Regeling handelaarskentekens en -kentekenbewijzen

Geraadpleegd op 25-05-2024.
Geldend van 05-01-2021 t/m heden

Regeling handelaarskentekens en -kentekenbewijzen

Artikel 1

  • 1 De aanvrager van een handelaarskentekenbewijs dient te beschikken over een erkenning bedrijfsvoorraad als bedoeld in artikel 62, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 dan wel exploitant te zijn van een onderneming waarin in een overdekte en behoorlijk af te sluiten ruimte onder alle weersomstandigheden reparaties en andere bewerkingen aan voertuigen kunnen worden uitgevoerd.

  • 2 Ingeval de aanvraag wordt ingediend door een exploitant als bedoeld in het eerste lid, legt de aanvrager bij de aanvraag een uittreksel uit het handelsregister, bedoeld in artikel 22 van de Handelsregisterwet 2007, over waaruit blijkt dat een onderneming wordt uitgeoefend als bedoeld in het eerste lid.

Artikel 1a

Handelaarskentekens bestaan uit de lettercombinatie, genoemd in artikel 3 van het Kentekenreglement, en twee groepen van twee cijfers of één cijfer en één groep van drie cijfers.

Artikel 2

  • 2 Degene aan wie een handelaarskenteken is opgegeven vernietigt de handelaarskentekenplaten terstond nadat het bijbehorende kentekenbewijs ongeldig is verklaard dan wel is verloren of teniet gegaan.

  • 3 Bij een motorrijtuig of een aanhangwagen voorzien van een handelaarskentekenplaat, dient het bijbehorende kentekenbewijs aanwezig te zijn.

Artikel 3

Wanneer gebruik wordt gemaakt van het handelaarskenteken, is het niet toegestaan om goederen te vervoeren, tenzij dit aantoonbaar gebeurt in het kader van beproeving van aan het voertuig verrichte of te verrichten werkzaamheden. In dat geval moeten de goederen op het adres, waar deze zijn ingeladen, ook worden uitgeladen.

Artikel 4

Wanneer geen gebruik wordt gemaakt van het handelaarskentekenbewijs, dient dit bewijs alsmede de kentekenplaten waarop het handelaarskenteken is aangebracht, te worden bewaard in een goed afsluitbare voorziening.

Artikel 5

Degene aan wie het handelaarskenteken is opgegeven dient de in het kader van het gebruik van dat kenteken van belang zijnde wijzigingen in de bedrijfsactiviteit of de bedrijfsgegevens onverwijld schriftelijk te melden aan de Dienst Wegverkeer.

Artikel 6

  • 2 De in het eerste lid bedoelde controles kunnen frequenter plaatsvinden indien het vermoeden bestaat dat degene aan wie het handelaarskenteken is opgegeven, niet voldoet aan de in het eerste lid bedoelde voorschriften.

  • 3 Vanaf de buitenkant van het bedrijf is op een door de Dienst Wegverkeer vastgestelde en in de Staatscourant bekendgemaakte wijze zichtbaar dat een handelaarskenteken is opgegeven.

Artikel 11

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling handelaarskentekens en -kentekenbewijzen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 12 december 1994

De

Minister

van Verkeer en Waterstaat,

A. Jorritsma-Lebbink

Naar boven