Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ

Geraadpleegd op 01-10-2022.
Geldend van 01-01-2022 t/m 28-02-2022

Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van 16 oktober 2003, nr. W&B/WWB/2003/78560, Directie Werk en Bijstand, houdende nadere regels terzake van enkele in de Wet werk en bijstand en het Besluit WWB geregelde onderwerpen (Regeling WWB)

§ 2. Beeld van de uitvoering

Artikel 4. Beeld van de uitvoering

  • 2 Het beeld van de uitvoering wordt ingediend onder gebruikmaking van een formulier dat door de minister elektronisch beschikbaar wordt gesteld.

  • 3 Indien het beeld van de uitvoering, bedoeld in het eerste lid, niet op de in het eerste lid genoemde datum is ontvangen, schort de minister de betaling van de uitkering, bedoeld in artikel 69, eerste lid, van de wet voor het lopende vergoedingsjaar op met ingang van de kalendermaand volgend op de kalendermaand waarop de ontvangsttermijn is verlopen, doch niet gedurende de periode waarover door de minister aan het college in geval van overmacht uitstel is verleend.

  • 4 De betaling van de uitkering wordt hervat op de vijftiende van de kalendermaand volgend op de kalendermaand waarin het beeld van de uitvoering, bedoeld in het eerste lid, is ontvangen door de minister.

  • 5 Het derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing, indien het college in gebreke blijft om binnen een door de minister vastgestelde termijn aanvullende informatie te verstrekken noodzakelijk voor het financieel beheer van de wet, de IOAW, de IOAZ of het Bbz 2004.

  • 6 In afwijking van het derde lid kan worden afgezien van opschorting als op het moment waarop over opschorting wordt beslist het beeld van de uitvoering alsnog juist en volledig is ontvangen.

§ 3. Uitkering en betaling

Artikel 5. Betaling

  • 1 Met uitzondering van de maand mei, wordt iedere maand op of omstreeks de vijftiende dag van die maand 8% van de voor het betreffende jaar vastgestelde uitkering, bedoeld in artikel 69, eerste lid, van de wet betaalbaar gesteld. In de maand mei wordt op of omstreeks de vijftiende dag 12% van de uitkeringen betaalbaar gesteld.

  • 3 De vangnetuitkering wordt betaalbaar gesteld voor 1 april in het kalenderjaar dat ligt twee jaar na het jaar waarop de uitkering betrekking heeft.

Artikel 5a. Opschorting betaling bij vaststelling ernstige tekortkomingen

  • 2 De betaling van de uitkering wordt hervat op of omstreeks de vijftiende dag van de kalendermaand nadat de periode van drie maanden is verstreken dan wel nadat de langere periode van opschorting, die de minister met toepassing van artikel 76, derde lid, van de wet heeft vastgesteld is verstreken.

§ 4. Toetsing lijfrenten

Artikel 6b. Toetsing inleg lijfrente

  • 2 Voor de beoordeling of de inleg ten hoogste het in artikel 15, tweede lid, onderdeel b, onder 3°, van de wet genoemde bedrag heeft bedragen, wordt:

    • a. voor de inleg gedaan in het jaar van aanvraag van bijstand: het genoemde bedrag naar evenredigheid van de tussen 1 januari en de dag van aanvraag van bijstand gelegen periode in aanmerking genomen;

    • b. voor de inleg gedaan in de aan de aanvraag voorafgaande vier kalenderjaren: het genoemde bedrag in aanmerking genomen dat geldt op de dag van aanvraag van bijstand.

§ 5. Vrijlating uitkeringen en vergoedingen

Artikel 7. Vrijlating uitkeringen en vergoedingen

Niet tot de middelen, bedoeld in artikel 31 van de wet, worden gerekend:

§ 6. Vakantietoeslag

Artikel 8. Definities

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

Artikel 11. Aanspraak op vakantietoeslag voor personen jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet met inkomen uit tegenwoordige arbeid

Indien de belanghebbende de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet nog niet heeft bereikt, het in aanmerking te nemen inkomen loon uit tegenwoordige arbeid betreft en voor de inhouding van loonheffing rekening is gehouden met de arbeidskorting en de algemene heffingskorting, wordt de aanspraak op vakantietoeslag vastgesteld aan de hand van de navolgende tabel, waarbij onder ‘ink’ het inkomen wordt verstaan.

