In deze regeling wordt verstaan onder:
-
aantekening OJTI: op het bewijs van bevoegdheid aangebrachte en van dat bewijs deel uitmakende aantekening,
als bedoeld in artikel 18, tweede lid, of artikel 18a, derde lid, van het besluit die aangeeft dat de houder bevoegd is om opleiding op de werkplek en opleiding met
synthetische opleidingstoestellen te geven;
-
aantekening STDI: op het bewijs van bevoegdheid aangebrachte en van dat bewijs deel uitmakende aantekening,
als bedoeld in artikel 18a, derde lid, van het besluit die aangeeft dat de houder bevoegd is om opleiding met synthetische opleidingstoestellen
te geven;
-
assessment: beoordeling overeenkomstig artikel 4, onderdeel 6, van verordening (EU) nr. 2015/340;
-
assessor: persoon met de aantekening assessor of met de op het bewijs van bevoegdheid aangebrachte
en van dat bewijs deel uitmakende aantekening, als bedoeld in artikel 18, tweede lid, of artikel 18a, derde lid, van het besluit die aangeeft dat de houder bevoegd is om de praktische vaardigheden van bedieners
en leerling-bedieners van een luchtvaartstation of vluchtinformatieverstrekkers en
leerling-vluchtinformatieverstrekkers te beoordelen;
-
basisopleiding: theorie- en praktijkopleiding die basiskennis en praktische vaardigheden in verband
met elementaire operationele procedures bijbrengt;
-
bekwaamhedenprogramma voor de eenheid (unit competence scheme): goedgekeurd programma waarin de methode is omschreven waarmee de eenheid de vakbekwaamheden
van de houders van een bewijs van bevoegdheid op peil houdt;
-
besluit:
Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart;
-
eenheidsaantekening: aantekening betreffende de eenheid als bedoeld in artikel 18, tweede lid, of artikel 18a, derde lid van het besluit;
-
examen: formele test overeenkomstig artikel 4, onderdeel 10, van verordening (EU) nr. 2015/340;
-
gecertificeerde opleidingsinstelling: een organisatie die door de minister is gecertificeerd voor het aanbieden van een
of meer opleidingen tot vluchtinformatieverstrekker overeenkomstig de voorschriften
bedoeld in verordening (EU) nr. 2015/340, Bijlage III, Deel ATCO.OR, subdelen A tot
en met D;
-
minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
-
opleiding: geheel van theoretische cursussen, praktijkoefeningen, inclusief simulatie of opleidingen
op de werkplek, dat vereist is voor het verkrijgen en in stand houden van de vereiste
vaardigheden en alsmede de opleiding voor instructeurs of assessors;
-
opleiding voor een bevoegdverklaring: theorie- en praktijkopleiding die de kennis en praktische vaardigheden bijbrengt
voor een bepaalde bevoegdverklaring en, indien van toepassing, een aantekening bij
die bevoegdverklaring;
-
opleiding voor de eenheid: opleiding ter verkrijging van een bewijs van bevoegdheid voor vluchtinformatieverstrekker
of bediener van een luchtvaartstation, een bevoegdverklaring, en indien van toepassing
een aantekening bij die bevoegdverklaring alsmede de aantekening betreffende de eenheid
met inbegrip van een overgangsopleiding voorafgaand aan een opleiding op de werkplek;
-
opleiding op de werkplek: fase van de opleiding overeenkomstig artikel 4, onderdeel 15, van verordening (EU)
nr. 2015/340;
-
part-task trainer (PTT): synthetisch opleidingstoestel overeenkomstig artikel 4, onderdeel 17, van verordening
(EU) nr. 2015/340;
-
simulator: synthetisch opleidingstoestel overeenkomstig artikel 4, onderdeel 25, van verordening
(EU) nr. 2015/340;
-
synthetisch opleidingstoestel (STD): ieder type toestel waarbij operationele omstandigheden worden nagebootst overeenkomstig
artikel 4, onderdeel 26, van verordening (EU) nr. 2015/340;
-
voortgezette opleiding: training gericht op het handhaven van de geldigheid van de bevoegdverklaringen en
aantekeningen, bestaande uit herhalingsopleidingen en conversieopleidingen.
-
3 In aanvulling op de in het eerste lid bedoelde typen opleidingen kunnen bedieners
van luchtvaartstations of vluchtinformatieverstrekkers één of meer van de volgende
opleidingen volgen:
-
a. de opleiding voor praktijkinstructeurs, die leidt tot de afgifte, verlenging of vernieuwing
van de aantekening OJTI of de aantekening STDI;
-
b. de opleiding voor assessor, die leidt tot de afgifte, verlenging of vernieuwing van
de aantekening voor assessor.
Op de onder a en b bedoelde opleidingen is het tweede lid van overeenkomstige toepassing.
-
2 De opleiding voor een bevoegdverklaring bevat theorie- en praktijkopleiding die de
kennis en praktische vaardigheden bijbrengt voor een bepaalde bevoegdverklaring en,
indien van toepassing, een aantekening bij de bevoegdverklaring.
-
3 Indien niet binnen 1 jaar na het met goed gevolg doorlopen van de in het eerste en
tweede lid genoemde opleiding wordt gestart met de opleiding voor de eenheid mag pas
worden begonnen met een opleiding voor de eenheid in het kader van die bevoegdverklaring
nadat de opleidingsorganisatie die de relevante opleiding heeft verzorgd, heeft beoordeeld
of de aanvrager nog voldoet aan de voor de bevoegdverklaring relevante vereisten en
nadat de aanvrager heeft voldaan aan eventueel uit die beoordeling voortvloeiende
opleidingsvereisten.
-
4 De houder van een bevoegdverklaring die gedurende een direct voorafgaande periode
van vier of meer achtereenvolgende jaren de rechten van die bevoegdverklaring niet
heeft uitgeoefend, kan pas beginnen met een opleiding voor de eenheid in het kader
van die bevoegdverklaring nadat de opleidingsorganisatie die de relevante opleidingen
heeft verzorgd, heeft beoordeeld of de houder nog voldoet aan de vereisten voor die
bevoegdverklaring en nadat de houder heeft voldaan aan eventueel uit die beoordeling
voortvloeiende opleidingsvereisten.
De aanvrager voor de aantekening betreffende de taalvaardigheid bedoeld in artikel 18, tweede lid, onderdeel d, en artikel 18a, derde lid, onderdeel e, van het besluit toont ten overstaande van
een instelling die een op grond van artikel 22, eerste lid, een taalvaardigheidsbeoordeling aanbiedt aan dat hij:
-
1. doeltreffend communiceert zowel in situaties waarbij alleen de stem hoorbaar is (telefoon/radiotelefoon)
als in face-to-face gesprekken;
-
2. accuraat en duidelijk communiceert over algemene, concrete en werkgerelateerde onderwerpen;
-
3. passende communicatiestrategieën gebruikt om boodschappen uit te wisselen en om misverstanden
in het algemeen en in de werksituatie te herkennen en op te lossen;
-
4. met goed gevolg en redelijk gemak de taalproblemen oplost die optreden wanneer zich
complicaties of onverwachte gebeurtenissen voordoen in een gewone werksituatie of
bij de uitvoering van een communicatieve taak waarmee hij vertrouwd is; en
-
5. een taalvariant of accent gebruikt waarmee hij verstaanbaar is voor de luchtvaartgemeenschap.
