Subsidieregeling Kenniscentrum Europa decentraal 2013

[Regeling vervalt per 01-01-2022.]
Geldend van 02-12-2016 t/m heden

Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 10 juni 2013, nr. 2013-0000329545, houdende regels voor de subsidiëring van de Stichting Europa decentraal; Kenniscentrum Europees recht en beleid (Subsidieregeling Kenniscentrum Europa Decentraal 2013)

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • b. Kenniscentrum: de Stichting Europa decentraal; Kenniscentrum Europees recht en beleid voor decentrale overheden.

Artikel 2

  • 1 De minister verstrekt aan het Kenniscentrum een subsidie voor het geven van voorlichting aan, het verspreiden van kennis onder, het signaleren van relevante ontwikkelingen voor en het coördineren van rapportages en kennisgevingen door provincies, gemeenten en waterschappen op het terrein van de Europese regelgeving en het Europese beleid dat voor deze organen van belang is in de decentrale praktijk.

  • 2 De subsidie wordt per boekjaar verstrekt. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 3

De subsidie, bedoeld in artikel 2, bedraagt ten hoogste het bedrag dat uit de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties blijkt.

§ 3. Voorschotverlening

Artikel 5

  • 1 De minister verstrekt voorschotten per boekjaar.

  • 2 Het totaal van de voorschotten voor een boekjaar bedraagt 100 procent van de voor dat jaar verleende subsidie.

  • 3 De voorschotten worden als volgt verstrekt:

    • a. 80 procent van de voor een boekjaar verleende subsidie in januari van dat boekjaar;

    • b. 20 procent van de voor een boekjaar verleende subsidie in juni van dat boekjaar.

  • 4 De minister kan een voorschot een maand later verstrekken, nadat het Kenniscentrum hiervan in kennis is gesteld.

§ 4. De verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel 6

Het Kenniscentrum start de uitvoering van de activiteiten binnen het jaar waarvoor de subsidie is verleend.

Artikel 6a

  • 2 De jaarlijkse toevoegingen aan de egalisatiereserve bedraagt ten hoogste 5 procent van de over het boekjaar verleende subsidie. De egalisatiereserve bedraagt ten hoogste 10 procent van de over het boekjaar verleende subsidie.

  • 3 De egalisatiereserve wordt uitsluitend aangewend voor kosten die direct samenhangen met de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 10 juni 2013

De

minister

van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

R.H.A. Plasterk

Terug naar begin van de pagina