Algemeen organisatiebesluit Defensie 2021

Geraadpleegd op 17-08-2022.
Geldend van 28-01-2021 t/m heden

Algemeen organisatiebesluit Defensie 2021

De Minister van Defensie,

Besluit:

Artikel 1. De inrichting van het Ministerie van Defensie

  • 1 Het Ministerie van Defensie kent de volgende verantwoordelijken:

    • a. De Secretaris-Generaal (artikel 2);

    • b. De Commandant der Strijdkrachten (artikel 3);

    • c. De Directeur-Generaal Beleid (artikel 4);

    • d. De Hoofddirecteur Financiën en Control (artikel 5);

    • e. De Directeur Juridische Zaken (artikel 6);

    • f. De Directeur Communicatie (artikel 7);

    • g. De Chief Information Officer (artikel 8);

    • h. Het Hoofd Bureau Secretaris-Generaal (artikel 9);

    • i. De Directeur Human Resources en Bedrijfsvoering (artikel 10);

    • j. De Directeur Financiën & Control (artikel 11);

    • k. De Commandant Zeestrijdkrachten (artikel 12);

    • l. De Commandant Landstrijdkrachten (artikel 13);

    • m. De Commandant Luchtstrijdkrachten (artikel 14);

    • n. De Commandant Koninklijke Marechaussee (artikel 15);

    • o. De Commandant Defensie Ondersteuningscommando (artikel 16);

    • p. De Directeur Defensie Materieel Organisatie (artikel 17);

    • q. De Directeur Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (artikel 18);

    • r. De Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht (artikel 19);

    • s. De Inspecteur-Generaal Veiligheid (artikel 20);

    • t. De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit (artikel 21).

    • u. De Directeur Centrale Organisatie Integriteit Defensie (artikel 22);

    • v. De Inspecteur Militaire Gezondheidszorg (artikel 23).

  • 2 Het Ministerie van Defensie bestaat uit de defensieonderdelen:

    • a. De Bestuursstaf (hierna te noemen ‘kerndepartement’);

    • b. Het Commando Zeestrijdkrachten;

    • c. Het Commando Landstrijdkrachten;

    • d. Het Commando Luchtstrijdkrachten;

    • e. Het Commando Koninklijke Marechaussee;

    • f. Het Defensie Ondersteuningscommando;

    • g. De Defensie Materieel Organisatie.

  • 3 Het kerndepartement bestaat uit:

    • a. De Defensiestaf;

    • b. Het Directoraat-Generaal Beleid;

    • c. De Hoofddirectie Financiën en Control;

    • d. De Directie Juridische Zaken;

    • e. De Directie Communicatie;

    • f. De CIO Office;

    • g. Het Bureau Secretaris-Generaal;

    • h. De Directie Human Resources en Bedrijfsvoering;

    • i. De Directie Financiën & Control.

  • 4 Bijzondere Organisatie Eenheden zijn:

    • a. De Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

    • b. Het Inspectoraat-Generaal der Krijgsmacht;

    • c. De Inspectie Veiligheid Defensie;

    • d. De Militaire Luchtvaart Autoriteit;

    • e. De Centrale Organisatie Integriteit Defensie;

    • f. De Inspectie Militaire Gezondheidszorg.

  • 5 Het Ministerie van Defensie kent de in artikel 25 genoemde toezichthouders.

Artikel 2. De Secretaris-Generaal

De Secretaris-Generaal is, met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister van Defensie, belast met de ambtelijke leiding aan al hetgeen het Ministerie van Defensie betreft conform Koninklijk Besluit van 18 oktober 1988, houdende regeling van de functie en verantwoordelijkheid van de Secretaris-Generaal, waaronder mede begrepen:

  • a. het beheer van het Ministerie van Defensie in het algemeen en in het bijzonder het kerndepartement, de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en het fungeren als gemandateerd korpsbeheerder van het commando Koninklijke Marechaussee volgens de Politiewet 2012;

  • b. het adviseren van de bewindspersonen;

  • c. het waarborgen van de kwaliteit, tijdigheid en samenhang van het beleids-, plan- en begrotingsproces en het waarborgen van de balans tussen doelstellingen, activiteiten en middelen;

  • d. het nemen van beslissingen ten aanzien van de toewijzing van middelen;

  • e. het vaststellen van de informatiebehoefte Defensie.