bij een netto inkomen per maand

bedraagt de aanspraak op vakantietoeslag

gelijk aan of meer dan

en minder dan

0,00

685,11

8,00%

x ink

 

685,11

739,90

5,40%

x ink

 

739,90

822,60

8,00%

x ink

– € 19,25

822,60

1.537,66

8,00%

x ink

– € 2,75

1537,66

   

5,21%

x ink

– € 1,79

Artikel 12. Aanspraak op vakantietoeslag voor personen jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet met inkomen uit vroegere arbeid

Indien de belanghebbende de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet nog niet heeft bereikt, het in aanmerking te nemen inkomen loon uit vroegere arbeid betreft en voor de inhouding van loonheffing rekening is gehouden met de algemene heffingskorting wordt de aanspraak op vakantietoeslag vastgesteld aan de hand van de navolgende tabel, waarbij onder ‘ink’ het inkomen wordt verstaan.

bij een netto inkomen per maand

bedraagt de aanspraak op vakantietoeslag

gelijk aan of meer dan

en minder dan

0,00

601,16

8,00%

x ink

 

601,16

649,24

5,03%

x ink

 

649,24

1.275,81

8,00%

x ink

– € 19,25

1275,81

1.358,62

7,24%

x ink

– € 17,42

1358,62

   

8,00%

x ink

– € 27,80

Artikel 13. Aanspraak op vakantietoeslag voor personen jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet voor wie geen rekening is gehouden met de algemene heffingskorting

Indien de belanghebbende de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet nog niet heeft bereikt en voor de inhouding van loonheffing geen rekening is gehouden met de algemene heffingskorting, wordt de aanspraak op vakantietoeslag vastgesteld aan de hand van de navolgende tabel, waarbij onder ‘ink’ het inkomen wordt verstaan.

bij een netto inkomen per maand

bedraagt de aanspraak op vakantietoeslag

gelijk aan of meer dan

en minder dan

0,00

   

8,00%

x ink

 

Artikel 14. Aanspraak op vakantietoeslag voor personen die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet hebben bereikt

  • 1 Indien de belanghebbende de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt en het inkomen van de belanghebbende bestaat uit een gekort ouderdomspensioen en toeslag als bedoeld in artikel 13 van de Algemene Ouderdomswet bedraagt de daarbij behorende aanspraak op vakantietoeslag voor:

    a. alleenstaande

    5,47%

    x ink

     

    b. gehuwden, waarvan beide echtgenoten de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet hebben bereikt

    5,76%

    x ink

     

    c. gehuwden, waarvan een echtgenoot de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt en de andere echtgenoot jonger is dan de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, indien:

         

    – het inkomen € 1.250,78 of meer bedraagt

    5,76%

    x ink

    – € 15,46

    – het inkomen lager is dan € 1.250,78

    5,76%

    x ink

     
  • 2 Indien de belanghebbende, bedoeld in het eerste lid, naast het gekorte ouderdomspensioen en toeslag, bedoeld in het eerste lid, een ander inkomen heeft dat recht geeft op vakantietoeslag bedraagt de aanspraak op die vakantietoeslag 8% van dat andere inkomen.

§ 7. Verzoeken vangnetuitkering

Artikel 15. Procedurele bepalingen verzoek vangnetuitkering

  • 1 Een verzoek tot een vangnetuitkering wordt door de toetsingscommissie ontvangen in de periode van 1 januari tot en met 15 augustus van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarop het verzoek betrekking heeft.

  • 2 Een verzoek dat door de toetsingscommissie wordt ontvangen voor of na afloop van de periode, genoemd in het eerste lid, wordt niet in behandeling genomen.

  • 3 De toetsingscommissie adviseert de minister uiterlijk op 31 oktober van het kalenderjaar, bedoeld in het eerste lid, over de te nemen beslissing.

  • 4 De toetsingscommissie kan de minister voor 15 oktober verzoeken om een aantal adviezen later dan 31 oktober vast te stellen.

  • 5 Indien de minister aan een verzoek als bedoeld in het vierde lid voldoet, bepaalt hij daarbij het aantal adviezen dat later kan worden vastgesteld en de datum waarop deze adviezen uiterlijk door de minister worden ontvangen.

  • 6 Het college verstrekt bij een verzoek als bedoeld in het eerste lid aan de minister informatie over genomen maatregelen om te komen tot een reductie dan wel tot een verdere reductie van het verschil tussen de in aanmerking komende netto lasten over het uitkeringsjaar en de verstrekte uitkering, bedoeld in artikel 10, derde lid, van het Besluit Participatiewet.

