Besluit aanmelding van collectieve arbeidsovereenkomsten en het verzoeken om algemeenverbindendverklaring

Geldend van 12-07-2019 t/m heden

Besluit aanmelding van collectieve arbeidsovereenkomsten en het aanvragen van algemeen verbindend verklaring

§ 1. Aanmelding van collectieve arbeidsovereenkomsten

Inhoud van de mededeling

Artikel 1:1

  • 1 De mededeling van het sluiten of wijzigen van een collectieve arbeidsovereenkomst, bedoeld in artikel 4 van de Wet op de loonvorming, wordt ingediend en ondertekend door of namens partijen bij de collectieve arbeidsovereenkomst. Deze mededeling en alle daaropvolgende communicatie geschiedt uitsluitend langs elektronische weg, tenzij naar het oordeel van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid sprake is van omstandigheden die zich daartegen verzetten.

  • 3 De mededeling, bedoeld in het eerste en tweede lid, vermeldt dat een collectieve arbeidsovereenkomst is afgesloten, gewijzigd of opgezegd.

  • 4 De mededeling, bedoeld in het eerste lid, vermeldt:

    • a. door welke partijen een collectieve arbeidsovereenkomst is afgesloten dan wel is gewijzigd;

    • b. het tijdvak waarvoor de collectieve arbeidsovereenkomst als geheel is gesloten, dan wel, indien de collectieve arbeidsovereenkomst bepalingen kent met uiteenlopende expiratiedata, de expiratiedatum van de langstlopende bepaling en de expiratiedatum van de bepaling dan wel bepalingen met een kortere looptijd;

    • c. het aantal werknemers dat onder de werkingssfeer van de collectieve arbeidsovereenkomst valt, met inbegrip van de werknemers, bedoeld in artikel 14 van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst.

Bijlagen bij de mededeling

Artikel 1:2

  • 1 Bij de mededeling van het sluiten van een eerste collectieve arbeidsovereenkomst met een werkingssfeer waarvoor nog geen collectieve arbeidsovereenkomst bestond, wordt gevoegd:

    • a. de digitale tekst van de integrale collectieve arbeidsovereenkomst, met inbegrip van alle daarbij behorende bijlagen, waaronder de rechtens geldende statuten en reglementen van fondsen, waarbij gebruik is gemaakt van algemeen gebruikte programmatuur;

    • b. een toelichting op de collectieve arbeidsovereenkomst, bedoeld in onderdeel a, waaronder een overzicht van de geschatte loonkosten van de collectieve arbeidsovereenkomst, tenzij een schatting niet mogelijk is door gebrek aan kennis van de loonkosten voorafgaand aan deze collectieve arbeidsovereenkomst.

  • 2 Indien de mededeling, bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, betrekking heeft op een collectieve arbeidsovereenkomst welke in vergelijking met de daaraan voorafgaande collectieve arbeidsovereenkomst wijzigingen heeft ondergaan, wordt bij de mededeling, bedoeld in dat lid, gevoegd:

    • a. de digitale tekst van de integrale collectieve arbeidsovereenkomst, met inbegrip van alle daarbij behorende bijlagen, waaronder de rechtens geldende statuten en reglementen van fondsen, waarbij gebruik is gemaakt van algemeen gebruikte programmatuur;

    • b. de digitale tekst van de in de collectieve arbeidsovereenkomst aangebrachte wijzigingen in de vorm van een nota van wijzigingen dan wel de digitale tekst van de integrale collectieve arbeidsovereenkomst waarbij de wijzigingen door middel van markeringen zijn aangegeven;

    • c. een toelichting op de in onderdeel b bedoelde wijzigingen, waaronder een overzicht van de geschatte loonkosten van de wijzigingen, bedoeld in onderdeel b.

  • 3 Bij een wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst die binnen de looptijd daarvan valt, is het tweede lid van overeenkomstige toepassing.

  • 4 Het eerste lid, onderdeel b, en het tweede lid, onderdelen b en c, zijn niet van toepassing in geval van een collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsniveau, indien het aantal werknemers, bedoeld in artikel 1:1, vierde lid, onderdeel c, minder dan 2000 bedraagt.

Artikel 1:3

  • 1 Indien een of meer verenigingen van werkgevers of een of meer verenigingen van werknemers, voor de eerste keer in hun bestaan een collectieve arbeidsovereenkomst hebben afgesloten, wordt bij de mededeling, bedoeld in artikel 1:1, een afschrift van de statuten van die vereniging of verenigingen gevoegd.

  • 2 Indien de statuten van een vereniging van werkgevers of een vereniging van werknemers, bedoeld in het eerste lid, zijn gewijzigd wordt bij gelegenheid van de eerst daarop volgende mededeling van het afsluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst, bedoeld in artikel 1:1, waarbij die vereniging partij is, een afschrift van de gewijzigde statuten van die vereniging gevoegd.

