Specifiek interventiebeleid NVWA dierenwelzijn (IB02-SPEC 02, versie 04)

[Regeling vervallen per 03-01-2022.]
Geraadpleegd op 25-06-2022.
Geldend van 01-09-2020 t/m 02-01-2022

Besluit van de inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 17 juli 2020, nr. NVWA/2020/3789, tot vaststelling van het Specifiek interventiebeleid dierenwelzijn (IB02-SPEC 02, versie 04)

1. Onderwerp

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Het specifiek interventiebeleid dierenwelzijn beschrijft, binnen de kaders van het algemeen interventiebeleid, de klasseindeling en de interventies voor de beoordeling van specifieke overtredingen van de wetgeving in het domein dier. Dit domein heeft betrekking op dierenwelzijn van bedrijfsmatig gehouden dieren (primair bedrijf), hobbymatig gehouden dieren en wilde dieren. Dit specifiek interventiebeleid is niet van toepassing op dieren op het slachthuis, tijdens vervoer en proefdieren. Op andere overtredingen met betrekking tot dierenwelzijn anders dan in dit document of een ander specifiek interventiebeleid beschreven, blijft het Algemeen Interventiebeleid NVWA van toepassing.

Overtredingen die door de inspecteur/toezichthouder worden waargenomen en die niet in dit IB02-SPEC 02 zijn opgenomen, worden voorgelegd aan de Afdeling Expertise van de Directie Handhaven, teneinde een klasseindeling en een interventie te bepalen.

2. Definities en wettelijke basis

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Hieronder is een aantal specifieke definities opgenomen in aanvulling op de definities en begrippen uit het algemeen interventiebeleid.

2.1. Definities en afkortingen

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Inspectie

Elke vorm van controle door een inspecteur van de NVWA om na te gaan of de wet- en regelgeving inzake dierenwelzijn wordt nageleefd. De inspecteur kan, als dit de efficiency van de uit te voeren inspectie ten goede komt, er voor kiezen om deze van te voren aan te kondigen. Dit laat onverlet dat de inspecteur ook zonder aankondiging een inspectie kan uitvoeren.

Herinspectie

Een inspectie (eventueel op afstand) ingesteld door een inspecteur van de NVWA die volgt op een eerder ingestelde inspectie, waarbij een overtreding is geconstateerd en naar aanleiding waarvan het noodzakelijk wordt geacht om na de tijdens de eerdere inspectie aangegeven termijn na te gaan of afdoende corrigerende maatregelen zijn genomen om de overtreding op te heffen en nieuwe overtredingen te voorkomen.

3. Werkwijze

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

3.1. Het bepalen van de ernst van de overtreding

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het algemeen interventiebeleid. Bij het beoordelen van de ernst van de overtreding wordt rekening gehouden met het risico op de aantasting van het dierenwelzijn, de herstelbaarheid daarvan en of er sprake is van calculerend en/of bewust risiconemend gedrag.

Aard en ernst van de overtreding:

  • > Gering feit (D), gering risico op aantasting dierenwelzijn of diergezondheid, of geringe ondermijning van het systeem. Er zijn in de bijlage een aantal feiten benoemd die onder deze categorie vallen. Hier kan van afgeweken worden.

Overtreding (C)/ernstige overtreding (B)

Bij de meeste overtredingen bepalen de omstandigheden van het geval of de niet naleving wordt aangemerkt als overtreding (C) of ernstige overtreding (B). De volgende factoren spelen hierbij een rol:

  • Is het een incidentele en lichtere overtreding, bijvoorbeeld betreft het slechts enkele dieren en/of is het een kleine afwijking van de wettelijke norm (bijv. voorgeschreven staloppervlakte)? Waar de overtreding de registratie van gegevens betreft: is het een fout of onvolledigheid?

  • Is er (risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn, bijvoorbeeld betreft het meer dan enkele dieren en/of is de afwijking ten opzichte van de wettelijk norm (bijv. voorgeschreven staloppervlakte) meer dan klein? Als structureel wordt beschouwd een overtreding die meer dan 5% van de dieren betreft. Waar de overtreding registratie van gegevens betreft: is er helemaal geen registratie of vele fouten en/of onvolledigheden?

Afwijken specifiek interventiebeleid

In bepaalde situaties kan het als noodzakelijk gezien worden om af te wijken van dit specifiek interventiebeleid. De inspecteur kan, als de omstandigheden daartoe aanleiding geven en in overleg met het Hoofd Afdeling Dier van de Directie inspectie, gemotiveerd afwijken van het interventiebeleid.

Eerdere overtredingen

  • Zijn er eerder overtredingen vastgesteld van dezelfde aard? In dat geval kan ook bij het aantreffen van overtredingen van lichte en incidentele aard door de inspecteur besloten worden tot een sanctionerende interventie.

  • Zijn er eerder overtredingen van soortgelijke1 aard vastgesteld? In dat geval kan ook bij het aantreffen van overtredingen van lichte en incidentele aard door de inspecteur besloten worden tot een sanctionerende interventie.

In de bijlage van dit document zijn de bepalingen van de geldende wetgeving ingedeeld in een overtredingsklasse met bijbehorende interventie(s).

3.2. Het bepalen van interventies bij een overtreding

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Sanctionerende interventie

Overtredingen van de Wet dieren worden doorgaans bestuurlijk beboet. Indien de ernst van de overtreding of de omstandigheden waaronder deze is begaan daartoe aanleiding geven, legt de NVWA deze aan het Openbaar Ministerie voor. Dit volgt uit artikel 8.10, eerste lid, van de Wet dieren. Het Openbaar Ministerie beslist of het overgaat tot strafrechtelijke afdoening. Afgezien van de in artikel 8.11, eerste lid, genoemde overtredingen is strafrechtelijke afdoening niet voorbehouden aan een vooraf aan te geven overtreding van een bepaald voorschrift, maar kan in beginsel bij alle overtredingen van de bij of krachtens de Wet dieren gestelde voorschriften noodzakelijk zijn.

De kolommen ‘interventies’ en ‘follow-up na overtreding; interventies bij herhaalde overtreding’ in de bijlage van dit document vermelden uitsluitend de bestuurlijke boete als sanctionerende interventie die doorgaans wordt toegepast. Dit laat onverlet dat, als een overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk kan worden afgedaan, op grond van de specifieke feiten en omstandigheden kan worden besloten om in plaats van een bestuurlijke boete een proces verbaal op te maken ten behoeve van strafrechtelijke afdoening. Op voorhand is niet in de bijlage van dit document aan te geven wanneer wordt overgegaan tot een strafrechtelijke sanctionerende interventie. Daarom vormt deze paragraaf een aanvulling op bovengenoemde kolommen in de bijlage.

In alle gevallen geldt overigens dat een strafrechtelijke sanctionerende interventie (een proces verbaal) te allen tijde kan worden gecombineerd met een bestuursrechtelijke corrigerende interventie (een herstelmaatregel).

Corrigerende interventie

Corrigerende interventies kunnen naast, of in uitzonderlijke situaties in plaats van, sanctionerende interventies worden ingezet. Dat kan nuttig zijn zodra blijkt dat sanctionerende interventies (alleen) onvoldoende leiden tot naleving van de regelgeving. Voor welke corrigerende interventie gekozen wordt verschilt van geval tot geval. Voorbeelden hiervan zijn een last onder dwangsom, een verbod tot het verrichten van bepaalde activiteiten of het ingrijpen in het bedrijfsproces.

Corrigerende interventies hebben als doel te bevorderen dat de overtreder zijn bedrijfsprocessen blijvend beheerst zodat bestaande overtredingen worden beëindigd en nieuwe worden voorkomen. Een corrigerende interventie moet proportioneel zijn, toegesneden op de specifieke situatie van de overtreder. Een corrigerende interventie mag niet ingrijpender voor de overtreder zijn dan strikt noodzakelijk om de overtreding te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Overgaan tot ingrijpender corrigerende interventies kan indien kan worden gemotiveerd waarom een minder ingrijpende corrigerende interventie onvoldoende effect heeft gehad of zal hebben.

