Regeling ruilmogelijkheden arbeidsvoorwaarden politie (RAP)

Geraadpleegd op 29-05-2022.
Geldend van 01-01-2022 t/m heden

Regeling ruilmogelijkheden arbeidsvoorwaarden politie (RAP)

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op artikel 28e, van het Besluit algemene rechtspositie politie;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

  • 1 De ambtenaar kan bij het bevoegd gezag een aanvraag indienen om in ruil voor een belastingvrije vergoeding voor of verstrekking van een of meer van de in artikel 3 genoemde doelen geheel of gedeeltelijk af te zien van een of meer van de volgende bronnen:

  • 2 Voor de vakantie-uren als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, geldt dat bij een volledige betrekking per kalenderjaar alleen kan worden afgezien van de vakantie-uren die het aantal van 144 vakantie-uren te boven gaan. Bij een andere betrekkingsomvang geldt dit naar rato.

  • 3 Indien de ambtenaar afziet van de in het eerste lid genoemde bronnen, wordt de waarde van die bronnen vastgesteld op de waarde van de dag waarop de ambtenaar aan de fiscale regelingen gaat deelnemen.

  • 4 Van een bron als genoemd in het eerste lid kan slechts worden afgezien als deze bron nog niet tot uitbetaling is gekomen.

  • 5 De gevraagde belastingvrije vergoeding kan in één keer worden uitbetaald voorafgaande aan het moment waarop de ingezette bronnen tot uitbetaling zouden zijn gekomen.

Artikel 3

De belastingvrije doelen zijn:

  • a. eenmaal per 5 kalenderjaren: een fiets, met inbegrip van een elektrische fiets, voor woon-werkverkeer, een verzekering en samenhangende accessoires die gebruikt worden voor het woon-werkverkeer tot een gezamenlijk maximum van € 1.500,-;

  • b. vakliteratuur;

  • c. cursussen, congressen, seminars, symposia, excursies, studiereizen en dergelijke ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking;

  • d. een opleiding of studie om een inkomen te verwerven;

  • e. openbaar vervoerbewijzen die mede voor het werk worden gebruikt;

  • f. vakbondscontributies;

  • g. bedrijfsfitness.

Artikel 4

  • 1 De ambtenaar maakt zijn keuze in het kader van de Rap kenbaar door middel van een aanvraag.

  • 2 De aanvraag wordt ingediend op een door het bevoegd gezag aangegeven wijze en op de door het bevoegd gezag aangegeven tijdstippen.

  • 3 De ambtenaar overlegt bij de aanvraag een inschrijfbewijs of factuur als bewijsstuk.

  • 4 Als de aanvraag betrekking heeft op een bepaalde periode wordt in de aanvraag de desbetreffende periode in hele kalendermaanden aangegeven.

  • 5 Met uitzondering van de keuze voor een fiets voor woon-werkverkeer en een opleiding of studie om een inkomen te verwerven, wordt een gemaakte keuze binnen het kalenderjaar volledig gerealiseerd.

  • 6 Op een gehonoreerde aanvraag kan gedurende de periode waarop deze betrekking heeft niet meer worden teruggekomen, tenzij sprake is van tussentijds ontslag.

  • 7 De ambtenaar kan bronnen inzetten tot het moment van ontslag. Indien een gehonoreerde aanvraag doorloopt in een kalenderjaar na ontslag, bestaat geen aanspraak op het fiscale voordeel over het kalenderjaar dat de medewerker niet in dienst is. In geval van ontslag wordt vastgesteld welke in het kader van dit besluit opgebouwde en in geldswaarde uit te drukken aanspraken en aangegane verplichtingen tussen het bevoegd gezag en de ambtenaar op dat moment bestaan. Indien van toepassing vindt verrekening dan wel uitbetaling plaats.

  • 8 Bij overlijden van de ambtenaar wordt gehandeld zoals in het zevende lid is aangegeven. Een eventueel saldo ten gunste van de werkgever wordt niet teruggevorderd.

Artikel 7

In geval van bijzondere omstandigheden waardoor een strikte toepassing van dit besluit naar het oordeel van het bevoegd gezag in strijd zou zijn met de redelijkheid of de billijkheid, kan door het bevoegd gezag, met inachtneming van de geldende fiscale bepalingen, ten gunste van de ambtenaar van dit besluit worden afgeweken.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

G. ter Horst

Naar boven