Stimuleringsregeling E-health Thuis

[Regeling vervalt per 01-01-2022.]
Geldend van 01-01-2020 t/m 31-01-2020

Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 10 december 2018, kenmerk 1457861-185083-DMO, houdende stimulering van activiteiten ten behoeve van het opschalen en borgen van het gebruik van e-health toepassingen die ondersteuning of zorg thuis faciliteren (Stimuleringsregeling E-health Thuis)

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op de artikelen 3 en 5 van de Kaderwet VWS-subsidies en artikel 1.3 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Artikel 1. Definitiebepaling

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV): Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 187);

  • cliënten: mensen met een chronische ziekte of beperking, of een groot risico daarop, die thuis wonen;

  • clusterorganisatie: de rechtspersoon die het innovatiecluster e-health exploiteert, zijnde een aanbieder van ondersteuning of zorg;

  • e-health toepassingen: digitale toepassingen die de kwaliteit van leven van cliënten verbeteren of mantelzorg vereenvoudigen of ontzorgen;

  • inkoper: inkoper van ondersteuning of zorg, zijnde een zorgverzekeraar, gemeente of zorgkantoor;

  • innovatiecluster e-health: een innovatiecluster als bedoeld in artikel 2, onderdeel 92, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, op het gebied van e-health, ten behoeve van het uitvoeren van activiteiten in het kader van deze regeling;

  • mantelzorger: degene die mantelzorg verleent als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;

  • Minister: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

  • ondersteuning: maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015);

  • opleidingsactiviteiten e-health: opleiding als bedoeld in artikel 31, van de algemene groepsvrijstellingsverordening die leidt tot kennisoverdracht op het gebied van e-health toepassingen;

  • penvoerder: de door het samenwerkingsverband opleidingsactiviteiten e-health aangewezen clusterorganisatie die namens alle deelnemers van het samenwerkingsverband optreedt;

  • professional: de medewerker die ondersteuning biedt of zorg verleent;

  • samenwerkingsverband opleidingsactiviteiten e-health: een geen rechtspersoonlijkheid bezittend verband, niet zijnde een vennootschap, bestaande uit een clusterorganisatie en andere bij het innovatiecluster e-health betrokken organisaties;

  • zorg: Wlz-zorg en Zvw-zorg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg.

Artikel 2. Doel van de regeling

  • 1 Deze regeling heeft als doel het stimuleren van activiteiten ten behoeve van het opschalen en borgen van het gebruik van e-health toepassingen die ondersteuning of zorg aan cliënten thuis faciliteren, zodat zij langer zelfstandig thuis kunnen wonen, door:

    • a. het op grotere schaal toepassen van e-health, uitgedrukt in aantallen cliënten;

    • b. het structureel inbedden van het gebruik van e-health toepassingen in de reguliere werkprocessen voor ondersteuning of zorg; en

    • c. het organiseren van een duurzame wijze van bekostiging en borging daarvan in inkoop- en contractafspraken.

  • 2 Voor de e-health toepassingen als bedoeld in het eerste lid geldt dat deze al structureel door minimaal 100 cliënten of mantelzorgers in Nederland worden gebruikt. Van deze 100 cliënten of mantelzorgers maken er minimaal 10 cliënten gebruik van ondersteuning of zorg van een aanbieder betrokken bij het innovatiecluster e-health.

Artikel 3. Subsidie innovatiecluster e-health en opleidingsactiviteiten e-health

  • 1 De Minister kan op aanvraag voor maximaal drie jaar subsidie verstrekken aan:

    • a. een clusterorganisatie voor activiteiten van een innovatiecluster e-health; of

    • b. een clusterorganisatie voor activiteiten van een innovatiecluster e-health en opleidingsactiviteiten e-health; of

    • c. de penvoerder van een samenwerkingsverband opleidingsactiviteiten e-health voor opleidingsactiviteiten e-health van de deelnemers.

  • 2 Een innovatiecluster e-health bestaat uit tenminste één aanbieder en één inkoper van ondersteuning of zorg.

  • 3 Geen subsidie wordt verstrekt voor e-health toepassingen die primair gericht zijn op:

    • a. het verplaatsen van ziekenhuiszorg naar huis;

    • b. de uitwisseling van gegevens.

Artikel 3a. Subsidie visievorming e-health

[Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]

Dit onderdeel is (nog) niet in werking getreden; zie het overzicht van wijzigingen

Artikel 4. Subsidiabele kosten

Als subsidiabele kosten komen uitsluitend in aanmerking:

  • a. voor activiteiten van een innovatiecluster e-health: de kosten als bedoeld in artikel 27, vijfde en achtste lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, met dien verstande dat de kosten als bedoeld in artikel 27, vijfde lid, tot een maximum van 20% van de totale subsidiabele kosten in aanmerking komen;

  • b. voor opleidingsactiviteiten e-health: de kosten als bedoeld in artikel 31, derde lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening.

Artikel 5. Hoogte van de subsidie

  • 1 Het maximale percentage subsidie voor de activiteiten van een innovatiecluster e-health is 55% van de in aanmerking komende kosten, met inachtneming van artikel 27, zesde en negende lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, tot een maximumbedrag subsidie van € 750.000.

  • 2 Het maximale percentage subsidie voor opleidingsactiviteiten e-health is 70% van de in aanmerking komende kosten, met inachtneming van artikel 31, vierde lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, tot een maximumbedrag subsidie van € 150.000 per clusterorganisatie of samenwerkingsverband opleidingsactiviteiten e-health.

  • 4 Het maximumbedrag subsidie voor een gezamenlijke subsidieaanvraag voor activiteiten van een innovatiecluster e-health en opleidingsactiviteiten e-health is € 750.000.