Specifieke corrigerende interventie

Als een of meer overtredingen worden geconstateerd die in ernst, aantal en tijdsbestek een corrigerende interventie rechtvaardigen wordt eerst met een specifieke corrigerende interventie in het bedrijfsproces ingegrepen. Dit ingrijpen kan betrekking hebben op:

  • a. beëindiging van een overtreding of

  • b. voorkoming van nieuwe overtredingen.

Aan een specifieke corrigerende interventie kan bijvoorbeeld een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang worden verbonden. Als opnieuw overtredingen worden geconstateerd wordt opnieuw een corrigerende interventie ingezet als ernst, aantal en tijdsbestek van de overtreding(en) dit rechtvaardigt. Zo nodig met een ingrijpendere maatregel of een hogere dwangsom

Generieke corrigerende interventie

Mocht de overtreder ondanks een of meer specifieke corrigerende interventies nieuwe overtredingen blijven begaan die in ernst, aantal en tijdsbestek ingrijpen rechtvaardigen kan worden opgeschaald naar een generieke corrigerende interventie. Dat is een interventie die naar zijn aard grotere gevolgen heeft voor de integrale bedrijfsvoering dan de eerdere specifieke corrigerende interventie(s). Hiertoe kan ook meteen worden overgegaan als er weliswaar nog geen (herhaalde) specifieke corrigerende interventie is opgelegd, maar er op voorhand aanwijzingen zijn dat deze onvoldoende tot naleving zullen leiden.

Bij het bepalen van nut en noodzaak van een generieke interventie wordt integraal bekeken in hoeverre de overtreder ook andere wettelijke eisen naleeft waarop de NVWA toezicht houdt.

3.3. Herhaalde overtreding en verscherpt toezicht

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Herhaalde overtreding

Er is sprake van een herhaalde overtreding wanneer tijdens een (her)inspectie opnieuw een overtreding van de regelgeving met betrekking tot dierenwelzijn wordt vastgesteld, waarvoor tegen de overtreder in de daaraan voorafgaande periode van drie jaar reeds een interventie werd toegepast.

Stapeling

Tijdens een (her)inspectie kunnen meerdere overtredingen van verschillende wettelijke voorschriften en van verschillende overtredingsklassen binnen het domein dierenwelzijn geconstateerd worden. Voor het handelen in dergelijke situaties zie 2.3 van het algemeen interventiebeleid. Ten aanzien van het stapelen van overtredingen geldt, bij het opleggen van de bestuurlijke boete, dat er wordt uitgegaan van maximaal vijf overtredingen per overtreder, per controlemoment.

Herinspectie

Na het constateren van een overtreding klasse B of C kan een opvolgende inspectie worden uitgevoerd om na te gaan of gemaakte afspraken over het opheffen van de overtreding zijn nagekomen.

De kosten van aanvullende officiële controles, zoals bijvoorbeeld herinspecties in het kader van toezicht op dierenwelzijn, worden in rekening gebracht bij de houder van de dieren (retributie). Zie hiervoor verder: https://www.nvwa.nl/over-de-nvwa/hoe-de-nvwa-werkt/tarieven-nvwa/normeringskader-tarieven-nvwa/kosten-aanvullende-officiele-controles-voor-veehouders

Verscherpt toezicht

Als bij meerdere opeenvolgende (her)inspecties blijkt dat overtredingen zich blijven voordoen, kan de NVWA besluiten verscherpt toezicht in te stellen. Dit wordt ook aan de overtreder medegedeeld. Verscherpt toezicht houdt in dat de NVWA vaker inspecteert en, indien zij overtredingen constateert, naast een sanctionerende interventie ook corrigerende interventies kan opleggen die passend zijn om de geconstateerde overtreding(en) te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Per overtreder wordt een maatwerkaanpak opgesteld. Na afloop van een van tevoren vastgestelde periode wordt geëvalueerd of voortzetting van het verscherpt toezicht wenselijk is. Ook dit wordt gecommuniceerd met de overtreder.

3.4. Internettoezicht

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Op internet worden op handelssites (digitale platforms) geregeld advertenties geplaatst met verboden content. De NVWA kan in die gevallen gegevens bij zowel de aanbieder als de beheerder van de handelssite vorderen op basis van de Algemene wet bestuursrecht. Beheerders van handelssites kunnen de NVWA alternatieven bieden om te interveniëren, zoals het verwijderen van advertenties. In dergelijke gevallen kan de NVWA volstaan met nalevingshulp aan de aanbieder bijvoorbeeld vlak nadat de advertentie is verwijderd. Is er sprake van herhaling dan kunnen alsnog gegevens worden gevorderd en kan worden opgeschaald in de handhaving.

5. Vervanging

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Deze beleidsregel vervangt het op 1 oktober 2016 vastgestelde Specifiek interventiebeleid dierenwelzijn (IB02-SPEC 02, versie 03). Ten opzichte van versie 03 zijn de wettelijke normen en overtredingsklassen vollediger en eenduidiger geformuleerd. Bestaande regels in de bijlage met meerdere wettelijke normen zijn waar nodig uitgesplitst naar evenzoveel regels. Tenslotte is het hoofddocument en de bijlage ingericht volgens een uniforme opzet, geldend voor alle domeinen.

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als “Specifiek interventiebeleid NVWA dierenwelzijn (IB02-SPEC 02, versie 04)”.

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 september 2020.

Deze beleidsregel wordt in de Staatscourant geplaatst.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

namens deze:

M.A. Ruys

inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

Bijlage bij IB02-SPEC 02, versie 04: tabel Specifiek interventiebeleid NVWA dierenwelzijn

[Regeling vervallen per 03-01-2022]

Norm

Grondslag

Interventie

Doormelding

Normadressaat

Normbeschrijving

Wet- en regelgeving

Afwijking van de norm

Overtredingsklasse

Motivering overtredingsklasse

Interventie bij eerste overtreding

Interventie bij herhaalde overtreding

doormelding cross compliance (in het kader van gemeenschappelijk landbouwbeleid)

Wet Dieren

H.1. § 1. Algemeen

               

Wet Dieren

H.2. § 1. Handelingen met dieren

               

Eenieder

Het is verboden om zonder redelijk doel of met overschrijding van hetgeen ter bereiking van zodanig doel toelaatbaar is, bij een dier pijn of letsel te veroorzaken dan wel de gezondheid of het welzijn van het dier te benadelen.

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Tot de in het eerste lid verboden gedragingen worden in ieder geval gerekend: een dier arbeid doen verrichten die kennelijk zijn krachten te boven gaat of waartoe het uit hoofde van zijn toestand ongeschikt is.

Wet dieren, artikel 2.1, tweede lid, onderdeel a

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Tot de in het eerste lid verboden gedragingen worden in ieder geval gerekend: een koe met overvolle uier vervoeren of op een markt of openbare verkoping ten verkoop houden;

Wet dieren, artikel 2.1, tweede lid, onderdeel b

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Tot de in het eerste lid verboden gedragingen worden in ieder geval gerekend: bij de verlossing van een koe gebruikmaken van dierlijke trekkracht of van een niet daarvoor toegelaten krachttoestel

Wet dieren, artikel 2.1, tweede lid, onderdeel c

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Tot de in het eerste lid verboden gedragingen worden in ieder geval gerekend: een hond als trekkracht gebruiken met uitzondering van de sledehondensport, voor zover toegelaten.

Wet dieren, artikel 2.1, tweede lid, onderdeel d

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Eenieder verleent een hulpbehoevend dier de nodige zorg.

Wet dieren, artikel 2.1, zesde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Eenieder verleent een hulpbehoevend dier de nodige zorg.

Wet dieren, artikel 2.1, zesde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Het is verboden dieren te houden die niet behoren tot door Onze Minister aangewezen diersoorten of diercategorieën.

Wet dieren, artikel 2.2, eerste lid

Regeling houders van dieren, artikel 2.1

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Het is verboden dieren te houden die niet behoren tot door Onze Minister aangewezen diersoorten of diercategorieën.

Wet dieren, artikel 2.2, eerste lid

Regeling houders van dieren, artikel 2.1

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Het is houders van dieren verboden aan deze dieren de nodige verzorging te onthouden.

Wet dieren, artikel 2.2, achtste lid

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Het is verboden dieren te gebruiken met het oog op de productie van dierlijke producten.

