Tijdelijke vrijstelling handdesinfectie COVID-19 2020

Geldend van 12-06-2020 t/m heden

Tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 46, eerste lid van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden inzake desinfectiemiddelen in verband met de uitbraak COVID-19 (Tijdelijke vrijstelling handdesinfectie COVID-19 2020)

De Minister voor Milieu en Wonen,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

Gezien het verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 16 maart 2020 (kenmerk 1663054-203234-PG) tot vrijstelling van het verbod op de distributie en het gebruik van in Nederland toegelaten handdesinfectiemiddelen op basis van de werkzame stoffen alcoholen, waterstofperoxide en natriumhypochloriet, door professionals in de zorg ten behoeve van de bestrijding van infecties ten tijde van de uitbraak van het coronavirus SARS-CoV-2;

Gelet op artikel 46, eerste lid, van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 55 van Verordening (EU) nr. 528/2012;

BESLUIT:

Artikel 1

Ten behoeve van de bestrijding van infecties ten tijde van de uitbraak van het coronavirus SARS-CoV-2 en in verband met de bij deze bestrijding dreigende tekorten van handdesinfectiemiddelen die de werkzaamheden in een bedrijfs- of beroepsmatige omgeving compromitteren ten tijde van deze uitbraak, wordt op grond van:

Artikel 2

Aan de vrijstelling en toestemming, bedoeld in artikel 1, onderdelen a onderscheidenlijk b, zijn de in de bijlage bij dit besluit opgenomen beperkingen en voorschriften verbonden.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op de dag na de datum van plaatsing in de Staatscourant waarin het wordt gepubliceerd en werkt terug tot en met 14 maart 2020.

Dit besluit zal met bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Milieu en Wonen,

S. van Veldhoven-van der Meer

Bijlage bedoeld in artikel 2

De biociden moeten op de Nederlandse markt zijn toegelaten voor menselijke hygiëne, aangebracht op of in contact gebracht met de huid met als hoofddoel deze te desinfecteren (PT01).

De biociden moeten minimaal één van de volgende actieve stoffen bevatten:

  • Alcoholen (minimaal 70%);

  • Waterstofperoxide (minimaal 0,5%); en

  • natriumhypochloriet (minimaal 0,1%).

De biociden mogen alleen verkocht worden aan professionele gebruikers en gebruikt worden in een bedrijfs- of beroepsmatige omgeving.

  1. Producten in deze groep zijn biociden voor menselijke hygiëne, aangebracht op of in contact gebracht met de huid met als hoofddoel deze te desinfecteren (PT 1).

    ^ [1]
Terug naar begin van de pagina