§ 7a. Vergoeding centrumgemeenten bijstandsverlening ondernemers in de binnenvaart Bbz 2004

Artikel 15a. Bedragen vergoeding centrumgemeenten bijstandverlening ondernemers in de binnenvaart Bbz 2004

  • 1 De kosten, bedoeld in artikel 52, eerste lid, onderdeel b, van het Bbz 2004, van een aan derden opgedragen onderzoek inzake verlening van algemene bijstand en bijstand ter voorziening in de behoefte aan bedrijfskapitaal aan ondernemers in de binnenvaart komen voor vergoeding in aanmerking, voor zover de kosten per onderzoek niet meer bedragen dan:

  • 2 De bedragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, worden met ingang van 1 januari van elk kalenderjaar gewijzigd met het percentage waarmee het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie over de maand oktober daaraan voorafgaand afwijkt van het prijsindexcijfer waarop de laatste vaststelling van de bedragen is gebaseerd. De gewijzigde bedragen worden door of namens de Minister medegedeeld in de Staatscourant.

§ 8. Slotbepalingen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die met ingang van 23 oktober 2003 ter inzage worden gelegd in de bibliotheek van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te ’s-Gravenhage.

Den Haag, 16 oktober 2003

De

Staatssecretaris

van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

M. Rutte

Bijlage I. behorende bij artikel 6 van de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ

Tabel 1: gewichten en peildata van de indicatoren die zijn opgenomen in de volumecomponent van het objectief verdeelmodel

Indicator

Gewicht

Peildatum schatting

Peildatum verdeling

Niet-rechthebbenden

     

Te veel vermogen

     

Alleenstaande, vermogen boven € 5.000

–2,1072862

1-1-2019

Huishoudensdefinitie 31-12-2020, vermogen 1-1-2019

Alleenstaande, vermogen tot en met € 5.000, overwaarde boven € 50.000

–0,7659622

1-1-2019

Huishoudensdefinitie 31-12-2020, vermogen 1-1-2019

Paar/eenouder, vermogen boven € 10.000

–1,9028824

1-1-2019

Huishoudensdefinitie 31-12-2020, vermogen 1-1-2019

Paar/eenouder, vermogen tot en met € 10.000, overwaarde boven € 50.000

–0,7246200

1-1-2019

Huishoudensdefinitie 31-12-2020, vermogen 1-1-2019

Andere uitkering

     

AO-uitkering, mate van AO 15–80% of onbekend in hh

–4,3966736

5-1-2019

31-12-2019

AO-uitkering, mate van AO 80–100% in hh

–4,6292901

5-1-2019

31-12-2019

WW-uitkering in hh

–1,2176796

5-1-2019

31-12-2020

ANW-uitkering in hh

–6,0400827

31-12-2018

31-12-2020

Zw-uitkering, wachtgeld of overige uitkering in hh

–1,8890344

5-1-2019

31-12-2019

Pensioenuitkering in hh

–0,5630853

5-1-2019

31-12-2019

Kan/wil niet werken

     

Student (mbo/hbo/wo) in hh

–2,0105571

1-10-2018

1-10-2020

Aanbodkant van de arbeidsmarkt

     

Leeftijd

     

18 tot 20-jarige in hh

Referentie

1-1-2019

31-12-2020

20 tot 25-jarige in hh

1,2528561

1-1-2019

31-12-2020

25 tot 30-jarige in hh

1,8562159

1-1-2019

31-12-2020

30 tot 40-jarige in hh

2,0714484

1-1-2019

31-12-2020

40 tot 50-jarige in hh

2,4126278

1-1-2019

31-12-2020

50-jarige tot AOW-leeftijd in hh

2,9694636

1-1-2019

31-12-2020

Gezinssituatie

     