Wet dieren, artikel 2.3, eerste lid

Besluit houders van dieren, artikel 2.1

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Het is verboden dieren waarbij een bij artikel 2.8 verboden lichamelijke ingreep is verricht voor de verkoop in voorraad te hebben, voor de verkoop aan te bieden, te verkopen en te kopen.

Wet dieren, artikel 2.7, derde lid.

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Het is verboden dieren waarbij een bij artikel 2.8 verboden lichamelijke ingreep is verricht voor de verkoop in voorraad te hebben, voor de verkoop aan te bieden, te verkopen en te kopen.

Wet dieren, artikel 2.7, derde lid.

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Besluit Houders van Dieren

H.1.Algemeen

§ 1 Algemene bepalingen

               

Eenieder

Het is verboden zich te ontdoen van een dier.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel a

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden een dier te schoppen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel b

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden een dier zodanig te slaan dat dit letsel ten gevolge heeft.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel c

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden een dier te onderwerpen aan een explosieve, bijtende of brandende stof.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel d

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden een dier te weiden op niet beweidbaar land of, anders dan voor korte duur, weiden op slecht beweidbaar land.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel e

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden zich te vervoeren of verplaatsen, zich laten vervoeren of laten verplaatsen of een ander doen vervoeren of doen verplaatsen op een dier of in of op een vervoermiddel dat wordt voortbewogen door een dier, indien dat vervoeren of verplaatsen de krachten van dat dier kennelijk te boven gaat, of indien het dier daartoe kennelijk niet geschikt is.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel f

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden bij het vastbinden of aanlijnen van een dier een voorwerp te gebruiken waarmee het dier door middel van scherpe uitsteeksels pijn kan worden toegebracht.

Besluit houders van dieren, artikel 1.3, onderdeel g

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

Proces-verbaal en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

H.1. § 2 Algemene huisvestings- en verzorgingsnormen

               

Eenieder

De bewegingsvrijheid van een dier wordt niet op zodanige wijze beperkt dat het dier daardoor onnodig lijden of letsel wordt toegebracht.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.1)

Eenieder

De bewegingsvrijheid van een dier wordt niet op zodanige wijze beperkt dat het dier daardoor onnodig lijden of letsel wordt toegebracht.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.1)

Eenieder

Een dier wordt voldoende ruimte gelaten voor zijn fysiologische en ethologische behoeften.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Een dier wordt voldoende ruimte gelaten voor zijn fysiologische en ethologische behoeften.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Een dier wordt, indien het niet in een gebouw wordt gehouden, bescherming geboden tegen slechte weersomstandigheden, gezondheidsrisico’s en zo nodig roofdieren.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.3)

Eenieder

Een dier wordt, indien het niet in een gebouw wordt gehouden, bescherming geboden tegen slechte weersomstandigheden, gezondheidsrisico’s en zo nodig roofdieren.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.3)

Houder van dieren

De houder van een dier dat in een gebouw of kooi wordt gehouden, draagt er zorg voor dat het dier daaruit niet kan ontsnappen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

De houder van een dier dat in een gebouw of kooi wordt gehouden, draagt er zorg voor dat het dier daaruit niet kan ontsnappen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.6, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier wordt verzorgd door een persoon die beschikt over de voor die verzorging nodige kennis en vaardigheden.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel a

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.4)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier wordt verzorgd door een persoon die beschikt over de voor die verzorging nodige kennis en vaardigheden.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel a

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.4)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier slechts onder de hoede wordt gesteld van een persoon die kennelijk tot de verzorging in staat is.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier slechts onder de hoede wordt gesteld van een persoon die kennelijk tot de verzorging in staat is.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier dat ziek of gewond lijkt onmiddellijk op passende wijze wordt verzorgd.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel c

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (13.6)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier dat ziek of gewond lijkt onmiddellijk op passende wijze wordt verzorgd.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel c

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (13.6)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier een toereikende behuizing heeft onder voldoende hygiënische omstandigheden.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel d

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier een toereikende behuizing heeft onder voldoende hygiënische omstandigheden.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel d

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier een voor dat dier toereikende hoeveelheid gezond en voor de soort en de leeftijd geschikt voer krijgt toegediend op een wijze die past bij het ontwikkelingsstadium van het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel e

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.7)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier een voor dat dier toereikende hoeveelheid gezond en voor de soort en de leeftijd geschikt voer krijgt toegediend op een wijze die past bij het ontwikkelingsstadium van het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel e

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.7)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier toegang heeft tot een toereikende hoeveelheid water van passende kwaliteit of op een andere wijze aan zijn behoefte aan water kan voldoen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel f

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.17)

(11.13)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier toegang heeft tot een toereikende hoeveelheid water van passende kwaliteit of op een andere wijze aan zijn behoefte aan water kan voldoen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel f

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.17)

(11.13)

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier voldoende verse lucht of zuurstof krijgt.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel g

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Degene die een dier houdt, draagt er zorg voor dat een dier voldoende verse lucht of zuurstof krijgt.

Besluit houders van dieren, artikel 1.7, onderdeel g

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van dieren

Een ruimte waarin een dier wordt gehouden, wordt voldoende verlicht en verduisterd om aan de ethologische en fysiologische behoeften van het dier te voldoen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (13.15)

Houder van dieren

Een ruimte waarin een dier wordt gehouden, wordt voldoende verlicht en verduisterd om aan de ethologische en fysiologische behoeften van het dier te voldoen.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (13.15)

Houder van dieren

Behuizingen, waaronder begrepen de vloer, waarin een dier verblijft en inrichtingen voor de beschutting voor een dier zijn op zodanige wijze ontworpen, gebouwd en onderhouden dat bij de dieren geen letsel of pijn wordt veroorzaakt en bevatten geen scherpe randen of uitsteeksels waaraan het dier zich kan verwonden.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.13 en 12.19 als het varkens betreft.)

Houder van dieren

Behuizingen, waaronder begrepen de vloer, waarin een dier verblijft en inrichtingen voor de beschutting voor een dier zijn op zodanige wijze ontworpen, gebouwd en onderhouden dat bij de dieren geen letsel of pijn wordt veroorzaakt en bevatten geen scherpe randen of uitsteeksels waaraan het dier zich kan verwonden.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.13 en 12.19 als het varkens betreft.)

Houder van dieren

In de ruimte waarin een dier wordt gehouden, worden geen materialen en, in voorkomend geval, bodemdekking gebruikt die ongeschikt of schadelijk zijn voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren

In de ruimte waarin een dier wordt gehouden, worden geen materialen en, in voorkomend geval, bodemdekking gebruikt die ongeschikt of schadelijk zijn voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren

De materialen in een ruimte waarin een dier wordt gehouden kunnen eenvoudig worden gereinigd en ontsmet.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren

De materialen in een ruimte waarin een dier wordt gehouden kunnen eenvoudig worden gereinigd en ontsmet.

Besluit houders van dieren, artikel 1.8, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

H.1. § 3 Doden van dieren

 

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC72

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC73

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC74

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC75

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC76

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC77

voor alles mbt Doden van dieren, zie IB02-SPEC78

H.1. § 4 Voortplantingstechnieken

               

Houder van dieren

Voortplantingstechnieken worden toegepast op zodanige wijze dat bij het dier niet onnodig pijn, letsel, stress of ander ongerief wordt veroorzaakt.

Besluit houders van dieren, artikel 1.17, eerste lid

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (13.24)

Houder van dieren

Voortplantingstechnieken worden toegepast op zodanige wijze dat bij het dier niet onnodig pijn, letsel, stress of ander ongerief wordt veroorzaakt.

Besluit houders van dieren, artikel 1.17, eerste lid

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.24)

Houder van dieren

Het is verboden sperma te winnen door middel van elektrische prikkeling.

Dit geldt niet voor spermawinning ten behoeve van een door de European Association of Zoos and Aquaria gecoördineerd Europees fokprogramma, mits het dier onder algehele narcose is gebracht en de elektrische prikkeling geschiedt door of onder toezicht van een dierenarts.

Besluit houders van dieren, artikel 1.17 tweede lid

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.24)

Houder van dieren

Het is verboden sperma te winnen door middel van elektrische prikkeling.

Dit geldt niet voor spermawinning ten behoeve van een door de European Association of Zoos and Aquaria gecoördineerd Europees fokprogramma, mits het dier onder algehele narcose is gebracht en de elektrische prikkeling geschiedt door of onder toezicht van een dierenarts.

