Wet geneeskundige hulpverlening bij rampen

[Regeling vervallen per 01-10-2010.]
Geldend van 12-01-2001 t/m 30-06-2004

Wet van 14 november 1991, houdende regels inzake de organisatie en uitvoering van de geneeskundige hulpverlening bij rampen alsmede de voorbereiding daarop

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het met het oog op de totstandkoming van de nieuwe rampenbestrijdingsorganisatie wenselijk is een regeling te treffen met betrekking tot de organisatie en uitvoering van de geneeskundige hulpverlening bij rampen alsmede de voorbereiding daarop;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

§ 1. Begripsbepalingen

[Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 1

[Vervallen per 01-10-2010]

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a. geneeskundige hulpverlening: het in georganiseerd verband verrichten van gewondenzorg op of nabij de plaats van een ramp of een zwaar ongeval, de gewondenzorg door militairen daaronder niet begrepen;

  • b. ramp of zwaar ongeval: een gebeurtenis als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet rampen en zware ongevallen;

  • c. het Rode Kruis: de vereniging "Het Nederlandse Rode Kruis", bedoeld in het Besluit Rode Kruis 1988;

  • d. instelling: een rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam welks werkzaamheid niet is gericht op het behalen van winst, en dat zich de geneeskundige hulpverlening tot doel stelt;

  • e. geneeskundige eenheid: een peloton voor de uitvoering van de geneeskundige hulpverlening;

  • f. centrale post voor het ambulancevervoer: een centrale post als bedoeld in de Wet ambulancevervoer;

  • g. ziekenhuizen: algemene ziekenhuizen als bedoeld in het Besluit aanwijzing inrichtingen Wet ziekenhuisvoorzieningen.

§ 2. De organisatie en uitvoering van de geneeskundige hulpverlening alsmede de voorbereiding daarop

[Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 2

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 Het college van burgemeester en wethouders draagt zorg voor de geneeskundige hulpverlening in de gemeente.

  • 2 Het college van burgemeester en wethouders stelt een functionaris aan die wordt belast met de leiding over de geneeskundige hulpverlening, tenzij de krachtens artikel 5 getroffen gemeenschappelijke regeling daarin voorziet. De functionaris is in geval van een ramp of zwaar ongeval bevoegd aan degene die is belast met de leiding van de centrale post voor het ambulancevervoer aanwijzingen te geven omtrent de te treffen maatregelen.

Artikel 3

[Vervallen per 01-10-2010]

De functionaris, bedoeld in artikel 2, tweede lid, draagt zorg voor de afstemming van de activiteiten die enerzijds door de centrale posten voor het ambulancevervoer en de ziekenhuizen en anderzijds op grond van deze wet ter voorbereiding op het optreden bij rampen en zware ongevallen worden ondernomen, tenzij de krachtens artikel 5 getroffen gemeenschappelijke regeling daarin voorziet. De centrale posten voor het ambulancevervoer en de ziekenhuizen verlenen aan die afstemming hun medewerking.

Artikel 4

[Vervallen per 01-10-2010]

De ziekenhuizen en de centrale posten voor het ambulancevervoer treffen de nodige maatregelen met het oog op de voorbereiding van hun optreden bij rampen en zware ongevallen.

Artikel 5

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 In afwijking van het bepaalde in artikel 99, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, worden binnen twaalf maanden na de datum van inwerkingtreding van deze wet door provinciale staten onderscheidenlijk bij koninklijk besluit de gemeenten aangewezen die tezamen een gemeenschappelijke regeling inzake de geneeskundige hulpverlening alsmede de voorbereiding daarop aangaan met het doel een doelmatig georganiseerde en gecoördineerde hulpverlening te bewerkstelligen.

  • 2 Een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid, wordt niet gegeven dan nadat met de betrokken gemeentebesturen overleg is gepleegd. Indien de aanwijzing bij koninklijk besluit geschiedt, worden tevens provinciale staten gehoord.