§ 2. Afgifte, verlenging en vernieuwing
-
1 Een ASO onderscheidenlijk een FISO wordt verstrekt aan een ieder die blijkens een
door een assessor afgenomen en schriftelijk vastgelegd assessment met goed gevolg
een opleiding heeft gevolgd overeenkomstig een door de minister goedgekeurd opleidingenplan
en die voldoet aan de eisen, bedoeld in paragraaf 3 onderscheidenlijk paragraaf 4.
-
7 Bij verlenging van de eenheidsaantekening vóór de in het zesde lid bedoelde periode,
begint de geldigheidsperiode uiterlijk dertig dagen na de datum waarop de beoordeling
met succes is voltooid, mits tevens is voldaan aan de vereisten, bedoeld in het derde
lid, onderdelen a en b.
-
8 Als een eenheidsaantekening vervalt, voltooit de houder van een ASO onderscheidenlijk
een FISO de opleiding voor een eenheidsaantekening met succes om de aantekening te
vernieuwen, overeenkomstig de vereisten, bedoeld in artikel 8 onderscheidenlijk artikel 13, waarbij een reeds goedgekeurde opleiding voor een eenheidsaantekening mag worden
aangepast om in voorkomende gevallen rekening te houden met de bevoegdverklaringen
of aantekeningen bij bevoegdverklaringen en ervaring van de houder.
§ 3. Goedkeuring van opleidingenplannen voor het ASO
In het opleidingenplan onderscheidenlijk de opleidingenplannen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, worden de volgende gegevens opgenomen:
-
a. een beschrijving van de inrichting en organisatie van de opleiding;
-
b. een beschrijving van de inhoud en de minimumduur van de opleiding en van de door de
aanbieder van de opleiding toe te passen opleidingenmethoden;
-
c. een beschrijving van het proces voor theorie- en bekwaamheidsbeoordeling van de kandidaten
van de opleiding;
-
d. de methode voor het vastleggen van de resultaten van de opleiding.
Een opleidingenplan ten behoeve van de basisopleiding voor een ASO bevat in elk geval:
-
a. een theorie- en praktijkopleiding die basiskennis en praktische vaardigheden in verband
met elementaire operationele procedures bijbrengt overeenkomstig de eisen bedoeld
in bijlage 1;
-
b. een syllabus en de prestatiedoelstellingen.
Een opleidingenplan ten behoeve van de opleiding voor een bevoegdverklaring voor een
ASO bevat in elk geval:
-
a. de onderwerpen, thema's en subthema's van ten minste één van de volgende bevoegdverklaringen,
bedoeld in artikel 18, eerste lid, van het besluit:
-
1. ADR (Aerodrome) overeenkomstig de eisen bedoeld in bijlage 2;
-
2. TOW (Towing) overeenkomstig de eisen bedoeld in bijlage 3;
-
3. GCO (Ground Communications Officer) overeenkomstig de eisen bedoeld in bijlage 4;
-
4. DIS (Display) overeenkomstig de eisen bedoeld in bijlage 5;
-
5. OFS (Offshore) overeenkomstig de eisen bedoeld in bijlage 6.
-
b. de praktijkopleiding die de praktische vaardigheden in verband met de operationele
procedures bijbrengt.
Een opleidingenplan ten behoeve van de opleiding voor de eenheid voor een ASO bevat
in elk geval:
-
a. een syllabus en de prestatiedoelstellingen;
-
b. een theorieopleiding die bedoeld is voor het bijbrengen van kennis en begrip van locatiespecifieke
operationele procedures en taakspecifieke aspecten;
-
c. een training in operationele procedures en taakspecifieke aspecten.
-
1 Een voortgezette opleiding voor een ASO bestaat uit een herhalings- en, indien overeenkomstig
het derde lid vereist, conversiecursussen, en wordt gegeven volgens de vereisten van
het bekwaamhedenprogramma voor de eenheid.
-
3 Indien uit een veiligheidsbeoordeling van de luchtverkeersdienstverleningsorganisatie
waarbinnen de bediener van een luchtvaartstation werkzaam is blijkt dat wijzigingen
in de operationele omgeving nieuwe kennis en vaardigheden noodzakelijk maken, ontwikkelt
de opleidingsorganisatie een conversiecursus overeenkomstig de voorschriften bedoeld
in verordening (EU) nr. 2015/340, bijlage I, artikel ATCO.D.085.
§ 4. Goedkeuring van opleidingenplannen voor het FISO
Een opleidingenplan ten behoeve van de opleiding voor een bevoegdverklaring voor een
FISO bevat in elk geval:
-
a. de onderwerpen, thema's en subthema's van ten minste één van de volgende bevoegdverklaringen,
bedoeld in artikel 18a, eerste lid, van het besluit:
-
b. praktijkopleiding die de praktische vaardigheden in verband met de operationele procedures
bijbrengt.
Een opleidingenplan ten behoeve van de opleiding voor de eenheid voor een FISO bevat
in elk geval:
-
a. een syllabus en de prestatiedoelstellingen;
-
b. een theorieopleiding die bedoeld is voor het bijbrengen van kennis en begrip van locatiespecifieke
operationele procedures en taakspecifieke aspecten;
-
c. training in operationele procedures en taak specifieke aspecten.
Op de goedkeuring van opleidingsplannen voor het FISO zijn de artikelen 5 en 10 van overeenkomstige toepassing.
§ 5. Goedkeuring van opleidingenplannen voor praktijkinstructeurs en assessors
§ 6. Certificering van opleidingsinstellingen voor het FISO
De minister kan op aanvraag een opleidingsinstelling voor de opleiding tot vluchtinformatieverstrekker,
die een opleiding als bedoeld in de artikelen 11 tot en met 14 en artikel 16 aanbiedt, certificeren indien de aanvrager:
-
a. haar hoofdzetel of maatschappelijke zetel in Nederland heeft, en
-
b. voldoet aan de eisen overeenkomstig bijlage III, subdelen A tot en met D, bij verordening
(EU) nr. 2015/340.
-
1 Wanneer de opleidingsinstelling gedurende de geldigheidstermijn van de certificering
niet meer aan de eisen, bedoeld in artikel 18, onderdeel b, kan voldoen, stelt zij de minister hier onmiddellijk van in kennis.
§ 7. Goedkeuring beoordelingsprocedures taalvaardigheid
§ 8. Afgifte en verlenging aantekening betreffende de taalvaardigheid
§ 9. Vereisten voor instructeur en assessor
Een praktijkopleiding worden uitsluitend gegeven door houders van een ASO of FISO
met een aantekening voor instructeur voor opleidingen op de werkplek of een aantekening
voor synthetische opleidingstoestellen.