Besluit houders van dieren, artikel 1.17 tweede lid

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.24)

H.1. § 5 Overige bepalingen

               

Eenieder

Het is verboden bij het vissen in de wateren, bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdelen c en d, van de Visserijwet 1963, levende vissen, amfibieën, reptielen, vogels of zoogdieren als aas te gebruiken.

Besluit houders van dieren, artikel 1.18

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Eenieder

Het is verboden bij het vissen in de wateren, bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdelen c en d, van de Visserijwet 1963, levende vissen, amfibieën, reptielen, vogels of zoogdieren als aas te gebruiken.

Besluit houders van dieren, artikel 1.18

Wet dieren, artikel 2.1, eerste lid

 

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

H.1. § 6 Diergeneeskundige handelingen en diergeneesmiddelen

 

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC03

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC04

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC05

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC06

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC07

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC08

Voor Diergeneesmiddelen & diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC09

H.2. Houden van dieren voor landbouwdoeleinden

§ 2 Algemene huisvestigings- en verzorgingsnormen

 

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Wanneer een dier wordt aangebonden wordt voldoende ruimte gelaten voor fysiologische en ethologische behoeften.

Besluit houders van dieren, artikel 2.3

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.2)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Wanneer een dier wordt aangebonden wordt voldoende ruimte gelaten voor fysiologische en ethologische behoeften.

Besluit houders van dieren, artikel 2.3

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.2)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier wordt verzorgd door een voldoende aantal vakbekwame personen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier wordt verzorgd door een voldoende aantal vakbekwame personen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier dat wordt gehouden in een veehouderijsysteem waar welzijn afhangt van frequente verzorging, wordt tenminste éénmaal per dag gecontroleerd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.5)

(11.6)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier dat wordt gehouden in een veehouderijsysteem waar welzijn afhangt van frequente verzorging, wordt tenminste éénmaal per dag gecontroleerd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.5)

(11.6)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier dat in een ander systeem wordt gehouden dan het systeem, bedoeld in het tweede lid, wordt zo vaak gecontroleerd dat lijden wordt voorkomen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.5)

(11.6)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier dat in een ander systeem wordt gehouden dan het systeem, bedoeld in het tweede lid, wordt zo vaak gecontroleerd dat lijden wordt voorkomen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.5)

(11.6)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een ziek of gewond dier wordt zo nodig afgezonderd in een passend onderkomen dat is voorzien van droog strooisel.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.11)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een ziek of gewond dier wordt zo nodig afgezonderd in een passend onderkomen dat is voorzien van droog strooisel.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.11)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Wanneer de zorg (bedoeld in artikel 1.7, aanhef en onderdeel c) geen verbetering in de toestand van het dier brengt wordt zo spoedig mogelijk een dierenarts geraadpleegd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.6)

(11.6)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Wanneer de zorg (bedoeld in artikel 1.7, aanhef en onderdeel c) geen verbetering in de toestand van het dier brengt wordt zo spoedig mogelijk een dierenarts geraadpleegd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.6)

(11.6)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier krijgt voedsel met tenminste de tussenpozen die bij zijn fysiologische behoeften passen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, zesde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.9)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier krijgt voedsel met tenminste de tussenpozen die bij zijn fysiologische behoeften passen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, zesde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.9)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het toegediende voer en drinken alsmede de wijze van toediening brengen het dier geen onnodig lijden of letsel toe.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, zevende lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.8)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het toegediende voer en drinken alsmede de wijze van toediening brengen het dier geen onnodig lijden of letsel toe.

Besluit houders van dieren, artikel 2.4, zevende lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.8)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier wordt niet permanent in het duister gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.15)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier wordt niet permanent in het duister gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.15)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier wordt niet permanent in kunstlicht gehouden zonder dat dit voor een passende periode wordt uitgeschakeld.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.15)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Een dier wordt niet permanent in kunstlicht gehouden zonder dat dit voor een passende periode wordt uitgeschakeld.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.15)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

In de ruimte waarin het dier wordt gehouden is geschikt kunstlicht aanwezig indien het beschikbare natuurlijke licht niet voldoende is voor de ethologische en fysiologische behoeften van het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.15)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

In de ruimte waarin het dier wordt gehouden is geschikt kunstlicht aanwezig indien het beschikbare natuurlijke licht niet voldoende is voor de ethologische en fysiologische behoeften van het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.15)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

In een ruimte waarin dieren worden gehouden is voldoende verlichting aanwezig voor een grondige controle van die dieren op elk willekeurig tijdstip.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.10)

(11.5)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

In een ruimte waarin dieren worden gehouden is voldoende verlichting aanwezig voor een grondige controle van die dieren op elk willekeurig tijdstip.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.10)

(11.5)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het materiaal dat wordt gebruikt voor de behuizing waarin een dier wordt gehouden is niet schadelijk

voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het materiaal dat wordt gebruikt voor de behuizing waarin een dier wordt gehouden is niet schadelijk

voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het materiaal dat wordt gebruikt voor de behuizing waarin een dier wordt gehouden kan grondig gereinigd en ontsmet worden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het materiaal dat wordt gebruikt voor de behuizing waarin een dier wordt gehouden kan grondig gereinigd en ontsmet worden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.12)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De luchtcirculatie in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De luchtcirculatie in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het stofgehalte van de lucht in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Het stofgehalte van de lucht in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De temperatuur in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De temperatuur in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De relatieve luchtvochtigheid in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De relatieve luchtvochtigheid in de omgeving van het dier is niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De gasconcentraties in de omgeving van het dier zijn niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De gasconcentraties in de omgeving van het dier zijn niet schadelijk voor het dier.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.14)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Indien de gezondheid en het welzijn van een dier afhankelijk is van een kunstmatig ventilatiesysteem, is dat voorzien van een passend noodsysteem waarmee voldoende verse lucht kan worden aangevoerd om de gezondheid en het welzijn van het dier te waarborgen als het hoofdsysteem uitvalt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.16)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Indien de gezondheid en het welzijn van een dier afhankelijk is van een kunstmatig ventilatiesysteem, is dat voorzien van een passend noodsysteem waarmee voldoende verse lucht kan worden aangevoerd om de gezondheid en het welzijn van het dier te waarborgen als het hoofdsysteem uitvalt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.16)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Indien het ventilatiesysteem, uitvalt, treedt een alarmsysteem in werking, dat regelmatig wordt getest.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, zesde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.16)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Indien het ventilatiesysteem, uitvalt, treedt een alarmsysteem in werking, dat regelmatig wordt getest.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, zesde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.16)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Voeder- of drinkinstallaties zijn zo ontworpen, gebouwd en geplaatst dat het gevaar voor verontreiniging van voer en water, alsmede mogelijke schadelijke gevolgen van rivaliteit tussen dieren tot een minimum worden beperkt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, zevende lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.18)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Voeder- of drinkinstallaties zijn zo ontworpen, gebouwd en geplaatst dat het gevaar voor verontreiniging van voer en water, alsmede mogelijke schadelijke gevolgen van rivaliteit tussen dieren tot een minimum worden beperkt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, zevende lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.18)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De in dit artikel bedoelde apparatuur die noodzakelijk is voor de gezondheid en het welzijn van een dier wordt ten minste eenmaal per dag gecontroleerd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, achtste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.19)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De in dit artikel bedoelde apparatuur die noodzakelijk is voor de gezondheid en het welzijn van een dier wordt ten minste eenmaal per dag gecontroleerd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, achtste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.19)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Indien bij de controle, bedoeld in het achtste lid, defecten worden geconstateerd, worden deze onmiddellijk hersteld of, indien herstel niet mogelijk is, worden de nodige maatregelen getroffen om de gezondheid en het welzijn van het dier veilig te stellen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, negende lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.19)

(11.4)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

Indien bij de controle, bedoeld in het achtste lid, defecten worden geconstateerd, worden deze onmiddellijk hersteld of, indien herstel niet mogelijk is, worden de nodige maatregelen getroffen om de gezondheid en het welzijn van het dier veilig te stellen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.5, negende lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.19)

(11.4)

H.2. § 3 Diergeneeskundige handelingen en diergeneesmiddelen

 

Voor overige artikelen mbt Diergeneesmiddelen en Diergeneeskundige handelingen wordt verwezen naar IB02-SPEC03

           

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De houder van een dier houdt een register bij van de verstrekte medische zorg en het bij iedere controle geconstateerde aantal sterfgevallen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.10, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn en/of ernstige ondermijning van het systeem

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.20)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De houder van een dier houdt een register bij van de verstrekte medische zorg en het bij iedere controle geconstateerde aantal sterfgevallen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.10

, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn en/of ondermijning van het systeem

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.20)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden ten minste drie jaar door de houder bewaard.