Artikel 3. De Commandant der Strijdkrachten

De Commandant der Strijdkrachten is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Defensiestaf;

  • b. de taak van de militaire adviseur van de Minister van Defensie;

  • c. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister van Defensie aansturen van de voorbereidingen, uitvoering en evaluatie van alle operaties, alsmede het zorg dragen voor de implementatie van de verbetermaatregelen naar aanleiding van de evaluaties van operaties;

  • d. het aansturen van de gereedstelling van de krijgsmacht;

  • e. het aansturen van de krijgsmacht, te weten het Commando Zeestrijdkrachten, het Commando Landstrijdkrachten, het Commando Luchtstrijdkrachten, het Defensie Cybercommando en het (NLD) Special Operations Command alsmede het aansturen van de Defensie Materieel Organisatie en het Defensie Ondersteuningscommando;

  • f. het aansturen van de inzet van het Commando Koninklijke Marechaussee voor zover het de verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie betreft;

  • g. het bijdragen aan beleidsontwikkeling en integraal toetsen van beleid op uitvoerbaarheid;

  • h. organisatieontwikkeling (zowel het operationaliseren van beleid (top down) als integraal advies over bottom-up initiatieven) van de krijgsmacht inclusief het opstellen van behoeftestellingen voor militaire capaciteiten;

  • i. de bi- en multilaterale militaire samenwerking binnen de kaders van het vastgestelde internationaal beleid en de samenhang en eenduidigheid van de inbreng in internationaal militair verband.

Artikel 4. De Directeur-Generaal Beleid

  • 1 De Directeur-Generaal Beleid is belast met:

    • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan het Directoraat-Generaal Beleid;

    • b. de politieke ondersteuning en advisering van de bewindspersonen;

    • c. het beleids -en plandeel van het beleids-, plan- en begrotingsproces waaronder het opstellen van de Beleidsvisie, de Beleidsagenda en het Beleidsverslag, afgestemd op het regeringsbeleid en het uitwerken van het actuele beleid binnen de financiële kaders in het Defensie Lifecycle plan;

    • d. het beleid aangaande de richting en samenstelling van het Ministerie van Defensie, afgestemd op de internationale en nationale politieke en maatschappelijke ontwikkelingen;

    • e. het uitvoeren van ex ante beleidsevaluaties als onderdeel van de beleidsontwikkeling en beleidsdoorlichtingen op basis van de Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek (RPE);

    • f. de integrale verantwoordelijkheid voor internationaal beleid en de samenhang en eenduidigheid van de inbreng in internationaal verband.

  • 2 Binnen het Directoraat-Generaal Beleid is de Hoofddirecteur Personeel, met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister van Defensie, belast met de defensiebrede verantwoordelijkheden voor het werkgeverschap, waaronder in elk geval wordt verstaan de verantwoordelijkheid die volgt uit het Besluit georganiseerd overleg sector Defensie.

Artikel 5. De Hoofddirecteur Financiën en Control

De Hoofddirecteur Financiën en Control is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Hoofddirectie Financiën en Control;

  • b. de politieke ondersteuning en advisering van de bewindspersonen op financieel-economisch gebied;

  • c. de uitvoering van de bij en krachtens de Comptabiliteitswet 2016 gestelde regels;

  • d. het namens de Secretaris-Generaal voeren van regie op het beleids-, plan- en begrotingsproces waaronder het opstellen van de ontwerpbegroting, de suppletoire begrotingen en het jaarverslag en het budgettair beheer van het Defensie Lifecycle plan;

  • e. het bewaken van de uitvoering van de begroting en het hiertoe inrichten van de managementinformatie en het borgen van de kwaliteit daarvan. De HDFC stelt hiertoe eisen aan de inrichting van de informatievoorziening en voert hiertoe risicoanalyses uit;

  • f. het binnen de in het plan- en begrotingsproces gestelde kaders uitwerken van de inrichting en normstelling t.a.v. het financiële functiegebied, alsmede het houden van toezicht op het financieel beheer defensiebreed;

  • g. het monitoren van en toetsen op ex ante beleidsevaluaties en het monitoren en toetsen van beleidsdoorlichtingen op basis van de Comptabiliteitswet 2016 en Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek (RPE);

  • h. de advisering op het financieel-economische functiegebied;

  • i. gevraagde en ongevraagde signalering en vraaggestuurd onderzoek;

  • j. het uitvoeren van voorafgaand financieel toezicht en beleidscontrol waarbij getoetst wordt op de kwaliteit, doeltreffendheid, doelmatigheid, rechtmatigheid en financiële inpasbaarheid.