-
1 De houder van een aantekening OJTI is bevoegd tot het geven van praktijkopleiding
en het uitoefenen van de supervisie over operationele werkplekken waarvoor hij of
zij een geldige aantekening betreffende de eenheid heeft, en op synthetische opleidingstoestellen
voor bevoegdverklaringen die hij of zij zelf heeft.
-
4 Onverminderd het derde lid, onderdeel a, kan met ieder type bevoegdverklaring de basisopleiding
worden gegeven en mag een houder van een aantekening STDI in het kader van een opleiding
voor een bevoegdverklaring opleiding geven voor specifieke en geselecteerde operationele
taken indien hij of zij houder is van een bevoegdverklaring die relevant is voor die
specifieke en geselecteerde operationele taak.
-
5 Voor assessments ten behoeve van de afgifte en vernieuwing van een eenheidsaantekening,
alsmede om toezicht op de operationele werkomgeving zeker te stellen, beschikt de
assessor tevens over een aantekening voor instructeur voor opleidingen op de werkplek
of is een instructeur voor opleidingen op de werkplek met de voor de beoordeling relevante
geldige eenheidsaantekening aanwezig.
§ 10. Aanvraag voor een aantekening voor instructeur en assessor
De aanvrager van een aantekening OJTI heeft:
-
a. een ASO of FISO met een geldige eenheidsaantekening;
-
b. gedurende een periode van minimaal twee jaar onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag
de rechten verbonden aan een ASO of FISO uitgeoefend. De minister kan deze periode
op verzoek van de aanvrager inkorten tot niet minder dan een jaar, en
-
c. in het jaar onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag met succes een cursus praktische
instructietechnieken voltooid, waarbij de vereiste kennis en pedagogische vaardigheden
zijn aangeleerd en deze adequaat zijn beoordeeld.
De aanvrager van een aantekening STDI heeft:
-
a. gedurende ten minste twee jaar de rechten van een ASO of FISO uitgeoefend, ongeacht
de bevoegdverklaring, en
-
b. in het jaar onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag met succes een cursus praktische
instructietechnieken voltooid waarbij de vereiste kennis en pedagogische vaardigheden
zijn aangeleerd, met gebruik van theoretische en praktische methoden, en deze adequaat
zijn beoordeeld.
De aanvrager van een aantekening assessor heeft:
-
a. de rechten verbonden aan een ASO of FISO gedurende minimaal twee jaar uitgeoefend,
en
-
b. in het jaar onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag met succes een cursus assessor
voltooid waarbij de vereiste kennis en vaardigheden zijn aangeleerd, met gebruik van
theoretische en praktische methoden, en deze adequaat zijn beoordeeld.
§ 11. Verlenging van een aantekening voor instructeur of assessor
-
1 De houder van de aantekening OJTI kan deze laten verlengen door met succes de herhalingscursus
praktische instructievaardigheden te voltooien tijdens de geldigheidsperiode van de
aantekening, mits wordt voldaan aan de vereisten van artikel 29, onderdelen a en b.
-
2 Indien een aantekening voor instructeur voor opleidingen op de werkplek is verlopen,
kan de houder de aantekening laten vernieuwen door
in het jaar voorafgaand aan de aanvraag voor vernieuwing, mits wordt voldaan aan de
vereisten van artikel 29, onderdelen a en b:
-
4 Indien niet wordt voldaan aan de vereisten van artikel 29, onderdelen a en b, kan de aantekening voor instructeur voor opleidingen op de werkplek worden ingewisseld
voor een aantekening voor synthetische opleidingstoestellen, mits naleving van de
vereisten bedoeld in artikel 33, eerste en tweede lid, is gewaarborgd.
§ 12. Tijdelijke machtiging voor instructeur of assessor
-
1 De minister kan, indien naleving van de vereisten bedoeld in artikel 26, tweede lid, onderdeel b, niet mogelijk is, een tijdelijke machtiging als instructeur voor opleidingen op
de werkplek verlenen.
-
3 De in het eerste lid bedoelde tijdelijke bevoegdheid als instructeur voor opleidingen
op de werkplek is beperkt tot de opleiding die nodig is in verband met een uitzonderlijke
situatie en is geldig gedurende maximaal één jaar of, indien dit korter is, tot de
vervaldatum van de aantekening OJTI die is afgegeven overeenkomstig artikel 29.
-
1 De minister kan, indien niet aan het vereiste bedoeld in artikel 28, vierde lid, onderdeel a, kan worden voldaan, toestaan dat de houder van een aantekening assessor, die is
afgegeven overeenkomstig artikel 31, de in artikel 28, tweede lid, onderdeel b, genoemde beoordelingen uitvoert in het
geval van buitengewone omstandigheden of om de onafhankelijkheid van de beoordeling
te garanderen, op voorwaarde dat voldaan is aan de vereisten in het tweede en derde
lid.
-
2 In het geval van buitengewone omstandigheden moet de houder van de aantekening assessor
gedurende een onmiddellijk voorafgaande periode van ten minste één jaar ook houder
zijn van een eenheidsaantekening met de bijbehorende bevoegdverklaring en, indien
van toepassing, de aantekening bij de bevoegdverklaring, die relevant is voor de beoordeling.
De machtiging is beperkt tot de beoordelingen die nodig zijn om de buitengewone omstandigheden
te dekken en mag niet langer geldig zijn dan één jaar of de geldigheidsperiode van
de overeenkomstig artikel 31 afgegeven, aantekening assessor, indien deze minder lang is.
-
3 Om de onafhankelijkheid van de beoordeling om redenen van terugkerende aard te garanderen,
moet de houder van de aantekening assessor gedurende een onmiddellijk voorafgaande
periode van ten minste één jaar ook houder zijn van een eenheidsaantekening met de
bijbehorende bevoegdverklaring en, indien van toepassing, de aantekening bij de bevoegdverklaring,
die relevant is voor de beoordeling. De geldigheidsperiode van de machtiging wordt
door de Minister vastgesteld, maar mag niet langer zijn dan de geldigheid van de overeenkomstig
artikel 31 afgegeven aantekening assessor.
§ 13. Handhaven vakbekwaamheid
De methode waarmee de vakbekwaamheden van de houders van bewijzen van bevoegdheid
per eenheid op peil wordt gehouden wordt vastgesteld in een door de minister goed
te keuren bekwaamhedenprogramma voor de eenheid, dat in elk geval de volgende elementen
bevat:
Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van deze regeling en daarbij de beschikking
krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijk karakter kent of redelijkerwijs
moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift
ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding
daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht
of uit zijn taak bij de uitvoering van deze regeling de noodzaak tot bekendmaking
voortvloeit.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2018.
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid
bedieners van luchtvaartstations en vluchtinformatieverstrekkers.
