Subsidieregeling post-initiële leergang bewegingsonderwijs

[Regeling vervalt per 31-07-2022.]
Geldend van 04-12-2018 t/m 23-06-2020

Regeling van de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media van 26 november 2018, nr. 1446646, houdende regels voor het verstrekken van subsidie aan leraren voor het behalen van een bevoegdheid bewegingsonderwijs (Subsidieregeling post-initiële leergang bewegingsonderwijs)

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

certificaat: door het Centrum voor Post Initieel Onderwijs Nederland (CPION) erkend bewijs dat de post-initiële leergang bewegingsonderwijs met goed gevolg is afgerond;

DUO: Dienst Uitvoering Onderwijs;

leraar: persoon die voldoet aan de bevoegdheidseisen, gesteld in artikel 3 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 3 van de Wet op de expertisecentra, artikel XI van de Wet op de beroepen in het onderwijs voor zover het primair onderwijs betreft, of artikel 3 van de Wet primair onderwijs BES;

minister: Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media;

post-initiële leergang bewegingsonderwijs: een door het CPION geaccrediteerde post-initiële leergang bewegingsonderwijs aan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel g, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Artikel 3. Te subsidiëren activiteiten

De minister kan eenmalig aan een leraar subsidie verstrekken voor het behalen van een certificaat van een post-initiële leergang bewegingsonderwijs.

Artikel 4. Subsidieplafond

Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is voor de kalenderjaren 2019 en 2020 een bedrag van € 3.000.000 per jaar beschikbaar.

Artikel 5. Subsidiebedrag

Het subsidiebedrag bestaat per leraar uit:

  • a. een bedrag ter vergoeding van de werkelijk gemaakte kosten van het collegegeld met een maximum van € 3.500;

  • b. een bedrag als tegemoetkoming in de kosten voor studiemiddelen, ten bedrage van 10% van het verschuldigde collegegeld met een maximum van € 350; en

  • c. een bedrag als tegemoetkoming in de reiskosten, ten bedrage van 10% van het verschuldigde collegegeld met een maximum van € 350.

Artikel 6. Aanvraag subsidie

De aanvraag voor de subsidie geschiedt met gebruikmaking van het aanvraagformulier dat daartoe via de website van DUO beschikbaar is gesteld.

Artikel 7. Termijn indiening aanvraag

Een subsidieaanvraag wordt gedaan voor de datum van aanvang van de post-initiële leergang bewegingsonderwijs waarop de aanvraag betrekking heeft. Een subsidieaanvraag die niet wordt gedaan voor de datum van aanvang van de post-initiële leergang bewegingsonderwijs waarop de aanvraag betrekking heeft, wordt afgewezen.

Artikel 8. Weigeringsgronden

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht kan de subsidieverlening worden geweigerd indien de subsidieaanvrager uit anderen hoofde een financiële tegemoetkoming in de studiekosten heeft ontvangen voor het volgen van de post-initiële leergang bewegingsonderwijs.

Artikel 9. Wijze van verdeling beschikbare middelen

De minister verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 10. Subsidieverplichtingen

Aan de subsidieontvanger worden de volgende verplichtingen opgelegd:

  • a. de subsidieontvanger behaalt in de daarvoor staande studieperiode met een uitloop van een half jaar zijn certificaat;

  • b. de subsidieontvanger zendt binnen drie maanden na het moment waarop de opleiding is afgerond een kopie van zijn certificaat aan DUO; en

  • c. de subsidieontvanger doet onverwijld melding aan de minister van het niet aanvangen of staken van de opleiding, of van het niet-tijdig behalen van het certificaat. In dit geval kan de subsidie lager worden vastgesteld.

Artikel 11. Termijn beslissing

  • 1 De subsidie wordt binnen 8 weken na indiening van de subsidieaanvraag verleend.

  • 2 De subsidie wordt ambtshalve vastgesteld binnen 3 maanden na ontvangst van een kopie van het certificaat.

  • 3 Indien na 10 maanden na afloop van de voorgeschreven studieperiode geen kopie van het certificaat is ontvangen, dan wordt de subsidie op nihil vastgesteld.

  • 4 De minister verleent een voorschot van 100%.

Artikel 12. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

  • 2 Deze regeling vervalt met ingang van 31 juli 2022.

Artikel 13. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling post-initiële leergang bewegingsonderwijs.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

A. Slob

Terug naar begin van de pagina