Besluit houders van dieren, artikel 2.10

, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn en/of ernstige ondermijning van het systeem

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.20)

Houder van dieren voor landbouwdoeleinden

De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden ten minste drie jaar door de houder bewaard.

Besluit houders van dieren, artikel 2.10

, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn en/of ondermijning van het systeem

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (13.20)

H.2. § 4 Houden van varkens voor productie

               

Houder van varkens voor productie

Het is verboden varkens van het ouderdier te scheiden voordat die varkens de leeftijd van 28 dagen hebben bereikt.

Besluit houders van dieren, artikel 1.19 en 1.20, eerste lid, onderdeel l

Wet dieren, artikel 2.2, zevende lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.28)

Houder van varkens voor productie

Het is verboden varkens van het ouderdier te scheiden voordat die varkens de leeftijd van 28 dagen hebben bereikt.

Besluit houders van dieren, artikel 1.19 en 1.20

, eerste lid, onderdeel l

Wet dieren, artikel 2.2, zevende lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.28)

Houder van varkens voor productie

De leeftijd, bedoeld in artikel 2.2, zevende lid, van de wet, voor varkens is 21 dagen, indien de biggen naar gespecialiseerde voorzieningen worden gebracht die volledig worden leeggemaakt en grondig zijn gereinigd en ontsmet voordat een nieuwe groep biggen is binnengebracht, en gescheiden zijn van de voorzieningen waar zeugen zijn gehouden om het overdragen van ziekten op de biggen zo veel mogelijk te beperken.

Besluit houders van dieren, artikel 1.19 en 1.20

, derde lid

Wet dieren, artikel 2.2, zevende lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.28)

Houder van varkens voor productie

De leeftijd, bedoeld in artikel 2.2, zevende lid, van de wet, voor varkens is 21 dagen, indien de biggen naar gespecialiseerde voorzieningen worden gebracht die volledig worden leeggemaakt en grondig zijn gereinigd en ontsmet voordat een nieuwe groep biggen is binnengebracht, en gescheiden zijn van de voorzieningen waar zeugen zijn gehouden om het overdragen van ziekten op de biggen zo veel mogelijk te beperken.

Besluit houders van dieren, artikel 1.19 en 1.20

, derde lid

Wet dieren, artikel 2.2, zevende lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.28)

Houder van varkens voor productie

Gespeende varkens worden in afzonderlijke groepen gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Gespeende varkens worden in afzonderlijke groepen gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Gebruiksvarkens worden in afzonderlijke groepen gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Gebruiksvarkens worden in afzonderlijke groepen gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Gelten en zeugen worden in afzonderlijke groepen gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.5)

Houder van varkens voor productie

Gelten en zeugen worden in afzonderlijke groepen gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.5)

Houder van varkens voor productie

Een groep gespeende varkens wordt uiterlijk één week na het spenen gevormd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Een groep gespeende varkens wordt uiterlijk één week na het spenen gevormd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Een groep gebruiksvarkens wordt gevormd uit varkens afkomstig uit één groep gespeende varkens.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Een groep gebruiksvarkens wordt gevormd uit varkens afkomstig uit één groep gespeende varkens.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Aan een eenmaal gevormde groep gespeende varkens worden geen varkens toegevoegd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Aan een eenmaal gevormde groep gespeende varkens worden geen varkens toegevoegd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Aan een eenmaal gevormde groep gebruiksvarkens worden geen varkens toegevoegd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Aan een eenmaal gevormde groep gebruiksvarkens worden geen varkens toegevoegd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.13, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.10)

Houder van varkens voor productie

Er worden maatregelen getroffen om de agressie in groepen zoveel mogelijk te beperken, waaronder in ieder geval het verstrekken van stro of ander materiaal aan gespeende varkens en gebruiksvarkens.

Besluit houders van dieren, artikel 2.14, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.11)

Houder van varkens voor productie

Er worden maatregelen getroffen om de agressie in groepen zoveel mogelijk te beperken, waaronder in ieder geval het verstrekken van stro of ander materiaal aan gespeende varkens en gebruiksvarkens.

Besluit houders van dieren, artikel 2.14, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.11)

Houder van varkens voor productie

Bij tekenen van ernstige gevechten tussen varkens vindt onmiddellijk onderzoek plaats naar de oorzaken daarvan.

Besluit houders van dieren, artikel 2.14, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.11)

Houder van varkens voor productie

Bij tekenen van ernstige gevechten tussen varkens vindt onmiddellijk onderzoek plaats naar de oorzaken daarvan.

Besluit houders van dieren, artikel 2.14, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.11)

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om een zeug ten behoeve van het zogen van de biggen, tezamen met de biggen, individueel te houden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid onderdeel a

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om een zeug ten behoeve van het zogen van de biggen, tezamen met de biggen, individueel te houden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel a

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om een gelt of zeug individueel te houden:

1. vanaf één week voor het berekende tijdstip van werpen tot het tijdstip van werpen;

2. vanaf het spenen tot en met vier dagen na de dag van natuurlijke dekking of kunstmatige inseminatie.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.5)

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om een gelt of zeug individueel te houden:

1. vanaf één week voor het berekende tijdstip van werpen tot het tijdstip van werpen;

2. vanaf het spenen tot en met vier dagen na de dag van natuurlijke dekking of kunstmatige inseminatie.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.5)

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om gespeende varkens tijdelijk af te zonderen van de groep voor de periode die nodig is:

- voor het om gezondheidsredenen onderzoeken of behandelen van het varken;

- voor identificatie, wassen, ontsmetten of wegen van het varken;

- voor voeropname;

- om de stal te reinigen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel c

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om gespeende varkens tijdelijk af te zonderen van de groep voor de periode die nodig is:

- voor het om gezondheidsredenen onderzoeken of behandelen van het varken;

- voor identificatie, wassen, ontsmetten of wegen van het varken;

- voor voeropname;

- om de stal te reinigen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel c

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om gebruiksvarkens tijdelijk af te zonderen van de groep voor de periode die nodig is:

- voor het om gezondheidsredenen onderzoeken of behandelen van het varken;

- voor identificatie, wassen, ontsmetten of wegen van het varken;

- voor voeropname;

- om de stal te reinigen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel c

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om gebruiksvarkens tijdelijk af te zonderen van de groep voor de periode die nodig is:

- voor het om gezondheidsredenen onderzoeken of behandelen van het varken;

- voor identificatie, wassen, ontsmetten of wegen van het varken;

- voor voeropname;

- om de stal te reinigen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel c

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om gelten of zeugen tijdelijk af te zonderen van de groep voor de periode die nodig is:

- voor het om gezondheidsredenen onderzoeken of behandelen van het varken;

- voor het drachtigheidsonderzoek of het winnen van sperma;

- voor identificatie, wassen, ontsmetten of wegen van het varken;

- voor voeropname;

- om de stal te reinigen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel c

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om gelten of zeugen tijdelijk af te zonderen van de groep voor de periode die nodig is:

1. voor het om gezondheidsredenen onderzoeken of behandelen van het varken;

2. voor het drachtigheidsonderzoek of het winnen van sperma;

3. voor identificatie, wassen, ontsmetten of wegen van het varken;

4. voor voeropname;

5. om de stal te reinigen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel c

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om varkens tijdelijk af te zonderen van de groep indien de varkens buitengewoon agressief zijn of ziek of gewond zijn, dan wel door andere varkens zijn aangevallen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel d

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het is toegestaan om varkens tijdelijk af te zonderen van de groep indien de varkens buitengewoon agressief zijn of ziek of gewond zijn, dan wel door andere varkens zijn aangevallen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, eerste lid

onderdeel d

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Bij een tijdelijke afzondering van agressieve, zieke/gewonde of aangevallen varkens uit de groep beschikken de varkens over voldoende ruimte om zich te kunnen omdraaien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.6)