Bijlage 1. als bedoeld in artikel 6, onderdeel a, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De basis opleiding voor het ASO bevat ten minste de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS ASO
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – REGELS EN PROCEDURES
Subthema LAW 1.1 – Taken en bevoegdheden van de bediener van een luchtvaartstation
Subthema LAW 1.2 – Wet- en regelgeving
Bijlage 2. als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onder 1°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring ADR bevat ten minste de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: METEOROLOGIE
ONDERWERP 4: NAVIGATIE
ONDERWERP 5: LUCHTVAARTUIGEN
ONDERWERP 6: COMMUNICATIE
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS ASO/ADR
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – REGELS EN PROCEDURES
Subthema LAW 1.1 – Taken en bevoegdheden van de luchthaveninformatieverstrekker
Subthema LAW 1.2 – Meeteenheden
Subthema LAW 1.3 – Overzicht luchtverkeersdiensten
Subthema LAW 1.4 – Luchtverkeersregels
Subthema LAW 1.5 – Luchtruim en ATS-routes algemeen
Subthema LAW 1.6 – Hoogtemeting en niveau toewijzing
Subthema LAW 1.7 – Luchthavens inrichting en uitrusting algemeen
ONDERWERP 3: METEOROLOGIE
THEMA MET 1 – INLEIDING TOT METEOROLOGIE
Subthema MET 1.1 – Luchtvaart en meteorologie
Subthema MET 1.2 – Organisatie van de meteorologische dienst
THEMA MET 2 – METEOROLOGISCHE VERSCHIJNSELEN
Subthema MET 2.1 – Wolken
Subthema MET 2.2 – Neerslagtypes
Subthema MET 2.3 – Zicht
Subthema MET 2.4 – Wind
Subthema MET 2.5 – Meteorologische gevaren
THEMA MET 3 – METEOROLOGISCHE INFORMATIE VOOR DE LUCHTVAART
Subthema MET 3.1 – Berichten en rapporteringen
ONDERWERP 4: NAVIGATIE
THEMA NAV 1 – KAARTEN EN LUCHTVAARTKAARTEN
Subthema NAV 1.2 – In de luchtvaart gebruikte kaarten
THEMA NAV 2 – INSTRUMENTNAVIGATIE
Subthema NAV 2.1 – Systemen op de grond
Subthema NAV 2.2 – Satellietgebaseerde systemen
Subthema NAV 2.3 – Instrumentnaderingsprocedures
ONDERWERP 5: LUCHTVAARTUIGEN
THEMA ACFT 1 – PRESTATIEGEGEVENS IN ONGEBRUIKELIJKE SITUATIES
Subthema ACFT 1.1 – Herkennen van ongebruikelijke situaties
THEMA ACFT 2 – FACTOREN DIE VAN INVLOED ZIJN OP DE PRESTATIES VAN LUCHTVAARTUIGEN
Subthema ACFT 2.1 – Factoren tijdens het opstijgen
Subthema ACFT 2.2 – Factoren tijdens de eindnadering en landing
THEMA ACFT 3 – LUCHTVAARTUIGGEGEVENS
Subthema ACFT 3.1 – Herkenning
THEMA ACFT 4 – ASPECTEN DIE DE OPERATIE KUNNEN BEINVLOEDEN
Subthema ACFT 4.1 – Start- en landingsbaan geassocieerde items
ONDERWERP 6: COMMUNICATIE
THEMA COM 1 – VOICE COMMUNICATIE
Subthema COM 1.1 – Kennis van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.2 – Bediening van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.3 – Radiotelefonie
Bijlage 3. als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onder 2°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring TOW bevat ten minste de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: METEOROLOGIE
ONDERWERP 4: COMMUNICATIE
ONDERWERP 1:INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS ASO/TOW
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – REGELS EN PROCEDURES
Subthema LAW 1.1 – Taken en bevoegdheden van de Tow Controller
Subthema LAW 1.3 – Taken en bevoegdheden TWR luchtverkeersleider
Subthema LAW 1.4 – Luchthaveninrichting, uitrusting, lay-out en procedures
Subthema LAW 1.5 – Werkinstructies en regelingen
Subthema LAW 1.6 – Coördinatie met luchtverkeersleidingseenheid
Subthema LAW 1.7 – Bijzondere procedures en omstandigheden
ONDERWERP 3: METEOROLOGIE
THEMA MET 1 – METEOROLOGISCHE INFORMATIE VOOR DE LUCHTVAART
Subthema MET 1.1 – Berichten en rapporteringen
ONDERWERP 4: COMMUNICATIE
THEMA COM 1 – VOICE COMMUNICATIE
Subthema COM 1.1 – Kennis van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.2 – Bediening van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.3 – Radiotelefonie
Bijlage 4. als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onder 3°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring GCO bevat ten minste de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: COMMUNICATIE
ONDERWERP 1:INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS GCO
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – REGELS EN PROCEDURES
Subthema LAW 1.1 – Taken en bevoegdheden van de Ground Communications Officer
Subthema LAW 1.3 – Overzicht luchtverkeersdiensten
Subthema LAW 1.4 – Luchtverkeersregels
Subthema LAW 1.5 – Luchtruim en ATS-routes algemeen
Subthema LAW 1.6 – Hoogtemeting en niveau toewijzing
Subthema LAW 1.7 – ATC klaringen, instructies en inhoud van de berichten
ONDERWERP 3: COMMUNICATIE
THEMA COM 1 – VOICE COMMUNICATIE
Subthema COM 1.1 – Kennis van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.2 – Bediening van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.3 – Radiotelefonie
Bijlage 5. als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onder 4°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring DIS bevat ten minste de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: METEOROLOGIE