Artikel 6. De Directeur Juridische Zaken

De Directeur Juridische Zaken is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Directie Juridische Zaken;

  • b. de juridische ondersteuning en de advisering van de bewindspersonen en de defensieonderdelen onder andere op het gebied van wet- en regelgeving, bij het voeren van gerechtelijke procedures en bij de inzet van de krijgsmacht;

  • c. het bewaken van de juridische en bestuurlijke zorgvuldigheid van het defensiebeleid;

  • d. het optreden als vertegenwoordiger en adviseur van de Minister van Defensie en de Secretaris-Generaal bij de verlening van bijstand op grond van de Politiewet 2012.

Artikel 7. De Directeur Communicatie

De Directeur Communicatie is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Directie Communicatie;

  • b. de woordvoering namens de politieke, ambtelijke en militaire leiding, voor zover het de verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie betreft;

  • c. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de politieke, ambtelijke en militaire leiding inzake mediagevoelige aangelegenheden;

  • d. de externe, interne en arbeidsmarktcommunicatie;

  • e. het ontwikkelen, coördineren en handhaven van integraal en uitvoerend communicatiebeleid in afstemming met de Directeur-Generaal Beleid en de Rijksvoorlichtingsdienst.

Artikel 8. De Chief Information Officer

De Chief Information Officer is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de CIO Office;

  • b. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Directeur-Generaal Beleid zorgdragen voor een samenhangende bedrijfsvoering waaronder bijdragen aan en uitvoering geven aan het bedrijfsplan van het Directoraat-Generaal Beleid;

  • c. het adviseren van de ambtelijke en politieke leiding over het informatiebeleid en strategische vraagstukken voor de organisatie en over de IT, data en cyber (defensief)-implicaties van (voorgenomen) wet- en regelgeving, beleids- en uitvoeringstrajecten en investeringen;

  • d. het ontwikkelen en bijhouden van beleid en kaders voor de IT (waaronder ontwikkeling en realisatie van informatiesystemen), data en cyber (defensief) van Defensie geïntegreerd met het defensiebeleid – en plannen van het Directoraat-Generaal Beleid;

  • e. het inrichten en onderhouden van het defensiebreed CIO-stelsel;

  • f. het ontwikkelen en coördineren van integraal IT portfoliomanagement in afstemming met de Directeur-Generaal Beleid;

  • g. het uitvoeren van toezicht aangaande de beheersing, haalbaarheid, risico’s en implicaties van alle voorgenomen en in uitvoering zijnde activiteiten (beheer en vernieuwing) met een grote IT-component, conform voorschriften in het kwaliteitskader CIO-oordelen Rijksoverheid;

  • h. het zorgdragen voor voldoende aandacht binnen de organisatie voor continue beheeractiviteit en verbetering van de IT-, data-infrastructuur inclusief de benodigde technologische vernieuwing en informatiebeveiliging.

  • i. de rol van Chief Information Security Officer (CISO) en Chief Data Officer (CDO).

Artikel 9. Het Hoofd Bureau Secretaris-Generaal

Het Hoofd Bureau Secretaris-Generaal is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan Bureau Secretaris-Generaal;

  • b. het sturen en coördineren van informatiestromen en besluitvorming en het opstellen van adviezen ten behoeve van de politieke en ambtelijke leiding;

  • c. het onderhouden en coördineren van de mondelinge en schriftelijke contacten met de Staten-Generaal;

  • d. het zorgdragen voor de voorbereiding en verslaglegging van door de Secretaris-Generaal aan te wijzen politieke en ambtelijke topoverlegorganen van Defensie alsmede het controleren van de voortgang van de uitvoering van de naar aanleiding daarvan genomen besluiten;

  • e. het leveren van facilitaire, secretariële en protocollaire ondersteuning aan de bewindspersonen en de ambtelijke departementsleiding.

