Regeling subsidiëring Versnellingsprogramma informatie-uitwisseling Langdurige Zorg

[Regeling vervalt per 01-01-2023.]
Geldend van 01-05-2020 t/m heden

Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 17 juli 2019, kenmerk 1550372-190448-LZ, houdende regels voor het subsidiëren van de versnelling van de informatie-uitwisseling in de Langdurige Zorg (Regeling subsidiering Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Langdurige Zorg)

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op de artikelen 3 en 5 van de Kaderwet VWS-subsidies en artikel 1.3 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Artikel 1. Definitiebepaling

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • Dienst van algemeen economisch belang: een dienst als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

  • Dienstverlener Zorgaanbieder (DVZA): de dienstverlener zorgaanbieder levert diensten aan de zorgaanbieder gerelateerd aan de uitwisseling van elektronische gegevens tussen personen en zorgaanbieder en committeert zich hiervoor aan de naleving van de afspraken van het MedMij-afsprakenstelsel.

  • Handboek InZicht: een handboek waarin concreet, gedetailleerd en per module is beschreven hoe de onafhankelijke IT-auditor moet toetsen of een resultaat voldoende is behaald.

  • HL7 Fast Healthcare Interoperability Resources (FHIR): een standaard om digitaal gegevens uit te wisselen binnen en tussen zorginstellingen.

  • ICT-leverancier: producent van een cliëntinformatiesysteem of een systeem bedoeld om de elektronische gegevensuitwisseling van, naar of tussen één of meer van deze systemen te integreren.

  • Informatiestandaard: een verzameling afspraken die leidend is en ervoor moet zorgen dat de zorginformatie met de juiste kwaliteit kan worden vastgelegd, opgevraagd, gedeeld, uitgewisseld en overgedragen.

  • Informatiestandaard Basisgegevens Geestelijke Gezondheidszorg (BgGGZ): informatiestandaard die bestaat uit gegevens die relevant zijn voor uitwisseling met patiënten binnen de Geestelijke Gezondheidszorg via hun persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO).

  • Informatiestandaard Basisgegevens Langdurige Zorg (BgLZ): informatiestandaard die bestaat uit gegevens die relevant zijn voor uitwisseling met patiënten binnen de langdurige zorg via hun persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO).

  • Informatiestandaard eOverdracht: de meest actuele informatiestandaard voor informatie-uitwisseling bij de verpleegkundige overdracht door de zorgketen.

  • MedMij-afsprakenstelsel: de samenhangende set van afspraken, voorzieningen en ingerichte ontwikkel- en beheerprocessen die door de Stichting MedMij wordt beheerd ten behoeve van het veilig uitwisselen van gezondheidsgegevens tussen een zorggebruiker en zorgverleners.

  • Minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

  • Onafhankelijke IT-auditor: een IT-auditor die is ingeschreven in het register van gekwalificeerde IT auditors, het Register EDP-Auditor, dat beheerd wordt door Norea.

  • Ondersteuning: maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 (Wmo 2015).

  • PDF/A: een gestandaardiseerde variant op het PDF-formaat, dat wordt gebruikt voor de uitwisseling van documentgebaseerde, ongestructureerde medische gegevens of gezondheidsinformatie.

  • Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO): een universeel toegankelijk, voor leken begrijpelijk, gebruiksvriendelijk en levenslang hulpmiddel om relevante gezondheidsinformatie te verzamelen, te beheren en te delen, en om regie te kunnen nemen over gezondheid en zorg en om zelfmanagement te ondersteunen via gestandaardiseerde gegevensverzamelingen voor gezondheidsinformatie en geïntegreerde digitale zorgdiensten.

  • Programmabureau: een in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ingericht bureau dat tot doel heeft om ondersteuning te bieden bij aanvragen en monitoren van implementatie.

  • Projectleider: de door het samenwerkingsverband aangewezen persoon die in opdracht werkt van een zorginstelling die zorg verleent op grond van de Wlz of wijkverpleging levert op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw) of de Wmo 2015 en die de andere deelnemers van het samenwerkingsverband vertegenwoordigt.

