Artikel 2
[Tekst zonder datum inwerkingtreding. Zie het wijzigingenoverzicht.]
Indien ten gevolge van de in artikel 1 vermelde wijziging een recht van hypotheek dan wel een beslag betrekking heeft op
een onroerende zaak die onder een andere kring gaat ressorteren, worden afschriften
van al die ingeschreven stukken door de bewaarder van de openbare registers waarin
ze zijn ingeschreven, gezonden aan zijn ambtgenoot, ter ambtshalve inschrijving, overeenkomstig
het bepaalde in het tweede en derde lid.
2. De bewaarder te wiens kantore het desbetreffende stuk is ingeschreven, vervaardigt
een afschrift van de inschrijving, voorzien van alle gestelde aantekeningen op een
formulier Hypotheken 3 en zendt dit aan de bewaarder van het andere kantoor. Hij stelt
daarna bij de inschrijving de volgende door hem te ondertekenen aantekening:
’Van deze inschrijving is in verband met een wijziging van de grens tussen de kringen
Breda en Eindhoven afschrift gezonden aan het kantoor van de Dienst te ..., ter ambtshalve
inschrijving. De bewaarder van het kadaster en de openbare registers,’, onder invulling
van de naam van het kantoor.
3. De bewaarder die een afschrift als bedoeld in het tweede lid ontvangt, neemt dit
op in het lopende deel van het register Hypotheken 3. Hij plaatst hierop de volgende
door hem te ondertekenen aantekening:
’Ambtshalve inschrijving; eerste inschrijving vond plaats ten kantore van de Dienst
te ..., de ..., in deel ... nr. ... De bewaarder van het kadaster en de openbare registers,’,
onder invulling van de desbetreVende gegevens.