Artikel 10. De Directeur Human Resources en Bedrijfsvoering

De Directeur Human Resources en Bedrijfsvoering is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Directie Human Resources en Bedrijfsvoering;

  • b. de advisering over, en de coördinatie en uitvoering van het personeelsbeleid en het organisatie- en formatiebeleid en de ondersteuning van de bedrijfsvoering van het kerndepartement en de Bijzondere Organisatie Eenheden;

  • c. de totstandkoming van het activiteitenplan voor het kerndepartement, inclusief de raming van de financiële consequenties;

  • d. de gemandateerde centrale behoeftestelling voor alle inkoop- en verwervingsprocessen voor het kerndepartement en de Bijzondere Organisatie Eenheden (exclusief de MIVD en de programma-uitgaven);

  • e. de coördinatie van de integrale dienstverlening voor het kerndepartement door het Defensie Ondersteuningscommando en de Defensie Materieel Organisatie, inclusief ARBO en milieu;

  • f. de beveiligingscoördinatie van het kerndepartement.

Artikel 11. De Directeur Financiën & Control

De Directeur Financiën & Control is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Directie Financiën & Control;

  • b. het met inachtneming van de functionele aanwijzingen en richtlijnen van de Hoofddirecteur Financiën en Control uitvoeren van de door hem gemandateerde taken die voortvloeien uit de Comptabiliteitswet en het daarop gebaseerde Besluit FEZ voor het kerndepartement en de Bijzondere Organisatie Eenheden;

  • c. het bewaken van de uitvoering van de begroting van het kerndepartement en de Bijzondere Organisatie Eenheden (apparaat en programma), het hiertoe inrichten van de managementinformatie en het borgen van de kwaliteit daarvan, het hiertoe eisen stellen aan de inrichting van de informatievoorziening, het hiertoe uitvoeren van risicoanalyses en het uitvoeren van vraaggestuurde onderzoeken;

  • d. de advisering op het financieel-economische functiegebied van het kerndepartement en de Bijzondere Organisatie Eenheden.

Artikel 12. De Commandant Zeestrijdkrachten

De Commandant Zeestrijdkrachten is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Commandant der Strijdkrachten geven van leiding aan het Commando Zeestrijdkrachten;

  • b. de gereedstelling en instandhouding van de zeestrijdkrachten;

  • c. het binnen de gestelde normen en kaders leveren van – joint – producten en diensten ter ondersteuning van de overige Defensieonderdelen;

  • d. het binnen de gestelde normen en kaders uitoefenen van zeggenschap over de door de dienstencentra op te leveren producten en diensten ter ondersteuning van het Commando Zeestrijdkrachten;

  • e. het beheer van de Kustwacht Nederland en de Kustwacht Caribische Gebied;

  • f. de advisering op het gebied van militair maritiem optreden.

Artikel 13. De Commandant Landstrijdkrachten

De Commandant Landstrijdkrachten is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Commandant der Strijdkrachten geven van leiding aan het Commando Landstrijdkrachten;

  • b. de gereedstelling en instandhouding van de landstrijdkrachten;

  • c. het binnen de gestelde normen en kaders leveren van – joint – producten en diensten ter ondersteuning van de overige Defensieonderdelen;

  • d. het binnen de gestelde normen en kaders uitoefenen van zeggenschap over de door de dienstencentra op te leveren producten en diensten ter ondersteuning van het Commando Landstrijdkrachten;

  • e. de advisering op het gebied van militair landoptreden.

Artikel 14. De Commandant Luchtstrijdkrachten

De Commandant Luchtstrijdkrachten is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Commandant der Strijdkrachten geven van leiding aan het Commando Luchtstrijdkrachten;

  • b. de gereedstelling en instandhouding van de luchtstrijdkrachten;

  • c. het binnen de gestelde normen en kaders leveren van – joint – producten en diensten ter ondersteuning van de overige Defensieonderdelen;

  • d. het binnen de gestelde normen en kaders uitoefenen van zeggenschap over de door de dienstencentra op te leveren producten en diensten ter ondersteuning van het Commando Luchtstrijdkrachten;

  • e. de advisering op het gebied van militair luchtoptreden.

Artikel 15. De Commandant Koninklijke Marechaussee

De Commandant Koninklijke Marechaussee is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van leiding aan het Commando Koninklijke Marechaussee;

  • b. de gereedstelling en instandhouding voor, en de uitvoering van, de politietaken vastgelegd in de Politiewet 2012 en de advisering hierover aan de Secretaris-Generaal;

  • c. de gereedstelling en instandhouding van eenheden van het Commando Koninklijke Marechaussee ten behoeve van de inzet onder verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie;

  • d. het binnen de gestelde normen en kaders uitoefenen van zeggenschap over de door de dienstencentra op te leveren producten en diensten ter ondersteuning van het Commando Koninklijke Marechaussee;

  • e. de advisering op het gebied van het (militaire) politieoptreden.

