Tijdelijke regeling maatregelen covid-19

[Regeling vervalt per 01-06-2021.]
Geldend van 21-04-2021 t/m 25-04-2021

Regeling van de Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 19 november 2020, kenmerk 1784401-214492-WJZ, houdende tijdelijke bepalingen voor het Europese deel van Nederland in verband met maatregelen ter bestrijding van de epidemie van covid-19 (Tijdelijke regeling maatregelen covid-19)

De Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Handelende in overeenstemming met de Ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van Infrastructuur en Waterstaat, van Economische Zaken en Klimaat, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media;

Handelende in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad;

Gelet op de artikelen 58e, eerste lid, 58f, vijfde lid, 58g, eerste lid, 58h, eerste lid, 58i, 58j, eerste lid, aanhef en onder a, b en e, 58l, vijfde lid, en 58p, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid;

Besluiten:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • ander bedrijfsmatig personenvervoer: besloten busvervoer en taxivervoer als bedoeld in artikel 1 van de Wet personenvervoer 2000, alsmede bedrijfsmatig vervoer van personen op andere wijze dan met een bus of taxi, niet zijnde openbaar vervoer;

  • beheerder: degene die bevoegd is tot het aan een plaats treffen van voorzieningen of tot het toelaten van personen tot die plaats;

  • besloten binnenruimte: besloten plaats, met uitzondering van een daarbij behorend erf en een woning;

  • coffeeshop: inrichting waar de verkoop van hennep of hasjiesj als bedoeld in lijst I behorende bij de Opiumwet mag plaatsvinden op grond van een expliciete verklaring of bestendige gedragslijn van de burgemeester;

  • contactberoep: beroep waarbij het niet mogelijk is ten minste de veilige afstand te houden tot een klant of patiënt;

  • doorstroomlocatie: publieke plaats waar sprake is van doorstroom van publiek;

  • eet- en drinkgelegenheid: inrichting waar bedrijfsmatig of anders dan om niet etenswaren of dranken worden verstrekt voor gebruik ter plaatse, inclusief een daarbij behorend terras, met uitzondering van een besloten plaats;

  • gezondheidscheck: het verkrijgen van bevestiging van de betrokkene dat hij geen ziekteverschijnselen van covid-19 heeft;

  • instelling voor beroepsonderwijs: instelling waar beroepsonderwijs of een opleiding als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs wordt verzorgd of geëxamineerd;

  • instelling voor hoger onderwijs: instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

  • instelling voor primair onderwijs: school of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en een school of instellingen voor speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra;

  • instelling voor voortgezet onderwijs: school als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs of school voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra;

  • luchthaven: een luchthaven als bedoeld in artikel 8.1, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet luchtvaart;

  • mondkapje: voorwerp dat op grond van zijn ontwerp bestemd is om te worden gedragen en in ieder geval de mond en de neusgaten volledig te bedekken teneinde de verspreiding van virussen en andere ziektekiemen tegen te gaan;

  • onderwijsactiviteit: door of namens een onderwijsinstelling georganiseerde activiteit op de locatie van een onderwijsinstelling of daarbuiten, die onderdeel uitmaakt dan wel rechtstreeks verband houdt met het onderwijs dat door de onderwijsinstelling wordt verzorgd;

  • openbaar vervoer: openbaar vervoer als bedoeld in artikel 1 van de Wet personenvervoer 2000;

  • placeren: toewijzen van een zitplaats of, wanneer de aard van de activiteit dit vergt, een vaste plaats waar de activiteit uitgevoerd mag worden;

  • publiek: personen die ergens aanwezig zijn, met uitzondering van de daar al dan niet tegen betaling werkzame personen;

  • publieke binnenruimte: publieke plaats, met uitzondering van een erf behorend bij een voor het publiek openstaand gebouw;

  • sekswerker: persoon die zich beschikbaar stelt tot het tegen betaling verrichten van seksuele handelingen met of voor een ander en daarbij niet de veiligeafstandsnorm in acht kan nemen;

  • uitvaart: laatste plechtigheid voordat lijkbezorging als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de lijkbezorging plaatsvindt of een bestemming wordt gegeven aan de as van een gecremeerd lichaam van een overledene of doodgeborene;

  • veiligeafstandsnorm: de norm, bedoeld in artikel 58f, eerste lid, van de wet;

  • warenmarkt: een markt op gewone marktdagen, als bedoel in artikel 160, eerste lid, onder g, van de Gemeentewet;

  • wet: Wet publieke gezondheid;

  • winkel: publieke plaats waar in overwegende mate goederen plegen te worden verkocht;

  • zelfstandige ruimte: ruimte die aan alle zijden volledig wordt begrensd door bouwkundige scheidingsconstructies;

  • zorgvrijwilliger: natuurlijke persoon, niet zijnde een mantelzorger, die zorg, jeugdhulp of maatschappelijke ondersteuning verleent zonder daarvoor een marktconforme beloning als tegenprestatie te ontvangen.

Hoofdstuk 2. Aanvullende uitzonderingen veiligeafstandsnorm

Artikel 2.1. Leerlingen en 18-’ers

  • 1 De veiligeafstandsnorm geldt niet tussen:

    • a. personen tot en met twaalf jaar en andere personen;

    • b. personen tot en met zeventien jaar onderling.

  • 2 Het eerste lid, aanhef en onder b, geldt niet voor personen tot en met zeventien jaar die zich bevinden in een instelling voor voortgezet onderwijs, een instelling voor beroepsonderwijs of een instelling voor hoger onderwijs of een andere ruimte die door een van deze instellingen voor onderwijsactiviteiten wordt gebruikt.

Artikel 2.2. Beroepsmatige werkzaamheden

De veiligeafstandsnorm geldt niet voor personen bij de uitoefening van hun beroep, voor zover werkzaamheden in het kader van de uitoefening van dat beroep noodzakelijk zijn en niet op

gepaste wijze kunnen worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand, en degenen jegens wie zij hun werkzaamheden uitoefenen.

Artikel 2.3. Podiumkunsten

De veiligeafstandsnorm geldt niet voor personen die podiumkunsten beoefenen of acteren, voor zover deze activiteiten niet op gepaste wijze kunnen worden uitgeoefend met inachtneming van de veilige afstand.

Artikel 2.4. Zorgvrijwilligers

De veiligeafstandsnorm geldt niet tussen zorgvrijwilligers, voor zover zij hun werkzaamheden niet op gepaste wijze kunnen uitoefenen met inachtneming van de veilige afstand, en degenen jegens wie zij hun werkzaamheden uitoefenen.

Artikel 2.5. Onderwijs

  • 1 De veiligeafstandsnorm geldt niet voor:

    • a. leerlingen onderling die zich bevinden op een locatie van een instelling voor voortgezet onderwijs, voor zover zij een vast koppel vormen;

    • b. leerlingen onderling die zich bevinden op een locatie van een school of instelling voor voortgezet speciaal onderwijs of praktijkonderwijs en tussen deze leerlingen en personen die daar een onderwijsactiviteit verzorgen;

    • c. leerlingen onderling die zich verplaatsen in de gangen op een locatie van een instelling voor voortgezet onderwijs, voor zover het niet mogelijk is de veiligeafstandsnorm in acht te nemen;

    • d. leerlingen onderling die deelnemen aan een onderwijsactiviteit in lichamelijk opvoeding in het voortgezet onderwijs;

    • e. personen die een praktijkgerichte onderwijsactiviteit in het voorbereidend beroepsonderwijs verzorgen dan wel daaraan deelnemen, voor zover deze onderwijsactiviteit niet op gepaste wijze kan worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand;

    • f. personen die een onderwijsactiviteit in een instelling voor beroepsonderwijs of een instelling voor hoger onderwijs verzorgen dan wel daaraan deelnemen, voor zover voor de beroepsmatige werkzaamheden waartoe de betreffende studenten worden opgeleid, een uitzondering op de veiligeafstandsnorm geldt en deze onderwijsactiviteit niet op gepaste wijze kan worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand.

