Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingovereenkomst Nederland-Singapore

[Regeling vervallen per 17-05-2007 met terugwerkende kracht tot en met 10-05-2007.]
Geldend van 01-01-1997 t/m 30-09-2004

Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingovereenkomst Nederland-Singapore

De staatssecretaris van Financiën,

Gelet op de artikelen 10 en 11 van de op 19 februari 1971 te Singapore tussen Nederland en Singapore gesloten Overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen (Trb. 1971, nr. 95);

Besluit:

Artikel 1. Algemeen

[Vervallen per 17-05-2007]

  • 1 Deze regeling verstaat onder:

    Overeenkomst:

    de op 19 februari 1971 te Singapore tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Singapore gesloten Overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, met protocol, zoals deze Overeenkomst is gewijzigd bij het op 28 februari 1994 te Singapore gesloten Protocol tot wijziging van voornoemde Overeenkomst.

  • 2 Deze regeling neemt verder de begrippen van de Overeenkomst over.

Artikel 2. Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot portfoliodividenden (teruggaafprocedure)

[Vervallen per 17-05-2007]

  • 1 Een inwoner van Singapore die ingevolge artikel 10, tweede lid, eerste volzin, of artikel 11, tweede lid, van de Overeenkomst aanspraak heeft op vermindering van dividendbelasting, heeft recht op hetgeen aan dividendbelasting meer is ingehouden dan:

    • 15 percent indien het gaat om opbrengst van aandelen of winstbewijzen;

    • 10 percent indien het gaat om opbrengst van winstdelende obligaties.

  • 2 Tot het verkrijgen van de teruggaaf levert de belanghebbende bij het belastingbestuur over zijn woonplaats een ingevulde en ondertekende verklaring in tweevoud in op een formulier volgens het in de bijlage I opgenomen model (formulier ‘IB 92 SIN’). Nadat hij een exemplaar van de verklaring, voorzien van dagtekening en ondertekening van de daarop voorkomende bevestiging omtrent de woonplaats, van vorenbedoeld bestuur heeft terugontvangen, handelt hij overeenkomstig het derde of het vierde lid.

  • 3 Indien de opbrengst is uitbetaald door een in Nederland wonende of gevestigde persoon die de in artikel 9 van de Wet op de dividendbelasting 1965 bedoelde dividendnota, waaruit van de betaling van de terug te geven belasting door de belanghebbende blijkt, heeft uitgereikt, levert de belanghebbende het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de verklaring in bij de hierboven bedoelde persoon, onder bijvoeging van de dividendnota. Is dit laatste niet mogelijk, dan voegt de persoon die de dividendnota heeft uitgereikt bij de verklaring een door hem gewaarmerkt afschrift van de dividendnota. Degene die de dividendnota heeft uitgereikt zendt, met een begeleidende brief, waaruit blijkt dat hij voor de belanghebbende optreedt, de bij hem ingeleverde verklaring te zamen met de dividendnota of het afschrift daarvan, aan de inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen buitenland, die op het verzoek beslist bij voor bezwaar vatbare beschikking. Het terug te geven bedrag wordt door de ontvanger van de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen buitenland ten behoeve van de belanghebbende overgemaakt aan degene die de dividendnota heeft uitgereikt.

  • 4 Indien de opbrengst niet is uitbetaald door een in Nederland wonende of gevestigde persoon en de belanghebbende dientengevolge niet in het bezit is van een in het derde lid bedoelde dividendnota, zendt hij het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de verklaring rechtstreeks toe aan de inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen buitenland, onder bijvoeging van een dividendnota of ander bewijsstuk, waaruit blijken:

    • a) de desbetreffende opbrengst, en

    • b) het feit dat de terug te geven belasting door de belanghebbende is betaald.

    De inspecteur van de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen buitenland beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking. Het terug te geven bedrag wordt door de ontvanger van de Belastingdienst/Particulieren/Ondernemingen buitenland aan de belanghebbende overgemaakt.

  • 5 Indien de verzoeker niet kan bevestigen dat hij uit hoofde van zijn eigendomsrechten met betrekking tot de in punt 3 van het formulier ‘IB 92 SIN’ vermelde effecten, op de in dat punt vermelde datum(s) van betaalbaarstelling gerechtigd was tot de in dat punt vermelde inkomsten, dient hij hiervan uitdrukkelijk melding te maken in punt 9 van het formulier en daarbij zijn specifieke omstandigheden nader toe te lichten.

