Besluit Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden

Geraadpleegd op 29-03-2024.
Geldend van 01-01-2016 t/m heden

Besluit van de Minister van Defensie houdende instelling van het Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden (Besluit Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden)

De Minister van Defensie,

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt onder ‘gevechtshandelingen’ verstaan: iedere vorm van actief en professioneel handelen binnen de taakopdracht van de desbetreffende militair waarbij tevens sprake is van vijandelijk optreden met indirect vuur, direct vuur of hiermee vergelijkbaar gevechtscontact, dan wel van enige andere vorm van excessieve geweldsuitoefening jegens de militair.

Artikel 1a

Ingesteld wordt het ‘Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden’, hierna aangeduid als ‘Gevechtsinsigne’.

Artikel 2

Het Gevechtsinsigne is ovaalvormig en is vervaardigd van bronskleurig metaal. Het insigne vertoont een liggende ovalen krans, waarvan de linkerzijde gevormd wordt door laurierbladeren en de rechterzijde gevormd wordt door eikenbladeren. Op de krans rust een schuin opgericht zwaard.

Artikel 3

Het Gevechtsinsigne wordt toegekend aan de militair die:

  • a. op of na 1 juni 2001 bij het uitvoeren van de in het belang van de taakuitoefening van de krijgsmacht opgedragen werkzaamheden en diensten heeft deelgenomen aan gevechtshandelingen; en

  • b. bij deelname aan die gevechtshandelingen in alle opzichten een goede plichtsbetrachting

en een goed gedrag heeft betoond.

Artikel 4

Degene die in aanmerking komt voor een Gevechtsinsigne ontvangt naast het metalen insigne tevens:

  • a. een op naam gestelde oorkonde; en

  • b. een stoffen embleem waarmee het bezit van het Gevechtsinsigne op het gevechtstenue kan worden aangeduid.

Artikel 5

Uitreiking van het Gevechtsinsigne geschiedt zo mogelijk voor het front van de eenheid waartoe de militair behoort.

Artikel 7

De toekenning van het gevechtsinsigne geschiedt namens de Minister van Defensie:

  • a. door de Commandant der Strijdkrachten;

  • b. door de Commandant van het Operationeel Commando waartoe de militair behoort;

  • c. gedurende uitzendingen door de Commandant van het Contingentscommando, dan wel de Senior National Representative in het uitzendgebied waar de militair zich bevindt.

Artikel 9

Bij officiële, aan de krijgsmacht gerelateerde gelegenheden, is het toegestaan het Gevechtsinsigne op de burgerkleding te dragen.

Artikel 10

  • 1 Het verzoek om toekenning van een Gevechtsinsigne geschiedt door de militair of door de Commandant van de eenheid waartoe de militair behoort middels het formulier dat daartoe door de Commandant der Strijdkrachten is vastgesteld.

  • 2 Een verzoek als bedoeld in het eerste lid wordt binnen 6 maanden na de gevechtshandelingen gedaan.

Artikel 11

  • 1 De Minister van Defensie kan de toekenning intrekken op grond van feiten of omstandigheden waarvan hij bij de toekenning redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan de toekenning niet zou hebben plaatsgehad.

  • 2 Na intrekking als bedoeld in het eerste lid is betrokkene niet langer gerechtigd het Gevechtsinsigne te dragen en wordt dit samen met het embleem en de oorkonde onverwijld aan de Minister van Defensie teruggegeven.

Artikel 12

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 12 juni 2009

De

Minister

van Defensie,

E. van Middelkoop

Naar boven