Artikel 2.6. Luchthavens

De veiligeafstandsnorm geldt niet voor personen tijdens en op de locatie van het inchecken, de bagageband, de beveiligings- en grensprocessen, het boarden en de locatie waar reizigers getest worden op de aanwezigheid van het virus SARS-CoV-2 op een luchthaven, voor zover deze activiteiten niet op gepaste wijze kunnen worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand.

Artikel 2.7. Kuchscherm

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Hoofdstuk 2a. Mondkapjes publieke binnenruimten, stations, luchthavens, onderwijsinstellingen en contactberoepen

Artikel 2a.1. Mondkapjesplicht in publieke binnenruimten, stations en luchthavengebouwen

  • 1 Personen van dertien jaar en ouder dragen een mondkapje in:

    • a. publieke binnenruimten;

    • b. een station, halteplaats, of een andere bij het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer behorende voorziening en de daarbij behorende perrons, trappen, tunnels en liften, met uitzondering van de daar gelegen besloten plaatsen;

    • c. gebouwen op luchthavens, met uitzondering van de daar gelegen besloten plaatsen.

Artikel 2a.2. Mondkapjesplicht in onderwijsinstellingen

  • 1 Personen in een onderwijsinstelling of een andere ruimte die door een onderwijsinstelling voor onderwijsactiviteiten wordt gebruikt, dragen een mondkapje.

  • 2 Het eerste lid geldt niet:

    • a. voor personen op een vaste zit- of staanplaats die deelnemen aan een onderwijsactiviteit of een onderwijsactiviteit verzorgen;

    • b. indien het dragen van een mondkapje een belemmering vormt voor deelname aan dan wel verzorging van een onderwijsactiviteit;

    • c. voor personeelsleden van een onderwijsinstelling, indien deze een vaste zit- of staanplaats innemen;

    • d. voor personen die etenswaren of dranken nuttigen, indien deze een vaste zit- of staanplaats innemen.

  • 3 Van een belemmering als bedoeld in het tweede lid, onder b, is in ieder geval sprake bij activiteiten met betrekking tot lichamelijke opvoeding, zang, toneel en dans.

  • 4 Het eerste lid geldt niet voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en scholen voor speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra.

Artikel 2a.3. Mondkapjesplicht contactberoepen

  • 1 De beoefenaar van een contactberoep en de klant of patiënt aan wie diensten worden verleend, dragen beiden een mondkapje gedurende het contact.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor:

    • a. personen tot en met twaalf jaar;

    • b. sekswerkers en hun klanten;

    • c. klanten en patiënten die een behandeling krijgen aan hun gezicht, voor zover het contactberoep niet op gepaste wijze uitgeoefend kan worden op het moment dat de klant een mondkapje draagt.

Artikel 2a.4. Uitzondering beperking of ziekte

  • 1 De verplichtingen in dit hoofdstuk gelden niet voor personen die vanwege een beperking of een ziekte geen mondkapje kunnen dragen.

  • 2 De verplichtingen in dit hoofdstuk gelden mede niet voor begeleiders van personen met een verstandelijke beperking, voor zover deze personen van het door begeleiders dragen van een mondkapje ernstig ontregeld raken, en voor personen die spreken met iemand die vanwege een auditieve beperking moet kunnen spraakafzien.

Artikel 2a.5. Uitzondering sport, cultuur en media

De verplichtingen in dit hoofdstuk gelden niet voor personen tijdens het:

  • a. beoefenen van sport, waaronder het zwemmen in een zwembad, voor zover het dragen van een mondkapje de beoefening van de sport belemmert;

  • b. beoefenen van podiumkunsten en acteren, voor zover het dragen van een mondkapje de beoefening van de podiumkunsten of het acteren belemmert;

  • c. poseren voor beeldende kunst, voor zover het gaat om het op beeld vastleggen van personen;

  • d. deelnemen aan de opname van audiovisueel media-aanbod dat verzorgd wordt door aanbieders van mediadiensten, als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Mediawet 2008, voor zover het gaat om personen die in beeld of aan het woord komen.

Artikel 2a.6. Uitzondering identificatieplicht

De verplichtingen in dit hoofdstuk gelden niet voor personen aan wie gevraagd wordt krachtens een wettelijke bepaling hun mondkapje af te zetten om zich te identificeren met een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht op het moment van identificatie.

Artikel 2a.7. Uitzondering zorglocaties

De verplichtingen in dit hoofdstuk gelden niet voor personen in zorglocaties.

Artikel 2a.8. Uitzondering veilige uitoefening werkzaamheden

De verplichtingen in dit hoofdstuk gelden niet indien het dragen van een mondkapje de goede en veilige uitoefening van werkzaamheden in het kader van beroep of bedrijf onmogelijk maakt.

Hoofdstuk 3. Groepsvorming

Artikel 3.1. Groepsvorming boven vier personen

  • 1 Plaatsen waar het niet is toegestaan zich in groepsverband op te houden met meer dan vier personen, zijn:

    • a. een openbare plaats;

    • b. een erf behorende bij een publieke plaats;

    • c. een erf behorende bij een besloten plaats, niet zijnde een woning.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor:

    • a. personen tot en met twaalf jaar;

    • b. personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan georganiseerde jeugdactiviteiten en personen die deze activiteiten organiseren of begeleiden;

    • c. bezoekers bij een uitvaart, mits het groepsverband niet groter is dan vijftig personen;

    • d. bezoekers bij een huwelijksvoltrekking of de registratie van een partnerschap, mits het groepsverband niet groter is dan dertig personen;

    • e. personen die podiumkunsten beoefenen of acteren;

    • f. groepsverbanden die noodzakelijk zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van instellingen, bedrijven en andere organisaties;

    • g. zorgverleners of zorgvrijwilligers enerzijds en personen met een handicap die zij begeleiden anderzijds, alsmede de personen die zij begeleiden onderling;

    • h. ambtenaren die werkzaam zijn in het kader van de behandeling van een asielaanvraag, opvang, begeleiding, bewaring of gedwongen terugkeer van vreemdelingen in de uitoefening van hun functie enerzijds en degenen jegens wie zij hun taak uitoefenen anderzijds, alsmede deze laatste personen onderling;

    • i. personen in een woongedeelte van een voertuig of vaartuig.

  • 3 In afwijking van het eerste lid wordt van 15 december 2020 tot en met 27 april 2021 in het eerste lid in plaats van ‘vier personen’ gelezen ‘twee personen’.

Artikel 3.2. Groepsvorming boven dertig personen

  • 1 In besloten binnenruimten is het niet toegestaan zich in groepsverband op te houden met meer dan dertig personen per zelfstandige ruimte.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor:

    • a. personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan georganiseerde jeugdactiviteiten en personen die deze activiteiten organiseren of begeleiden;

    • b. bezoekers bij een uitvaart, mits het groepsverband niet groter is dan vijftig personen;

    • c. personen die podiumkunsten beoefenen of acteren;

    • d. personen die deelnemen aan onderwijsactiviteiten, trainingsactiviteiten en educatieve activiteiten, locaties voor kinderopvang en zorglocaties;

    • e. groepsverbanden die noodzakelijk zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van instellingen, bedrijven en andere organisaties.

