Regeling indexering bedragen in de Algemene wet bestuursrecht, enz.

Geldend van 01-01-2019 t/m heden

Regeling van de Minister voor Rechtsbescherming van 14 november 2018, nr. 2406921, tot indexering van bedragen in de Algemene wet bestuursrecht, het Besluit proceskosten bestuursrecht, de Wet griffierechten burgerlijke zaken en de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

Artikel V

  • 3 Artikel 8:41, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht zoals dat lid luidde voor 1 januari 2019 blijft van toepassing als het beroepschrift voor die datum is ontvangen. Als de eerste volzin van toepassing is en na 2018 een ander beroepschrift wordt ontvangen dat gericht is tegen hetzelfde besluit, wordt de eerste volzin ook toegepast op dat andere beroepschrift.

  • 4 Artikel 8:109, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht zoals dat lid luidde voor 1 januari 2019 blijft van toepassing als het hogerberoepschrift voor die datum is ontvangen. Als de eerste volzin van toepassing is en na 2018 een ander hogerberoepschrift wordt ontvangen dat gericht is tegen dezelfde uitspraak, wordt de eerste volzin ook toegepast op dat andere hogerberoepschrift.

  • 5 Artikel 7.67 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek zoals dat artikel luidde voor 1 januari 2019 blijft van toepassing als het beroepschrift voor die datum is ontvangen. Als de eerste volzin van toepassing is en na 2018 een ander beroepschrift wordt ontvangen dat gericht is tegen hetzelfde besluit, wordt de eerste volzin ook toegepast op dat andere beroepschrift.

Artikel VI

Het griffierecht in burgerlijke zaken zoals het gold vóór 1 januari 2019 blijft van toepassing:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 14 november 2018

De Minister voor Rechtsbescherming,

S. Dekker

Terug naar begin van de pagina