  • 3 Indien de aanwijzing door provinciale staten, bedoeld in het eerste lid, niet binnen de gestelde termijn heeft plaatsgevonden, wordt de bedoelde bevoegdheid van provinciale staten bij koninklijk besluit uitgeoefend. Alvorens gebruik te maken van die bevoegdheid wordt met de betrokken gemeentebesturen overleg gepleegd en wordt de Raad van State gehoord over een door Onze Minister van Binnenlandse Zaken voorgelegd ontwerp-besluit. De artikelen 102 en 103 van de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 6

[Vervallen per 01-10-2010]

Een aanwijzing als bedoeld in artikel 5, die niet in overeenstemming is met de aanwijzing, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Brandweerwet 1985 wordt slechts gegeven indien dit bijzonder is aangewezen voor de behartiging van het in artikel 5 van deze wet bedoelde belang.

Artikel 7

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 In afwijking van het bepaalde in artikel 99, tweede en vijfde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, wordt door gedeputeerde staten onderscheidenlijk bij koninklijk besluit aan de op grond van artikel 5 aangewezen gemeenten een regeling opgelegd indien binnen een jaar nadat de aanwijzing heeft plaatsgevonden geen regeling aan de goedkeuring van gedeputeerde staten is onderworpen of indien daaraan onherroepelijk de goedkeuring is onthouden.

  • 2 Een oplegging als bedoeld in het eerste lid, geschiedt niet dan nadat met de betrokken gemeentebesturen overleg is gepleegd over het ontwerp van de op te leggen regeling. Indien de oplegging geschiedt bij koninklijk besluit, worden tevens provinciale staten gehoord.

Artikel 8

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 De regeling, bedoeld in artikel 5, bevat in elk geval bepalingen omtrent:

    • a. een plan met betrekking tot de samenwerking, organisatie en coördinatie terzake van de geneeskundige hulpverlening en door de ziekenhuizen te verlenen medische zorg;

    • b. de taken van de binnen het grondgebied van de aan de regeling deelnemende gemeenten werkzame gemeentelijke gezondheidsdiensten ten aanzien van de organisatie van de geneeskundige hulpverlening;

    • c. het verlenen van erkenningen aan instellingen als bedoeld in paragraaf 3 van deze wet;

    • d. het verlenen van onderlinge bijstand bij de uitvoering van de geneeskundige hulpverlening;

    • e. de leiding over de geneeskundige hulpverlening;

    • f. de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan artikel 3.

  • 2 De regeling kan bepalingen bevatten omtrent het inzetten van de geneeskundige eenheden, bedoeld in artikel 10, bij de geneeskundige hulpverlening in andere dan de in dat artikel bedoelde omstandigheden.

  • 3 De besturen van de ziekenhuizen, centrale posten voor het ambulancevervoer, gemeentelijke gezondheidsdiensten, regionale brandweren en bedrijven voor ambulancevervoer die werkzaam zijn binnen het grondgebied van de aan die regeling deelnemende gemeenten, worden omtrent het ontwerp van de regeling gehoord.

Artikel 9

[Vervallen per 01-10-2010]

Bij algemene maatregel van bestuur op voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kunnen uit een oogpunt van volksgezondheid noodzakelijke eisen worden vastgesteld, waaraan gemeentelijke gezondheidsdiensten, ziekenhuizen en centrale posten voor het ambulancevervoer bij de voorbereiding en de uitvoering van de geneeskundige hulpverlening moeten voldoen.

Artikel 10

[Vervallen per 01-10-2010]

Ten behoeve van de geneeskundige hulpverlening in geval van buitengewone omstandigheden worden geneeskundige eenheden beschikbaar gesteld en gehouden door instellingen, die daartoe een erkenning behoeven.

§ 3. De erkenning van een instelling

[Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 11

[Vervallen per 01-10-2010]

Een instelling dient een verzoek tot erkenning in bij de instantie die, op grond van de gemeenschappelijke regeling, is belast met het verlenen van erkenningen.

Artikel 12

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 Een instelling komt slechts voor erkenning in aanmerking indien zij voldoet aan eisen te stellen bij algemene maatregel van bestuur op voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

  • 2 De eisen, bedoeld in het eerste lid, hebben betrekking op het aantal van de geneeskundige eenheden, op de samenstelling en de inzetbaarheid daarvan, op de activiteiten die tenminste door de eenheden moeten kunnen worden verricht, alsmede op de opleiding, geoefendheid en keuring van degenen die van de geneeskundige eenheden deel uitmaken.