Hoofdstuk 4. Publieke plaatsen

Artikel 4.a1. Sluiting publieke plaats

  • 1 Onverminderd artikel 58h, tweede lid, van de wet en artikel 4.4, eerste en derde lid, worden van 15 december 2020 tot en met 27 april 2021 geen andere publieke plaatsen voor publiek opengesteld dan:

    • a. locaties waar personen worden gehoord in verband met een bezwaarschrift of administratief beroep;

    • b. overheidsgebouwen met een publieksfunctie of een loket;

    • c. locaties gericht op zakelijke of financiële dienstverlening, uitsluitend voor die functie;

    • d. servicepunten voor het versturen of ontvangen van brieven en postpakketten, mits uitsluitend voor die functie geopend voor publiek;

    • e. winkels in de levensmiddelenbranche;

    • f. locaties waar een warenmarkt in de levensmiddelenbranche plaatsvindt, uitsluitend voor die functie;

    • g. groothandels voor levering ten behoeve van personen in de uitoefening van beroep of bedrijf;

    • h. voedselbanken, kledingbanken, uitsluitend voor die functie en dierenvoedselbanken;

    • i. dierenspeciaalzaken die diervoeding en dierbenodigdheden verkopen, uitsluitend voor die functie;

    • j. publieke plaatsen waar het beroep van dierenarts wordt uitgeoefend;

    • k. drogisterijen;

    • l. apotheken;

    • m. opticiens;

    • n. audiciens;

    • o. tankstations;

    • p. wasserijen;

    • q. stomerijen;

    • r. locaties voor reparatie en onderhoud van goederen, uitsluitend voor die functie;

    • s. bibliotheken waar uitsluitend sprake is van het ophalen van bestelde of gereserveerde artikelen of het terugbrengen van artikelen;

    • t. publieke plaatsen waar tegen betaling verblijf wordt aangeboden aan personen die niet als ingezetene zijn ingeschreven in de basisregistratie personen met een adres in de gemeente waar dit verblijf wordt aangeboden, mits geen etenswaren of dranken aan de gasten worden geserveerd en mits deze publieke plaatsen als zodanig opgenomen zijn in het register van de Kamer van Koophandel of een soortgelijk erkend register;

    • u. luchthavens;

    • v. openbaar vervoer en ander bedrijfsmatig personenvervoer, mits het vervoer primair de verplaatsing van de ene naar de andere locatie behelst en het vervoer geen recreatieve activiteit is;

    • w. stations, halteplaatsen, of andere bij het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer behorende voorzieningen en de daarbij behorende perrons, trappen, tunnels en liften;

    • x. parkeergarages;

    • y. fietsenstallingen;

    • z. winkels buiten, indien daar uitsluitend bloemen verkocht worden;

    • aa. locaties waar een contactberoep, voor zover toegestaan op grond van artikel 6.8, wordt uitgeoefend;

    • bb. zorglocaties;

    • cc. locaties waar besloten en georganiseerde dagbesteding plaatsvindt voor kwetsbare groepen;

    • dd. winkels voor zorg- en welzijnshulpmiddelen;

    • ee. publieke sanitaire voorzieningen;

    • ff. locaties waar topsporters sport beoefenen en stadions waar voetballers, bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, voetballen;

    • gg. locaties waar een plechtigheid plaatsvindt ten behoeve van huwelijksvoltrekkingen, een registratie van een partnerschap of een uitvaart;

    • hh. locaties waar gevaccineerd wordt tegen of getest wordt op het virus SARS-CoV-2, uitsluitend voor die functie;

    • ii. locaties die worden gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, uitsluitend voor die functie;

    • jj. locaties die worden gebruikt voor onderwijsactiviteiten door instellingen voor voortgezet onderwijs;

    • kk. buitenspeeltuinen zonder winstoogmerk die worden beheerd of geëxploiteerd door een gemeente, vereniging, stichting of groep individuen zonder rechtspersoonlijkheid en die zijn gericht op de betreffende buurt, wijk of gemeente, mits gebouwen gesloten blijven met uitzondering van de bij de buitenspeeltuin behorende toiletvoorzieningen;

    • ll. locaties voor het behalen van praktijkcertificaten van proeven van praktische bekwaamheid die benodigd zijn voor de uitoefening van een beroep of bedrijf, uitsluitend voor die functie;

    • mm. andere winkels, andere locaties met een winkelfunctie en winkels en locaties, uitsluitend voor zover het een andere functie betreft, waar bestelde of gereserveerde artikelen worden opgehaald of is gereserveerd in een bepaald tijdvak, voor zover toegestaan op grond van het tweede of derde lid;

    • nn. locaties waar opgelegde educatieve maatregelen ter bevordering van de rijvaardigheid of geschiktheid worden ondergaan, uitsluitend voor die functie;

    • oo. locaties waar theorie-examens worden afgenomen die noodzakelijk zijn voor het mogen besturen van een vervoermiddel benodigd voor de uitoefening van een beroep of bedrijf of voor de uitoefening van het beroep van rijinstructeur, keurmeester voor de periodieke keuring van motorrijtuigen, tachograaftechnicus of LPG-technicus, uitsluitend voor die functie;

    • pp. locaties waar theoretische nascholingscursussen als bedoeld in artikel 156r van het Reglement rijbewijzen plaatsvinden of waar theoretische bijscholing als bedoeld in artikel 12b, eerste lid, van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 plaatsvindt, uitsluitend voor die functie;

    • qq. locaties die worden gebruikt voor onderwijsactiviteiten in het kader van lichamelijke opvoeding door instellingen voor primair onderwijs.

  • 2 Onverminderd het eerste en derde lid, mogen winkels en locaties met een winkelfunctie slechts voor publiek worden opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

    • a. uitsluitend bestelde of gereserveerde artikelen gespreid over de dag worden opgehaald ten minste vier uur na de bestelling of reservering daarvan;

    • b. publiek de winkel of locatie met winkelfunctie niet betreedt;

    • c. meerdere tijdvakken van telkens maximaal één uur zijn vastgesteld, die zodanig worden gespreid over de openingstijd dat ter plaatse geen oploop van publiek kan ontstaan en waarbinnen de artikelen worden opgehaald;

    • d. de artikelen door slechts één persoon per bestelling of reservering worden opgehaald;

    • e. niet meer personeel in de winkel of locatie met een winkelfunctie aanwezig is dan strikt noodzakelijk is voor de afgifte van artikelen;

    • f. het afhaalpunt een sobere uitstraling heeft.

  • 3 Onverminderd het eerste en tweede lid, mogen winkels en locaties met een winkelfunctie slechts voor publiek worden opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

    • a. publiek de winkel of locatie met een winkelfunctie alleen betreedt ten minste vier uur nadat aantoonbaar gereserveerd is voor aankomst in een bepaald tijdvak;

    • b. publiek alleen in het vooraf aantoonbaar gereserveerde tijdvak wordt toegelaten in de winkel of locatie met een winkelfunctie;

    • c. meerdere tijdvakken van telkens minimaal tien minuten zijn vastgesteld, die elkaar niet overlappen en die zodanig worden gespreid over de openingstijd dat ter plaatse geen oploop van publiek kan ontstaan;

    • d. slechts één persoon per reservering wordt binnengelaten;

    • e. slechts twee personen per verdieping per tijdvak of één persoon per 25 m² voor publiek toegankelijke winkelvloeroppervlakte per tijdvak worden binnengelaten en ten hoogste vijftig personen tegelijkertijd per tijdvak;

    • f. niet meer personeel in de winkel of locatie met een winkelfunctie aanwezig is dan strikt noodzakelijk is voor de verkoop van artikelen;

    • g. in de winkel of locatie met een winkelfunctie uitsluitend activiteiten plaatsvinden die zijn gekoppeld aan het directe verkoopproces.

Artikel 4.1. Algemene voorwaarden voor openstelling publieke plaatsen

Een publieke plaats wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

  • a. degene die geplaceerd is, uitsluitend van de aangewezen plaats gebruikmaakt;

  • b. stromen van publiek gescheiden worden;

  • c. hygiënemaatregelen worden getroffen.

Artikel 4.2. Maximaal dertig personen publiek per zelfstandige ruimte

  • 1 Een publieke binnenruimte wordt slechts voor publiek opengesteld, indien per zelfstandige ruimte ten hoogste dertig personen als publiek aanwezig zijn.

  • 2 Het eerste lid geldt niet met betrekking tot:

    • a. personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan georganiseerde jeugdactiviteiten en personen die deze activiteiten organiseren of begeleiden;

    • b. bezoekers bij een uitvaart, mits niet meer dan vijftig bezoekers aanwezig zijn;

    • c. personen die podiumkunsten beoefenen of acteren;

    • d. personen op doorstroomlocaties;

    • e. personen in voor publiek toegankelijke delen van onderwijsinstellingen, trainingsinstellingen en educatieve instellingen, locaties voor kinderopvang en zorglocaties;

    • f. personen en activiteiten als bedoeld in artikel 58g, tweede lid, onder c, d, e en h, van de wet;

    • g. personen die direct zijn betrokken bij een onderzoek ter zitting of het horen in verband met een bezwaarschrift of administratief beroep.