Houder van varkens voor productie

Bij een tijdelijke afzondering van agressieve, zieke/gewonde of aangevallen varkens uit de groep beschikken de varkens over voldoende ruimte om zich te kunnen omdraaien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.15, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.6)

Houder van varkens voor productie

Stallen waarin varkens worden gehouden zijn op zodanige wijze ingericht dat de varkens:

a. toegang hebben tot een schone en comfortabele ruimte met een adequate waterafvoer, waar alle varkens tegelijk kunnen liggen;

b. kunnen rusten en ongehinderd kunnen opstaan;

c. andere varkens kunnen zien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.16

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Stallen waarin varkens worden gehouden zijn op zodanige wijze ingericht dat de varkens:

a. toegang hebben tot een schone en comfortabele ruimte met een adequate waterafvoer, waar alle varkens tegelijk kunnen liggen;

b. kunnen rusten en ongehinderd kunnen opstaan;

c. andere varkens kunnen zien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.16

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gelten na dekking of zeugen zonder biggen, die in een groep worden gehouden, bedraagt per gelt of zeug ten minste 2,25 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gelten na dekking of zeugen zonder biggen, die in een groep worden gehouden, bedraagt per gelt of zeug ten minste 2,25 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gespeende varkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht tot 15 kg ten minste 0,20 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid onderdeel a

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gespeende varkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht tot 15 kg ten minste 0,20 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid onderdeel a

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gespeende varkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 0,30 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gespeende varkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 0,30 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 0,30 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 0,30 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 30 tot 50 kg ten minste 0,50 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel c

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 30 tot 50 kg ten minste 0,50 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel c

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 50 tot 85 kg ten minste 0,65 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel d

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 50 tot 85 kg ten minste 0,65 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel d

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 0,80 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel e

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 0,80 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel e

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110 kg ten minste 1,0 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel f

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110 kg ten minste 1,0 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel f

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor niet in een groep gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 0,80 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel e

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor niet in een groep gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 0,80 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel e

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor niet in een groep gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110 kg ten minste 1,0 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel f

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare oppervlakte van een stal bestemd voor niet in een groep gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110 kg ten minste 1,0 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, tweede lid, onderdeel f

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.1)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte wordt per gelt of zeug met 10% vergroot indien deze dieren in groepen van minder dan zes varkens worden gehouden: 2,475 m2 (110% x 2,25 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.2)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte wordt per gelt of zeug met 10% vergroot indien deze dieren in groepen van minder dan zes varkens worden gehouden: 2,475 m2 (110% x 2,25 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.2)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte wordt per gelt of zeug met 10% worden verkleind indien deze dieren in groepen van meer dan 40 varkens worden gehouden: 2,025 m2 (90% x 2,25 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.2)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte wordt per gelt of zeug met 10% worden verkleind indien deze dieren in groepen van meer dan 40 varkens worden gehouden: 2,025 m2 (90% x 2,25 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.2)

Houder van varkens voor productie

De in het tweede lid van artikel 2.17 van het Besluit houders van dieren, bedoelde oppervlakte kan per gespeend varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 15 kg, met 10% worden verkleind indien deze dieren in groepen van meer dan 40 varkens worden gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De in het tweede lid van artikel 2.17 van het Besluit houders van dieren, bedoelde oppervlakte kan per gespeend varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 15 kg, met 10% worden verkleind indien deze dieren in groepen van meer dan 40 varkens worden gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De in het tweede lid van artikel 2.17 van het Besluit houders van dieren, bedoelde oppervlakte kan per gebruiksvarken met een gemiddeld gewicht van meer dan 15 kg, met 10% worden verkleind indien deze dieren in groepen van meer dan 40 varkens worden gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De in het tweede lid van artikel 2.17 van het Besluit houders van dieren, bedoelde oppervlakte kan per gebruiksvarken met een gemiddeld gewicht van meer dan 15 kg, met 10% worden verkleind indien deze dieren in groepen van meer dan 40 varkens worden gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.17, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer, tenzij de vloer is bestemd voor gespeende varkens met biggen en niet is vervaardigd van beton.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer, tenzij de vloer is bestemd voor gespeende varkens met biggen en niet is vervaardigd van beton.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer, tenzij de vloer is bestemd voor gespeende varkens of zogende zeugen met biggen en niet is vervaardigd van beton.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de varkens beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer, tenzij de vloer is bestemd voor gespeende varkens of zogende zeugen met biggen en niet is vervaardigd van beton.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de gebruiksvarkens beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de gebruiksvarkens beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de zeugen zonder biggen of gelten beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de zeugen zonder biggen of gelten beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de beren beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De voor de beren beschikbare vloer van een stal bestaat niet geheel uit roostervloer.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Indien de vloer van de in artikel 2.17, eerste lid, bedoelde stal gedeeltelijk uit roostervloer bestaat, bedraagt de oppervlakte van het dichte deel van de voor gelten of zeugen zonder biggen beschikbare vloer per gelt of zeug ten minste 1,3 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Indien de vloer van de in artikel 2.17, eerste lid, bedoelde stal gedeeltelijk uit roostervloer bestaat, bedraagt de oppervlakte van het dichte deel van de voor gelten of zeugen zonder biggen beschikbare vloer per gelt of zeug ten minste 1,3 m2.

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Indien de vloer van een stal bestemd voor gespeende varkens gedeeltelijk uit roostervloer bestaat, bedraagt de oppervlakte van het dichte deel van de vloer per varken met een gemiddeld gewicht tot 15 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,08 m2 (40% x 0,20 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Indien de vloer van een stal bestemd voor gespeende varkens gedeeltelijk uit roostervloer bestaat, bedraagt de oppervlakte van het dichte deel van de vloer per varken met een gemiddeld gewicht tot 15 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,08 m2 (40% x 0,20 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Indien de vloer van een stal bestemd voor gespeende varkens gedeeltelijk uit roostervloer bestaat, bedraagt de oppervlakte van het dichte deel van de vloer per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,12 m2 (40% x 0,30 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Indien de vloer van een stal bestemd voor gespeende varkens gedeeltelijk uit roostervloer bestaat, bedraagt de oppervlakte van het dichte deel van de vloer per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,12 m2 (40% x 0,30 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,12 m2 (40% x 0,30 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 15 tot 30 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,12 m2 (40% x 0,30 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 30 tot 50 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,20 m2 (40% x 0,50 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 30 tot 50 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,20 m2 (40% x 0,50 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 50 tot 85 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,26 m2 (40% x 0,65 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 50 tot 85 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,26 m2 (40% x 0,65 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,32 m2 (40% x 0,80 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,32 m2 (40% x 0,80 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,40 m2 (40% x 1,00 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor gebruiksvarkens bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,40 m2 (40% x 1,00 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor individueel gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,32 m2 (40% x 0,80 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor individueel gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van 85 tot 110 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,32 m2 (40% x 0,80 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor individueel gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,40 m2 (40% x 1,00 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor individueel gehouden gelten of zeugen bedraagt per varken met een gemiddeld gewicht van meer dan 110 kg ten minste 40% van de voorgeschreven beschikbare oppervlakte per varken: 0,40 m2 (40% x 1,00 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt voor een beer jonger dan 12 maanden ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 2,7 m2 (2/3 x 4 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt voor een beer jonger dan 12 maanden ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 2,7 m2 (2/3 x 4 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt voor een beer van 12 maanden tot 18 maanden ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 3,4 m2 (2/3 x 5 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt voor een beer van 12 maanden tot 18 maanden ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 3,4 m2 (2/3 x 5 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt voor een beer van 18 maanden of ouder ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 4,0 m2 (2/3 x 6 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt voor een beer van 18 maanden of ouder ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 4,0 m2 (2/3 x 6 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt ingeval de stal tevens voor het dekken wordt gebruikt ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 6,6 m2 (2/3 x 10 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De oppervlakte van het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer bedraagt ingeval de stal tevens voor het dekken wordt gebruikt ten minste twee derden van de totale oppervlakte: 6,6 m2 (2/3 x 10 m2).

