Regeling Brug voor Talent

[Regeling vervalt per 01-01-2025.]
Geldend van 15-02-2020 t/m heden

Regeling Brug voor Talent

Het bestuur van Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie,

gelet op artikel 10, vierde lid van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;

gelet op artikel 4:23, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht;

gelet op het Algemeen Subsidiereglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie;

met goedkeuring van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 5 februari 2020;

besluit:

vast te stellen de Regeling Brug voor Talent.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a) adviescommissie: een externe adviescommissie als bedoeld in het Huishoudelijk Reglement van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;

  • b) Algemeen Subsidiereglement: Algemeen Subsidiereglement Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;

  • c) bestuur: het bestuur van Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;

  • d) cultuurmaker: persoon die in zijn of haar vrije tijd, niet in schoolverband, actief is op het gebied van kunst, e-cultuur, erfgoed of media;

  • e) curriculum: een leer- en onderwijsplan dat de inhoud en doelen van een opleiding of schoolloopbaan beschrijft.

  • f) Fonds: Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;

  • g) kunstvakonderwijs: onderwijs tot uitvoerend, scheppend en toegepast werkend kunstenaar en tot kunstvakdocent aan mbo- of hbo-kunstopleidingen.

  • h) talent: cultuurmaker die over voldoende potentieel beschikt om voor deelname aan het kunstvakonderwijs in aanmerking te komen;

  • i) talentontwikkeling: culturele activiteiten gericht op de identificatie, selectie, begeleiding en ontwikkeling van talent ter voorbereiding op eventuele deelname aan het kunstvakonderwijs.

Artikel 2. Doel

Met deze regeling stimuleert het Fonds de samenwerking, afstemming en aansluiting tussen culturele instellingen en kunstvakopleidingen ter bevordering van een inclusieve talentketen met aandacht voor doorstroom en ontwikkeling van talenten die drempels ervaren op hun route richting kunstvakonderwijs.

Artikel 3. Wie kan aanvragen

Subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd door een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde culturele instelling met rechtspersoonlijkheid zonder winstoogmerk.

Artikel 4. Waarvoor kan worden aangevraagd

  • 1 De aanvrager kan subsidie aanvragen voor een project dat gericht is op versterking van de samenwerking tussen culturele instellingen en het kunstvakonderwijs en dat bijdraagt aan het duurzaam verlagen van drempels binnen de talentketen die een bepaalde groep talenten ervaart.

  • 2 Het project start niet eerder dan 13 weken na indiening van de aanvraag.

  • 3 Projecten starten uiterlijk binnen zes maanden na subsidieverlening.

  • 4 Het project heeft een looptijd van minimaal één jaar en maximaal twee jaar.

Artikel 5. Subsidieplafond

  • 1 Het subsidieplafond bedraagt € 625.000,-.

  • 2 Het bestuur kan de hoogte van het subsidieplafond wijzigen. Wijzigingen worden op de website van het Fonds bekendgemaakt.

Artikel 6. Hoogte van de subsidie

De subsidie bedraagt minimaal € 25.000,- en maximaal € 100.000,- per project.

Artikel 7. Weigeringsgronden

  • 1 Onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt subsidie in ieder geval geweigerd als:

    • a. voor dezelfde activiteiten reeds subsidie is of zal worden verleend door het Fonds of door één van de andere publieke cultuurfondsen;

    • b. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd ten tijde van de aanvraag reeds worden uitgevoerd;

    • c. de aanvraag gericht is op activiteiten die kunnen worden aangemerkt als reguliere of terugkerende activiteiten dan wel redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden uit het reguliere (taakstellings)budget van de aanvrager.

  • 2 Het bestuur kan subsidie weigeren als een aanvrager in voorgaande jaren subsidie van het Fonds heeft ontvangen en niet, of niet geheel, heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

  • 3 Subsidie kan tevens worden geweigerd als het plan niet, of niet voldoende aansluit bij het doel van de regeling.

Artikel 8. Voorwaarden en beperkingen

  • 1 De subsidie bedraagt niet meer dan 50% van de totale voor de subsidie in aanmerking komende projectkosten.

  • 2 De subsidieontvanger draagt aan de kosten van het project minimaal hetzelfde bedrag bij als het gevraagde subsidiebedrag, hetzij uit eigen middelen, hetzij door bijdragen van andere financiers of partners.

  • 3 De hoogte van de subsidie dient in redelijke verhouding te staan tot de activiteiten waarvoor wordt aangevraagd.

  • 4 Slechts direct aan het project gerelateerde kosten komen voor subsidie in aanmerking.

  • 5 De post onvoorzien op de begroting mag niet meer bedragen dan 7% van de totale kosten van het project.

  • 6 Maximaal 10% van de subsidie van het Fonds mag worden ingezet voor materiële investeringen die benodigd zijn voor het project.

Artikel 9. Bijzondere verplichtingen

  • 1 De subsidieontvanger werkt overeenkomstig de principes van de Governance Code Cultuur.

  • 2 De subsidieontvanger is verplicht tot kennisdeling van de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt.

Hoofdstuk 2. Aanvraagprocedures

Artikel 10. Indieningstermijnen

Een aanvraag kan worden ingediend van maandag 17 februari 2020 tot en met vrijdag 9 oktober 2020.

Artikel 11. Indieningsvereisten

  • 1 Een aanvraag wordt ingediend via ons digitaal aanvraagsysteem Mijn Fonds middels een digitaal aanvraagformulier.

  • 2 De aanvraag gaat ten minste vergezeld van een projectplan en een begroting.

  • 3 Een onvolledige aanvraag wordt niet in behandeling genomen, totdat de aanvraag is aangevuld. Het moment waarop de aanvraag volledig is, wordt beschouwd als het moment van het indienen van de aanvraag.

Artikel 12. Beoordelingscriteria

  • 1 Aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:

    • a. Inhoudelijke kwaliteit van het project;

    • b. Organisatorische kwaliteit;

    • c. Duurzame samenwerking tussen de culturele instelling(en) en kunstvakopleiding(en)

  • 2 Om voor subsidie in aanmerking te komen, dient een aanvraag te voldoen aan alle criteria. De toelichting bij deze regeling bevat de wijze waarop de criteria worden beoordeeld.

Artikel 13. Adviescommissie

Het bestuur legt aanvragen die voldoen aan de indieningsvereisten ter advisering voor aan een externe adviescommissie.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 16. Hardheidsclausule

Het bestuur kan in uitzonderlijke gevallen ten gunste van een aanvrager van bepalingen in deze regeling afwijken indien toepassing daarvan leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 18. Begrotingsvoorbehoud

Subsidie wordt verleend onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 19. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag nadat deze in de Staatscourant is gepubliceerd.

  • 2 Deze regeling vervalt met ingang 1 januari 2025. Op bezwaar- en beroepsprocedures die op dat moment nog niet zijn afgerond blijft het bepaalde in deze regeling van toepassing.

Het bestuur van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie,

namens deze,

H.G.G.M. Verhoeven.

directeur-bestuurder

Terug naar begin van de pagina