Regeling bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van scholen in het primair [...] en beleidsregel interpretatie samenvoeging in WPO en WEC

[Regeling vervalt per 01-08-2027.]
Geldend van 25-05-2019 t/m heden

Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 22 mei 2017, nr. PO/FenV/917299, houdende bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van basisscholen, speciale scholen voor basisonderwijs en scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs en beleidsregel ten behoeve van de uitvoering van artikel 121, derde lid en artikel 134, negende en tiende lid, van de Wet op het primair onderwijs respectievelijk van artikel 118, vierde lid en artikel 128, zevende en achtste lid, van de Wet op de expertisecentra met ingang van het schooljaar 2017-2018 (Regeling bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van scholen in het primair onderwijs en beleidsregel interpretatie samenvoeging in WPO en WEC)

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. WPO: Wet op het primair onderwijs;

  • b. WEC: Wet op de expertisecentra;

  • c. basisschool: basisschool als bedoeld in artikel 1 van de WPO;

  • d. speciale school voor basisonderwijs: speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in artikel 1 van de WPO;

  • e. school voor (voortgezet) speciaal onderwijs: school voor speciaal onderwijs, voor voortgezet speciaal onderwijs of voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in artikel 1 van de WEC, niet zijnde een instelling;

  • f. school: basisschool, speciale school voor basisonderwijs dan wel school voor (voortgezet) speciaal onderwijs als bedoeld in dit artikel;

  • g. fusieschool: basisschool, speciale school voor basisonderwijs of school voor (voortgezet) speciaal onderwijs, die volgens opgave van het bevoegd gezag aan DUO is ontstaan uit de fusie van twee of meer basisscholen, speciale scholen voor basisonderwijs respectievelijk scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs;

  • h. opheffing: beëindiging van de bekostiging van een bijzondere school respectievelijk de opheffing van een openbare school;

  • i. fusie-instroom:

    relatieve instroom van de leerlingen van de bij een fusie opgeheven scholen naar de desbetreffende fusieschool, bepaald door de uitkomst van de formule A / B * 100%, naar beneden afgerond op een geheel percentage, waarin:

    A = het totaal aantal leerlingen dat op 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie op de bij die fusie opgeheven scholen als bekostigde leerling ingeschreven stond én op 1 oktober direct volgend op de fusie als bekostigde leerling ingeschreven staat op de fusieschool, met dien verstande dat bij een opheffing van één of meer scholen voor speciaal onderwijs, gevolgd door een fusie met een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs onder inschrijving bij de fusieschool wordt verstaan inschrijving bij het so-deel van de fusieschool, en bij opheffing van één of meer scholen voor voortgezet speciaal onderwijs, gevolgd door een fusie met een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs onder inschrijving bij de fusieschool wordt verstaan inschrijving bij het vso-deel van de fusieschool;

    B = het totaal aantal leerlingen dat op 1 oktober direct voorafgaande aan de fusie op de bij de fusie betrokken opgeheven scholen als bekostigde leerling ingeschreven stond én op 1 oktober direct volgend op de opheffing als bekostigde leerling ingeschreven staat op respectievelijk:

    • een basisschool ingeval het een opheffing van één of meer basisscholen betreft; of

    • een speciale school voor basisonderwijs ingeval het een opheffing van één of meer speciale scholen voor basisonderwijs betreft; of

    • een school voor speciaal onderwijs indien het een opheffing van één of meer scholen voor speciaal onderwijs betreft, gevolgd door een fusie met een andere school voor speciaal onderwijs; of

    • een school voor speciaal onderwijs of het so-deel van een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs indien het een opheffing van één of meer scholen voor speciaal onderwijs betreft, gevolgd door een fusie met een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs; of

    • een school voor voortgezet speciaal onderwijs indien het een opheffing van één of meer scholen voor voortgezet speciaal onderwijs betreft, gevolgd door een fusie met een andere school voor voortgezet speciaal onderwijs; of

    • een school voor voortgezet speciaal onderwijs of het vso-deel van een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs indien het een opheffing van één of meer scholen voor voortgezet speciaal onderwijs betreft, gevolgd door een fusie met een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs; of

    • een school voor speciaal onderwijs, een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs indien het een opheffing van één of meer scholen voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs betreft, gevolgd door een fusie met een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs.

  • j. substantiële fusie-instroom: fusie-instroom als bedoeld in dit artikel van ten minste 50%;

  • k. beperkte fusie-instroom fusie-instroom als bedoeld in dit artikel van ten minste 25% maar minder dan 50%;

  • l. leeftijdscohort: één of meer leerlingen die op 1 oktober van een schooljaar de leeftijd hebben die bij dat leeftijdscohort is aangegeven;

  • m. kleine of zeer kleine basisschool waar sprake is van een complete leerlingpopulatie: basisschool die onderdeel uitmaakt van een fusie, waar op 1 oktober direct voorafgaande aan die fusie minder dan 145 bekostigde leerlingen stonden ingeschreven, en die op die datum een zodanige evenwichtige leeftijdsopbouw van deze leerlingen kent dat, van de 8 leeftijdscohorten 4- tot en met 11- jarigen, bij ten minste 6 leeftijdscohorten sprake is van één of meer leerlingen die een zodanige leeftijd hebben dat ze binnen dat leeftijdscohort vallen, waarbij leerlingen die op de desbetreffende datum ouder zijn dan 11 jaar als 11-jarigen meetellen.