Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de belichte productieteelt van tomaten tegen pepinomozaïekvirus, 2018

[Regeling vervallen per 14-08-2018.]
Geldend van 18-05-2018 t/m 13-08-2018

Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit 15 mei 2018, nr. 18089154, houdende tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter bescherming van de belichte productieteelt van tomaten tegen pepinomozaïekvirus (Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de belichte productieteelt van tomaten tegen pepinomozaïekvirus, 2018)

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat;

Gelet op artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van de Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen nr. 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309);

BESLUIT:

Artikel 1

[Vervallen per 14-08-2018]

Tijdelijke vrijstelling als bedoeld in artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 wordt verleend voor het gebruik van V10 (5–25 mg/L VX1 en 5–25 mg/L VC1) ter bescherming van de belichte productieteelt van tomaten tegen pepinomozaïekvirus.

Artikel 2

[Vervallen per 14-08-2018]

De vrijstelling is slechts van toepassing indien de gebruiksvoorschriften in de bijlage bij dit besluit worden nageleefd.

Artikel 3

[Vervallen per 14-08-2018]

Dit besluit treedt in werking op 18 mei 2018 en vervalt op 14 augustus 2018.

Artikel 4

[Vervallen per 14-08-2018]

Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de belichte productieteelt van tomaten tegen pepinomozaïekvirus, 2018.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

namens deze,

R.P. van Brouwershaven

directeur Plantaardige Agroketens en Voedselkwaliteit

Bijlage Wettelijk Gebruiksvoorschrift V10 (5-25 mg/L VX1 en 5-25 mg/L VC1)

[Vervallen per 14-08-2018]

Wettelijk Gebruiksvoorschrift

[Vervallen per 14-08-2018]

Toegestaan is uitsluitend het professionele gebruik als microbiologisch middel door middel van een gewasbehandeling in de volgende toepassingsgebieden (volgens Definitielijst toepassingsgebieden versie 2.0, Ctgb juni 2011) onder de vermelde toepassingsvoorwaarden.

Toepassingsgebied

Type

toepassing

Te bestrijden organisme

Dosering (middel) per toepassing

Maximale dosering (middel) per toepassing

Maximaal aantal toepassingen per teeltcyclus

Veiligheidstermijn in dagen

Tomaat (bedekte belichte productieteelt)

gewasbehandeling door inwrijven, na het planten

Pepinomozaïekvirus

10% (1 L middel per 10 L water)¹

0,8 L/ha

1

14

¹ in combinatie met 15 gram synthetisch zand per 1 L inwrijfvloeistof.

Gewasbehandeling door inwrijven toepassen in 8 L water per ha.

Toepassingsvoorwaarden

[Vervallen per 14-08-2018]

Het middel mag uitsluitend worden toegepast in de bedekte belichte productieteelt van tomaten.

Toepassing van het middel in de opkweek van tomatenplanten is niet toegestaan.

Planten behandeld met V10 mogen niet verplaatst worden naar andere bedrijven, uitgezonderd voor afvalverwerking.

Beschermende handschoenen dragen.

Aanbevelingen

[Vervallen per 14-08-2018]

Algemeen

[Vervallen per 14-08-2018]

V10 is een microbiologisch middel op basis van twee milde varianten van pepinomozaïekvirus (VX1 en VC1). Het product bevat 10–50 mg/L virus. Na vaccinatie van tomatenplanten door middel van het mechanisme cross-protectie zijn deze planten beschermd tegen virulente varianten van pepinomozaïekvirus. De inwrijfbehandeling dient toegepast worden door alle planten individueel in te wrijven. De planten moeten vrij zijn van pepinomozaïekvirus op het moment van behandeling.

Aanbevolen dosis en toediening bij het inwrijven van planten:

[Vervallen per 14-08-2018]

  • Middel goed schudden in jerrycan voordat verdund wordt.

  • Dosering: 0,8 L V10 op 8 L water.

  • Preparaat toevoegen aan koud water (±8 °C), eventueel water alvast een dag van te voren klaarzetten in koelcel.

  • Norm vloeistofverbruik 8 liter per hectare.

  • Verdeel verdund middel in bakjes van ongeveer een 1 L.

  • Elke medewerker die gaat inwrijven neemt een apart bakje en schoon schuursponsje. Bakje aan riem om middel bevestigen.

  • Per bakje synthetisch zand toevoegen (per liter 15 gram). Zorg ervoor dat middel niet buiten het bakje klotst.

  • Doop schoon schuursponsje in vloeistof en wrijf hiermee één deelblad per plant mee in.

  • Zodra er geen vloeistof meer uit sponsje komt, sponsje opnieuw dopen (ongeveer na elke 20 planten).

  • Als het bakje leeg is kan het bijgevuld worden met verdund middel en synthetisch zand.

Attentiepunten:

[Vervallen per 14-08-2018]

  • Onverdund kunt u het virus gebruiken zoals de houdbaarheidsdatum aangeeft. Eénmaal verdund, binnen 6 uur gebruiken.

  • Enkele dagen na het behandelen zijn er kleine sporen zichtbaar op de planten.

Bevat: 10–50 mg/L virusdeeltjes (milde varianten VX1 en VC1 van pepinomozaïekvirus)

De uiterste gebruiksdatum bij bewaring bij temperaturen van –18° C of lager: 6 maanden na productie. Het middel binnen 3 dagen na ontdooien toepassen. Na ontdooien koel bewaren (4–10° C).

Netto hoeveelheid: 5 L.

Veiligheidszinnen:

R42/43:

Kan overgevoeligheid veroorzaken bij inademing of contact met de huid.

S2:

Buiten bereik van kinderen houden.

S13:

Verwijderd houden van eet- en drinkwaren.

S20/21:

Niet eten, drinken of roken tijdens gebruik.

S23:

Spuitnevel niet inademen.

S24:

Aanraking met de huid vermijden.

S37:

Draag geschikte handschoenen.

S42:

Tijdens de ontsmetting/bespuiting een geschikte adembescherming dragen.

SP1:

Zorg ervoor dat u met het product of zijn verpakking geen water verontreinigt.

Terug naar begin van de pagina