  • Samenwerkingsverband eOverdracht: een aantal van ten minste drie zorginstellingen die een samenwerkingsovereenkomst hebben getekend, waarvan minimaal twee zorginstellingen zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) of wijkverpleging op grond van de Zvw of de Wmo 2015 verlenen en minimaal één zorginstelling zorg levert op grond van de Zvw, niet zijnde een organisatie die wijkverpleging levert.

  • Zorg: Wlz-zorg en Zvw-zorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg;

  • Zorginformatiebouwsteen (zib): een herbruikbaar blokje informatie dat in verschillende informatiestandaarden kan worden gebruikt en dat nauwkeurig beschrijft wat er over een bepaald item van het zorgproces van de cliënt moet worden vastgelegd.

  • Zorginstelling: privaatrechtelijke rechtspersoon die zorg en/of ondersteuning verleent op grond van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 (Wmo 2015), de Wet langdurige zorg (Wlz) of de Zorgverzekeringswet (Zvw);

  • Zorgprofessional: de medewerker van de zorginstelling die ondersteuning biedt of zorg verleent.

Artikel 2. Subsidiabele activiteiten

  • 1 De minister kan op aanvraag een zorginstelling subsidie verstrekken voor activiteiten ter bevordering van de gegevensuitwisseling tussen zorgprofessionals onderling en tussen zorgprofessional en cliënt door implementatie van de volgende modules:

    • a. de basismodule Ontsluiting naar een PGO;

    • b. de keuzemodule eOverdracht.

  • 2 Activiteiten als bedoeld in het eerste lid, betreffen:

    • a. in het kader van de implementatie van module Ontsluiting naar een PGO:

      • i. Activiteiten die nodig zijn om de gegevensdiensten BgLZ of BgGGZ en PDF/A conform het afsprakenstelsel MedMij te kunnen ontsluiten naar een PGO;

      • ii. Projectmatige activiteiten met betrekking tot het zorgproces, organisatie en borging:

        • projectmatige activiteiten, zoals projectleiding, projectondersteuning en afstemmen van de informatiearchitectuur;

        • kennisverspreiding gericht op de zorgprofessionals over de nieuw ingebouwde technologie;

        • kennisverspreiding gericht op cliënten met als doel het gebruik van een PGO te stimuleren;

        • het aanpassen en herinrichten van zorgprocessen als gevolg van de veranderde gegevensuitwisseling;

        • het aanpassen van de werkwijze van zorgprofessionals als gevolg van de veranderde gegevensuitwisseling;

    • b. in het kader van de implementatie van module eOverdracht:

      • i. Activiteiten die nodig zijn om de informatiestandaard eOverdracht te kunnen versturen, ontvangen en verwerken;

      • ii. Projectmatige activiteiten die betrekking hebben op het zorgproces, organisatie en borging.

        • projectmatige activiteiten, zoals projectleiding, projectondersteuning en opstellen van de informatiearchitectuur;

        • kennisverspreiding gericht op de zorgprofessionals over de nieuw ingebouwde technologie;

        • het aanpassen en herinrichten van zorgprocessen als gevolg van de veranderde gegevensuitwisseling;

        • het aanpassen van de werkwijze van zorgprofessionals als gevolg van de veranderde gegevensuitwisseling.

    • c. activiteiten voor deelnemers van een samenwerkingsverband eOverdracht die bijdragen aan de onderlinge samenwerking.

    • d. activiteiten die worden uitgevoerd door de projectleider van het samenwerkingsverband eOverdracht:

      • het organiseren, agenderen en verslagleggen van overleggen van het samenwerkingsverband;

      • het opstellen van een geïntegreerd plan van aanpak van het samenwerkingsverband aan de hand van de plannen van aanpak van de deelnemende zorginstellingen;

      • het opstellen van de voortgangsrapportage(s) van het samenwerkingsverband aan de hand van de voortgangsrapportages van de deelnemende zorginstellingen.

