Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt, 2017

[Regeling vervallen per 12-04-2018.]
Geldend van 20-12-2017 t/m 11-04-2018

Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 14 december 2017, nr. 17200814, houdende tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt (Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt, 2017)

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Gelet op artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van de Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen nr. 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309);

BESLUIT:

Artikel 1

[Vervallen per 12-04-2018]

Tijdelijke vrijstelling als bedoeld in artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 wordt verleend voor het gebruik van Apollo ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt, Rhizoglyphus robini).

Artikel 2

[Vervallen per 12-04-2018]

De vrijstelling is slechts van toepassing indien de gebruiksvoorschriften in de bijlage bij dit besluit worden nageleefd.

Artikel 3

[Vervallen per 12-04-2018]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt op 12 april 2018.

Artikel 4

[Vervallen per 12-04-2018]

Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt, 2017.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

namens deze,

R.P. van Brouwershaven

directeur Plantaardige Agroketens en Voedselkwaliteit

Bijlage Wettelijk Gebruiksvoorschrift Apollo (8794N)

[Vervallen per 12-04-2018]

Wettelijk Gebruiksvoorschrift

[Vervallen per 12-04-2018]

Het middel is uitsluitend toegelaten als mijtenbestrijdingsmiddel voor het professionele gebruik in de volgende toepassingsgebieden (volgens Definitielijst toepassingsgebieden versie 2.0 Ctgb juni 2011) onder de hierna vermelde toepassingsvoorwaarden.

Toepassingsvoorwaarden:

Toepassings-

gebied

Type toepassing

Te bestrijden organisme

Dosering1 middel per toepassing

Maximale dosering middel per toepassing

Maximaal aantal toepassingen per 12 maanden

Veiligheids

termijn

in dagen

Lelie (m.u.v. bollen t.b.v. bedekte teelt)

Dompelbehandeling

Mijten2

0,078%

(78 ml middel per 100 literwater)

0,55 l/ha

1

1 Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is bij lagere dosering niet beoordeeld.

2 Bollenmijt (Rhizoglyphus robini)

‘Draag geschikte handschoenen bij werkzaamheden aan behandelde bollen en/of knollen.’

Gevoeligheid gewassen:

Gezien het grote aantal variëteiten en verschillende teeltomstandigheden van in het Wettelijk gebruiksvoorschrift genoemde gewassen is het onmogelijk de gewasveiligheid voor alle gewassen onder alle omstandigheden te onderzoeken. De toepasser van dit product zal, indien met een cultivar/variëteit in een groeistadium of onder bepaalde teeltomstandigheden of teeltwijze nog geen eigen ervaring is opgedaan, zelf een proefbespuiting/toepassing op kleine schaal dienen uit te voeren onder de eigen teeltomstandigheden om verantwoordelijkheid voor de gewasveiligheid te kunnen nemen.

Voor bloembollen van lelie kan Apollo zowel in een koude ontsmetting als bij een warmwaterbehandeling worden toegepast.

Resistentiemanagement

[Vervallen per 12-04-2018]

Dit middel bevat de werkzame stof clofentezin. Clofentezin behoort tot de groep van groeiregulatoren voor mijten. De Irac code is 10, subgroep A. Bij dit product bestaat er kans op resistentieontwikkeling. In het kader van resistentiemanagement dient u de adviezen die gegeven worden in de voorlichtingsboodschappen, op te volgen.

Terug naar begin van de pagina