Artikel 4.3. Reservering doorstroomlocaties

Een doorstroomlocatie, met uitzondering van een parkeergarage, fietsenstalling, door het college van burgemeester en wethouders aangewezen stemlokaal als bedoeld in artikel J 4 van de Kieswet of andere locatie die wordt gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, luchthaven, station, halteplaats, of een andere bij het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer behorende voorziening en de daarbij behorende perrons, trappen, tunnels en liften, winkel en warenmarkt, wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

  • a. het publiek vooraf reserveert voor aankomst in een bepaald tijdvak;

  • b. het publiek alleen wordt toegelaten in het vooraf gereserveerde tijdvak;

  • c. bij aankomst van het publiek een gezondheidscheck wordt uitgevoerd.

Artikel 4.4. Eet- en drinkgelegenheden

  • 1 Een eet- en drinkgelegenheid en daarbij behorende dansvoorziening wordt niet voor publiek opengesteld.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor:

    • a. eet- en drinkgelegenheden, met uitzondering van daarbij behorende dansvoorzieningen, in een hotel voor gasten die daadwerkelijk in het hotel overnachten;

    • b. eet- en drinkgelegenheden waar uitsluitend sprake is van verkoop, aflevering of verstrekking van etenswaren of dranken voor gebruik anders dan ter plaatse, mits de inrichting tussen 01.00 uur en 07.00 uur gesloten is en de duur van het verblijf van publiek in de inrichting zoveel mogelijk wordt beperkt;

    • c. eet- en drinkgelegenheden in een uitvaartcentrum of in een andere locatie waar een plechtigheid plaatsvindt ten behoeve van een uitvaart;

    • d. eet- en drinkgelegenheden in pret- en dierenparken, waar uitsluitend sprake is van verkoop, aflevering of verstrekking van etenswaren of dranken voor gebruik anders dan in de eet- en drinkgelegenheid;

    • e. eet- en drinkgelegenheden in zorglocaties voor patiënten en cliënten en bezoekers van patiënten en cliënten;

    • f. eet- en drinkgelegenheden die zich bevinden op luchthavens na de securitycheck;

    • g. eet- en drinkgelegenheden binnen een locatie waar besloten en georganiseerde dagbesteding plaatsvindt voor kwetsbare groepen.

  • 3 Het eerste lid en tweede lid, aanhef en onder b, zijn van overeenkomstige toepassing op coffeeshops, mits de coffeeshop tussen 20.00 uur en 07.00 uur gesloten is voor publiek.

  • 4 De onderdelen a en d van het tweede lid gelden niet van 15 december 2020 tot en met 27 april 2021.

  • 5 De afhaalfunctie van eet- en drinkgelegenheden, als bedoeld in het tweede lid, onder b, is gesloten tussen 21.45 uur en 07.00 uur, zolang artikel 6.15 geldt.

Artikel 4.5. Sluitingstijd winkels

  • 1 Een winkel wordt tussen 20.00 uur en 06.00 uur niet voor publiek opengesteld.

  • 2 Indien een winkel als stemlokaal dient of wordt gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, geldt het eerste lid niet voor zover het de uitvoering van de verkiezingen betreft.

  • 3 Het eerste lid is niet van toepassing op:

    • a. een apotheek;

    • b. een winkel in een tankstation, voor zover het de verkoop betreft van brandstof en smeermiddelen voor voer- of vaartuigen en benodigdheden voor gebruik, reiniging of spoedeisende reparaties van voer- of vaartuigen alsmede accessoires daarvoor en warme dranken;

    • c. een winkel in een tankstation, voor zover het de verkoop betreft van andere goederen dan als bedoeld onder b;

    • d. een andere winkel in de levensmiddelenbranche dan als bedoeld onder c.

  • 4 Een winkel in de levensmiddelenbranche, als bedoeld in het derde lid, onder c en d, tenzij het een winkel als bedoeld in onderdeel d van dat lid betreft die zich bevindt op een luchthaven na de securitycheck, wordt tussen 21.45 uur en 04.30 uur niet voor publiek opengesteld, zolang artikel 6.15 geldt.

Artikel 4.6. Venstertijd supermarkten

Een supermarkt wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder zich inspant om de toegang ten minste twee keer per dag een uur te beperken tot mensen die zichzelf beschouwen als oudere of als kwetsbare persoon.

Artikel 4.7. Verkoop alcoholhoudende drank

Een publieke plaats wordt slechts voor publiek opengesteld, indien daar tussen 20.00 uur en 06.00 uur niet bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank wordt verstrekt.

Artikel 4.8. Wellness

Een publieke plaats die een wellnesscentrum is, wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder:

Hoofdstuk 5. Evenementen

Artikel 5.1. Evenementen

  • 1 Evenementen worden niet georganiseerd.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor:

    • a. evenementen die behoren tot de reguliere exploitatie van die ruimte en die plaatsvinden tussen 06.00 uur en 01.00 uur in:

      • i. publieke binnenruimten;

      • ii. besloten binnenruimten.

    • b. uitvaarten;

    • c. warenmarkten;

    • d. beurzen en congressen.

  • 3 Onverminderd de verplichtingen, bedoeld in artikel 4.1 wordt een evenement als bedoeld in het tweede lid onder a of d, slechts georganiseerd, indien de organisator:

  • 4 In afwijking van het derde lid, onder a, b en c, is de organisator van een evenement waarbij sprake is van doorstroom van publiek verplicht ervoor zorg te dragen dat het publiek vooraf reserveert voor aankomst in een bepaald tijdvak en alleen wordt toegelaten in het vooraf gereserveerde tijdvak.

  • 5 In afwijking van het tweede lid, onder c, wordt van 15 december 2020 tot en met 27 april 2021 in plaats van ‘warenmarkten’ gelezen ‘warenmarkten in de levensmiddelenbranche’.

  • 6 In afwijking van het derde lid, onder a en b, wordt van 15 december 2020 tot en met 27 april 2021 in plaats van ‘vier personen’ gelezen ‘twee personen’.

Hoofdstuk 6. Bijzondere onderwerpen

§ 6.1. Sport

Artikel 6.1. Uitzondering veiligeafstandsnorm topsport en jongeren

  • 1 De veiligeafstandsnorm geldt, voor zover de sport niet op gepaste wijze kan worden beoefend met inachtneming van de veilige afstand, tijdens de beoefening van de sport niet voor:

    • a. topsporters die uitkomen in de Dutch Basketball League mannen;

    • b. topsporters die uitkomen in de Vrouwen Basketball League;

    • c. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Rolstoelbasketbal;

    • d. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Volleybal vrouwen;

    • e. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Volleybal mannen;

    • f. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Waterpolo vrouwen;

    • g. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Waterpolo mannen;

    • h. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Handbal vrouwen;

    • i. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Handbal mannen;

    • j. topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Hockey vrouwen;

    • k. topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Hockey mannen;

    • l. topsporters die uitkomen in de Korfbal League;

    • m. topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Honkbal;

    • n. topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Softbal’;

    • o. topsporters die uitkomen in de Eredivisie Beachvolleybal;

    • p. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van rugby;

    • q. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van ijshockey;

    • r. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van zaalvoetbal;

    • s. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van badminton;

    • t. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van squash;

    • u. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van tafeltennis;

    • v. voetballers behorende tot de A-selectie van clubs die uitkomen in de Eredivisie, Vrouwen Eredivisie en Eerste divisie;

    • w. voetballers die uitkomen in internationale voetbaltoernooien die worden georganiseerd door de UEFA of de FIFA;

    • x. voetballers van vertegenwoordigende elftallen van de KNVB;

    • y. topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van cricket;

    • z. andere topsporters die zijn gelieerd aan een instelling voor topsport.

