Uitvoeringsbesluit WNT

Geldend van 01-01-2015 t/m 11-12-2015

Besluit van 6 december 2012 tot uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (Uitvoeringsbesluit WNT)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 22 oktober 2012, nr. 2012 - 0000578978, Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving, Afdeling Wetgeving Staatsinrichting en Bestuur;

Gelet op de artikelen 1.3, tweede en derde lid, 2.11, 3.8, 5.6, tweede lid, van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, artikel 190, eerste lid, van de Provinciewet, artikel 186, eerste lid, van de Gemeentewet, artikel 98a, eerste lid, van de Waterschapswet en artikel 2, vierde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 2 november 2012, nr. W04.12.0427/1);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 29 november 2012, nr. 2012-0000648640, Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving, Afdeling Wetgeving Staatsinrichting en Bestuur;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 2

Terugwerkende kracht

Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

De volgende variabele beloningen worden aangemerkt als uitzonderingen als bedoeld in de artikelen 2.11 en 3.8 van de wet:

  • a. een gratificatie ter gelegenheid van het bereiken van een diensttijd van 12½, 25, 40 en 50 jaar;

  • b. een eenmalige mobiliteitstoeslag;

  • c. een eenmalige bindingspremie.

Terugwerkende kracht

Stb. 2015, 475, datum inwerkingtreding 12-12-2015, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2015.

  • a. een uit een wettelijk voorschrift, een collectieve arbeidsovereenkomst of reguliere arbeidsvoorwaarden voortvloeiende uitkering of verstrekking die wordt toegekend in verband met het bereiken van een bepaalde diensttijd;

Artikel 2a

Terugwerkende kracht

Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

Als incidenteel inkomensbestanddeel als bedoeld in artikel 1.9, tweede lid, van de wet, dat geen onderdeel van de bezoldiging vormt, wordt aangemerkt een uitkering of verstrekking als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel o, van de Wet op de loonbelasting 1964.

Terugwerkende kracht

Stb. 2015, 475, datum inwerkingtreding 12-12-2015, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2015.

Het artikel is nieuw toegevoegd.

Artikel 3

Het bedrag van de in artikel 5.6, tweede lid, van de wet bedoelde kosten verbonden aan de openbaarmaking van gegevens, bedoeld in artikel 5.6, eerste lid, en van het opstellen van het document wordt vastgesteld op € 1100.

Artikel 4

[Red: Wijzigt de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector.]

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 6 december 2012

Beatrix

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

R. H. A. Plasterk

Uitgegeven de dertiende december 2012

De Minister van Veiligheid en Justitie,

I. W. Opstelten

Terug naar begin van de pagina