  • 3 De activiteiten, bedoeld in het tweede lid, zijn aangewezen als diensten van algemeen economisch belang als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Artikel 3. Hoogte van de subsidie

  • 2 Het bedrag voor de werkzaamheden van de projectleider bedraagt maximaal € 25.000 per samenwerkingsverband.

  • 3 Het subsidieplafond voor 2020, 2021 en 2022 bedraagt € 30.000.000,–.

  • 4 De Minister verdeelt het volgens het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 4. Subsidievoorwaarden

  • 1 Indien de zorginstelling reeds subsidie heeft ontvangen voor implementatie van een gedeelte van de zib’s uit de gegevensdiensten BgLZ, BgGGZ of eOverdracht of reeds een aanvraag hiertoe heeft gedaan, kan de zorginstelling uitsluitend subsidie aanvragen voor de implementatie van de resterende zib’s.

  • 2 Een aanvraag voor de module eOverdracht moet worden opgesteld vanuit een samenwerkingsverband.

  • 3 Een aanvraag voor de basismodule Ontsluiting naar een PGO kan alleen worden gedaan door een zorginstelling die zorg levert op grond van de Wlz of wijkverpleging op grond van de Zvw of Wmo 2015.

  • 4 Een zorginstelling die zorg levert op grond van de Wlz of wijkverpleging op grond van de Zvw of Wmo 2015 en die een aanvraag doet voor de module eOverdracht, is verplicht gelijktijdig een aanvraag voor de module Ontsluiting naar een PGO in te dienen, tenzij de zorginstelling al aan de vereiste van de module Ontsluiting naar een PGO voldoet of hier voor de einddatum van de aanvraag van de module eOverdracht aan gaat voldoen door gebruikmaking van een andere regeling.

Artikel 5. Verplichtingen

Op uiterlijk 31 december 2022 is voor de module(s) waarvoor subsidie is aangevraagd het volgende gerealiseerd:

  • 1. Voor de module Ontsluiting naar een PGO:

    • a. Alle elementen van de Informatiestandaard Basisgegevensset Langdurige Zorg (BgLZ) of Basisgegevensset Geestelijke Gezondheidszorg (BgGGZ) dienen ontsloten te zijn naar een PGO;

    • b. Het cliëntinformatiesysteem is opgeleverd aan de subsidieaanvrager met het koppelvlak naar een PGO volgens de BgLZ of de BgGGZ;

    • c. De subsidieaanvrager maakt gebruik van een ICT-infrastructuur om gegevensuitwisseling mogelijk te maken;

    • d. De ingebouwde wijzigingen in het zorginformatiesysteem zijn geschikt gemaakt voor een regelmatige update van de geldende standaarden die Nictiz in beheer heeft;

    • e. De werkprocessen zoals vastgelegd in het plan van aanpak van de subsidieaanvrager zijn ingevoerd;

    • f. Er wordt aan de geldende veiligheidsstandaard voldaan. Zo beschikt de zorgaanbieder(s) over het juist authenticatie niveau, conform het MedMij-afsprakenstelsel;

    • g. Er wordt aan de NEN-norm 7510, 7512, 7513 voldaan.

  • 2. Voor de module eOverdracht:

    • a. De subsidieaanvrager heeft met de betrokken organisaties binnen het samenwerkingsverband op bestuurlijk niveau schriftelijk afspraken gemaakt over het doel van de samenwerking en de financiële kaders;

    • b. De subsidieaanvragers en hun ICT-leveranciers hebben contractuele afspraken gemaakt over de zorginformatiebouwstenen, conform de informatiestandaard eOverdracht;

    • c. De subsidieaanvrager heeft met de betrokken organisaties binnen het samenwerkingsverband afspraken gemaakt op het gebied van het gebruik van infrastructuur over de eOverdracht en de eOverdracht is mogelijk gemaakt;

    • d. De subsidieaanvrager heeft periodiek schriftelijk haar ervaringen over de infrastructuurkeuze gedeeld met VWS;

    • e. De subsidieaanvrager heeft met de betrokken organisaties binnen het samenwerkingsverband afspraken gemaakt met betrekking tot de eOverdracht, conform het functioneel ontwerp van de informatiestandaard eOverdracht;