Artikel 6. Subsidieplafond

  • 1 Het subsidieplafond voor 2020 bedraagt € 28.000.000 en voor 2021 € 28.000.000.

  • 2 De Minister verdeelt het ingevolge het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 7. Subsidieaanvraag

  • 1 Voor de aanvraag tot verlening van de subsidie wordt een door de Minister vastgesteld formulier gebruikt.

Artikel 8. Beoordelingscriteria

De subsidieaanvraag moet in voldoende mate voldoen aan de criteria in de bijlage van deze regeling.

Artikel 9. Weigeringsgronden

Een subsidieaanvraag wordt in ieder geval afgewezen indien:

  • a. niet wordt voldaan aan het bepaalde in deze regeling en de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

  • b. er al een subsidie is verstrekt voor dezelfde activiteiten op grond van deze of een andere regeling;

  • c. de subsidieverstrekking niet in overeenstemming is met het bepaalde in de algemene groepsvrijstellingsverordening.

Artikel 10. Verplichtingen

In aanvulling op hoofdstuk 5 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is de subsidieontvanger verplicht:

  • a. de inkoper die genoemd wordt in de verklaring als bedoeld in artikel 7, tweede lid, de hele subsidieperiode te betrekken;

  • b. actief deel te nemen aan kennisdeling, onder andere door deelname aan bijeenkomsten en het delen van informatie;

  • c. mee te werken aan de monitoring van de voortgang van de beoogde tussen- en eindresultaten zoals opgenomen in de aanvraag.

Artikel 11. Werkingsduur regeling

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 2019 en vervalt met ingang van 1 januari 2022, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op aanvragen die voor 1 januari 2022 zijn ontvangen.

Deze regeling zal met de bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

H.M. de Jonge

Bijlage Beoordelingscriteria behorend bij artikel 8

Criteria Kwaliteit

1.

Kwaliteit van het activiteitenplan:

 

a.

Het plan draagt bij aan de doelstelling van deze regeling. Het plan is helder en overtuigend over de beoogde procesinnovatie en de daarbij beoogde schaalsprong, aanpassing van werkprocessen en structurele afspraken tussen aanbieder(s) en inkoper(s). Er is sprake van een stevige ambitie in verhouding tot de kosten.

 

b.

Tussen- en eindresultaten zijn benoemd, waarbij ten minste wordt opgenomen:

   

i.

Een oplopende reeks aantallen cliënten dat de toepassing structureel gebruikt (hoe vaak, hoe lang) en bespaarde uren professionals;

   

ii.

Een kwalitatieve reeks over de mate van voortgang van aanpassing van de werkprocessen van het ondersteunings- of zorgaanbod aan mensen thuis waar e-health wordt ingebed;

   

iii.

Een kwalitatieve reeks over de mate van voortgang in de organisatie van een duurzame wijze van bekostiging en borging daarvan in inkoop- en contractafspraken;

   

iv.

Een eindresultaat dat betrekking heeft op een neutrale of positieve bijdrage aan de kwaliteit van leven van cliënten of aan de vereenvoudiging of ontzorging van de mantelzorg.

 

c.

De onderbouwing van de aanpak is helder, met onder andere aandacht voor de voorgeschiedenis (waaronder het aantal cliënten/mantelzorger dat reeds structureel gebruik maakt van de toepassing), de relatie van de aanpak tot de regionale opgave en ontwikkelingen, en de doelmatigheid van zorg;

 

d.

De haalbaarheid (infrastructuur, personeel, tijd, financiering) is overtuigend.

2.

Kwaliteit innovatiecluster:

 

a.

Optimale samenstelling voor het tot uitvoering brengen van het betreffende Activiteitenplan, waarbij het cluster ten minste bestaat uit één aanbieder en één inkoper van ondersteuning of zorg. Bij voorkeur sluiten ook één of meerdere andere aanbieders aan, een tweede of derde inkoper en (vertegenwoordiging van) cliënten en mantelzorgers;

 

b.

Partijen beschikken over voldoende expertise.

3.

Kwaliteit opleidingsactiviteiten:

De opleidingsactiviteiten dragen bij aan de tussen- en eindresultaten van het innovatiecluster e-health.

Criteria Cliënt en mantelzorger

4.

Cliënten / mantelzorgers zijn intensief betrokken bij de implementatie en het gebruik van de e-health toepassing.

5.

Cliënten / mantelzorgers ervaren toegevoegde waarde bij het gebruik van de e-health toepassing. Denk aan zelfregie, gemak, veiligheid, contact, kennisdeling, continuïteit in het contact met de professional.

6.

Het gebruiken van de e-health toepassing vergt bij voorkeur nauwelijks of geen training, en de toepassingen zijn ook voor mensen met lichamelijke of cognitieve beperkingen bruikbaar en begrijpelijk. Indien van toepassing, gelden hierbij de WCAG 2.1 normen.

Criteria Professional

7.

Professionals zijn intensief betrokken bij de implementatie en het gebruik van de e-health toepassing.

8.

Professionals ervaren toegevoegde waarde bij het gebruik van de e-health toepassing. Denk aan efficiency, meer tijd voor de klant, betere zorg/ondersteuning, voldoening, continuïteit in het contact met de cliënt en/of mantelzorger.

Criteria Techniek

9.

De e-health toepassing is interoperabel en te koppelen met de bestaande ICT infrastructuur.

10.

Het gebruik van de e-health toepassing is eenvoudig schaalbaar van tientallen gebruikers naar meer gebruikers.

11.

De e-health toepassing maakt gebruik van up-to-date technologie, voldoet aan de geldende standaarden en is toekomstvast (zie onder andere Vitaal Thuis/MedMij).

Terug naar begin van de pagina