ONDERWERP 4: NAVIGATIE
ONDERWERP 5: LUCHTVAARTUIGEN
ONDERWERP 6: COMMUNICATIE
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS ASO/DIS
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – REGELS EN PROCEDURES
Subthema LAW 1.1 – Taken en bevoegdheden van de verstrekker van informatie aan luchtverkeer
dat deelneemt aan een luchtvaartvertoning
Subthema LAW 1.2 – Meeteenheden
Subthema LAW 1.3 – Overzicht luchtverkeersdiensten
Subthema LAW 1.4 – Luchtverkeersregels
Subthema LAW 1.5 – Luchtruim en ATS-routes algemeen
Subthema LAW 1.6 – Hoogtemeting en niveau toewijzing
Subthema LAW 1.7 – Vertoningterrein inrichting en uitrusting algemeen en vertoninggebied
Subthema LAW 1.8 – Kennis van plaatselijke omstandigheden en locatiespecifieke operationele
procedures
Subthema LAW 1.9 – ATC klaringen, instructies en inhoud van de berichten
Subthema LAW 1.10 – Coördinatie met luchtverkeersleidingseenheden
ONDERWERP 3: METEOROLOGIE
THEMA MET 1 – INLEIDING TOT METEOROLOGIE
Subthema MET 1.1 – Luchtvaart en meteorologie
Subthema MET 1.2 – Organisatie van de meteorologische dienst
THEMA MET 2 – METEOROLOGISCHE VERSCHIJNSELEN
Subthema MET 2.1 – Wolken
Subthema MET 2.2 – Neerslagtypes
Subthema MET 2.3 – Zicht
Subthema MET 2.4 – Wind
Subthema MET 2.5 – Meteorologische gevaren
THEMA MET 3 – METEOROLOGISCHE INFORMATIE VOOR DE LUCHTVAART
Subthema MET 3.1 – Berichten en rapporteringen
ONDERWERP 4: NAVIGATIE
THEMA NAV 1 – KAARTEN EN LUCHTVAARTKAARTEN
Subthema NAV 1.2 – In de luchtvaart gebruikte kaarten
ONDERWERP 5: LUCHTVAARTUIGEN
THEMA ACFT 1 – PRESTATIEGEGEVENS IN ONGEBRUIKELIJKE SITUATIES
Subthema ACFT 1.1 – Herkennen van ongebruikelijke situaties
THEMA ACFT 2 – FACTOREN DIE VAN INVLOED ZIJN OP DE PRESTATIES VAN LUCHTVAARTUIGEN
Subthema ACFT 2.1 – Factoren tijdens het opstijgen
Subthema ACFT 2.2 – Factoren tijdens de eindnadering en landing
THEMA ACFT 3 – LUCHTVAARTUIGGEGEVENS
Subthema ACFT 3.1 – Herkenning
THEMA ACFT 4 – ASPECTEN DIE DE OPERATIE KUNNEN BEINVLOEDEN
Subthema ACFT 4.1 – Start- en landingsbaan geassocieerde items
ONDERWERP 6: COMMUNICATIE
THEMA COM 1 – VOICE COMMUNICATIE
Subthema COM 1.1 – Kennis van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.2 – Bediening van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.3 – Radiotelefonie
Bijlage 6. als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onder 5°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring OFS bevat de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: COMMUNICATIE
ONDERWERP 1:INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS ASO/OFS
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – REGELS EN PROCEDURES
Subthema LAW 1.1 – Taken en bevoegdheden van de OFS radio operator
Subthema LAW 1.2 – Introductie luchtverkeersdiensten en FIC-dienstverlening
Subthema LAW 1.3 – Luchtruim Noordzee, HTZ/HPZ, HMRs
Subthema LAW 1.4 – FIC werkgebied, frequenties
Subthema LAW 1.5 – Vluchtinformatiedienst
Subthema LAW 1.6 – Alarmeringsdienst
Subthema LAW 1.7 – Procedures op lage hoogtes
Subthema LAW 1.8 – Overtijd acties
ONDERWERP 3: COMMUNICATIE
THEMA COM 1 – VOICE COMMUNICATIE
Subthema COM 1.1 – Kennis van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.2 – Bediening van de communicatiemiddelen
Subthema COM 1.3 – Radiotelefonie
Bijlage 7. als bedoeld in artikel 12, onderdeel a, onder 1°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring ADR bevat de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: LUCHTVERKEERSBEHEER
ONDERWERP 4: METEOROLOGIE
ONDERWERP 5: NAVIGATIE
ONDERWERP 6: LUCHTVAARTUIGEN
ONDERWERP 7: MENSELIJKE FACTOREN
ONDERWERP 8: APPARATUUR EN SYSTEMEN
ONDERWERP 9: PROFESSIONELE OMGEVING
ONDERWERP 10: UITZONDERLIJKE EN NOODSITUATIES
ONDERWERP 11: LUCHTHAVENS
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS LUCHTVERKEERSLEIDER
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – FISO-VERGUNNING/BEKWAAMHEIDSCERTIFICAAT
Subthema LAW 1.1 – Rechten en voorwaarden
THEMA LAW 2 – REGELS EN REGLEMENTEN
Subthema LAW 2.1 – Verslagen
Subthema LAW 2.2 – Luchtruim
ONDERWERP 3: LUCHTVERKEERSBEHEER
THEMA ATM 1 – DIENSTVERLENING
Subthema ATM 1.1 – Luchtverkeersleidingdienst
Subthema ATM 1.2 – (Luchthaven) Vluchtinformatiedienst ((A)FIS)
Subthema ATM 1.3 – Alarmeringsdienst (ALRS)
Subthema ATM 1.4 – Capaciteit van het systeem voor luchtverkeersdiensten en beheer
van de luchtverkeersstromen
THEMA ATM 2 – COMMUNICATIE
Subthema ATM 2.1 – Effectieve communicatie
THEMA ATM 3 – VERKEERSKLARINGEN EN LUCHTVERKEERSLEIDINGSINSTRUCTIES
Subthema ATM 3.1 – Verkeersklaringen
Subthema ATM 3.2 – Luchtverkeersleidingsinstructies
THEMA ATM 4 – COÖRDINATIE
Subthema ATM 4.1 – Behoefte aan coördinatie
Subthema ATM 4.2 – Coördinatie-instrumenten en -methoden
Subthema ATM 4.3 – Coördinatieprocedures
THEMA ATM 5 – HOOGTEMETING EN NIVEAUTOEWIJZING
Subthema ATM 5.1 – Hoogtemeting
THEMA ATM 6 – SEPARATIE
Subthema ATM 6.1 – Separatie tussen vertrekkende luchtvaartuigen
Subthema ATM 6.2 – Separatie tussen landende luchtvaartuigen en voorafgaande landende
