Besluit instelling Adviescommissie tot benoeming leden Adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog

[Regeling vervalt per 01-01-2023.]
Geldend van 01-01-2020 t/m heden

Besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 1 juli 2016, nr. 915229, houdende instelling van de Adviescommissie tot benoeming van leden van de Adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog

Artikel 1. Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a. de minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

  • b. de Restitutiecommissie: Adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog;

  • c. de commissie: Adviescommissie benoeming leden van de Restitutiecommissie.

Artikel 2. Instelling en taak

  • 1 Er is een commissie die tot taak heeft de Minister te adviseren over de benoeming van leden van de Restitutiecommissie.

  • 2 De commissie doet op verzoek van de Minister een benoemingsvoorstel, uitgaande van de gewenste samenstelling van de Restitutiecommissie en op basis van profielschetsen voor de verschillende functies. De commissie neemt daarbij het relevante wettelijke kader in acht.

Artikel 3. Leden

  • 1 Tot de leden van de commissie worden benoemd:

    • a. mevrouw mr. P.G.H. Westerhof, tevens voorzitter;

    • b. mevrouw drs. J.C.E. Belinfante; en

    • c. de heer drs. K.J. Schoonderwoerd.

  • 2 Bij het ontstaan van tussentijdse vacatures in de commissie benoemt de Minister nieuwe leden.

Artikel 4. Werkwijze en vergoeding

  • 1 De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

  • 2 De leden en de voorzitter van de commissie ontvangen voor het bijwonen van vergaderingen en overige bijeenkomsten in het kader van hun werkzaamheden vacatiegelden overeenkomstig artikel 2 van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies. Voorts ontvangen zij voor hun werkzaamheden vergoeding van reis- en verblijfskosten overeenkomstig hetgeen daarover is overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren.

Artikel 5. Ondersteuning commissie

  • 1 De commissie wordt ondersteund door een secretariaat.

  • 2 Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de commissie.

  • 3 In het secretariaat wordt voorzien door de Minister.

Artikel 6. Archiefbescheiden

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de archiefbescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 7. Instellingsduur

De commissie wordt van rechtswege ontbonden zes jaar na inwerkingtreding van dit besluit.

Artikel 8. Inwerkingtreding

  • 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

  • 2 Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2023.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.

De

Minister

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M. Bussemaker

Terug naar begin van de pagina