Alleenstaande

Referentie

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-moeder, jongste kind tot 5

1,1905267

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-moeder, jongste kind 5-12

0,5940683

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-moeder, jongste kind 12-18

0,1626160

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-moeder, jongste kind 18+

–0,2116144

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-vader, jongste kind tot 5

–0,2037383

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-vader, jongste kind 5–12

–0,1364195

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-vader, jongste kind 12–18

–0,5329993

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-vader, jongste kind 18+

–1,1490816

1-1-2019

31-12-2020

Paar, jongste kind 18-

–1,0685626

1-1-2019

31-12-2020

Paar, jongste kind 18+

–1,6863031

1-1-2019

31-12-2020

Paar zonder kinderen

–1,1362262

1-1-2019

31-12-2020

Thuiswonend meerderjarig kind

–0,7225940

1-1-2019

31-12-2020

Overig huishouden

0,1867166

1-1-2019

31-12-2020

Wonen in corporatiewoning

1,6348696

1-1-2019

31-12-2020

Wonen op een standplaats

1,5963343

1-1-2019

31-12-2020

Migratieachtergrond

     

Geen migratieachtergrond in hh

Referentie

1-1-2019

31-12-2020

Turk in hh

0,1195801

1-1-2019

31-12-2020

Surinamer in hh

0,1807607

1-1-2019

31-12-2020

Nederlands Antilliaan in hh

0,2906854

1-1-2019

31-12-2020

Marokkaan in hh

0,4135859

1-1-2019

31-12-2020

Ghanees in hh

–0,0669183

1-1-2019

31-12-2020

Somaliër of Eritreeër in hh

1,6573893

1-1-2019

31-12-2020

Afrikaan (excl. Marokkaan, Ghanees, Somaliër, Eritreeër) in hh

0,7768944

1-1-2019

31-12-2020

Afghaan in hh

1,1158653

1-1-2019

31-12-2020

Irakees in hh

1,2104156

1-1-2019

31-12-2020

Syriër in hh

2,6487248

1-1-2019

31-12-2020

Iranees in hh

0,8209546

1-1-2019

31-12-2020

Chinees in hh

–0,3019490

1-1-2019

31-12-2020

Indiaas in hh

–0,8997520

1-1-2019

31-12-2020

Overig niet-westers in hh

0,0951375

1-1-2019

31-12-2020

Voormalig Joegoslavisch in hh

0,4033980

1-1-2019

31-12-2020

Voormalig Sovjet-Unie in hh

0,1964497

1-1-2019

31-12-2020

Overig westers in hh

–0,5441061

1-1-2019

31-12-2020

Opleiding

     

HCI (human capital index) onbekend

Referentie

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019

Lage HCI in hh

0,9602136

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019

Middelbare of hoge HCI in hh

–2,0178397

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019

(V)SO/Pro gevolgd in hh

0,8571169

Gevolgd tussen schooljaar 2010/2011 en 2017/2018, niet gevolgd in schooljaar 2018/2019

Gevolgd tussen schooljaar 2012/2013 en 2019/2020, niet gevolgd in schooljaar 2020/2021

Gezondheid

     

Zorgkosten boven € 50.000 in hh

0,4998127

Heel 2018

Heel 2018

Gebruik GGZ-zorg in hh

0,9279501

Heel 2018

Heel 2018

Medicijnen voor verslaving in hh

0,3870484

Heel 2018

Heel 2019

Medicijnen voor depressie in hh

0,4007344

Heel 2018

Heel 2019

Medicijnen voor psychose in hh

0,6313214

Heel 2018

Heel 2019

Medicijngebruik uit minder dan 4 hoofdgroepen in hh

Referentie

Heel 2018

Heel 2019

Medicijngebruik uit 4 tot 6 hoofdgroepen in hh

0,2020848

Heel 2018

Heel 2019

Medicijngebruik uit 6 tot 8 hoofdgroepen in hh

0,3972425

Heel 2018

Heel 2019

Medicijngebruik uit 8 of meer hoofdgroepen in hh

0,5660089

Heel 2018

Heel 2019

Combinaties van factoren

     

Niet-westerse migratieachtergrond in hh en 50-jarige tot AOW in hh

0,0368397

1-1-2019

31-12-2020

Niet-westerse migratieachtergrond in hh en gezondheidsproblemen in hh

0,1489332

1-1-2019 voor migratieachtergrond, heel 2018 voor gezondheidsproblemen

31-12-2019 voor migratieachtergrond, heel 2018 voor hoge zorgkosten en gebruik ggz-zorg, heel 2019 voor overige gezondheidsproblemen

Lage HCI in hh en gezondheidsproblemen in hh

0,4840862

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018, heel 2018 voor gezondheidsproblemen

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019, heel 2018 voor hoge zorgkosten en gebruik ggz-zorg, heel 2019 voor overige gezondheidsproblemen

Vraagkant van de arbeidsmarkt

     

