Regeling rijkssubsidiëring instandhouding monumenten

[Regeling vervallen per 01-01-2011.]
Geraadpleegd op 27-06-2022.
Geldend van 24-04-2009 t/m 06-01-2010

Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van 10 januari 2006, nr. WJZ/2006/292 (8157), houdende nadere regels op grond van het Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten (Regeling rijkssubsidiëring instandhouding monumenten)

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 3, tweede lid, 5, 6, eerste lid, en 41, eerste lid, van het Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

  • b. besluit: Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten,

  • c. werkzaamheden: werkzaamheden ter uitvoering van het instandhoudingsplan, en

  • d. CBS-categorie: groep van beschermde monumenten op basis van een door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg in samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek ontwikkelde indeling.

Artikel 2. Subsidiabele kosten

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

  • 1 Subsidiabel zijn de kosten van werkzaamheden, maatregelen en voorzieningen als bedoeld in de Leidraad Brim subsidiabele instandhoudingskosten, opgenomen als bijlage bij deze regeling, met dien verstande dat kosten uitsluitend subsidiabel zijn voorzover de werkzaamheden:

    • a. strekken tot instandhouding van het beschermde monument en zijn monumentale waarden,

    • b. sober en doelmatig zijn,

    • c. technisch noodzakelijk zijn, en

    • d. de werkzaamheden zijn gericht op maximaal behoud van aanwezige historische materialen en constructies.

  • 2 Kosten voor werkzaamheden die zijn gericht op het voorkomen van verval of het voorkomen van gevolgschade, zijn subsidiabel.

  • 3 Kosten voor werkzaamheden die zijn gericht op vervanging van materialen die hun functie niet meer kunnen vervullen, zijn subsidiabel.

  • 4 Kosten voor werkzaamheden die zijn gericht op reconstructie, zijn niet subsidiabel, tenzij ze in uitzonderlijke gevallen naar het oordeel van de minister ter versterking van de monumentale waarden gewenst zijn.

  • 5 Niet subsidiabel zijn:

    • a. kosten voor werkzaamheden die voortvloeien uit veranderd gebruik, en

    • b. kosten voor werkzaamheden die zijn gericht op comfortverbetering.

Artikel 3. Subsidieplafonds

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

Terugwerkende kracht

Voor dit artikel is een wijziging met terugwerkende kracht gepubliceerd. Zie opmerking onder de tekst voor nadere informatie.

Het subsidieplafond, bedoeld in artikel 5 van het besluit bedraagt voor de jaarlijks te verlenen subsidies:

Terugwerkende kracht

Stcrt. 2010, 125, datum inwerkingtreding 07-01-2010, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van dit artikel. Deze wijziging werkt terug tot 01-01-2009.

  • b. voor monumenten als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van het besluit: 6 miljoen euro, met dien verstande dat het subsidieplafond voor het jaar 2009 bedraagt: 12 miljoen euro.

Artikel 4. Maximum subsidiabele kosten

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

Onverminderd artikel 6, tweede lid, van het besluit, bedraagt het maximum aan subsidiabele kosten waarover per beschermd monument subsidie kan worden verstrekt:

  • a. voor woonhuizen en boerderijen zonder agrarische functie: 25.000 euro,

  • b. voor kerkgebouwen: 699.999 euro,

  • c. voor kastelen en landhuizen 100.000 euro,

  • d. voor molens en gemalen: 50.000 euro, en

  • e. voor overige beschermde monumenten: 50.000 euro.

Artikel 5. Gefaseerde inwerkingtreding

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

  • 1 Het besluit wordt van toepassing op beschermde monumenten met dien verstande dat:

    • a. de eigenaar van een beschermd monument in aanmerking komt voor subsidie met ingang van 1 januari 2007 voorzover het monumenten betreft die behoren tot de CBS-categorieën: landhuizen, e.d.

      • 1°. molens,

      • 2°. kastelen,

      • 3°. horeca-instellingen,

    • b. de eigenaar van een beschermd monument in aanmerking komt voor subsidie met ingang van 1 januari 2008 voorzover het monumenten betreft die behoren tot de CBS-categorieën:

      • 1°. agrarische gebouwen,

      • 2°. gebouwen, woonhuizen,

      • 3°. delen van gebouwen en woonhuizen,

      • 4°. weg- en waterwerken,

    • c. de eigenaar van een beschermd monument in aanmerking komt voor subsidie met ingang van 1 januari 2009 voorzover het monumenten betreft die behoren tot de CBS-categorieën:

      • 1°. openbare gebouwen,

      • 2°. verdedigingswerken,

      • 3°. liefdadige instellingen,

      • 4°. losse objecten, e.d.

    • d. de eigenaar van een beschermd monument in aanmerking komt voor subsidie met ingang van 1 januari 2010 voorzover het monumenten betreft die behoren tot de CBS-categorie kerkelijke gebouwen en kerk-onderdelen/objecten die als beschermd monument zijn aangewezen met de rijksmonumentnummers 45.950 en volgende,

    • e. de eigenaar van een beschermd monument in aanmerking komt voor subsidie met ingang van 1 januari 2011 voorzover het monumenten betreft die behoren tot de CBS-categorie kerkelijke gebouwen en kerk-onderdelen/objecten die als beschermd monument zijn aangewezen met de rijksmonumentnummers 1 tot 26.099, en

    • f. de eigenaar van een beschermd monument in aanmerking komt voor subsidie met ingang van 1 januari 2012 voorzover het monumenten betreft die behoren tot de CBS-categorie kerkelijke gebouwen en kerk-onderdelen/objecten die als beschermd monument zijn aangewezen met de rijksmonumentnummers 26.100 tot 45.949.

  • 2 De eigenaar van een beschermd monument als bedoeld in het eerste lid, kan met in achtneming van artikel 10 van het besluit een aanvraag indienen van 1 april tot 1 september voorafgaand aan het kalenderjaar waarop een eigenaar in aanmerking komt voor subsidie.

  • 3 De eigenaar van een beschermd monument kan omtrent de CBS-categorie van zijn beschermd monument gegevens opvragen bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg.

Artikel 7. Inwerkingtreding

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlage die ter inzage wordt gelegd in de bibliotheek van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en die bekend wordt gemaakt op de internetsites www.rdmz.nl, www.racm.nl en www.monumentenzorg.nl.

De

Staatssecretaris

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M.C. van der Laan

Bijlage

[Regeling vervallen per 01-01-2011]

[Red: Ligt ter inzage in de bibliotheek van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.]

Naar boven