Regeling bevordering eigenwoningbezit 2002

[Regeling vervallen per 23-12-2004.]
Geldend van 01-07-2002 t/m 22-12-2004

Aanpassing van de bedragen, genoemd in de artikelen 8, eerste lid, 9, eerste lid, onderdelen a, c en d, 29, eerste lid, formule, en 31, eerste lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit, van de bedragen waaraan het rekeninkomen ingevolge artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van die wet, ten minste gelijk moet zijn, en van de minimum-inkomensijkpunten, bedoeld in artikel 28 van die wet, alsmede wijziging van de Regeling bevordering eigenwoningbezit

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op de artikelen 33, derde lid, en 41, eerste, tweede en vierde lid, van de Wet bevordering eigenwoningbezit,

Besluit:

§ 1. Wijziging van de Wet bevordering eigenwoningbezit

[Vervallen per 23-12-2004]

Artikel 3

[Vervallen per 23-12-2004]

Het bedrag waaraan het rekeninkomen ingevolge artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van de Wet bevordering eigenwoningbezit ten minste gelijk moet zijn, is per 1 juli 2002:

  • a. voor een eenpersoonshuishouden: € 11.700;

  • b. voor een tweepersoonshuishouden: € 14.950;

  • c. voor een eenpersoonsouderenhuishouden: € 11.750 en

  • d. voor een tweepersoonsouderenhuishouden: € 14.650.

Artikel 4

[Vervallen per 23-12-2004]

Het minimum-inkomensijkpunt, bedoeld in artikel 28 van de Wet bevordering eigenwoningbezit, per 1 juli 2002 is:

  • a. voor een eenpersoonshuishouden: € 11.700;

  • b. voor een tweepersoonshuishouden: € 14.950;

  • c. voor een eenpersoonsouderenhuishouden: € 11.750 en

  • d. voor een tweepersoonsouderenhuishouden: € 14.650.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 15 mei 2002

De

Staatssecretaris

van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

J.W. Remkes

Terug naar begin van de pagina