Besluit mandaat, volmacht en machtiging Dienst Wegverkeer inzake handhaving van de gedelegeerde ITS-verordeningen

Geraadpleegd op 26-09-2022.
Geldend van 16-01-2016 t/m heden

Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 26 maart 2015, nr. IENM/BSK-2015/29930, tot het verlenen van mandaat, volmacht en machtiging aan de algemeen directeur van de Dienst Wegverkeer ter handhaving van de in de ITS-Regeling opgenomen gedelegeerde verordeningen ter uitvoering van richtlijn 2010/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2010 betreffende het kader voor het invoeren van intelligente vervoerssystemen op het gebied van wegvervoer en voor interfaces met andere vervoerswijzen (PbEU 2010, L 207) (Besluit mandaat, volmacht en machtiging Dienst Wegverkeer inzake handhaving van de gedelegeerde ITS-verordeningen)

De Minister van Infrastructuur en Milieu,

Gelet op de artikelen 10:3, 10:4, eerste lid, 10:9, eerste lid, en 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht;

Gezien de schriftelijke instemming van de algemeen directeur van de Dienst Wegverkeer van 18 maart 2015, kenmerk JBZ2015/12058;

Besluit:

Artikel 1

Aan de algemeen directeur van de Dienst Wegverkeer wordt mandaat verleend met betrekking tot de volgende bevoegdheden:

  • a. het opleggen van een last onder dwangsom, bedoeld in artikel 169 van de Wegenverkeerswet 1994, in geval van herhaaldelijke of voortdurende overtreding van de voorschriften van gedelegeerde verordening (EU) 885/2013 of gedelegeerde verordening (EU) 886/2013 als bedoeld in artikel 1.1 van de ITS-Regeling;

  • b. het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in onderdeel a, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen.

Artikel 2

Aan de algemeen directeur van de Dienst Wegverkeer wordt volmacht en machtiging verleend tot:

  • a. het verrichten van alle benodigde werkzaamheden ter voorbereiding en uitvoering van besluiten als bedoeld in artikel 1;

  • b. het voeren van gerechtelijke procedures over de in artikel 1 bedoelde besluiten.

Artikel 3

De algemeen directeur van de Dienst Wegverkeer kan met betrekking tot zijn bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 1 en 2, ondermandaat, volmacht en machtiging verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen.

Artikel 4

Indien uitvoering wordt gegeven aan artikel 1, 2 of 3, komt de ondertekening te luiden:

DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

namens deze:

(gevolgd door de functieaanduiding, handtekening en de naam van de gemandateerde, gevolmachtigde of gemachtigde functionaris)

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Infrastructuur en Milieu,

M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

Naar boven