatregelen van bestuur en anders dan bij wet of algemene maatregel van bestuur vastgestelde algemeen verbindende voorschriften, beleidsregels en gemeenschappelijke regelingen voor zover deze strekken tot wijziging van een of meer wetten, algemene maatregelen van bestuur of anders dan bij wet of algemene maatregel van bestuur vastgestelde algemeen verbindende voorschriften, beleidsregels of gemeenschappelijke regelingen;

    • g. wetten inzake de begroting, bedoeld in artikel 105, eerste lid, van de Grondwet; en

    • h. wetten die uitsluitend strekken tot goedkeuring van verdragen.

Hoofdstuk 6. Elektronische berichten

Artikel 6.1. Verzending

Elektronische berichten over bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen in de publicatiebladen worden gezonden aan personen die beschikken over een geactiveerd MijnOverheid-account op het in dat kader opgegeven e-mailadres.

Hoofdstuk 8. Wijziging Besluit verwerking persoonsgegevens generieke digitale infrastructuur

Hoofdstuk 9. Wijziging andere besluiten

Hoofdstuk 10. Intrekking Besluit bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden

Hoofdstuk 11. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 11.1. Tijdelijke voorziening omgevingsbesluiten

  • 1 Tot het tijdstip van inwerkingtreding van de Omgevingswet is artikel 5.1, eerste lid, niet van toepassing op algemeen verbindende voorschriften, beleidsregels en andere besluiten die niet tot een of meer belanghebbenden zijn gericht waarvan de grondslag is opgenomen in die wet.

  • 2 [Red: Dit lid is nog niet in werking getreden.]

  • 3 Dit artikel vervalt een jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet, of zoveel eerder als bij koninklijk besluit wordt bepaald.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 1 april 2021

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

R.W. Knops

Uitgegeven de negende april 2021

De Minister van Justitie en Veiligheid,

F.B.J. Grapperhaus

Naar boven