    • f. De subsidieaanvrager heeft haar werkproces met betrekking tot de eOverdracht ingericht conform het functioneel ontwerp van de informatiestandaard eOverdracht, waarin een aanmeld- en overdrachtsbericht is uitgewerkt;

    • g. De subsidieaanvrager heeft de registratie rondom de verpleegkundige overdracht teruggebracht naar de bron, dus het EPD en/of ECD;

    • h. De subsidieaanvrager heeft de zib’s van de informatiestandaard eOverdracht ingebouwd;

    • i. De subsidieaanvrager moet voor het uitwisselen van de berichten met betrekking tot de eOverdracht gebruik maken van de technische specificaties zoals deze zijn opgesteld bij de informatiestandaard eOverdracht (HL7 FHIR);

    • j. Ten behoeve van de monitoring van de voortgang van de implementatie van de module eOverdracht, dient de zorgaanbieder op verzoek van het programmabureau data aan te leveren over de voortgang.

    • k. Er wordt aan de NEN-norm 7510, 7512, 7513 voldaan.

Artikel 6. Aanvraag tot subsidieverlening

  • 1 De aanvraag tot verlening van een subsidie wordt uiterlijk 1 september 2021 ontvangen.

  • 2 Voor de aanvraag tot verlening van de subsidie wordt gebruik gemaakt van een door de minister vastgesteld aanvraagformulier.

  • 3 De projectleider van het samenwerkingsverband eOverdracht dient alle aanvragen van de afzonderlijke deelnemers gezamenlijk in.

  • 4 Maximaal een zorginstelling kan subsidie aanvragen voor de kosten van de projectleider.

  • 5 In aanvulling op artikel 3.3 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS gaat de aanvraag vergezeld van:

    • a. een analyse en een plan van aanpak. In het geval er sprake is van een samenwerkingsverband, is het voldoende om één overkoepelende analyse en plan van aanpak in te dienen, waarbij de aspecten waarin de deelnemende zorgorganisaties verschillen, duidelijk worden omschreven en toegelicht;

    • b. voor de module PGO: een verklaring van de Stichting MedMij dat de betrokken ICT-leveranciers zijn aangemeld bij de Stichting MedMij als kandidaat-deelnemer in de rol van dienstverlener zorgaanbieder;

    • c. een getekende uitvoeringsovereenkomst voor diensten van algemeen economisch belang;

    • d. een verklaring waarin de zorginstelling aangeeft dat zij voor dezelfde activiteiten niet eerder subsidie heeft ontvangen;

    • e. voor de module eOverdracht: een samenwerkingsovereenkomst die is ondertekend door alle deelnemers uit het samenwerkingsverband.

  • 6 Voor de documenten, bedoeld in het vijfde lid, wordt gebruik gemaakt van de voorgeschreven templates en richtlijnen op de website van DUS-I.

Artikel 7. Tussentijdse rapportage

De zorginstelling brengt halverwege de doorlooptijd van de implementatie inhoudelijk en financieel verslag uit over de voortgang van haar activiteiten aan de minister, tenzij de doorlooptijd korter dan één jaar is.

Artikel 8. Subsidievaststelling

  • 1 Voor de aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

  • 2 In aanvulling op artikel 7.8 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, legt de zorginstelling bij een bedrag boven de € 125.000,– verantwoording af aan de hand van:

    • a. een eindrapportage van de zorginstelling op basis van het door het Programmabureau ontwikkelde format waaruit blijkt of de resultaten door de zorginstelling zijn behaald;

    • b. een IT-audit uitgevoerd door een onafhankelijke IT-auditor volgens het Handboek InZicht toetsingsprocedure, vastgelegd in een rapport van de IT-auditor, waaruit blijkt dat desbetreffende functionaliteiten zijn opgeleverd.

Artikel 8a. Hardheidsclausule

De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 9. Inwerkingtreding en vervaldatum

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin hij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2023.

Artikel 10. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidiëring Versnellingsprogramma informatie-uitwisseling Langdurige Zorg.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden gepubliceerd.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

H.M. de Jonge

Terug naar begin van de pagina