Wet vereenvoudiging regelingen SVB

[Regeling materieel uitgewerkt per 01-04-2015.]
Geldend van 01-07-2013 t/m heden

Wet van 28 maart 2013 tot wijziging van enkele socialezekerheidswetten in verband met vereenvoudiging van de uitvoering van deze wetten door de Sociale verzekeringsbank (Wet vereenvoudiging regelingen SVB)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om het aantal uitzonderingsbepalingen in enkele socialezekerheidswetten terug te brengen en deze wetten te vereenvoudigen om zo de kosten gemoeid met de uitvoering te verlagen en tegelijkertijd de transparantie, de doelmatigheid en eigen verantwoordelijkheid voor de burger te bevorderen.

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel I. Wijziging van de Algemene Kinderbijslagwet

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel IIIa. Wijziging van de Toeslagenwet

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel V. Wijziging van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel Va. Wijziging van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel XI. Inwerkingtreding

  • 1 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, en kunnen terugwerken tot en met een in dat besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

  • 2 Bij het vaststellen van het in het eerste lid genoemde tijdstip van inwerkingtreding van artikel II wordt in acht genomen dat dat artikel voor personen die voor de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst recht hebben op een halfwezenuitkering niet eerder in werking treedt dan zes maanden na die datum van uitgifte.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage, 28 maart 2013

Beatrix

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

J. Klijnsma

Uitgegeven de negenentwintigste maart 2013

De Minister van Veiligheid en Justitie,

I.W. Opstelten

Terug naar begin van de pagina