Besluit houders van dieren, artikel 2.18, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Gelten en zeugen worden niet aangebonden gehouden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, eerste lid

 

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.13)

Houder van varkens voor productie

De zijden van de stal waarin een groep gelten en zeugen wordt gehouden, zijn langer dan 2,8 meter. Indien minder dan zes gelten of zeugen in een groep worden gehouden, zijn de zijden van de stal waarin deze groep wordt gehouden langer dan 2,4 meter.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.5)

Houder van varkens voor productie

De zijden van de stal waarin een groep gelten en zeugen wordt gehouden, zijn langer dan 2,8 meter. Indien minder dan zes gelten of zeugen in een groep worden gehouden, zijn de zijden van de stal waarin deze groep wordt gehouden langer dan 2,4 meter.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.5)

Houder van varkens voor productie

In een stal waarin gelten of zeugen zonder biggen in voerligboxen worden gehouden, heeft elk varken de beschikking over een vrije ruimte met een lengte van ten minste 2 meter.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

In een stal waarin gelten of zeugen zonder biggen in voerligboxen worden gehouden, heeft elk varken de beschikking over een vrije ruimte met een lengte van ten minste 2 meter.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Een stal bestemd voor een gelt of een zeug is zodanig ingericht dat achter de gelt of de zeug voldoende vrije ruimte beschikbaar is voor het natuurlijke of het begeleide werpen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.15)

Houder van varkens voor productie

Een stal bestemd voor een gelt of een zeug is zodanig ingericht dat achter de gelt of de zeug voldoende vrije ruimte beschikbaar is voor het natuurlijke of het begeleide werpen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.15)

Houder van varkens voor productie

Een stal bestemd voor een zogende zeug met biggen, waarin de zeug zich vrij kan bewegen en kan omdraaien, is voorzien van een bescherming voor de biggen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.15)

Houder van varkens voor productie

Een stal bestemd voor een zogende zeug met biggen, waarin de zeug zich vrij kan bewegen en kan omdraaien, is voorzien van een bescherming voor de biggen.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.15)

Houder van varkens voor productie

In een stal waarin een zogende zeug met biggen zich niet vrij kan bewegen of omdraaien, beschikken de biggen over voldoende ruimte om ongehinderd te kunnen worden gezoogd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, zesde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.15)

Houder van varkens voor productie

In een stal waarin een zogende zeug met biggen zich niet vrij kan bewegen of omdraaien, beschikken de biggen over voldoende ruimte om ongehinderd te kunnen worden gezoogd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.19, zesde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.15)

Houder van varkens voor productie

Een beer wordt op zodanige wijze gehuisvest dat hij zich kan omdraaien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.16)

Houder van varkens voor productie

Een beer wordt op zodanige wijze gehuisvest dat hij zich kan omdraaien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.16)

Houder van varkens voor productie

Een beer wordt op zodanige wijze gehuisvest dat hij andere varkens kan horen, ruiken en zien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.16)

Houder van varkens voor productie

Een beer wordt op zodanige wijze gehuisvest dat hij andere varkens kan horen, ruiken en zien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.16)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte in een stal bestemd voor een beer bedraagt ten minste:

a. voor een beer jonger dan 12 maanden: 4 m²;

b. voor een beer van 12 maanden tot 18 maanden: 5 m².

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte in een stal bestemd voor een beer bedraagt ten minste:

a. voor een beer jonger dan 12 maanden: 4 m²;

b. voor een beer van 12 maanden tot 18 maanden: 5 m².

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte in een stal bestemd voor een beer bedraagt ten minste:

c. voor een beer van 18 maanden of ouder: 6 m²;

d. ingeval de stal tevens voor het dekken wordt gebruikt: 10 m².

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.17)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte in een stal bestemd voor een beer bedraagt ten minste:

c. voor een beer van 18 maanden of ouder: 6 m²;

d. ingeval de stal tevens voor het dekken wordt gebruikt: 10 m².

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.17)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte in een stal als bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, is voor een beer vrij beschikbaar.

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.17)

Houder van varkens voor productie

De beschikbare oppervlakte in een stal als bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, is voor een beer vrij beschikbaar.

Besluit houders van dieren, artikel 2.20, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.17)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor zeugen zonder biggen en gelten na dekking: ten hoogste 20 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel a

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor zeugen zonder biggen en gelten na dekking: ten hoogste 20 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel a

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor zogende zeugen met biggen: ten hoogste 10 mm bij betonroostervloeren en 12 mm bij andere roostervloeren.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor zogende zeugen met biggen: ten hoogste 10 mm bij betonroostervloeren en 12 mm bij andere roostervloeren.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor gespeende varkens: ten hoogste 14 mm bij betonroostervloeren en 15 mm bij andere roostervloeren.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel c

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor gespeende varkens: ten hoogste 14 mm bij betonroostervloeren en 15 mm bij andere roostervloeren.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel c

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een betonnen roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor gebruiksvarkens ten hoogste 20 mm. Tenzij de stal ná 1 juli 2018 in gebruik genomen is.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel d, in samenhang met artikel 6.10

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een betonnen roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor gebruiksvarkens ten hoogste 20 mm. Tenzij de stal ná 1 juli 2018 in gebruik genomen is.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel d, in samenhang met artikel 6.10

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

 

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor gebruiksvarkens: ten hoogste 18 mm bij betonroostervloeren en 20mm bij andere roostervloeren.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel d

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

 

De spleetbreedte tussen de roosterbalken van een roostervloer is over de gehele oppervlakte van de roostervloer gelijk en bedraagt bij stallen bestemd voor gebruiksvarkens: ten hoogste 18 mm bij betonroostervloeren en 20mm bij andere roostervloeren.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, eerste lid onderdeel d

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De balkbreedte van de roosterbalken van een betonroostervloer bedraagt bij een stal bestemd voor biggen en gespeende varkens ten minste 50 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, tweede lid

onderdeel a

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De balkbreedte van de roosterbalken van een betonroostervloer bedraagt bij een stal bestemd voor biggen en gespeende varkens ten minste 50 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, tweede lid

onderdeel a

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De balkbreedte van de roosterbalken van een betonroostervloer bedraagt bij een stal bestemd voor gebruiksvarkens ten minste 80 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, tweede lid

onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De balkbreedte van de roosterbalken van een betonroostervloer bedraagt bij een stal bestemd voor gebruiksvarkens ten minste 80 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, tweede lid

onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De balkbreedte van de roosterbalken van een betonroostervloer bedraagt bij een stal bestemd voor gelten na dekking en zeugen ten minste 80 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, tweede lid

onderdeel b

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

De balkbreedte van de roosterbalken van een betonroostervloer bedraagt bij een stal bestemd voor gelten na dekking en zeugen ten minste 80 mm.

Besluit houders van dieren, artikel 2.21, tweede lid

onderdeel b

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.4)

Houder van varkens voor productie

Varkens beschikken permanent over voldoende materiaal om te onderzoeken en mee te spelen, bestaande uit stro, hooi, hout, zaagsel, compost van champignons, turf of een mengsel daarvan, of ander geschikt materiaal, voor zover de gezondheid van de dieren daardoor niet in gevaar komt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.20)

Houder van varkens voor productie

Varkens beschikken permanent over voldoende materiaal om te onderzoeken en mee te spelen, bestaande uit stro, hooi, hout, zaagsel, compost van champignons, turf of een mengsel daarvan, of ander geschikt materiaal, voor zover de gezondheid van de dieren daardoor niet in gevaar komt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.20)

Houder van varkens voor productie

Zeugen en gelten beschikken in de laatste week voor het werpen over voldoende en adequaat nestmateriaal, tenzij dit in verband met de op het bedrijf gebruikte mengmestmethode technisch niet uitvoerbaar is.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.20)

Houder van varkens voor productie

Zeugen en gelten beschikken in de laatste week voor het werpen over voldoende en adequaat nestmateriaal, tenzij dit in verband met de op het bedrijf gebruikte mengmestmethode technisch niet uitvoerbaar is.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.20)

Houder van varkens voor productie

Het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer is voorzien van strooisel als bedoeld in het eerste lid van artikel 2.22.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een beer is voorzien van strooisel als bedoeld in het eerste lid van artikel 2.22.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een zogende zeug met biggen is voorzien van strooisel als bedoeld in het eerste lid dan wel bedekt met een rubber mat.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Het dichte deel van de vloer van een stal bestemd voor een zogende zeug met biggen is voorzien van strooisel als bedoeld in het eerste lid dan wel bedekt met een rubber mat.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

Biggen beschikken over een dichte vloer of een vloer bedekt met een rubber mat waarvan de oppervlakte ten minste 0,6 m2 per toom biggen bedraagt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.18)

Houder van varkens voor productie

Biggen beschikken over een dichte vloer of een vloer bedekt met een rubber mat waarvan de oppervlakte ten minste 0,6 m2 per toom biggen bedraagt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.22, vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.18)

Houder van varkens voor productie

De lichtintensiteit in een stal bestemd voor varkens bedraagt verticaal op dierhoogte gemeten ten minste 40 lux gedurende ten minste 8 uur per dag.