  • 2 De veiligeafstandsnorm geldt, voor zover de sport niet op gepaste wijze kan worden beoefend met inachtneming van de veilige afstand, tijdens de beoefening van de sport niet voor jongeren van achttien tot en met zesentwintig jaar die sport beoefenen in een sportaccommodatie buiten of tijdens buitensportactiviteiten georganiseerd door of in opdracht van de gemeente.

Artikel 6.2. Uitzonderingen groepsvorming bij het sporten

  • 1 De artikelen 3.1, eerste lid, en 3.2, eerste lid, gelden niet voor:

    • a. topsporters als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid;

    • b. personen tot en met zeventien jaar die sport beoefenen;

    • c. trainers of begeleiders van een sportactiviteit;

    • d. jongeren als bedoeld in artikel 6.1, tweede lid;

    • e. personen die in georganiseerd verband sport beoefenen in een sportaccommodatie buiten of tijdens buitensportactiviteiten georganiseerd door of in opdracht van de gemeente, mits het groepsverband niet groter is dan vier personen.

Artikel 6.3. Sportwedstrijden en toeschouwers bij sporten

  • 1 Het verbod op evenementen, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, geldt niet voor sportwedstrijden zonder toeschouwers van:

    • a. topsporters als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid;

    • b. personen tot en met zesentwintig jaar, op de locatie en tussen de leden van de sportvereniging waarbij zij als lid zijn aangesloten of tijdens buitensportactiviteiten georganiseerd door of in opdracht van de gemeente.

  • 2 Voor andere sportactiviteiten zonder toeschouwers kunnen publieke plaatsen voor het publiek worden opengesteld.

Artikel 6.4. Voorwaarden openstelling sportaccommodaties

  • a1 In afwijking van artikel 4.a1 mogen sportaccommodaties buiten en de bij de sportaccommodatie behorende toiletvoorzieningen worden opengesteld voor publiek, mits geen reserveringen worden aangenomen van meer dan vier personen van zevenentwintig jaar en ouder.

  • a2 In afwijking van artikel 4.a1 mogen zwemgelegenheden en de daarbij behorende toiletvoorzieningen worden opengesteld voor publiek uitsluitend voor zwemles aan kinderen tot en met twaalf jaar voor het behalen van het A-, B- of C-diploma, indien:

    • a. de beheerder van de zwemgelegenheid de begeleiders van de kinderen in de gelegenheid stelt de volgende gegevens beschikbaar te stellen ten behoeve van de mogelijke uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst:

      • 1°. volledige naam;

      • 2°. datum en tijdstip van aankomst;

      • 3°. e-mailadres; en

      • 4°. telefoonnummer;

    • b. de beheerder van de zwemgelegenheid toestemming vraagt aan de begeleiders van de kinderen voor de verwerking en overdracht van de onder a bedoelde gegevens ten behoeve van de uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst. Daarbij wordt vermeld dat het geven van deze toestemming vrijwillig is;

    • c. de onder a genoemde gegevens op zodanige wijze worden verwerkt dat daarvan geen kennis kan worden genomen door andere personen;

    • d. de onder a genoemde gegevens uitsluitend worden verwerkt voor de uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst, veertien dagen worden bewaard en daarna worden vernietigd door de beheerder van de zwemgelegenheid.

  • 1 Een publieke plaats die een sportaccommodatie is, wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de douches en kleedkamers gesloten zijn, en de beheerder van de sportaccommodatie werkt met reserveringen en bij aankomst van het publiek een gezondheidscheck uitvoert.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor de openstelling van:

    • a. kleedkamers ten behoeve van topsporters en voetballers als bedoeld in artikel 6.1, eerste lid;

    • b. kleedkamers in zwemgelegenheden;

    • c. kleedkamers in sportaccommodaties die door een onderwijsinstelling voor onderwijsactiviteiten worden gebruikt.

  • 3 Een publieke binnenruimte die een sportaccommodatie is, wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder van de sportaccommodatie werkt met reserveringen voor ten hoogste vier personen per reservering, tenzij het gaat om personen die vallen onder een uitzondering als bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, of artikel 6.2, of personen als bedoeld in artikel 58g, tweede lid, van de wet.

  • 4 Het derde lid geldt niet tot en met 27 april 2021.

§ 6.2. Personenvervoer

Artikel 6.5. Uitzonderingen personenvervoer

  • 1 De veiligeafstandsnorm geldt niet voor personen in het openbaar vervoer, ander bedrijfsmatig personenvervoer en personen in vervoer voor privédoeleinden, mits:

    • a. het vervoer primair de verplaatsing van de ene naar de andere locatie behelst; en

    • b. het vervoer geen recreatieve activiteit is.

  • 2 Het eerste lid, onder a en b, is niet van toepassing op luchtvaartuigen.

  • 3 De artikelen 3.1, 3.2 en 4.2 gelden niet in het openbaar vervoer en ander bedrijfsmatig personenvervoer.

Artikel 6.6. Mondkapjes in het personenvervoer

  • 1 Personen van dertien jaar en ouder in het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer dragen een mondkapje.

  • 2 Het eerste lid geldt niet voor:

    • a. leerlingen tijdens leerlingenvervoer van en naar een instelling voor voortgezet onderwijs;

    • b. personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan vervoer van en naar de locatie waar jongeren jeugdhulp ontvangen of zorglocaties voor jeugd;

    • c. personen die het vervoer uitvoeren voor zover zij zich in een afgesloten ruimte bevinden ten opzichte van de passagiers;

    • d. personen die vanwege een beperking of een ziekte geen mondkapje kunnen dragen;

    • e. begeleiders van personen met een verstandelijke beperking, voor zover deze personen van het door begeleiders dragen van een mondkapje ernstig ontregeld raken, en voor personen die spreken met iemand die vanwege een auditieve beperking moet kunnen spraakafzien;

    • f. personen in ander bedrijfsmatig personenvervoer, indien in het voertuig maximaal twee personen aanwezig zijn;

    • g. personen aan wie krachtens een wettelijke bepaling gevraagd wordt hun mondkapje af te zetten om zich te identificeren met een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht, op het moment van identificatie;

    • h. personen waarbij het dragen van een mondkapje de goede en veilige uitoefening van hun werkzaamheden in het kader van beroep of bedrijf onmogelijk maakt.

Artikel 6.7. Reservering ander bedrijfsmatig personenvervoer

De aanbieder van ander bedrijfsmatig personenvervoer, met uitzondering van veerponten, draagt er zorg voor dat personen alleen aan dat vervoer deelnemen indien:

  • a. zij gereserveerd hebben; en

  • b. bij aankomst een gezondheidscheck is uitgevoerd.

Artikel 6.7a. Negatieve NAAT-testuitslag internationaal openbaar vervoer

  • 1 De aanbieder van openbaar vervoer draagt er zorg voor dat alleen vervoer wordt aangeboden, toegang daartoe wordt verschaft en gebruik daarvan wordt toegestaan, indien een persoon, komend vanuit het buitenland een op hem betrekking hebbende negatieve testuitslag kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan een toezichthouder.

  • 2 Een negatieve testuitslag bevat:

    • a. gegevens waardoor valt te herleiden wie de persoon is die is getest;

    • b. de uitslag van een NAAT-test;

    • c. de in het Nederlands, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Portugees of Spaans vermelde conclusie dat de geteste persoon op dat moment niet is besmet met het virus SARS-CoV-2;

    • d. gegevens waaruit blijkt dat die test maximaal 72 uur oud is op het moment van aankomst in Nederland;

    • e. een logo of kenmerk van een instituut of arts.

