Besluit diergezondheidsheffing

Geldend van 01-01-2020 t/m heden

Besluit van 25 november 2017, houdende regels met betrekking tot de diergezondheidsheffing (Besluit diergezondheidsheffing)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken van 29 september 2017, nr. WJZ 17147938;

Gelet op de artikelen 91c, derde lid, 91d, derde lid, 91f, derde lid, 91k, derde lid, en 91m, eerste lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 11 oktober 2017 nr. W15.17.0328/IV);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 20 november 2017, nr. WJZ 17168572;

Hebben goedgevonden en verstaan:

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • A-, B-, C-, D-, E- of F-bedrijf: bedrijf dat op grond van een krachtens artikel 17 van de wet vastgestelde ministeriële regeling ter beperking van het risico op een uitbraak van een besmettelijke varkensziekte door Onze Minister respectievelijk als A-, B-, C-, D-, E- of F-bedrijf is aangewezen of aangemerkt;

  • beer: geslachtsrijp varken van het mannelijk geslacht; bestemd voor de fokkerij;

  • big: varken vanaf de geboorte tot aan het spenen;

  • diergezondheidsheffing: heffing als bedoeld in artikel 91b van de wet;

  • eendagskuiken: kuiken dat nog geen 72 uur oud is;

  • gebruikspluimvee: pluimvee dat bestemd is voor de productie van consumptie-eieren of direct bestemd is voor de productie van vlees;

  • gelt: geslachtsrijp varken van het vrouwelijk geslacht dat nog niet heeft geworpen, bestemd voor de fokkerij;

  • grootouderdier: kip die 17 weken of ouder is en gehouden wordt voor de productie van broedeieren ter verkrijging van ouderdieren;

  • legkip: kip die 17 weken of ouder is en gehouden wordt voor de productie van consumptie-eieren of vaccinbroedeieren;

  • legras: pluimveeras dat bestemd is voor de productie van eieren;

  • ouderdier: kip die 17 weken of ouder is en gehouden wordt voor de productie van broedeieren ter verkrijging van gebruikspluimvee;

  • traaggroeiend ras: ras waarvan de dieren minder dan 50 gram per dag groeien;

  • verordening (EG) nr. 834/2007: Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2092/91 (PbEU 2007, L 189);

  • verordening (EG) nr. 589/2008: Verordening (EG) nr. 589/2008 van de Commissie van 23 juni 2008 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad, wat betreft de handelsnormen voor eieren (PbEU 2008, L 163);

  • vleeskalkoen: kalkoen van 72 uur of ouder die direct bestemd is voor de productie van vlees;

  • vleeskuiken: kip van 72 uur of ouder die direct bestemd is voor de productie van vlees;

  • vleesras: pluimveeras dat bestemd is voor de productie van vlees;

  • vleesvarken: gespeend varken dat wordt gehouden voor de productie van vlees;

  • wet: Gezondheids- en welzijnswet voor dieren;

  • zeug: varken van het vrouwelijk geslacht na de worp van haar eerste biggen.

Artikel 2

De aan te wijzen diersoorten en het voor die diersoorten te bepalen aantal, bedoeld in:

Artikel 3

  • 1 Het aantal in een kalenderjaar gehouden varkens wordt bepaald op basis van het aantal dieren dat in het kalenderjaar uit de stal is afgevoerd.

  • 2 Het aantal in een kalenderjaar gehouden runderen, jonger dan een jaar, wordt bepaald op basis van het aantal dieren dat in het kalenderjaar uit de stal is afgevoerd om te worden geëxporteerd of om te worden vervoerd naar een slachthuis.

Artikel 3a

De tarieven voor de diergezondheidsheffing worden voor de jaren 2020 tot en met 2024 zodanig vastgesteld dat de totale opbrengst in die periode niet meer bedraagt dan:

  • a. voor runderen: € 43.220.000;

  • b. voor varkens: € 57.947.300;

  • c. voor kippen, kalkoenen, eenden en broedeieren: € 78.000.000;

  • d. voor schapen en geiten: € 9.095.440.

Artikel 4

De omvang van de in artikel 91k, eerste lid, onderdeel b, van de wet bedoelde reserve bedraagt:

  • a. voor runderen: € 1.800.000;

  • b. voor varkens: € 7.400.000;

  • c. voor kippen, kalkoenen, eenden en broedeieren: € 7.423.000;

  • d. voor schapen en geiten: €98.000.

§ 2. Tarieven diergezondheidsheffing

Artikel 5

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van eendagskuikens die behoren tot een vleesras bedraagt:

    • a. € 0,749841 per eendagskuiken dat bestemd is om te worden opgefokt tot grootouderdier;

    • b. € 0,040259 per eendagskuiken dat bestemd is om te worden opgefokt tot ouderdier.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van kippen die behoren tot een vleesras bedraagt:

    • a. € 0,136859 per ouderdier;

    • b. € 0,903363 per grootouderdier.

