Wet dualisering gemeentelijke medebewindsbevoegdheden

Geldend van 22-10-2008 t/m heden

Wet van 6 oktober 2005, tot aanpassing van bijzondere wetten aan de Wet dualisering gemeentebestuur (Wet dualisering gemeentelijke medebewindsbevoegdheden)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het gewenst is de bevoegdheidsverdeling in bijzondere wetten in overeenstemming te brengen met de Wet dualisering gemeentebestuur;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk 2. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Hoofdstuk 3. Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Hoofdstuk 6. Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Hoofdstuk 7. Ministerie van Verkeer en Waterstaat

Hoofdstuk 10. Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Artikel LIII

[Red: Wijzigt de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.]

Artikel LIV

[Red: Wijzigt de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers.]

Hoofdstuk 11. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Hoofdstuk 12. Slot- en overgangsbepalingen

Artikel LXXIII

  • 1 Deze wet heeft geen gevolgen voor de rechtskracht van vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet genomen beslissingen, ten aanzien waarvan na dat tijdstip een ander bestuursorgaan bevoegd is.

  • 2 In afwijking van het eerste lid vervallen besluiten tot delegatie van een bevoegdheid van de gemeenteraad aan het college van burgemeester en wethouders en mandaatbesluiten met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

  • 3 In afwijking van het eerste lid vervallen besluiten tot instelling van een commissie als bedoeld in artikel 84 van de Gemeentewet die op 7 maart 2004 niet aan de in dat artikel gestelde eisen voldoen, met ingang van die datum.

  • 4 Terzake van beslissingen die vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet zijn genomen, ten aanzien waarvan na dat tijdstip een ander bestuursorgaan bevoegd is, wordt het bezwaar of beroep behandeld door dat andere bestuursorgaan.

Artikel LXXIV

  • 1 Gemeenschappelijke regelingen tot het treffen waarvan na het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet een ander bestuursorgaan van de deelnemende gemeente bevoegd is, worden met ingang van dat tijdstip geacht te zijn getroffen door dat andere bestuursorgaan.

Artikel LXXIVa

  • 1 [Red: Wijzigt deze wet.]

  • 2 [Red: Wijzigt de Wet kwaliteitsbevordering rampenbestrijding.]

Artikel LXXIVd

[Red: Wijzigt de Wijzigingswet Wet op het primair onderwijs, enz. (onder meer beëindiging bekostiging onderwijs in allochtone levende talen).]

Artikel LXXV

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. In het koninklijk besluit wordt zo nodig toepassing gegeven aan artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage, 6 oktober 2005

Beatrix

De Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties ,

A. Pechtold

Uitgegeven de eerste november 2005

De Minister van Justitie ,

J. P. H. Donner

Terug naar begin van de pagina