Banen per lid beroepsbevolking in gemeente, gecorrigeerd voor reistijd, concurrentie en grenspendel

–9,3370019

1-1-2019

1-1-2020

Aandeel werkend onder niveau in gemeente

1,6159724

1-1-2019

1-1-2020

Aandeel studenten (hbo/wo) onder de potentiële beroepsbevolking in gemeente

–0,2301697

1-10-2018

1-10-2020

Aandeel WW’ers onder de beroepsbevolking in gemeente

4,1225432

Q1 2019 t/m Q4 2019

Q4 2019, Q1 t/m Q3 2020

Buurteffecten

     

Aandeel van de beroepsbevolking in gemeente in buurt waar werken niet de norm is obv postcodegebieden (6 posities)

2,0983396

1-1-2019

1-1-2019

Index overlast en onveiligheid

1,2829969

1-1-2019

1-1-2020

Constante

0,4605315

   
Tabel 2: de bruto normbedragen zoals gehanteerd in het objectief verdeelmodel

Type huishouden

Normbedrag

Alleenstaande (ouder), leeftijd 21 tot AOW

16.068,74

Alleenstaande (ouder), 18, 19 of 20 jaar

3.195,48

Gehuwd paar, beide partners leeftijd 21 tot AOW

20.378,06

Gehuwd paar, beide partners 18, 19 of 20 jaar, zonder kind(eren)

6.390,96

Gehuwd paar, beide partners 18, 19 of 20 jaar, met kind(eren)

10.089,36

Gehuwd paar, één van beide partners 18, 19 of 20 jaar, zonder kind(eren)

12.441,48

Gehuwd paar, één van beide partners 18, 19 of 20 jaar, met kind(eren)

16.638,66

Normen gerechtigde leeftijd 21 tot AOW bij aantal kostendelers

Normbedrag

2 kostendelers

10.189,03

3 kostendelers

8.229,19

4 kostendelers

7.396,80

5 kostendelers

7.026,96

6 kostendelers

6.780,36

7 kostendelers

6.604,32

8 kostendelers

6.472,20

9 kostendelers

6.369,48

10 kostendelers (of meer)

6.287,28

Normen gehuwde paren (1 partner jonger dan 21, 1 partner leeftijd 21 of ouder) afhankelijk van aantal kostendelers met kinderen

Normbedrag

2 kostendelers

16.638,66

3 kostendelers

14.907,12

4 kostendelers

14.290,68

5 kostendelers

13.920,84

6 kostendelers

13.674,24

7 kostendelers

13.498,20

8 kostendelers

13.366,08

9 kostendelers

13.263,36

10 kostendelers (of meer)

13.181,16

Normen gehuwde paren (1 partner jonger dan 21, 1 partner leeftijd 21 of ouder) afhankelijk van aantal kostendelers zonder kinderen

Normbedrag

2 kostendelers

12.441,48

3 kostendelers

11.208,72

4 kostendelers

10.592,28

5 kostendelers

10.222,44

6 kostendelers

9.975,84

7 kostendelers

9.799,80

8 kostendelers

9.667,68

9 kostendelers

9.564,96

10 kostendelers (of meer)

9.482,76

Afwijkende normen gehuwden o.b.v. art. 24 Participatiewet

Normbedrag

rechthebbende leeftijd 21 of ouder met of zonder kinderen

10.189,03

rechthebbende leeftijd jonger dan 21, zonder kind

3.195,48

rechthebbende leeftijd jonger dan 21, met kind

5.044,68

Tabel 3: gewichten en peildata van de indicatoren die zijn opgenomen in de prijscomponent van het objectief verdeelmodel

Indicator

Gewicht

Peildatum schatting

Peildatum verdeling

Directe verrekening

     

Andere uitkering

     

WW-uitkering in hh

–1,2915584

5-1-2019

31-12-2020

AO-uitkering, mate van AO 15–80% of onbekend in hh

–2,4421823

5-1-2019

31-12-2019

AO-uitkering, mate van AO 80–100% in hh

–3,1172788

5-1-2019

31-12-2019

ANW-uitkering in hh

–1,9568610

31-12-2018

31-12-2020

Zw-uitkering, wachtgeld of overige uitkering in hh

–1,2785331

5-1-2019

31-12-2019

Pensioenuitkering in hh

–1,1639344

5-1-2019

31-12-2019

Kans op deeltijdwerk

     