  • 3 Het eerste lid is niet van toepassing op:

    • a. reizigers met opstap en eindbestemming binnen Nederland;

    • b. reizigers in een trein anders dan een intercity;

    • c. reizigers in een bus die regionaal openbaar vervoer verricht;

    • d. personen tot en met 12 jaar;

    • e. reizigers uit landen die niet zijn aangemerkt als hoogrisicogebied;

    • f. grenswerkers, grensstudenten en grensscholieren;

    • g. houders van een door het Ministerie van Buitenlandse Zaken verstrekte diplomatieke identiteitskaart;

    • h. personeelsleden van diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen of internationale organisaties in Nederland, en de leden van hun officiële huishouden, die als zodanig zijn of worden geregistreerd bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken;

    • i. staatshoofden en leden van een buitenlandse regering;

    • j. personen werkzaam in het transport van goederen en ander transportpersoneel, voor zover noodzakelijk en op het moment dat zij in de uitoefening van hun functie reizen of als zij van of naar hun werkzaamheden reizen.

  • 4 Het eerste lid is niet van toepassing op reizigers die geïnfecteerd zijn geweest met het virus SARS-CoV-2, mits de reiziger kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan de toezichthouder:

    • a. een op hem betrekking hebbende positieve uitslag van een NAAT-test of een antigeentest van minimaal twee en maximaal acht weken oud op het moment van aankomst in Nederland;

    • b. een op hem betrekking hebbende positieve uitslag van een NAAT-test van maximaal tweeënzeventig uur oud op het moment van aankomst in Nederland; en

    • c. een op hem betrekking hebbende negatieve uitslag van een antigeentest van maximaal vier uur oud op het moment van het aan boord gaan.

  • 5 Een testuitslag als bedoeld in het vierde lid bevat:

    • a. gegevens waardoor valt te herleiden wie de persoon is die is getest;

    • b. de in het Nederlands, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Portugees of Spaans vermelde conclusie van de testuitslag;

    • c. een logo of kenmerk van een instituut of arts.

Artikel 6.7b. Negatieve NAAT-testuitslag personenvervoer via lucht- en scheepvaart

  • 1 De aanbieder van ander bedrijfsmatig personenvervoer, voor zover sprake is van vervoer met luchtvaartuigen als bedoeld in artikel 16 van de Luchtvaartwet of het aanbieden van personenvervoer met of zonder een dienstregeling per veerboot of passagiersschip, draagt er, onverminderd artikel 6.7c, eerste en tweede lid, zorg voor dat alleen vervoer wordt aangeboden, toegang daartoe wordt verschaft en gebruik daarvan wordt toegestaan, indien een persoon, komend vanuit het buitenland of Bonaire een op hem betrekking hebbende negatieve testuitslag kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan een toezichthouder.

  • 2 Een negatieve testuitslag bevat:

    • a. gegevens waardoor valt te herleiden wie de persoon is die is getest;

    • b. de uitslag van een NAAT-test;

    • c. de in het Nederlands, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Portugees of Spaans vermelde conclusie dat de geteste persoon op dat moment niet is besmet met het virus SARS-CoV-2;

    • d. gegevens waaruit blijkt dat die test maximaal 72 uur oud is op het moment van aankomst in Nederland;

    • e. een logo of kenmerk van een instituut of arts.

  • 3 Het eerste lid is niet van toepassing op:

    • a. reizigers die gebruik maken van regionaal grensoverschrijdend personenvervoer;

    • b. personen tot en met 12 jaar;

    • c. reizigers uit gebieden die niet zijn aangemerkt als hoogrisicogebied;

    • d. grenswerkers, grensstudenten en grensscholieren;

    • e. houders van een door het Ministerie van Buitenlandse Zaken verstrekte diplomatieke identiteitskaart;

    • f. personeelsleden van diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen of internationale organisaties in Nederland, en de leden van hun officiële huishouden, die als zodanig zijn of worden geregistreerd bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken;

    • g. staatshoofden en leden van een buitenlandse regering;

    • h. personen werkzaam in het transport van goederen en ander transportpersoneel, voor zover noodzakelijk en op het moment dat zij in de uitoefening van hun functie reizen of als zij van of naar hun werkzaamheden reizen;

    • i. zeevarenden op andere schepen dan commerciële jachten en pleziervaart in het bezit van een monsterboekje als zij in uitoefening van hun functie reizen of als zij van of naar hun werkzaamheden reizen;

    • j. personen op een vlucht die Nederland niet als eindbestemming hebben:

      • die wegens onvoorziene omstandigheden naar een Nederlandse luchthaven moeten uitwijken; of

      • die het luchtvaartuig niet verlaten;

    • k. passagiers met een NATO Travel Order of een NATO-2-visum;

    • l. personen die reizen en geen negatieve testuitslag kunnen tonen in verband met urgent transport van lichaamsmaterialen ten behoeve van een medische behandeling;

    • m. personen die reizen en taken uitvoeren van nationaal belang in opdracht van de Minister of Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de eventuele personen die door deze personen worden begeleid.

  • 4 In afwijking van het tweede lid, onderdeel d, mag de test maximaal 96 uur oud zijn bij aankomst in Nederland, indien het vervoer van een persoon buiten diens schuld om vertraagd is.

  • 5 In aanvulling op het eerste lid draagt de aanbieder van vervoer per luchtvaartuigen er zorg voor dat personen reizend van buiten de Europese Unie een testverklaring kunnen tonen.

  • 6 Het eerste lid is niet van toepassing op reizigers die geïnfecteerd zijn geweest met het virus SARS-CoV-2, mits de reiziger kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan de toezichthouder:

    • a. een op hem betrekking hebbende positieve uitslag van een NAAT-test of een antigeentest van minimaal twee en maximaal acht weken oud op het moment van aankomst in Nederland;

    • b. een op hem betrekking hebbende positieve uitslag van een NAAT-test van maximaal tweeënzeventig uur oud op het moment van aankomst in Nederland; en

    • c. een op hem betrekking hebbende negatieve uitslag van een antigeentest van maximaal vier uur oud op het moment van het aan boord gaan.

  • 7 Een testuitslag als bedoeld in het zesde lid bevat:

    • a. gegevens waardoor valt te herleiden wie de persoon is die is getest;

    • b. de in het Nederlands, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Portugees of Spaans vermelde conclusie van de testuitslag;

    • c. een logo of kenmerk van een instituut of arts.

Artikel 6.7c. Negatieve antigeentestuitslag personenvervoer via lucht- en scheepvaart

  • 1 De aanbieder van ander bedrijfsmatig personenvervoer, voor zover sprake is van vervoer met een luchtvaartuig als bedoeld in artikel 16 van de Luchtvaartwet, draagt er, onverminderd artikel 6.7b, eerste lid, zorg voor dat alleen vervoer wordt aangeboden, toegang daartoe wordt verschaft en gebruik daarvan wordt toegestaan, indien een persoon, komend vanuit door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aangewezen gebieden of Bonaire, een op hem betrekking hebbende negatieve testuitslag kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan een toezichthouder.

  • 2 De aanbieder van ander bedrijfsmatig personenvervoer, voor zover sprake is van het aanbieden van personenvervoer met of zonder een dienstregeling per veerboot, passagiersschip, of vrachtschip dat maximaal twaalf passagiers vervoert, draagt er, onverminderd artikel 6.7b, eerste lid, zorg voor dat alleen vervoer wordt aangeboden, toegang daartoe wordt verschaft en gebruik daarvan wordt toegestaan, indien een persoon, komend vanuit door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aangewezen gebieden of Bonaire, een op hem betrekking hebbende negatieve testuitslag kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan een toezichthouder.

  • 3 Een negatieve testuitslag bevat:

    • a. gegevens waardoor valt te herleiden wie de persoon is die is getest;

    • b. de uitslag van een antigeentest of een NAAT-test;

    • c. de in het Nederlands, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Portugees of Spaans vermelde conclusie dat de geteste persoon op dat moment niet is besmet met het virus SARS-CoV-2;

    • d. gegevens waaruit blijkt dat die antigeentest of NAAT-test maximaal vierentwintig uur oud is op het moment van het aan boord gaan van het luchtvaartuig, de veerboot, het passagiersschip, of vrachtschip dat maximaal twaalf passagiers vervoert naar Nederland, met dien verstande dat met betrekking tot personen als bedoeld in artikel 6.7b, derde lid, onder h, die reizen per veerboot, passagiersschip, of vrachtschip dat maximaal twaalf passagiers vervoert, geldt dat de test maximaal 24 uur oud is;

    • e. een logo of kenmerk van een instituut of arts.