Besluit houders van dieren, artikel 2.23, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.21)

Houder van varkens voor productie

De lichtintensiteit in een stal bestemd voor varkens bedraagt verticaal op dierhoogte gemeten ten minste 40 lux gedurende ten minste 8 uur per dag.

Besluit houders van dieren, artikel 2.23, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.21)

Houder van varkens voor productie

In een stal bestemd voor varkens wordt een continue geluidsniveau van 85 dBA of hoger alsmede constant of plotseling lawaai vermeden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.23, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.22)

Houder van varkens voor productie

In een stal bestemd voor varkens wordt een continue geluidsniveau van 85 dBA of hoger alsmede constant of plotseling lawaai vermeden.

Besluit houders van dieren, artikel 2.23, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.22)

Houder van varkens voor productie

Drachtige zeugen en gelten worden zo nodig tegen uitwendige en inwendige parasieten behandeld en worden voordat zij in het kraamhok worden gebracht grondig schoongemaakt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.24

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.23)

Houder van varkens voor productie

Drachtige zeugen en gelten worden zo nodig tegen uitwendige en inwendige parasieten behandeld en worden voordat zij in het kraamhok worden gebracht grondig schoongemaakt.

Besluit houders van dieren, artikel 2.24

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.23)

Houder van varkens voor productie

Indien varkens in een groep worden gehouden en niet ad libitum of via een automatisch individueel voedersysteem worden gevoederd, is de lengte van de rechte trog zodanig dat alle varkens tegelijkertijd kunnen eten. De lengte van de rechte trog bedraagt ten minste 0,30 m per geslachtsrijp varken.

Besluit houders van dieren, artikel 2.25

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.7 en 12.24)

Houder van varkens voor productie

Indien varkens in een groep worden gehouden en niet ad libitum of via een automatisch individueel voedersysteem worden gevoederd, is de lengte van de rechte trog zodanig dat alle varkens tegelijkertijd kunnen eten. De lengte van de rechte trog bedraagt ten minste 0,30 m per geslachtsrijp varken.

Besluit houders van dieren, artikel 2.25

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Ja (12.7 en 12.24)

Houder van varkens voor productie

Varkens worden ten minste eenmaal per dag gevoederd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.26, eerste lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.25)

Houder van varkens voor productie

Varkens worden ten minste eenmaal per dag gevoederd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.26, eerste lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.25)

Houder van varkens voor productie

Varkens ouder dan twee weken beschikken permanent over voldoende vers water.

Besluit houders van dieren, artikel 2.26, tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.26)

Houder van varkens voor productie

Varkens ouder dan twee weken beschikken permanent over voldoende vers water.

Besluit houders van dieren, artikel 2.26, tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.26)

Houder van varkens voor productie

Aan guste en drachtige zeugen en gelten wordt een toereikende hoeveelheid bulk- of vezelrijk en energierijk voer verstrekt om hun honger te verminderen en in de behoefte tot kauwen te voorzien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.26, derde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.27)

Houder van varkens voor productie

Aan guste en drachtige zeugen en gelten wordt een toereikende hoeveelheid bulk- of vezelrijk en energierijk voer verstrekt om hun honger te verminderen en in de behoefte tot kauwen te voorzien.

Besluit houders van dieren, artikel 2.26, derde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (12.27)

Houder van varkens voor productie

De invoer van varkens die vanuit een derde land via Nederland voor het eerst op het grondgebied van de Europese Unie worden gebracht, is slechts toegestaan indien de varkens vergezeld gaan van een geldig certificaat als bedoeld in artikel 9 van richtlijn 2008/120/EG.

Besluit houders van dieren, artikel 2.27

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

Houder van varkens voor productie

De invoer van varkens die vanuit een derde land via Nederland voor het eerst op het grondgebied van de Europese Unie worden gebracht, is slechts toegestaan indien de varkens vergezeld gaan van een geldig certificaat als bedoeld in artikel 9 van richtlijn 2008/120/EG.

Besluit houders van dieren, artikel 2.27

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

nee

H.2. § 6a Houden van kalveren voor productie

               

Houder van kalveren voor productie

1. Een kalf wordt niet aangebonden gehouden.

2. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan om kalveren in groepshokken aan te binden tijdens het voederen van melk of een melkvervangend preparaat voor ten hoogste één uur.

3. Het aanbinden, bedoeld in het tweede lid, vindt plaats met een verbindingsmiddel dat zodanig is ontworpen dat er geen wurging of verwonding bij het kalf optreedt en het kalf zonder problemen kan liggen, rusten, opstaan en zich zonder problemen kan likken.

4. Een verbindingsmiddel als bedoeld in het derde lid wordt regelmatig geïnspecteerd en eventueel bijgesteld om te zorgen dat het gemakkelijk zit.

Besluit houders van dieren, artikel 2.31, eerste, tweede, derde en vierde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

Als structureel wordt tenminste beschouwd: > 5 kalveren of > 10%

Als hierdoor gewond en/ of gewurgd wordt beschouwd als zwaarder

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (11.8)

Houder van kalveren voor productie

1. Een kalf wordt niet aangebonden gehouden.

2. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan om kalveren in groepshokken aan te binden tijdens het voederen van melk of een melkvervangend preparaat voor ten hoogste één uur.

3. Het aanbinden, bedoeld in het tweede lid, vindt plaats met een verbindingsmiddel dat zodanig is ontworpen dat er geen wurging of verwonding bij het kalf optreedt en het kalf zonder problemen kan liggen, rusten, opstaan en zich zonder problemen kan likken.

4. Een verbindingsmiddel als bedoeld in het derde lid wordt regelmatig geïnspecteerd en eventueel bijgesteld om te zorgen dat het gemakkelijk zit.

Besluit houders van dieren, artikel 2.31, eerste, tweede, derde en vierde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (11.8)

Houder van kalveren voor productie

Een kalf wordt niet gemuilkorfd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.31, vijfde lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (11.11)

Houder van kalveren voor productie

Een kalf wordt niet gemuilkorfd.

Besluit houders van dieren, artikel 2.31, vijfde lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (11.11)

Houder van kalveren voor productie

Een kalf ouder dan 8 weken wordt niet in een eenlingbox gehuisvest.

Het eerste lid is niet van toepassing indien een dierenarts heeft bepaald dat een kalf in verband met zijn gezondheid of gedrag moet worden geïsoleerd om te worden behandeld.

Besluit houders van dieren, artikel 2.32, eerste en tweede lid

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (11.16)

Houder van kalveren voor productie

Een kalf ouder dan 8 weken wordt niet in een eenlingbox gehuisvest.

Het eerste lid is niet van toepassing indien een dierenarts heeft bepaald dat een kalf in verband met zijn gezondheid of gedrag moet worden geïsoleerd om te worden behandeld.

Besluit houders van dieren, artikel 2.32, eerste en tweede lid

Licht en incidenteel van aard

C

(Risico op) aantasting dierenwelzijn

Schriftelijke waarschuwing, eventueel nalevingshulp

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

ja (11.16)

Houder van kalveren voor productie

Indien een kalf anders dan in eenlingboxen wordt gehouden, heeft een kalf met een levend gewicht van minder dan 150 kg, de beschikking over ten minste 1,5 m2 vloeroppervlakte.

Besluit houders van dieren, artikel 2.32, derde lid, onderdeel a

Zwaarder en/of meer structureel karakter

B

(Risico op) ernstige aantasting dierenwelzijn

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)

Bestuurlijke boete en eventueel corrigerende interventie(s)