Aanbodkant van de arbeidsmarkt

     

Leeftijd

     

18 tot 25-jarige in hh

Referentie

1-1-2019

31-12-2020

25 tot 30-jarige in hh

–0,1437295

1-1-2019

31-12-2020

30 tot 40-jarige in hh

–0,5705982

1-1-2019

31-12-2020

40 tot 50-jarige in hh

–0,6263783

1-1-2019

31-12-2020

50-jarige tot AOW-leeftijd in hh

–0,5013936

1-1-2019

31-12-2020

Gezinssituatie

     

Alleenstaande, eenoudervader

Referentie

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-moeder, jongste kind tot 5

–0,2535198

1-1-2019

31-12-2020

Eenouder-moeder, jongste kind 5+

–0,4371640

1-1-2019

31-12-2020

Paar met kinderen

–0,6454817

1-1-2019

31-12-2020

Paar zonder kinderen, overig huishouden

–0,7565102

1-1-2019

31-12-2020

Thuiswonend meerderjarig kind

–0,4080909

1-1-2019

31-12-2020

Wonen in corporatiewoning of op standplaats

0,0808523

1-1-2019

31-12-2020

Migratieachtergrond

     

Geen, westerse, of overige niet-westerse migratieachtergrond in hh

Referentie

1-1-2019

31-12-2020

Turk in hh

0,1198723

1-1-2019

31-12-2020

Surinamer in hh

0,0942810

1-1-2019

31-12-2020

Marokkaan in hh

0,1945883

1-1-2019

31-12-2020

Afrikaan (excl. Marokkaan) in hh

0,1856442

1-1-2019

31-12-2020

Irakees, Syriër, Iraniër, of Afghaan in hh

0,3197918

1-1-2019

31-12-2020

Opleiding

     

HCI (human capital index) onbekend

Referentie

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019

Lage HCI in hh

0,5234791

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019

Middelbare of hoge HCI in hh

–0,5878208

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019

Gezondheid

     

Gebruik GGZ-zorg in hh

0,1321739

Heel 2018

Heel 2018

Medicijnen voor depressie in hh

0,0457170

Heel 2018

Heel 2019

Combinaties van factoren

     

Lage HCI in hh en gezondheidsproblemen in hh

0,1049860

Opleidingsniveau 1-10-2018, arbeidsverleden 2014 t/m 2018, heel 2018 voor gezondheidsproblemen

Opleidingsniveau 1-10-2019, arbeidsverleden 2015 t/m 2019, heel 2018 voor gebruik ggz-zorg, heel 2019 voor overige gezondheidsproblemen

Vraagkant van de arbeidsmarkt

     

Laaggeschoolde banen per lid beroepsbevolking in gemeente, gecorrigeerd voor reistijd, concurrentie en grenspendel

–0,2061327

1-1-2019

1-1-2020

Aandeel studenten (hbo/wo) onder de potentiële beroepsbevolking in gemeente

1,2654809

1-10-2018

1-10-2020

Buurteffecten

     

Index overlast en onveiligheid

0,4362833

1-1-2019

1-1-2020

Loonkostensubsidie

     

Indicator LKS

–2,0327935

5-1-2019

31-12-2020

Constante

2,5883808

   

Bijlage II. behorende bij artikel 15b van de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ

Indeling 2022

 