Artikel 13

[Vervallen per 01-10-2010]

Indien een instelling van het Rode Kruis een verzoek tot erkenning indient en voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 12, wordt de erkenning verleend. Alvorens de erkenning wordt verleend, wordt het bestuur van het Rode Kruis gehoord.

Artikel 15

[Vervallen per 01-10-2010]

De erkenning kan worden ingetrokken, indien een instelling niet langer voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 12, dan wel aan de voorschriften, bedoeld in artikel 14.

Artikel 16

[Vervallen per 01-10-2010]

Bij het verlenen dan wel het intrekken van de erkenning wordt de functionaris, bedoeld in artikel 2, tweede lid, gehoord.

§ 4. Bijstand

[Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 17

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 Behoeft een burgemeester in geval van een ramp of een zwaar ongeval of van ernstige vrees voor het ontstaan daarvan bijstand van een geneeskundige eenheid, waarin niet kan worden voorzien door de gemeenschappelijke regeling waaraan de gemeente deelneemt, dan richt hij een verzoek daartoe aan de commissaris van de Koning.

  • 2 De commissaris van de Koning beslist op het verzoek en treft de nodige voorzieningen.

Artikel 18

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 Behoeft een burgemeester in geval van een ramp of een zwaar ongeval of van ernstige vrees voor het ontstaan daarvan bijstand van een geneeskundige eenheid van buiten de provincie, dan richt hij een verzoek daartoe aan de commissaris van de Koning die zich ter zake wendt tot Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

  • 2 Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beslist op het verzoek. De betrokken commissarissen van de Koning treffen de nodige voorzieningen.

§ 5. Vergoeding van kosten

[Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 19

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 Tot vergoeding van de kosten die voor gemeentelijke gezondheidsdiensten, erkende instellingen, ziekenhuizen en centrale posten voor het ambulancevervoer voortvloeien uit de organisatie en uitvoering van de geneeskundige hulpverlening in geval van buitengewone omstandigheden alsmede uit de voorbereiding daarop, wordt door het Rijk aan de besturen van de gemeenschappelijke regelingen, bedoeld in artikel 5, een bijdrage verstrekt.

  • 2 Bij algemene maatregel van bestuur op voordracht van Onze Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden regels gesteld over het bepaalde in het eerste lid.

§ 6. Overgangs- en slotbepalingen

[Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 21

[Vervallen per 01-10-2010]

  • 1 In afwijking van artikel 19, eerste lid, wordt tot de datum waarop een gemeenschappelijke regeling als bedoeld in artikel 5 tot stand is gekomen, de in dat lid bedoelde bijdrage verstrekt aan het bestuur van de gemeentelijke gezondheidsdienst.

  • 2 In afwijking van artikel 19, eerste lid, wordt tot de datum waarop een instelling krachtens artikel 12, eerste lid, is erkend, de in artikel 19, eerste lid, bedoelde bijdrage, voor zover deze betrekking heeft op de vergoeding van de kosten van de erkende instellingen, verstrekt tot vergoeding van de kosten van het Rode Kruis of andere instellingen.

Artikel 24

[Vervallen per 01-10-2010]

De voordracht tot een algemene maatregel van bestuur, bedoeld in de artikelen 9 en 12, eerste lid, wordt gedaan na overleg met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel 25

[Vervallen per 01-10-2010]

Met het toezicht op de naleving van de eisen, bedoeld in de artikelen 9 en 12, en van voorschriften als bedoeld in artikel 14, zijn belast de hoofdinspecteur, de inspecteurs en de onder hun bevelen werkzame ambtenaren van de geneeskundige hoofdinspectie van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid.

Artikel 27

[Vervallen per 01-10-2010]

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen verschillend kan worden gesteld.

Artikel 28

[Vervallen per 01-10-2010]

Deze wet kan worden aangehaald als Wet geneeskundige hulpverlening bij rampen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage , 14 november 1991

Beatrix

De Minister van Binnenlandse Zaken,

C. I. Dales

De Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur,

H. J. Simons

Uitgegeven de twaalfde december 1991

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

Terug naar begin van de pagina