§ 2. Verzoek tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten

Inhoud van het verzoek

Artikel 2:1

  • 1 Een verzoek tot het algemeen verbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten wordt ingediend en ondertekend door of namens één of meer werkgevers of één of meer verenigingen van werkgevers of werknemers die partij zijn bij de collectieve arbeidsovereenkomst. Dit verzoek en alle daaropvolgende communicatie geschiedt uitsluitend langs elektronische weg, tenzij naar het oordeel van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid sprake is van omstandigheden die zich daartegen verzetten.

  • 2 Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, vermeldt:

    • a. van welke bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst en voor welk tijdvak algemeenverbindendverklaring wordt gevraagd, en

    • b. voor zover van toepassing, welke arbeidsverhoudingen van het verzoek moeten worden uitgezonderd.

Bijlagen bij het verzoek

Artikel 2:2

  • 1 Bij een verzoek als bedoeld in artikel 2:1, eerste lid, wordt gevoegd:

    • a. de digitale tekst van de integrale collectieve arbeidsovereenkomst, waarbij gebruik is gemaakt van algemeen gebruikte programmatuur, en waarbij de bepalingen waarvoor geen algemeenverbindendverklaring wordt verzocht door middel van duidelijke markeringen zijn aangegeven;

    • b. een opgave van:

      • 1°. het aantal werkgevers dat lid is van een werkgeversvereniging die partij is bij de collectieve arbeidsovereenkomst en onderscheidenlijk het aantal werkgevers dat naar de aard van de bedrijfsactiviteiten en de werkzaamheden tot de werkingssfeer van de collectieve arbeidsovereenkomst kan worden gerekend; en

      • 2°. het aantal personen werkzaam bij werkgevers die lid zijn van een werkgeversvereniging die partij is bij deze collectieve arbeidsovereenkomst en onderscheidenlijk het aantal personen werkzaam bij werkgevers die naar de aard van de bedrijfsactiviteiten en de werkzaamheden tot de werkingssfeer van de collectieve arbeidsovereenkomst gerekend kunnen worden.

    • c. een toelichting op de wijze van de verzameling van de representativiteitsgegevens, die in ieder geval het volgende bevat:

      • 1°. een opgave van de gebruikte bronnen voor de aantallen werkgevers en personen zoals genoemd onder onderdeel b, onder 1 en 2;

      • 2°. een opgave van de gehanteerde onderzoeksmethode;

      • 3°. een opgave van de wijze van meting;

      • 4°. een opgave van de peildatum of de periode waarop de cijfers betrekking hebben;

      • 5°. een toelichting waaruit blijkt dat de grenzen van het domein waarover de gegevens zijn verzameld gerelateerd zijn aan de werkingssfeer van de collectieve arbeidsovereenkomst. Daarbij dient ook duidelijk te zijn dat in de werkingssfeer van de collectieve arbeidsovereenkomst uitgesloten categorieën personen in de tellingen buiten beschouwing zijn gelaten.

  • 2 De brongegevens met betrekking tot de representativiteit, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, die zijn gevoegd bij het verzoek, bedoeld in artikel 2:1, eerste lid, worden door de indieners van het verzoek tot algemeenverbindendverklaring bewaard teneinde deze te kunnen gebruiken voor een onderzoek door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de kwaliteit van deze gegevens. Deze gegevens worden desgevraagd beschikbaar gesteld.

  • 3 Indien het verzoek betrekking heeft op een collectieve arbeidsovereenkomst die in vergelijking met de daaraan voorafgaande collectieve arbeidsovereenkomst wijzigingen heeft ondergaan, wordt tevens bij een verzoek als bedoeld in artikel 2:1, eerste lid, gevoegd de digitale tekst van de integrale collectieve arbeidsovereenkomst waarbij de wijzigingen door middel van markeringen zijn aangegeven als bedoeld in artikel 1:2, tweede lid, onderdeel b, tenzij deze tekst reeds in het kader van dat laatstgenoemde artikellidonderdeel is overgelegd.

Artikel 2:3

  • 1 De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan naar aanleiding van de opgave, bedoeld in artikel 2:2, eerste lid, onderdeel b, verlangen dat een assurancerapport over de juistheid van die opgave van een registeraccountant of een accountantsadministratieconsulent die daartoe gecertificeerd is, wordt overgelegd.

  • 2 In aanvulling op hetgeen onder artikel 2:2, eerste lid, onderdeel b, bij een verzoek als bedoeld in artikel 2:1, eerste lid, moet worden gevoegd, kan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vragen om een opgave van het aantal personen, dat lid is van werknemersverenigingen die partij zijn bij de collectieve arbeidsovereenkomst.