of vertrekkende luchtvaartuigen
Subthema ATM 6.3 – Tijdsgebaseerde longitudinale zogturbulentieseparatie Subthema
ATM 6.4 – Verminderde separatieminima
THEMA ATM 7 – SYSTEMEN VOOR HET VERMIJDEN VAN BOTSINGEN IN DE LUCHT EN VEILIGHEIDSNETTEN
OP DE GROND
Subthema ATM 7.1 – Systemen voor het vermijden van botsingen in de lucht Subthema
ATM 7.2 – Veiligheidsnetten op de grond
THEMA ATM 8 – GEGEVENSWEERGAVE
Subthema ATM 8.1 – Gegevensbeheer
THEMA ATM 9 – OPERATIONELE OMGEVING (GESIMULEERD)
Subthema ATM 9.1 – Integriteit van de operationele omgeving
Subthema ATM 9.2 – Verificatie van de geldigheid van de operationele procedures
Subthema ATM 9.3 – Overdracht-overname
THEMA ATM 10 – VERLENING VAN EEN PLAATSELIJKE LUCHTVERKEERSLEIDINGSDIENST
Subthema ATM 10.1 – Verantwoordelijkheid voor de dienstverlening
Subthema ATM 10.2 – Functies van een plaatselijke verkeerstoren
Subthema ATM 10.3 – Verkeersbeheersprocedure
Subthema ATM 10.4 – Luchtvaartgrondlichten
Subthema ATM 10.5 – Informatie aan luchtvaartuigen door een plaatselijke verkeerstoren
Subthema ATM 10.6 – Leiding van luchthavenverkeer
Subthema ATM 10.7 – Leiding van verkeer in het verkeerscircuit
Subthema ATM 10.8 – Baan in gebruik
ONDERWERP 4: METEOROLOGIE
THEMA MET 1 – METEOROLOGISCHE VERSCHIJNSELEN
Subthema MET 1.1 – Meteorologische verschijnselen
THEMA MET 2 – BRONNEN VAN METEOROLOGISCHE GEGEVENS
Subthema MET 2.1 – Meteorologische instrumenten
Subthema MET 2.2 – Andere bronnen van meteorologische gegevens
ONDERWERP 5: NAVIGATIE
THEMA NAV 1 – KAARTEN EN LUCHTVAARTKAARTEN
Subthema NAV 1.1 – Kaarten en luchtvaartkaarten
THEMA NAV 2 – INSTRUMENTNAVIGATIE
Subthema NAV 2.1 – Navigatiesystemen
Subthema NAV 2.2 – Gestabiliseerde nadering
ONDERWERP 6: LUCHTVAARTUIGEN
THEMA ACFT 1 – LUCHTVAARTUIGINSTRUMENTEN
Subthema ACFT 1.1 – Luchtvaartuiginstrumenten
THEMA ACFT 2 – CATEGORIEËN LUCHTVAARTUIGEN
Subthema ACFT 2.1 – Zogturbulentie
THEMA ACFT 3 – FACTOREN DIE VAN INVLOED ZIJN OP DE PRESTATIES VAN LUCHTVAARTUIGEN
Subthema ACFT 3.1 – Factoren tijdens het opstijgen
Subthema ACFT 3.2 – Factoren tijdens het klimmen
Subthema ACFT 3.3 – Factoren tijdens de eindnadering en landing
Subthema ACFT 3.4 – Economische factoren
Subthema ACFT 3.5 – Omgevingsfactoren
THEMA ACFT 4 – LUCHTVAARTUIGGEGEVENS
Subthema ACFT 4.1 – Herkenning van types luchtvaartuigen
Subthema ACFT 4.2 – Prestatiegegevens
ONDERWERP 7: MENSELIJKE FACTOREN
THEMA HUM 1 – PSYCHOLOGISCHE FACTOREN
Subthema HUM 1.1 – Cognitief
THEMA HUM 2 – MEDISCHE EN FYSIOLOGISCHE FACTOREN
Subthema HUM 2.1 – Vermoeidheid
Subthema HUM 2.2 – Fitheid
THEMA HUM 3 – SOCIALE EN ORGANISATORISCHE FACTOREN
Subthema HUM 3.1 – Team resource management (TRM)
Subthema HUM 3.2 – Teamwerk en teamrollen
Subthema HUM 3.3 – Verantwoordelijk gedrag
THEMA HUM 4 – STRESS
Subthema HUM 4.1 – Stress
Subthema HUM 4.2 – Stressbeheer
THEMA HUM 5 – MENSELIJKE FOUTEN
Subthema HUM 5.1 – Menselijke fouten
Subthema HUM 5.2 – Schending van regels
THEMA HUM 6 – SAMENWERKING
Subthema HUM 6.1 – Communicatie
Subthema HUM 6.2 – Samenwerking binnen hetzelfde verantwoordelijkheidsgebied
Subthema HUM 6.3 – Samenwerking binnen verschillende verantwoordelijkheidsgebieden
Subthema HUM 6.4 – Samenwerking tussen luchtverkeersleiders en piloten
ONDERWERP 8: APPARATUUR EN SYSTEMEN
THEMA EQPS 1 – MONDELINGE COMMUNICATIE
Subthema EQPS 1.1 – Radiocommunicatie
Subthema EQPS 1.2 – Andere mondelinge communicatie
THEMA EQPS 2 – AUTOMATISERING VAN LUCHTVERKEERSLEIDING
Subthema EQPS 2.1 – Vast telecommunicatienetwerk voor de luchtvaart (Aeronautical
fixed telecommunication network, AFTN)
Subthema EQPS 2.2 – Automatische gegevensuitwisseling
THEMA EQPS 3 – WERKPLEK VAN DE LUCHTVERKEERSLEIDER
Subthema EQPS 3.1 – Werking en monitoring van apparatuur
Subthema EQPS 3.2 – Situatiebeeldschermen en informatiesystemen
Subthema EQPS 3.3 – Systemen voor vluchtgegevens
THEMA EQPS 4 – TOEKOMSTIGE APPARATUUR
Subthema EQPS 4.1 – Nieuwe ontwikkelingen
THEMA EQPS 5 – BEPERKINGEN EN VERSLECHTERING VAN APPARATUUR EN SYSTEMEN
Subthema EQPS 5.1 – Reactie op beperkingen
Subthema EQPS 5.2 – Verslechtering van communicatieapparatuur
Subthema EQPS 5.3 – Verslechtering van navigatieapparatuur
ONDERWERP 9: PROFESSIONELE OMGEVING
THEMA PEN 1 – VERTROUWDMAKING
Subthema PEN 1.1 – Studiebezoek aan luchtvaartterrein
THEMA PEN 2 – LUCHTRUIMGEBRUIKERS
Subthema PEN 2.1 – Bijdragers tot civiele activiteiten op het gebied van luchtverkeersdiensten
Subthema PEN 2.2 – Bijdragers tot militaire activiteiten op het gebied van luchtverkeersdiensten
THEMA PEN 3 – KLANTENBETREKKINGEN
Subthema PEN 3.1 – Dienstverlening en gebruikersbehoeften
THEMA PEN 4 – MILIEUBESCHERMING
Subthema PEN 4.1 – Milieubescherming
ONDERWERP 10: UITZONDERLIJKE EN NOODSITUATIES
THEMA ABES 1 – ABNORMALE EN NOODSITUATIES (ABES)
Subthema ABES 1.1 – Overzicht van ABES
THEMA ABES 2 – VERBETERING VAN VAARDIGHEDEN
Subthema ABES 2.1 – Effectieve communicatie
Subthema ABES 2.2 – Vermijden van geestelijke overbelasting
Subthema ABES 2.3 – Lucht/grond-samenwerking
THEMA ABES 3 – PROCEDURES VOOR ABNORMALE EN NOODSITUATIES