CBS-code

Gemeente

ultimo 2022

1680

Aa en Hunze

8

358

Aalsmeer

7

197

Aalten

9

59

Achtkarspelen

11

482

Alblasserdam

9

613

Albrandswaard

16

361

Alkmaar

79

141

Almelo

83

34

Almere

103

484

Alphen aan den Rijn

58

1723

Alphen-Chaam

1

1959

Altena

27

60

Ameland

1

307

Amersfoort

65

362

Amstelveen

30

363

Amsterdam

505

200

Apeldoorn

99

202

Arnhem

201

106

Assen

55

743

Asten

7

744

Baarle-Nassau

2

308

Baarn

4

489

Barendrecht

11

203

Barneveld

15

888

Beek

5

1954

Beekdaelen

12

889

Beesel

6

1945

Berg en Dal

17

1724

Bergeijk

9

893

Bergen L

10

373

Bergen NH

8

748

Bergen op Zoom

42

1859

Berkelland

21

1721

Bernheze

20

753

Best

15

209

Beuningen

12

375

Beverwijk

24

1728

Bladel

15

376

Blaricum

1

377

Bloemendaal

5

1901

Bodegraven-Reeuwijk

9

755

Boekel

8

1681

Borger-Odoorn

17

147

Borne

8

654

Borsele

8

757

Boxtel

44

758

Breda

100

501

Brielle

4

1876

Bronckhorst

17

213

Brummen

10

899

Brunssum

19

312

Bunnik

2

313

Bunschoten

4

214

Buren

11

502

Capelle aan den IJssel

30

383

Castricum

11

109

Coevorden

18

1706

Cranendonck

9

216

Culemborg

17

148

Dalfsen

8

1891

Dantumadiel

7

310

De Bilt

9

1940

De Fryske Marren

11

736

De Ronde Venen

11

1690

De Wolden

6

503

Delft

72

400

Den Helder

58

762

Deurne

22

150

Deventer

110

384

Diemen

12

1980

Dijk en Waard

50

1774

Dinkelland

6

221

Doesburg

7

222

Doetinchem

42

766

Dongen

8

505

Dordrecht

105

498

Drechterland

6

1719

Drimmelen

7

303

Dronten

12

225

Druten

8

226

Duiven

12

1711

Echt-Susteren

16

385

Edam-Volendam

9

228

Ede

67

317

Eemnes

1

1979

Eemsdelta

40

770

Eersel

10

1903

Eijsden-Margraten

15

772

Eindhoven

171

230

Elburg

15

114

Emmen

71

388

Enkhuizen

12

153

Enschede

110

232

Epe

15

233

Ermelo

16

777

Etten-Leur

20

779

Geertruidenberg

14

1771

Geldrop-Mierlo

24

1652

Gemert-Bakel

20

907

Gennep

15

784

Gilze en Rijen

8

1924

Goeree-Overflakkee

18

664

Goes

23

785

Goirle

11

1942

Gooise Meren

10

512

Gorinchem

31

513

Gouda

74

14

Groningen

152

1729

Gulpen-Wittem

3

158

Haaksbergen

10

392

Haarlem

83

394

Haarlemmermeer

43

1655

Halderberge

17

160

Hardenberg

33

243

Harderwijk

25

523

Hardinxveld-Giessendam

8

72

Harlingen

8

244

Hattem

4

396

Heemskerk

20

397

Heemstede

8

246

Heerde

10

74

Heerenveen

15

917

Heerlen

85

1658

Heeze-Leende

4

399

Heiloo

13

163

Hellendoorn

13

530

Hellevoetsluis

15

794

Helmond

97

531

Hendrik-Ido-Ambacht

9

164

Hengelo O

53

1966

Het Hogeland

37

252

Heumen

7

797

Heusden

21

534

Hillegom

12

798

Hilvarenbeek

3

402

Hilversum

29

1963

Hoeksche Waard

24

1735

Hof van Twente

10

1911

Hollands Kroon

20

118

Hoogeveen

41

405

Hoorn

63

1507

Horst aan de Maas

12

321

Houten

14

406

Huizen

12

677

Hulst

16

353

IJsselstein

16

1884

Kaag en Braassem

6

166

Kampen

22

678

Kapelle

5

537

Katwijk

28

928

Kerkrade

38

1598

Koggenland

8

542

Krimpen aan den IJssel

11

1931

Krimpenerwaard

21

1659

Laarbeek

7

1982

Land van Cuijk

72

882

Landgraaf

19

415

Landsmeer

4

1621

Lansingerland

10

417

Laren

1

80

Leeuwarden

72

546

Leiden

94

547

Leiderdorp

14

1916

Leidschendam-Voorburg

33

995

Lelystad

45

1640

Leudal

9

327

Leusden

4

1705

Lingewaard

17

553

Lisse

9

262

Lochem

12

809

Loon op Zand

9

331

Lopik

4

168

Losser

8

263

Maasdriel

15

1641

Maasgouw

7

1991

Maashorst

48

556

Maassluis

17

935

Maastricht

112

420

Medemblik

21

938

Meerssen

9

1948

Meierijstad

68

119

Meppel

20

687

Middelburg

20

1731

Midden Drenthe

15

1842

Midden-Delfland

6

1952

Midden-Groningen

41

1709

Moerdijk

15

1978

Molenlanden

9

1955

Montferland

23

335

Montfoort U

3

944

Mook en Middelaar

3

1740

Neder-Betuwe

10

946

Nederweert

4

356

Nieuwegein

30

569

Nieuwkoop

9

267

Nijkerk

13

268

Nijmegen

164

1930

Nissewaard

36

1970

Noardeast-Fryslân

18

1695

Noord-Beveland

4

1699

Noordenveld

10

171

Noordoostpolder

15

575

Noordwijk

15

820

Nuenen c.a.