Artikel 16. De Commandant Defensie Ondersteuningscommando

De Commandant Defensie Ondersteuningscommando is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Commandant der Strijdkrachten geven van ambtelijke leiding aan het Defensie Ondersteuningscommando;

  • b. het binnen de kaders wereldwijd en zo veel mogelijk geïntegreerd leveren van producten en diensten op de terreinen huisvesting, beveiliging, facilitaire diensten, transport, catering, P&O dienstverlening, gezondheidszorg en opleidingen aan alle Defensieonderdelen en het waarborgen van de kwaliteit van de dienstverlening op die gebieden;

  • c. het verzorgen van rijksbreed categoriemanagement voor de aan Defensie toegewezen categorieën die bij het Defensie Ondersteuningscommando zijn belegd;

  • d. infrastructuurprojecten binnen de kaders van het defensiematerieelproces (DMP);

  • e. de advisering op de toegewezen functiegebieden en het van daaruit ondersteunen van de overige defensieonderdelen.

Artikel 17. De Directeur Defensie Materieel Organisatie

De Directeur Defensie Materieel Organisatie is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Commandant der Strijdkrachten geven van ambtelijke leiding aan de Defensie Materieel Organisatie;

  • b. het binnen de kaders leveren van ondersteunende producten en diensten op het gebied van materieel en IV/ICT dienstverlening en het waarborgen van de kwaliteit van deze dienstverlening;

  • c. wapensysteemmanagement;

  • d. het functioneel aansturen van de verwerving en de centrale verwerving van producten en diensten boven M€ 5;

  • e. materieelprojecten binnen de kaders van het defensiematerieelproces (DMP);

  • f. de afstoting van materieel;

  • g. de advisering op het toegewezen functiegebied en het van daaruit ondersteunen van de overige defensieonderdelen.

Artikel 18. De Directeur Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst

De Directeur Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

  • b. de uitvoering van de taken vastgelegd in de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) 2017 en de Wet Veiligheidsonderzoeken (WvO);

  • c. het signaleren van aangelegenheden die de gehele inlichtingenketen betreffen en de aandacht behoeven van Commandant der Strijdkrachten en Secretaris-Generaal.

Artikel 19. De Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht

De Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister van Defensie geven van ambtelijke leiding aan het Inspectoraat-Generaal der Krijgsmacht;

  • b. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de Minister van Defensie ten aanzien van alle vraagstukken de krijgsmacht betreffende;

  • c. het instellen van onderzoeken of bemiddelen in individuele aangelegenheden betreffende het (voormalig) personeel van de krijgsmacht die hem door of namens de betrokkene(n) of door verwanten worden voorgelegd;

  • d. het als speciale representant van de Minister van Defensie (Inspecteur der Veteranen) bijwonen van de grote manifestaties van veteranen en het adviseren van de Minister van Defensie over het veteranenbeleid.

Artikel 20. De Inspecteur-Generaal Veiligheid

De Inspecteur-Generaal Veiligheid is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister van Defensie geven van ambtelijke leiding aan de Inspectie Veiligheid Defensie;

  • b. het toezicht op de taakuitvoering op het gebied van veiligheid – waaronder de naleving van wet- en regelgeving – bij Defensie, met inbegrip van operaties in missiegebieden;

  • c. het leiden van onderzoek naar ernstige voorvallen;

  • d. het ex ante toetsen van uitvoerbaarheid van beleid en de handhaafbaarheid van uitvoeringsregels op het gebied van veiligheid;

  • e. het gevraagd en ongevraagd adviseren van de Minister van Defensie ten aanzien van alle vraagstukken de veiligheid betreffende.

Artikel 21. De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit

De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Militaire Luchtvaart Autoriteit;

  • b. het formuleren van richtlijnen en eisen inzake de Nederlandse militaire luchtvaartveiligheid, het hierover adviseren van de Minister van Defensie en het verstrekken van goedkeuringen en autorisaties terzake;

  • c. het namens de Minister van Defensie nemen van besluiten en het verrichten van andere handelingen ter uitvoering van de Luchtvaartwet en de Wet luchtvaart en het formuleren van richtlijnen en eisen omtrent Air Traffic Management.