Subthema ABES 3.1 – Toepassing van ABES-procedures
Subthema ABES 3.2 – Radio-uitval
Subthema ABES 3.3 – Wederrechtelijke daden en bomdreigingen tegen luchtvaartuigen
Subthema ABES 3.4 – Afgedwaalde of niet-geïdentificeerde luchtvaartuigen Subthema
ABES 3.5 – Runway incursion
ONDERWERP 11: LUCHTHAVENS
THEMA AGA 1 – LUCHTHAVEN GEGEVENS, LAYOUT EN COÖRDINATIE
Subthema AGA 1.1 – Definities
Subthema AGA 1.2 – Coördinatie
THEMA AGA 2 – BEWEGINGSGEBIED
Subthema AGA 2.1 – Bewegingsgebied (Movement area)
Subthema AGA 2.2 – Landingsterrein (Manoeuvring area)
Subthema AGA 2.3 – Banen
THEMA AGA 3 – OBSTAKELS
Subthema AGA 3.1 – Obstakelvrij luchtruim rond luchthavens
THEMA AGA 4 – DIVERSE APPARATUUR
Subthema AGA 4.1 – Locatie
Bijlage 8. als bedoeld in artikel 12, onderdeel a, onder 2°, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
De opleiding voor de bevoegdverklaring AER bevat de volgende onderwerpen:
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
ONDERWERP 3: LUCHTVERKEERSBEHEER
ONDERWERP 4: METEOROLOGIE
ONDERWERP 5: NAVIGATIE
ONDERWERP 6: LUCHTVAARTUIGEN
ONDERWERP 7: MENSELIJKE FACTOREN
ONDERWERP 8: APPARATUUR EN SYSTEMEN
ONDERWERP 9: PROFESSIONELE OMGEVING
ONDERWERP 10: UITZONDERLIJKE EN NOODSITUATIES
ONDERWERP 1: INLEIDING TOT DE OPLEIDING
THEMA INTR 1 – BEHEER VAN DE CURSUS
Subthema INTR 1.1 – Inleiding tot de cursus
Subthema INTR 1.2 – Administratie
Subthema INTR 1.3 – Studiemateriaal en opleidingsdocumentatie
THEMA INTR 2 – INLEIDING TOT DE CURSUS AER
Subthema INTR 2.1 – Inhoud en organisatie van de cursus
Subthema INTR 2.2 – Opleidingsethos
Subthema INTR 2.3 – Beoordelingsprocedure
ONDERWERP 2: LUCHTVAARTRECHT
THEMA LAW 1 – BEWIJS VAN BEVOEGDHEID FISO
Subthema LAW 1.1 – Rechten en voorwaarden
THEMA LAW 2 – REGELS EN REGLEMENTEN
Subthema LAW 2.1 – Verslagen
Subthema LAW 2.2 – Luchtruim
THEMA LAW 3 – VEILIGHEIDSMANAGEMENT VAN DE LUCHTVERKEERSDIENSTVERLENER
Subthema LAW 3.1 – Feedbackprocedure
Subthema LAW 3.2 – Veiligheidsonderzoek
ONDERWERP 3: LUCHTVERKEERSBEHEER
THEMA ATM 1 – DIENSTVERLENING
Subthema ATM 1.1 – Vluchtinformatiedienst (FIS)
Subthema ATM 1.2 – Alarmeringsdienst (ALRS)
THEMA ATM 2 – COMMUNICATIE
Subthema ATM 2.1 – Effectieve communicatie
THEMA ATM 3 – VERKEERSKLARINGEN
Subthema ATM 3.1 – Verkeersklaringen doorgeven
THEMA ATM 4 – COÖRDINATIE
Subthema ATM 4.1 – Noodzaak tot coördinatie
Subthema ATM 4.2 – Coördinatie-instrumenten en -methoden
Subthema ATM 4.3 – Coördinatieprocedures
THEMA ATM 5 – HOOGTEMETING EN NIVEAUTOEWIJZING
Subthema ATM 5.1 – Hoogtemeting
Subthema ATM 5.2 – Hoogtemarge boven obstakels
THEMA ATM 6 – AIRBORNE COLLISION AVOIDANCE SYSTEMS
Subthema ATM 6.1 – Airborne collision avoidance systems
THEMA ATM 7 – OPERATIONELE OMGEVING (GESIMULEERD)
Subthema ATM 7.1 – Integriteit van de operationele omgeving
Subthema ATM 7.2 – Verificatie van de geldigheid van de operationele procedures
Subthema ATM 7.3 – Overdracht-overname
THEMA ATM 8 – VERLENING VAN VLUCHTINFORMATIE
Subthema ATM 8.1 – Verantwoordelijkheid en verwerking van informatie
Subthema ATM 8.2 – Verkeersafhandeling
ONDERWERP 4: METEOROLOGIE
THEMA MET 1 – METEOROLOGISCHE VERSCHIJNSELEN
Subthema MET 1.1 – Meteorologische verschijnselen
THEMA MET 2 – BRONNEN VAN METEOROLOGISCHE GEGEVENS
Subthema MET 2.1 – Bronnen van meteorologische gegevens
ONDERWERP 5: NAVIGATIE
THEMA NAV 1 – KAARTEN EN LUCHTVAARTKAARTEN
Subthema NAV 1.1 – Kaarten en luchtvaartkaarten
THEMA NAV 2 – INSTRUMENTNAVIGATIE
Subthema NAV 2.1 – Navigatiesystemen
Subthema NAV 2.2 – Navigatie assistentie
ONDERWERP 6: LUCHTVAARTUIGEN
THEMA ACFT 1 – LUCHTVAARTUIGINSTRUMENTEN
Subthema ACFT 1.1 – Luchtvaartuiginstrumenten
THEMA ACFT 2 – CATEGORIEËN LUCHTVAARTUIGEN
Subthema ACFT 2.1 – Zogturbulentie
THEMA ACFT 3 – FACTOREN DIE VAN INVLOED ZIJN OP DE PRESTATIES VAN LUCHTVAARTUIGEN
Subthema ACFT 3.1 – Factoren tijdens het klimmen
Subthema ACFT 3.2 – Factoren tijdens de kruisvlucht
Subthema ACFT 3.3 – Dalingsfactoren
Subthema ACFT 3.4 – Economische factoren
Subthema ACFT 3.5 – Omgevingsfactoren
THEMA ACFT 4 – LUCHTVAARTUIGGEGEVENS
Subthema ACFT 4.1 – Prestatiegegevens
ONDERWERP 7: MENSELIJKE FACTOREN
THEMA HUM 1 – INFORMATIEVERWERKING
Subthema HUM 1.1 – Cognitie en factoren die daarop van invloed zijn
Subthema HUM 1.2 – Situationeel bewustzijn
Subthema HUM 1.3 – Het nemen van beslissingen
THEMA HUMB 2 – FACTOREN DIE VAN INVLOED ZIJN OP GEZONDHEID EN WELZIJN
Subthema HUM 2.1 – Vermoeidheid
Subthema HUM 2.2 – Stress
THEMA HUMB 3 – TEAMWERK
Subthema HUM 3.1 – Voordelen van teamwerk
Subthema HUM 3.2 – Conflictbeheer
THEMA HUMB 4 – SYSTEEM
Subthema HUM 4.1 – Concept van systemen in ATM/ANS
THEMA HUMB 5 – COMMUNICATIE
Subthema HUM 5.1 – Effectieve communicatie
Subthema HUM 5.2 – Effectieve feedback
ONDERWERP 8: APPARATUUR EN SYSTEMEN
THEMA EQPS 1 – MONDELINGE COMMUNICATIE
Subthema EQPS 1.1 – Radiocommunicatie
Subthema EQPS 1.2 – Andere mondelinge communicatie
THEMA EQPS 2 – AUTOMATISERING VAN LUCHTVERKEERSDIENSTVERLENING
Subthema EQPS 2.1 – Vast telecommunicatienetwerk voor de luchtvaart (Aeronautical