10

302

Nunspeet

15

579

Oegstgeest

6

823

Oirschot

6

824

Oisterwijk

14

1895

Oldambt

32

269

Oldebroek

11

173

Oldenzaal

19

1773

Olst-Wijhe

7

175

Ommen

9

1586

Oost Gelre

11

826

Oosterhout

40

85

Ooststellingwerf

10

431

Oostzaan

2

432

Opmeer

5

86

Opsterland

13

828

Oss

136

1509

Oude IJsselstreek

24

437

Ouder-Amstel

2

589

Oudewater

1

1734

Overbetuwe

26

590

Papendrecht

13

1894

Peel en Maas

15

765

Pekela

12

1926

Pijnacker-Nootdorp

14

439

Purmerend

61

273

Putten

8

177

Raalte

12

703

Reimerswaal

9

274

Renkum

21

339

Renswoude

2

1667

Reusel-De Mierden

7

275

Rheden

34

340

Rhenen

5

597

Ridderkerk

16

1742

Rijssen-Holten

12

603

Rijswijk

26

1669

Roerdalen

10

957

Roermond

58

1674

Roosendaal

58

599

Rotterdam

354

277

Rozendaal

1

840

Rucphen

21

441

Schagen

19

279

Scherpenzeel

3

606

Schiedam

42

88

Schiermonnikoog

1

1676

Schouwen-Duiveland

20

518

’s-Gravenhage

263

796

’s-Hertogenbosch

185

965

Simpelveld

4

845

Sint-Michielsgestel

17

1883

Sittard-Geleen

57

610

Sliedrecht

11

1714

Sluis

12

90

Smallingerland

41

342

Soest

10

847

Someren

6

848

Son en Breugel

5

37

Stadskanaal

42

180

Staphorst

6

532

Stede Broec

12

851

Steenbergen

10

1708

Steenwijkerland

21

971

Stein

9

1904

Stichtse Vecht

23

1900

Sudwest Fryslan

27

715

Terneuzen

54

93

Terschelling

1

448

Texel

9

1525

Teylingen

16

716

Tholen

11

281

Tiel

46

855

Tilburg

147

183

Tubbergen

4

1700

Twenterand

17

1730

Tynaarlo

14

737

Tytsjerksteradiel

11

450

Uitgeest

5

451

Uithoorn

10

184

Urk

4

344

Utrecht

136

1581

Utrechtse Heuvelrug

12

981

Vaals

3

994

Valkenburg aan de Geul

7

858

Valkenswaard

11

47

Veendam

31

345

Veenendaal

33

717

Veere

4

861

Veldhoven

19

453

Velsen

43

983

Venlo

55

984

Venray

31

1961

Vijfheerenlanden

21

622

Vlaardingen

39

96

Vlieland

1

718

Vlissingen

23

986

Voerendaal

3

626

Voorschoten

8

285

Voorst

11

865

Vught

25

1949

Waadhoeke

19

866

Waalre

3

867

Waalwijk

23

627

Waddinxveen

19

289

Wageningen

20

629

Wassenaar

6

852

Waterland

6

988

Weert

32

1960

West Betuwe

20

668

West Maas en Waal

5

1969

Westerkwartier

26

1701

Westerveld

8

293

Westervoort

13

1950

Westerwolde

17

1783

Westland

34

98

Weststellingwerf

11

614

Westvoorne

4

189

Wierden

5

296

Wijchen

22

1696

Wijdemeren

5

352

Wijk bij Duurstede

7

294

Winterswijk

12

873

Woensdrecht

10

632

Woerden

17

880

Wormerland

7

351

Woudenberg

2

479

Zaanstad

99

297

Zaltbommel

13

473

Zandvoort

5

50

Zeewolde

6

355

Zeist

38

299

Zevenaar

28

637

Zoetermeer

66

638

Zoeterwoude

2

1892

Zuidplas

13

879

Zundert

6

301

Zutphen

57

1896

Zwartewaterland

11

642

Zwijndrecht

22

193

Zwolle

82

Naar boven