Artikel 22. De Directeur Centrale Organisatie Integriteit Defensie

De Directeur Centrale Organisatie Integriteit Defensie is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Secretaris-Generaal geven van ambtelijke leiding aan de Centrale Organisatie Integriteit Defensie;

  • b. het zowel op preventief als repressief gebied adviseren van zowel medewerkers alsook de lijn om de integriteit van de organisatie te vergroten;

  • c. het in opdracht of op eigen initiatief uitvoeren van interne onderzoeken naar vermoedens van integriteitsschendingen of misstanden, waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen persoonsgerichte en niet persoonsgerichte (cultuur- of leer-) onderzoeken;

  • d. het in opdracht of op eigen initiatief uitvoeren van risicoanalyses op kwetsbare processen teneinde risico’s op integriteitsschendingen (of onterechte beschuldigingen) inzichtelijk te maken en te mitigeren;

  • e. het ontwikkelen en verzorgen van o.a. opleidingen, trainingen, workshops teneinde de sociale veiligheid en het integriteitsbewustzijn te vergroten;

  • f. het onderhouden van een nationaal en internationaal netwerk in het integriteitsveld.

Artikel 23. De Inspecteur Militaire Gezondheidszorg

De Inspecteur Militaire Gezondheidszorg is belast met:

  • a. het met inachtneming van de aanwijzingen van de Minister van Defensie geven van ambtelijke leiding aan de Inspectie Militaire Gezondheidszorg;

  • b. het binnen de richtlijnen van de Minister van Defensie en de aanbevelingen van het Staatstoezicht op de volksgezondheid zorg dragen voor toezicht op de militair geneeskundige verzorging, de kwaliteit van de militaire gezondheidzorg en de staat van de gezondheid van het militair personeel;

  • c. het houden van toezicht op de voedselveiligheid en stralingsbescherming;

  • d. het houden van toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften op het gebied van de gezondheidszorg en de militair geneeskundige verzorging.

Artikel 24. Verantwoordelijkheden vanuit leiding geven

Alle functionarissen die conform dit besluit zijn belast met het geven van leiding binnen het Ministerie van Defensie, zijn vanuit die hoedanigheid tevens belast met:

  • a. het via de lijn voorzien in de vastgestelde informatiebehoefte;

  • b. de inrichting, de bedrijfsvoering en het beheer van het onderdeel waaraan zij leiding geven, met inachtneming van de generieke kaders en normen ter zake;

  • c. de verantwoordelijkheid voor de borging van de veiligheid conform de van toepassing zijnde wet- en regelgeving.

Artikel 25. Toezichthouders

  • 1 Het Ministerie van Defensie kent de volgende toezichthouders:

    • a. de Inspecteur-Generaal Veiligheid;

    • b. de Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit;

    • c. de Commandant Korps Militaire Controleurs Gevaarlijke Stoffen;

    • d. de Inspecteur Militaire Gezondheidszorg;

    • e. de Functionaris Gegevensbescherming;

    • f. de Directeur Bedrijfsvoering en Evaluatie, in zijn rol als Beveiligingsautoriteit (‘national security authority’).

  • 2 De toezichthouders zijn belast met het houden van toezicht op de naleving van de geldende wet en regelgeving binnen het hen toegewezen domein.

  • 3 De toezichthouders hebben rechtstreeks toegang tot de Secretaris-Generaal. De Inspecteur-Generaal Veiligheid heeft rechtstreeks toegang tot de Minister en tot de Staatssecretaris.

  • 4 De Inspecteur-Generaal Veiligheid en de Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit zijn administratief ondergebracht bij het kerndepartement; de Commandant Korps Militaire Controleurs Gevaarlijke Stoffen is ondergebracht bij het Commando Koninklijke Marechaussee; de Inspecteur Militaire Gezondheidszorg en de Functionaris Gegevensbescherming zijn administratief ondergebracht bij het kerndepartement; de Directeur Bedrijfsvoering en Evaluatie maakt onderdeel uit van het Directoraat-Generaal Beleid.

Artikel 26. Subtaakbesluiten

De in artikel 1 genoemde verantwoordelijken kunnen op basis van dit besluit subtaakbesluiten vaststellen ten aanzien van de eenheden waaraan zij leiding geven. Deze subtaakbesluiten worden vastgesteld na goedkeuring door de Secretaris-Generaal of, indien de Secretaris-Generaal het subtaakbesluit vaststelt, na goedkeuring door de Minister van Defensie.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 12 januari 2021

De Minister van Defensie,

A.Th.B. Bijleveld-Schouten

Naar boven