fixed telecommunication network, AFTN)
Subthema EQPS 2.2 – Automatische gegevensuitwisseling
THEMA EQPS 3 – WERKPLEK VAN DE VLUCHTINFORMATIEVERSTREKKER
Subthema EQPS 3.1 – Werking en monitoring van apparatuur
Subthema EQPS 3.2 – Situatiebeeldschermen en informatiesystemen
Subthema EQPS 3.3 – Systemen voor vluchtgegevens
THEMA EQPS 4 – BEPERKINGEN EN VERSLECHTERING VAN APPARATUUR EN SYSTEMEN
Subthema EQPS 4.1 – Reactie op beperkingen
Subthema EQPS 4.2 – Verslechtering van communicatieapparatuur
ONDERWERP 9: PROFESSIONELE OMGEVING
THEMA PEN 1 – VERTROUWDMAKING
Subthema PEN 1.1 – Studiebezoek aan een algemeen luchtverkeersleidingscentrum
THEMA PEN 2 – LUCHTRUIMGEBRUIKERS
Subthema PEN 2.1 – Bijdragers tot civiele activiteiten op het gebied van luchtverkeersdiensten
Subthema PEN 2.2 – Bijdragers tot militaire activiteiten op het gebied van luchtverkeersdiensten
THEMA PEN 3 – KLANTENBETREKKINGEN
Subthema PEN 3.1 – Dienstverlening en gebruikersbehoeften
THEMA PEN 4 – MILIEUBESCHERMING
Subthema PEN 4.1 – Milieubescherming
ONDERWERP 10: UITZONDERLIJKE EN NOODSITUATIES
THEMA ABES 1 – ABNORMALE EN NOODSITUATIES (ABES)
Subthema ABES 1.1 – Overzicht van ABES
THEMA ABES 2 – VERBETERING VAN VAARDIGHEDEN
Subthema ABES 2.1 – Effectieve communicatie
Subthema ABES 2.2 – Vermijden van geestelijke overbelasting
Subthema ABES 2.3 – Lucht/grond-samenwerking
THEMA ABES 3 – PROCEDURES VOOR ABNORMALE EN NOODSITUATIES
Subthema ABES 3.1 – Toepassing van ABES-procedures
Subthema ABES 3.2 – Radio-uitval
Subthema ABES 3.3 – Wederrechtelijke daden en bomdreigingen tegen luchtvaartuigen
Subthema ABES 3.4 – Afgedwaalde of niet-geïdentificeerde luchtvaartuigen
Subthema ABES 3.5 – Uitwijken
Subthema ABES 3.6 – Transponder-uitval
Subthema ABES 3.7 – Onderschepping van burgerluchtvaartuigen
Bijlage 9. als bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de Regeling opleiding en handhaving vakbekwaamheid bedieners van luchtvaartstations
en vluchtinformatieverstrekkers
Algemeen
-
(a) De beoordeling van de taalvaardigheid wordt zo ontworpen dat deze de taken weerspiegelt
die door de aanvrager worden uitgevoerd, maar met specifieke aandacht voor taal in
plaats van operationele procedures en kennis.
-
(b) De beoordeling bepaalt het vermogen van de kandidaat om effectief te communiceren
met behulp van visuele en niet-visuele communicatie in zowel routinematige als niet-routinematige
situaties.
Beoordeling
-
(a) De beoordeling omvat de volgende drie elementen:
-
1) luisteren – beoordeling van begrip;
-
2) spreken – beoordeling van uitspraak, vloeiendheid, structuur en woordenschat;
-
3) interactie.
-
(b) De overstap tussen fraseologie en gewone taal wordt beoordeeld op luister- en spreekvaardigheid.
-
(c) Wanneer de beoordeling niet in een face-to-face situatie wordt uitgevoerd, wordt er
gebruik gemaakt van passende technologieën voor de beoordeling van de capaciteiten
van de kandidaat op het gebied van luisteren en spreken, en voor het mogelijk maken
van interacties.
-
(d) Ongeacht de manier waarop de beoordeling wordt georganiseerd, wordt voldaan aan de
vereisten genoemd onder (a) en (b), evenals aan de relevante bepalingen voor taalvaardigheidsbeoordelaars.
Taalvaardigheidsbeoordelaars
-
(a) Personen die verantwoordelijk zijn voor de beoordeling van de taalvaardigheid:
-
1) zijn naar behoren opgeleid en gekwalificeerd;
-
2) zijn luchtvaartspecialisten (bijvoorbeeld huidige of voormalige bediener van een luchtvaartstation
of vluchtinformatieverstrekker) of taalspecialisten met een aanvullende luchtvaartgerelateerde
opleiding. De voorkeursaanpak voor een beoordeling is het vormen van een team bestaande
uit een operationeel expert en een taalexpert;
-
3) volgen regelmatig een herhalingsopleiding over taalbeoordelingsvaardigheden;
-
4) zijn opgeleid in de vereisten die specifiek zijn voor de taalvaardigheidsbeoordeling,
en in de beoordelings- en gesprekstechnieken.
-
(b) Taalvaardigheidsbeoordelaars voeren geen taalvaardigheidsbeoordelingen uit wanneer
hun objectiviteit hierdoor in het gedrang kan komen.
Criteria voor het accepteren van de taalbeoordelingsinstantie.
-
(a) Een taalbeoordelingsinstantie verstrekt duidelijke informatie over haar organisatie
en haar relaties met andere organisaties.
-
(b) De taalbeoordelingsinstantie heeft een voldoende aantal gekwalificeerde gesprekspartners
en taalvaardigheidsbeoordelaars in dienst om de vereiste toetsen af te nemen.
-
(c) De taalbeoordelingsinstantie stelt een handboek op dat ten minste het volgende moet
omvatten:
-
1) beoordelingsdoelstellingen;
-
2) beoordelingslay-out, tijdschema, gebruikte technologieën, beoordelingsvoorbeelden,
stemvoorbeelden;
-
3) beoordelingscriteria en -normen;
-
4) documentatie die de validiteit, relevantie en betrouwbaarheid van de beoordeling aantoont;
-
5) beoordelingsprocedures en verantwoordelijkheden, zoals:
-
– voorbereiding van de individuele beoordeling;
-
– administratie: locatie(s), identiteitscontrole en surveillance, beoordelingsdiscipline,
vertrouwelijkheid/beveiliging; en
-
– het bewaren van documenten en dossiers.