Regeling specifieke uitkering voorkomen georganiseerde en ondermijnende jeugdcriminaliteit 2022

Geraadpleegd op 15-07-2024.
Geldend van 14-09-2022 t/m heden

Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 30 augustus 2022, nr 4165922, houdende regels met betrekking tot het verstrekken van een specifieke uitkering tegen ondermijnende jeugdcriminaliteit (Regeling specifieke uitkering voorkomen georganiseerde en ondermijnende jeugdcriminaliteit 2022)

De Minister van Justitie en Veiligheid,

Gelet op artikel 17, vijfde lid, van de Financiële-verhoudingswet,

Besluit:

Artikel 1. Definitiebepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • minister: de Minister van Justitie en Veiligheid;

  • gemeente: een van de voor deze aanpak geselecteerde gemeenten, te weten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Lelystad, Zaanstad, Schiedam, Nieuwegein, Groningen, Eindhoven, Arnhem, Tilburg, Breda, Leeuwarden of Heerlen.

Artikel 2. Specifieke uitkering

De minister kan op aanvraag van een gemeente een specifieke uitkering verstrekken ten behoeve van het treffen van maatregelen ter voorkoming van georganiseerde en ondermijnende jeugdcriminaliteit.

Artikel 3. Aanvraag

  • 1 Een aanvraag bevat in ieder geval:

    • a. de naam van de gemeente waarvoor een aanvraag wordt gedaan;

    • b. een plan van aanpak ten behoeve van het voorkomen van georganiseerde en ondermijnende jeugdcriminaliteit voor ten hoogste een periode van vier jaar;

    • c. een begroting voor ten hoogste vier jaar van de te ondernemen activiteiten; en

    • d. het IBAN-nummer waarop het toegekende bedrag kan worden overgemaakt.

  • 2 De aanvraag heeft betrekking op kosten die zijn gemaakt tussen 1 juni 2022 en 1 juni 2026.

  • 3 De aanvraag wordt voor 1 oktober 2022 ingediend, met gebruikmaking van een door de Minister ter beschikking gesteld digitaal aanvraagformulier.

Artikel 4. Hoogte specifieke uitkering

  • 2 De uitkering kan onderhevig zijn aan loon- en prijsbijstelling.

Artikel 5. Wijze van verstrekking

Het aan de gemeenten toegekende bedrag wordt in de periode van 2022 tot en met 2025 100% bevoorschot en in jaarlijkse termijnen uitgekeerd. De eerste betaling vindt plaats binnen zes weken volgend op dagtekening van de beschikking.

Artikel 6. Meldingsplicht

De gemeente die een specifieke uitkering heeft ontvangen is verplicht om onverwijld een schriftelijke melding te doen zodra aannemelijk is dat de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht

Artikel 7. Vaststelling en verantwoording

  • 1 Nadat de minister de verantwoordingsinformatie, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft ontvangen, stelt de minister de uitkering binnen 22 weken na de laatste termijn overeenkomstig de verlening vast.

  • 2 De minister kan de uitkering lager vaststellen, indien:

    • a. de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden;

    • b. de gemeente niet heeft voldaan aan de aan de uitkering verbonden verplichtingen;

    • c. de gemeente onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid, of

    • d. de verlening van de uitkering onjuist was en de gemeente waaraan de uitkering is verleend dit wist of behoorde te weten.

Artikel 9. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag van publicatie in de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 1 juni 2022.

’s-Gravenhage, 30 augustus 2022

De Minister van Justitie en Veiligheid,

D. Yeşilgöz-Zegerius

Naar boven