Artikel 2:4

In afwijking van artikel 2:2, eerste lid, wordt, indien het verzoek, bedoeld in artikel 2:1, eerste lid, betrekking heeft op een tussentijdse wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst, bij dit verzoek gevoegd:

  • a. de digitale tekst van de tussentijdse wijzigingen, waarbij gebruik is gemaakt van algemeen gebruikte programmatuur en waarbij de tussentijds gewijzigde bepalingen waarvoor geen algemeenverbindendverklaring wordt verzocht door middel van duidelijke markeringen zijn aangegeven;

  • b. een opgave van de representativiteitsgegevens en een toelichting op de wijze van verzameling daarvan, bedoeld in artikel 2:2, eerste lid, onderdelen b en c, indien de tussentijdse wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst betrekking heeft op de werkingssfeer daarvan;

  • c. de digitale tekst, bedoeld in onderdeel a, omvat tevens de integrale tekst van de werkingssfeerbepaling of werkingssfeerbepalingen, indien sprake is van een collectieve arbeidsovereenkomst:

    • 1°. waarin tevens fondsbepalingen zijn opgenomen die voor een langer tijdvak algemeen verbindend zijn verklaard dan de overige bepalingen en het verzoek betrekking heeft op die overige bepalingen vanwege het verstrijken van de duur ervan; en

    • 2°. die ingevolge artikel 19 van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst is verlengd en het verzoek betrekking heeft op een wijziging van een in duur verlengd besluit tot algemeenverbindendverklaring als bedoeld in artikel 2:9.

Artikel 2:6

Een verzoek als bedoeld in artikel 2:1 wordt eerst in behandeling genomen wanneer alle van belang zijnde gegevens en bescheiden, genoemd in de artikelen 2:2 en 2:4; bij het verzoek zijn gevoegd.

§ 2a. Dispensatie van algemeen verbindend verklaarde bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten

Artikel 2:7

  • 1 Een verzoek om dispensatie van algemeen verbindend te verklaren bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten wordt ingediend gedurende de periode dat tevens de toepasselijke werkingssfeerbepalingen ter visie liggen. Een dergelijk verzoek kan uitsluitend worden gehonoreerd als daaraan een rechtsgeldige collectieve arbeidsovereenkomst ten grondslag ligt.

  • 2 Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend en ondertekend door of namens alle partijen die de rechtsgeldige collectieve arbeidsovereenkomst hebben afgesloten op grond waarvan dispensatie wordt gevraagd. Het in de eerste zin bedoelde verzoek wordt gedaan aan de hand van een daarvoor bestemd formulier dispensatie van avv dat volledig moet zijn ingevuld. Dit verzoek en alle daaropvolgende communicatie geschiedt uitsluitend langs elektronische weg, tenzij naar het oordeel van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid sprake is omstandigheden die zich daartegen verzetten.

  • 3 Een verzoek om dispensatie dat buiten de periode van tervisielegging, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan, wordt niet gehonoreerd.

  • 4 Van een beschikking op een verzoek om dispensatie wordt in de overwegingen bij het besluit tot algemeenverbindendverklaring melding gemaakt.

Artikel 2:8

Artikel 2:7 is van overeenkomstige toepassing op een verzoek om dispensatie dat wordt gedaan:

  • a. naar aanleiding van een verzoek om algemeenverbindendverklaring van een wijziging van de werkingssfeerbepaling of werkingssfeerbepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst tijdens de looptijd van een besluit waarbij bepalingen van die collectieve arbeidsovereenkomst algemeen verbindend zijn verklaard;

  • b. naar aanleiding van een verzoek om algemeenverbindendverklaring als bedoeld in artikel 2:4, onderdeel c.

§ 2b. Verzoek tot ongewijzigde verlenging van de algemeenverbindendverklaring

Artikel 2:9

  • 1 Een verzoek om eenmalige verlenging van de duur van een besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst dat eindigt direct voorafgaand aan het tijdstip waarop de stilzwijgende verlenging van die collectieve arbeidsovereenkomst ingaat, wordt uiterlijk een maand voorafgaand aan dat tijdstip ingediend. Dit verzoek en alle daaropvolgende communicatie geschiedt uitsluitend langs elektronische weg, tenzij naar het oordeel van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid sprake is van omstandigheden die zich daartegen verzetten.

  • 2 Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend en ondertekend door of namens alle partijen die de rechtsgeldige collectieve arbeidsovereenkomst hebben afgesloten. Het in de eerste zin bedoelde verzoek vermeldt de periode waarvoor de collectieve arbeidsovereenkomst stilzwijgend wordt verlengd en tot welk tijdstip om verlenging van het besluit tot algemeenverbindendverklaring wordt gevraagd.

  • 3 Een verzoek om verlenging dat binnen een maand voorafgaand aan het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan, wordt niet gehonoreerd.

  • 4 Van de indiening van het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. Tegen het verzoek ingediende bedenkingen worden niet gehonoreerd. Verzoeken om dispensatie van een besluit tot verlenging van een besluit tot algemeenverbindendverklaring worden niet gehonoreerd.

§ 3. Elektronische communicatie

Artikel 3:1

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid draagt zorg voor de noodzakelijke elektronische infrastructuur waarmee alle mededelingen en verzoeken als bedoeld in dit besluit betrouwbaar en vertrouwelijk kunnen worden verzonden. Bij de verzending wordt gebruik gemaakt van door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ter beschikking gestelde elektronische formulieren en een door hem erkende methode van authenticatie.

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s- Gravenhage, 2 december 1998

De

Minister

van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

K.G. de Vries

Terug naar begin van de pagina