Instellingsbesluit Adviescommissie Uitkeringsregeling chroom-6 Defensie

Geldend van 26-03-2021 t/m heden

Instellingsbesluit Adviescommissie Uitkeringsregeling chroom-6 Defensie

De Staatssecretaris van Defensie

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Instelling en taak

  • 1 Er is een Adviescommissie Uitkeringsregeling chroom-6 Defensie.

  • 2 De commissie heeft tot taak te komen tot een antwoord op de volgende vraagstellingen en dienaangaande een advies uit te brengen:

    • a. Bepaal hoe de Uitkeringsregeling zich verhoudt tot het wettelijk kader, tot de regelingen zoals die Rijksbreed zijn vastgesteld en betrek hierbij ook het rapport en de aanbevelingen van de Commissie Vergemakkelijken Schadeafhandeling Beroepsziekten (VSAB);

    • b. Onderzoek in hoeverre de arbeidsomstandigheden op de Prepositioned Organizational Materiel Sites (POMS) van Defensie, zoals Eygelshoven, dermate uniek waren ten opzichte van de arbeidsomstandigheden op andere defensielocaties waar gewerkt is met chroom-6 in genoemde periode, dat het daardoor gerechtvaardigd kan zijn om alleen voor alle oud-medewerkers van de POMS een aparte rechtspositionele regeling vast te stellen;

    • c. Voer een impactanalyse uit voor de situatie waarin voor het recht op een uitkering als uitgangspunt wordt gehanteerd een vergoeding voor iedere werknemer die mogelijk is blootgesteld aan chroom-6/gevaarlijke stoffen in plaats van de uitgangspunten zoals gehanteerd bij het opstellen van de Uitkeringsregeling Defensie. Het gaat hierbij om het loslaten van (1) het uitgangspunt dat er sprake moet zijn van blootstelling en een ziekte of medische aandoeningen en (2) het bestaan van causaliteit tussen ziekte en blootstelling aan chroom-6 of de gevaarlijke stof op basis van wetenschappelijk onderbouwde criteria waarbij minimaal sprake moet zijn van een ziekte die ervan verdacht wordt veroorzaakt te kunnen zijn door blootstelling aan chroom-6 of de gevaarlijke stof. De analyse moet zich minimaal richten op wat de mogelijke (juridische, maatschappelijke en financiële) consequenties zijn voor Defensie, de rijksoverheid, het bedrijfsleven en op de betrokken (oud-)medewerkers en nabestaanden.

Artikel 3. Samenstelling, benoeming en ontslag

  • 1 De commissie bestaat uit een voorzitter, tevens lid, en minstens vier andere leden.

  • 2 De voorzitter en de andere leden worden door de staatssecretaris benoemd.

  • 3 De benoeming geschiedt voor de volledige duur van werkzaamheden van de commissie.

  • 4 Bij tussentijds vertrek van een lid of de voorzitter kan de staatssecretaris een ander lid of voorzitter benoemen.

  • 5 De voorzitter en overige leden kunnen op eigen verzoek of op zwaarwegende redenen worden geschorst en ontslagen door de staatssecretaris.

Artikel 4. Leden

Voor de duur van werkzaamheden van de commissie worden tot lid van de commissie benoemd:

  • a. prof. mr. G.J.J. Heerma van Voss, voorzitter;

  • b. mr. M.TJ. Bouwes;

  • c. dr. B. ter Haar;

  • d. prof. mr. C.J.M. Klaassen;

  • e. VADM b.d. ir. M.A. van Maanen.

Artikel 5. Instellingsduur

De commissie wordt ingesteld met ingang van 15 februari 2021 en wordt opgeheven vier weken nadat het eindrapport is uitgebracht.

Artikel 6. Kosten van de commissie

De voor het functioneren van de commissie noodzakelijk geachte kosten komen ten laste van de begroting van het Ministerie van Defensie.

Artikel 7. Secretariaat

Secretariële ondersteuning wordt door het Centrum Arbeidsvoorwaarden Overheidspersoneel (CAOP) geleverd.

Artikel 8. Rapport en opheffing commissie

  • 1 De commissie brengt uiterlijk 1 november 2021 haar eindrapport uit aan de staatssecretaris.

  • 2 De commissie verstrekt tussentijds een rapportage aan de staatssecretaris met daarin haar voorlopige bevindingen en conclusies aangaande de afzonderlijke vragen genoemd onder artikel 2.

  • 3 Indien de commissie daartoe aanleiding ziet, doet zij tussentijds verslag aan de staatssecretaris.

  • 4 De commissie verstrekt aan de staatssecretaris desgevraagd tussentijds de door haar gewenste inlichtingen.

  • 5 Indien onvoorziene omstandigheden naar het oordeel van de commissie in de weg staan aan het tijdig uitbrengen van het eindrapport, dan stelt zij de staatssecretaris daarvan onverwijld op de hoogte. De instellingsduur kan op schriftelijk verzoek van de voorzitter worden verlengd door de staatssecretaris.

  • 6 Rapportages, notities, verslagen, adviezen en andere producten die door of namens de commissie worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de staatssecretaris uitgebracht of overgedragen.

Artikel 9. Archivering

De archiefbescheiden van de commissie worden na haar opheffing of, zo de omstandigheden daartoe eerder aanleiding geven, zoveel eerder, overgebracht naar het archief van het Ministerie van Defensie.

Artikel 11. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant, waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 15 februari 2021.

Artikel 12. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Adviescommissie Uitkeringsregeling chroom-6 Defensie.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.

De Staatssecretaris van Defensie,

B. Visser

Terug naar begin van de pagina