Beleidsregels bestuurlijke boetes vaste boekenprijs 2019

Geraadpleegd op 01-12-2022.
Geldend van 06-12-2019 t/m heden

Beleidsregels van het Commissariaat voor de Media van 26 november 2019 over bestuurlijke boetes in het kader van de Wet op de vaste boekenprijs (Beleidsregels bestuurlijke boetes vaste boekenprijs 2019)

Het Commissariaat voor de Media,

Gelet op de artikelen 15, 17, 18 en 22 van de Wet op de vaste boekenprijs en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,

Overwegende:

Besluit:

Artikel 1. Definities

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

Artikel 2. Reikwijdte

Deze beleidsregels zijn van toepassing op alle overtredingen waarbij het Commissariaat op basis van de artikelen 17 en 22 van de Wvbp bevoegd is om een bestuurlijke boete op te leggen.

Artikel 3. Hoogte boete overtreding Awb

  • 1 Bij de vaststelling van de hoogte van een bestuurlijke boete wegens overtreding van artikel 5:20, eerste lid, van de Awb neemt het Commissariaat de helft van het boetemaximum van € 4.500 als uitgangspunt. Dit komt neer op een bedrag van € 2.250.

  • 2 Overeenkomstig artikel 8 van deze beleidsregels, neemt het Commissariaat bij de vaststelling van de hoogte van de boete bij overtreding van artikel 5:20, eerste lid, van de Awb eventuele boeteverhogende en -verlagende omstandigheden in aanmerking. Dit kan leiden tot een verhoging of verlaging van het op basis van het eerste lid van dit artikel als uitgangspunt gehanteerde boetebedrag.

Artikel 4. Hoogte boete overtreding Wvbp

Het Commissariaat bepaalt de hoogte van een bestuurlijke boete wegens overtreding van het bepaalde bij of krachtens de Wvbp overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 5 en verder van deze beleidsregels.

Artikel 5. Overtreden norm

  • 2 Andere dan de uitdrukkelijk in het eerste lid van deze bepaling genoemde normen op de naleving waarvan het Commissariaat toeziet en waarvoor het Commissariaat op basis van de Wvbp de bevoegdheid heeft een bestuurlijke boete op te leggen, vallen in beginsel in categorie B.

Artikel 6. Ernst van de overtreding

De ernst van de overtreding in het concrete geval beoordeelt het Commissariaat aan de hand van de relevante omstandigheden van het geval. Het Commissariaat beoordeelt of er in het concrete geval omstandigheden bestaan die ertoe leiden dat het de overtreding als licht (zwaarte I) of als zeer ernstig (zwaarte III) aanmerkt. Bij afwezigheid van dergelijke omstandigheden gaat het Commissariaat uit van een overtreding met zwaarte II.

Artikel 7. Basisboete

  • 1 Bij het bepalen van de hoogte van een bestuurlijke boete in het concrete geval neemt het Commissariaat de toepasselijke basisboete uit onderstaande tabel als uitgangspunt.

  • 2 De basisboete is afhankelijk van de overtreden norm en de ernst van de overtreding in het concrete geval.

  • 3 Het Commissariaat stelt de basisboete vast met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 5 (overtreden norm) en 6 (ernst van de overtreding) van deze beleidsregels.

  • 4 De volgende bedragen gelden als basisboete:

    Tabel 1
     

    Categorie A

    Categorie B

    Zwaarte III

    € 7.500

    € 35.000

    Zwaarte II

    € 3.000

    € 15.000

    Zwaarte I

    € 500

    € 2.500

Artikel 8. Boeteverhogende en -verlagende omstandigheden

  • 1 Bij de vaststelling van de hoogte van de bestuurlijke boete neemt het Commissariaat eventuele boeteverhogende en verlagende omstandigheden in aanmerking. Dit kan leiden tot een verhoging of verlaging van de basisboete.

  • 2 Boeteverhogende omstandigheden zijn onder meer:

    • de omstandigheid dat het Commissariaat reeds eerder eenzelfde of een vergelijkbare door de overtreder begane overtreding heeft vastgesteld;

    • de omstandigheid dat de overtreder in het verleden genoegzaam op de hoogte is gebracht van de toepassing van de regelgeving;

    • de omstandigheid dat sprake is van grove onachtzaamheid of (voorwaardelijk) opzet.

  • 3 Boeteverlagende omstandigheden zijn onder meer:

    • de omstandigheid dat de overtreding heeft plaatsgevonden hoewel de overtreder voorzorgsmaatregelen had getroffen;

    • de omstandigheid dat de overtreder inmiddels adequate maatregelen heeft genomen ter voorkoming van herhaling van de overtreding.

  • 4 Naast de hiervoor vermelde boeteverhogende en -verlagende omstandigheden, kan het Commissariaat ook andere omstandigheden in aanmerking nemen als boeteverhogende of verlagende omstandigheid.

Artikel 9. Afwijking

Indien de uitzonderlijke omstandigheden van het geval hiertoe naar het oordeel van het Commissariaat aanleiding geven, kan het Commissariaat afwijken van de hiervoor, in de artikelen 3 tot en met 8, neergelegde berekeningssystematieken voor de bepaling van de hoogte van een bestuurlijke boete.

Artikel 11. Inwerkingtreding

  • 1 Deze beleidsregels worden bekendgemaakt door kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de internetsite van het Commissariaat (www.cvdm.nl).

  • 2 Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin dit besluit wordt geplaatst.

Artikel 12. Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels bestuurlijke boetes vaste boekenprijs 2019.

Hilversum, 26 november 2019

COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA,

R.H.M. Litjens

voorzitter

J.G.C.M. Buné

commissaris

Naar boven