  • 4 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op:

    • a. reizigers die gebruikmaken van regionaal grensoverschrijdend personenvervoer;

    • b. personen tot en met 12 jaar;

    • c. grenswerkers, grensstudenten en grensscholieren;

    • d. houders van een door het Ministerie van Buitenlandse Zaken verstrekte diplomatieke identiteitskaart;

    • e. personeelsleden van diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen of internationale organisaties in Nederland, en de leden van hun officiële huishouden, die als zodanig zijn of worden geregistreerd bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken;

    • f. staatshoofden en leden van een buitenlandse regering;

    • g. zeevarenden aan boord van een veerboot, passagiersschip, of vrachtschip dat maximaal twaalf passagiers vervoert:

      • 1°. die de boot of het schip niet verlaten en geen reisbeweging van en naar die boot of dat schip maken; of

      • 2°. die een negatieve testuitslag van een NAAT-test van maximaal tweeënzeventig uur oud op het moment van aankomst in Nederland kunnen tonen;

    • h. personen op een vlucht of aan boord van een veerboot, passagiersschip, of vrachtschip dat maximaal twaalf passagiers vervoert, die Nederland niet als eindbestemming hebben:

      • 1°. die wegens onvoorziene omstandigheden naar een Nederlandse luchthaven of haven moeten uitwijken; of

      • 2°. die de luchthaven of de haven niet verlaten;

    • i. passagiers met een NATO Travel Order of een NATO-2-visum;

    • j. de bemanning aan boord van een luchtvaartuig:

      • 1°. die het luchtvaartuig niet verlaat en geen reisbeweging van en naar dat luchtvaartuig maakt;

      • 2°. die wordt ingezet met toepassing van een door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport goedgekeurd protocol van de aanbieder van het vervoer, waarmee naar zijn oordeel een beschermingsniveau wordt bereikt dat ten minste gelijkwaardig is aan het beschermingsniveau dat wordt bereikt met toepassing van het eerste lid; of

      • 3°. die een negatieve testuitslag van een NAAT-test van maximaal tweeënzeventig uur oud op het moment van aankomst in Nederland kan tonen;

    • k. personen die reizen en geen negatieve testuitslag kunnen tonen in verband met urgent transport van lichaamsmaterialen ten behoeve van een medische behandeling;

    • l. personen die reizen en taken uitvoeren van nationaal belang in opdracht van de Minister of Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de eventuele personen die door deze personen worden begeleid;

    • m. personen werkzaam in het transport van goederen, voor zover noodzakelijk en op het moment dat zij in de uitoefening van hun functie reizen of als zij van of naar hun werkzaamheden reizen en voor zover zij maximaal achtenveertig uur in een in het tweede lid bedoeld gebied hebben verbleven.

  • 5 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op reizigers die geïnfecteerd zijn geweest met het virus SARS-CoV-2, mits de reiziger kan tonen aan de aanbieder van het vervoer en aan een toezichthouder:

    • a. een op hem betrekking hebbende positieve uitslag van een NAAT-test of een antigeentest van minimaal twee en maximaal acht weken oud op het moment van aankomst in Nederland;

    • b. een op hem betrekking hebbende positieve uitslag van een NAAT-test van maximaal tweeënzeventig uur oud op het moment van aankomst in Nederland; en

    • c. een op hem betrekking hebbende verklaring van een arts van maximaal tweeënzeventig uur oud op het moment van aankomst in Nederland waarin staat dat hij niet meer besmettelijk is.

  • 6 Een testuitslag of verklaring als bedoeld in het vijfde lid bevat:

    • a. gegevens waardoor valt te herleiden wie de persoon is die is getest of voor wie de verklaring is afgegeven;

    • b. de in het Nederlands, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Portugees of Spaans vermelde conclusie van de testuitslag of verklaring;

    • c. een logo of kenmerk van een instituut of arts.

§ 6.3. Contactberoepen

Artikel 6.8. Reservering, gezondheidscheck en klantgegevens contactberoepen

  • 1 De beoefenaar van een contactberoep draagt er zorg voor dat klanten en patiënten gereserveerd hebben en bij aankomst een gezondheidscheck is uitgevoerd.

  • 2 De beoefenaar van een contactberoep stelt klanten en patiënten in de gelegenheid de volgende gegevens beschikbaar te stellen ten behoeve van de mogelijke uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst:

    • a. volledige naam;

    • b. datum en tijdstip van aankomst;

    • c. e-mailadres; en

    • d. telefoonnummer.

  • 3 De beoefenaar van een contactberoep vraagt toestemming voor de verwerking en overdracht van de in het tweede lid bedoelde gegevens ten behoeve van de uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst. Daarbij wordt vermeld dat het geven van deze toestemming vrijwillig is.

  • 4 De in het tweede lid genoemde gegevens worden op zodanige wijze verwerkt dat daarvan geen kennis kan worden genomen door andere klanten.

  • 5 De in het tweede lid genoemde gegevens worden uitsluitend verwerkt voor de uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst, worden veertien dagen bewaard en worden daarna vernietigd door de beoefenaar van het contactberoep.

  • 6 Het eerste tot en met derde lid gelden niet voor zorgverleners, sekswerkers en mantelzorgers.

  • 7 In afwijking van dit artikel geldt van 3 maart 2021 tot en met 27 april 2021 dat het verboden is het beroep van sekswerker uit te oefenen.

§ 6.4. Alcoholhoudende drank op openbare plaatsen

Artikel 6.9. Alcoholhoudende drank op openbare plaatsen

  • 2 Het eerste lid geldt niet in woongedeelten van voertuigen of vaartuigen.

§ 6.5. Onderwijs

Artikel 6.10. Verrichting onderwijsactiviteiten

  • 1 Onderwijsinstellingen nemen de generieke kaders voor onderwijsinstellingen van het Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu in acht.

  • 2 Instellingen voor voortgezet onderwijs dragen er zorg voor dat iedere ingeschreven leerling ten minste één dag in de week kan deelnemen aan onderwijsactiviteiten op de instelling.

  • 3 Instellingen voor beroepsonderwijs dragen er zorg voor dat een ingeschreven student één dag in de week kan deelnemen aan onderwijsactiviteiten op de instelling.

  • 4 Het is verboden om onderwijsactiviteiten te verrichten in instellingen voor hoger onderwijs.

  • 5 Het derde en vierde lid gelden niet voor:

    • a. afstandsonderwijs;

    • b. praktijkgerichte onderwijsactiviteiten;

    • c. het houden van examens, tentamens en toetsen;

    • d. het begeleiden van studenten in een kwetsbare positie.

  • 6 In afwijking van het vierde lid kunnen instellingen voor hoger onderwijs die op verzoek van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap deelnemen aan praktijktesten voor een veilige en verantwoorde heropening van het hoger onderwijs, ingeschreven studenten één dag in de week laten deelnemen aan onderwijsactiviteiten op de instelling.

§ 6.7. Bezettingsgraad logementen

Artikel 6.12. Bezettingsgraad logementen

De beheerder van een plaats waar tegen betaling verblijf wordt aangeboden aan personen die niet als ingezetene zijn ingeschreven in de basisregistratie personen met een adres in de gemeente waar dit verblijf wordt aangeboden, biedt geen verblijf aan, aan meer dan vier personen van dertien jaar en ouder per verblijfplaats, tenzij het gaat om personen als bedoeld in artikel 58g, tweede lid, van de wet.