  • 3 De hoogte van de heffing ter zake van het houden van vleeskuikens bedraagt:

    • a. € 0,007959 per vleeskuiken van een traaggroeiend ras;

    • b. € 0,005416 per vleeskuiken van andere rassen dan bedoeld in onderdeel a.

  • 4 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van de inleg van broedeieren, afkomstig van kippen die behoren tot een vleesras, bedraagt:

    • a. € 0,002757 per broedei voor fok- en vermeerderingspluimvee;

    • b. € 0,000772 per broedei voor gebruikspluimvee.

Artikel 6

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van eendagskuikens die behoren tot een legras bedraagt:

    • a. € 0,875025 per eendagskuiken dat bestemd is om te worden opgefokt tot grootouderdier;

    • b. € 0,141140 per eendagskuiken dat bestemd is om te worden opgefokt tot ouderdier;

    • c. € 0,023484 per eendagskuiken dat bestemd is om te worden opgefokt tot legkip.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van kippen die behoren tot een legras bedraagt:

    • a. € 0,987378 per grootouderdier;

    • b. € 0,269772 per ouderdier.

  • 3 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van legkippen bedraagt:

    • a. € 0,514633 per legkip die wordt gehouden voor de productie van biologische eieren als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van verordening(EG) nr. 834/2007;

    • b. € 0,314572 per legkip die wordt gehouden voor de productie van eieren van hennen met vrije uitloop als bedoeld in bijlage II, onderdeel 1, van verordening (EG) nr. 589/2008;

    • c. € 0,201469 per legkip die wordt gehouden voor de productie van scharreleieren als bedoeld in bijlage II, onderdeel 2, van verordening (EG) nr. 589/2008;

    • d. € 0,164747 per legkip die wordt gehouden voor de productie van kooi-eieren als bedoeld in bijlage II, onderdeel 3, van verordening (EG) nr. 589/2008.

  • 4 Het tarief voor de diergezondheidsheffing voor de inleg van broedeieren, afkomstig van kippen die behoren tot een legras, bedraagt:

    • a. € 0,004941 per broedei voor fok- en vermeerderingspluimvee;

    • b. € 0,000413 per broedei voor gebruikspluimvee;

    • c. € 0,000282 per vaccinbroedei.

Artikel 7

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van vleeskalkoenen bedraagt:

    • a. € 0,047355 per vrouwelijke vleeskalkoen;

    • b. € 0,088633 per mannelijke vleeskalkoen.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing voor de inleg van broedeieren, afkomstig van kalkoenen, bedraagt € 0,004032 per broedei.

Artikel 8

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van eenden bedraagt € 0,013634 per eend.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing voor de inleg van broedeieren, afkomstig van eenden, bedraagt € 0,001091 per broedei.

Artikel 9

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van runderen van 1 jaar of ouder bedraagt € 2,442 per rund.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van runderen, jonger dan 1 jaar, bedraagt € 0,345 per rund.

Artikel 10

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van schapen bedraagt € 0,896 per schaap.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van geiten bedraagt € 1,291 per geit.

Artikel 11

  • 1 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van varkens op een A-bedrijf bedraagt:

    • a. € 0,340 per vleesvarken dat is afgevoerd naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum;

    • b. € 0,170 per zeug, beer, gelt of big die is afgevoerd naar een A-, B-, C- of D-bedrijf, naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum;

    • c. € 0,120 per big die is afgevoerd naar een E-bedrijf.

  • 2 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van varkens op een B-bedrijf bedraagt:

    • a. € 0,340 per vleesvarken dat is afgevoerd naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum;

    • b. € 0,170 per zeug, beer of gelt die is afgevoerd naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum;

    • c. € 0,170 per big die is afgevoerd naar een D-bedrijf, naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum;

    • d. € 0,120 per big die is afgevoerd naar een F-bedrijf.

  • 3 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van varkens op een C-bedrijf bedraagt € 0,170 per varken dat is afgevoerd naar A-, B-, of D-bedrijf, naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum.

  • 4 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van varkens op een D-bedrijf bedraagt € 0,170 per vleesvarken dat is afgevoerd naar een slachthuis of naar een bestemming buiten Nederland, al dan niet via een verzamelcentrum.

  • 5 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van varkens op een E-bedrijf bedraagt € 0,050 per varken.

  • 6 Het tarief voor de diergezondheidsheffing ter zake van het houden van varkens op een F-bedrijf bedraagt € 0,050 per varken.

  • 7 Op geslachtsrijpe varkens die eerder bestemd waren voor de fokkerij en van een A-bedrijf of een B-bedrijf zijn afgevoerd naar een slachthuis, al dan niet via een verzamelcentrum, is uitsluitend het eerste lid, onderdeel b, dan wel het tweede lid, onderdeel b, van toepassing.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Wassenaar, 25 november 2017

Willem-Alexander

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

C.J. Schouten

Uitgegeven de zevende december 2017

De Minister van Justitie en Veiligheid,

F.B.J. Grapperhaus

Terug naar begin van de pagina