Besluit bijdrage SSO-Noord

Geldend van 20-12-2018 t/m heden

Besluit van 6 december 2018, houdende de grondslag voor en nadere regels omtrent de vaststelling en de betaling van de bijdrage van een zelfstandig bestuursorgaan voor het gebruik van de diensten van Shared Service Organisatie Noord (Besluit bijdrage SSO-Noord)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 5 november 2018, nr. 2018-0000816492;

Handelende in overeenstemming met de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

Gelet op artikel 21b, derde en vierde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 14 november 2018, No.W04.18.0343/I);

Gezien het nader rapport van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 30 november 2018, nr. 2018-0000914482;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • aangesloten bestuursorgaan: zelfstandig bestuursorgaan dat ingevolge een besluit van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als bedoeld in artikel 21a van de Kaderwet gebruik maakt van de voorziening;

  • bijdrage: jaarlijkse bijdrage die aan een aangesloten bestuursorgaan in rekening wordt gebracht voor de kosten voor de instandhouding van de voorziening;

  • Kaderwet: Kaderwet zelfstandige bestuursorganen;

  • Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

  • voorziening: Shared Service Organisatie-Noord te Groningen dat als onderdeel van de Dienst Uitvoering Onderwijs, DUO, in stand wordt gehouden door Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en diensten verleent op het gebied van bedrijfsvoering, waaronder in ieder geval wordt begrepen ICT en inkoop.

Artikel 2

  • 1 Een aangesloten bestuursorgaan verstrekt ieder jaar uiterlijk 31 oktober aan Onze Minister gegevens met betrekking tot het gebruik van de voorziening door dat bestuursorgaan in het volgende jaar.

  • 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een zelfstandig bestuursorgaan dat ingevolge een besluit van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op grond van artikel 21a van de Kaderwet het volgende kalenderjaar gebruik zal maken van de voorziening.

Artikel 3

Onze Minister stelt de bijdrage voor elk aangesloten bestuursorgaan voor aanvang van het jaar waarop deze betrekking heeft vast op basis van rackpositie, stroomverbruik, interconnectiviteit, shared infrastructuur, facilitaire diensten en eventuele aanvullende dienstverlening.

Artikel 4

Bij ministeriële regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de vaststelling en de betaling van het voorschot en de bijdrage.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 november 2015.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Wassenaar, 6 december 2018

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

R.W. Knops

Uitgegeven de negentiende december 2018

De Minister van Justitie en Veiligheid,

F.B.J. Grapperhaus

Terug naar begin van de pagina