§ 6.8. Onderzoeksprogramma’s

Artikel 6.13. Definities

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • Fieldlab: het publiek-privaat onderzoeksprogramma, waarin het Rijk, het bedrijfsleven en de wetenschap samenwerken, om via praktijktesten kennis te vergaren over het virus SARS-CoV-2, de epidemie en de bestrijding daarvan, met het oog op het vergroten van de doelmatigheid van maatregelen ter bestrijding van de epidemie en mogelijkheden voor het veilig en verantwoord organiseren van evenementen;

  • Pilot testbewijzen: het publiek-privaat onderzoeksprogramma, waarin het Rijk, het bedrijfsleven of veldpartijen en de wetenschap samenwerken, om via praktijktesten kennis te vergaren over de uitvoerbaarheid en effecten van het tonen van een testuitslag voor deelname aan of toegang tot activiteiten of voorzieningen, met het oog op het vergroten van de doelmatigheid van maatregelen ter bestrijding van de epidemie en mogelijkheden voor het veilig en verantwoord heropenen van sectoren;

  • Praktijktesten drinkgelegenheden: het publiek-privaat onderzoeksprogramma, waarin het Rijk, het bedrijfsleven en de wetenschap samenwerken, om via praktijktesten kennis te vergaren over het virus SARS-CoV-2, de epidemie en de bestrijding daarvan, met het oog op het vergroten van de doelmatigheid van maatregelen ter bestrijding van de epidemie en mogelijkheden voor het veilig en verantwoord heropenen van drinkgelegenheden.

Artikel 6.14. Fieldlab evenementen

  • 1 Artikel 5.1 geldt niet voor een evenement dat plaatsvindt in het kader van Fieldlab.

Artikel 6.14a. Praktijktesten drinkgelegenheden

Tijdens en op de locatie van een testactiviteit die plaatsvindt in het kader van Praktijktesten drinkgelegenheden gelden de artikelen 3.1, eerste lid, 4.a1, eerste lid, 4.1, 4.2, eerste lid, 4.4, eerste lid, en 4.7 niet.

§ 6.9. Avondklok

Artikel 6.15. Avondklok

Het is van 3 maart 2021 tot en met 28 april 2021, 04.30 uur, verboden tussen 22.00 uur en 04.30 uur te vertoeven in de openlucht.

Artikel 6.16. Uitzonderingen zonder formulieren

  • 1 Artikel 6.15 geldt, voor zover dit noodzakelijk is voor de uitoefening van zijn kennelijke functie, niet voor:

    • a. een politieambtenaar, opsporingsambtenaar, brandweermedewerker of ambulancemedewerker;

    • b. degene die openbaar vervoer of taxivervoer als bedoeld in artikel 1 van de Wet personenvervoer 2000, vervoer per luchtvaartuig als bedoeld in artikel 16 van de Luchtvaartwet of personenvervoer per veerboot of passagiersschip verzorgt;

    • c. degene die internationaal vervoer van goederen over de weg, het spoor of het water verzorgt.

  • 2 Artikel 6.15 geldt niet voor degene die in de openlucht vertoeft vanwege:

    • a. een noodsituatie;

    • b. een reis vanuit het buitenland of het Caribische deel van Nederland;

    • c. de omstandigheid dat hij dak- of thuisloos is en geen gebruikmaakt van de beschikbare maatschappelijke opvang;

    • d. het individueel uitlaten van een aangelijnde hond;

    • e. een verplaatsing onder begeleiding als rechtens van zijn vrijheid beroofde;

    • f. het als een kiezer of als een waarnemer als bedoeld in artikel J 39 van de Kieswet of artikel 13, eerste lid, van de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19 bijwonen van de zitting van een stembureau of het gemeentelijk stembureau voor een verkiezing als bedoeld in de Kieswet;

    • g. werkzaamheden als lid of vrijwilliger van een stembureau dan wel het gemeentelijk stembureau of als plaatsvervangend lid dan wel aangewezen ambtenaar als bedoeld in artikel N 5 van de Kieswet.

Artikel 6.17. Uitzonderingen met formulieren

Artikel 6.15 geldt niet:

  • a. voor degene die in de openlucht vertoeft vanwege noodzakelijke beroepsmatige werkzaamheden anders dan als bedoeld in artikel 6.16, eerste lid, en die een naar waarheid ingevulde werkgeversverklaring overlegt waaruit het dienstverband blijkt en de daarmee samenhangende noodzaak voor het vertoeven in de openlucht, alsmede de verklaring, bedoeld onder b;

  • b. voor degene die in de openlucht vertoeft en die een gedagtekende naar waarheid ingevulde eigen verklaring overlegt, waaruit de kennelijke noodzaak blijkt op die tijd op die plek te vertoeven vanwege:

    • 1°. werk;

    • 2°. medische hulp aan zichzelf of een dier;

    • 3°. hulpverlening aan een hulpbehoevende persoon;

    • 4°. een reis naar het buitenland of het Caribische deel van Nederland;

    • 5°. het aanwezig zijn bij een uitvaart;

    • 6°. het als direct betrokkene aanwezig zijn bij een bijeenkomst die plaatsvindt onder verantwoordelijkheid van een rechterlijk ambtenaar of waar hij wordt gehoord in verband met een bezwaarschrift of administratief beroep;

    • 7°. het aanwezig zijn bij een liveprogramma;

    • 8°. het afleggen van een door een onderwijsinstelling gepland examen of tentamen in het middelbaar beroepsonderwijs, het hoger beroepsonderwijs of het wetenschappelijk onderwijs;

    • 9°. het in het eindexamenjaar deelnemen aan een door een onderwijsinstelling verzorgde onderwijsactiviteit in het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs;

    • 10°. het deelnemen aan een door een onderwijsinstelling verzorgde praktijkgerichte onderwijsactiviteit in het voortgezet onderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs, het hoger beroepsonderwijs of het wetenschappelijk onderwijs.

Artikel 6.18. Formulieren en bewijsstukken

  • 1 De formulieren van de werkgeversverklaring, bedoeld in artikel 6.17, onder a, respectievelijk de eigen verklaring, bedoeld in artikel 6.17, onder b, zijn opgenomen als bijlage 2 en bijlage 4 respectievelijk bijlage 3 en bijlage 5 bij deze regeling. De formulieren worden door de overheid elektronisch en op papier beschikbaar gesteld.

  • 2 Indien werkzaamheden als bedoeld in artikel 6.17, onder a, niet in loondienst maar door een zelfstandige of door een persoon die geen werkgever heeft worden verricht, wordt de werkgeversverklaring door de zelfstandige of door die persoon ingevuld en geldt die verklaring als de werkgeversverklaring, bedoeld in artikel 6.17, onder a.

  • 4 De aanwezigheid bij een liveprogramma, bedoeld in artikel 6.17, onder b, onder 7°, geldt slechts als uitzonderingsgrond als een uitnodiging daartoe wordt overgelegd van de omroep die dit programma uitzendt.

  • 5 Het afleggen van een examen of tentamen, bedoeld in artikel 6.17, onder b, onder 8°, geldt slechts als uitzonderingsgrond, indien een bescheid wordt overgelegd waaruit dat examen of tentamen blijkt en voorts de noodzaak op die tijd op die plek te vertoeven.

  • 6 Het deelnemen aan een onderwijsactiviteit, bedoeld in artikel 6.17, onder b, onder 9°, geldt slechts als uitzonderingsgrond, indien een bescheid wordt overgelegd waaruit de onderwijsactiviteit blijkt en voorts de noodzaak om op die tijd op die plek te vertoeven.

  • 7 Het deelnemen aan een praktijkgerichte onderwijsactiviteit, bedoeld in artikel 6.17, onder b, onder 10°, geldt slechts als uitzonderingsgrond, indien een bescheid wordt overgelegd waaruit de praktijkgerichte onderwijsactiviteit blijkt en voorts de noodzaak op die tijd op die plek te vertoeven.

  • 8 Werkzaamheden als bedoeld in artikel 6.16, tweede lid, onder h, gelden slechts als uitzonderingsgrond indien een bescheid wordt overgelegd waaruit de aanstelling als lid, plaatsvervangend lid of ambtenaar of de kwalificatie als vrijwilliger als bedoeld in dat onderdeel blijkt.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

H.M. de Jonge

De Minister van Justitie en Veiligheid,

F.B.J. Grapperhaus

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

K.H. Ollongren

Terug naar begin van de pagina