  • 6 Indien de verzoeker niet kan bevestigen dat hij de in punt 3 van het formulier ‘IB 92 SIN’ vermelde effecten niet heeft verkregen ingevolge enige overeenkomst, optie of regeling, waarbij hij is overeengekomen of kan worden verplicht de effecten weer te verkopen of over te dragen, dient hij hiervan uitdrukkelijk melding te maken in punt 9 van het formulier en daarbij zijn specifieke omstandigheden nader toe te lichten.

Artikel 3. Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot deelnemingsdividenden (vrijstellingsprocedure)

[Vervallen per 17-05-2007]

  • 1 Een lichaam dat inwoner van Singapore is, en dat, ingevolge artikel 10, tweede lid, tweede volzin, van de Overeenkomst aanspraak heeft op algehele vrijstelling van dividendbelasting, levert voor het geldend maken van die aanspraak bij het belastingbestuur over zijn woonplaats een ingevulde en ondertekende verklaring in tweevoud in op een formulier volgens het in bijlage II opgenomen model (formulier ‘IB 95 SIN’). Nadat het lichaam een exemplaar van de verklaring, voorzien van dagtekening en ondertekening van de daarop voorkomende bevestiging omtrent de woonplaats, van vorenbedoeld bestuur heeft terugontvangen, legt het dit over bij het innen van de dividenden.

  • 2 Het lichaam dat het dividend verschuldigd is, is bevoegd het dividend uit te betalen zonder aftrek van dividendbelasting, indien de gerechtigde tot de opbrengst het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de in het eerste lid bedoelde verklaring heeft overgelegd.

  • 3 Voor zover dividendbelasting, welke is ingehouden en afgedragen, ingevolge het tweede lid bij de uitbetaling van het dividend niet in aftrek is gebracht, wordt deze aan de vennootschap teruggegeven na indiening van een verzoek bij de inspecteur binnen wiens ambtsgebied zij is gevestigd, onder overlegging van het van een ondertekende bevestiging voorziene exemplaar van de in het eerste lid bedoelde verklaring. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking.

Artikel 4. Nederlandse dividendbelasting met betrekking tot deelnemingsdividenden (teruggaafprocedure)

[Vervallen per 17-05-2007]

  • 1 Indien dividendbelasting is ingehouden van dividenden betaald door een vennootschap aan een lichaam dat inwoner van Singapore is, die ingevolge artikel 10, tweede lid, tweede volzin, van de Overeenkomst vrijgesteld zijn van dividendbelasting, heeft dat lichaam recht op teruggaaf van hetgeen is ingehouden.

  • 2 Tot het verkrijgen van de teruggaaf levert het lichaam bij het belastingbestuur over zijn woonplaats een ingevulde en ondertekende verklaring in tweevoud in op een formulier volgens het in bijlage II opgenomen model (formulier ‘IB 95 SIN’). Nadat het lichaam een exemplaar van de verklaring, voorzien van dagtekening en ondertekening van de daarop voorkomende bevestiging omtrent de woonplaats, van vorenbedoeld bestuur heeft terugontvangen, zendt het dit exemplaar toe aan de inspecteur binnen wiens ambtsgebied de vennootschap is gevestigd, onder bijvoeging van het bewijsstuk waaruit van de inhouding van de belasting blijkt. De inspecteur beslist op het verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking.

  • 4 Het terug te geven bedrag wordt door de ontvanger aan het belanghebbende lichaam overgemaakt.

Artikel 5. Formele bepaling

[Vervallen per 17-05-2007]

De in deze regeling bedoelde verklaringen, verzoeken, gegevens en mededelingen moeten duidelijk, stellig en zonder voorbehoud worden gedaan of verstrekt.

Artikel 6. Verjaringstermijn

[Vervallen per 17-05-2007]

Verzoeken om teruggaaf van belasting, als bedoeld in de artikelen 2 en 3, moeten bij de bevoegde inspecteur zijn ingediend binnen een tijdvak van drie jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de belasting is geheven.

Artikel 7. Formulieren

[Vervallen per 17-05-2007]

De in de artikelen 2, tweede lid, 3, eerste lid, en 4, tweede lid, bedoelde formulieren worden van rijkswege verstrekt. De formulieren zijn op aanvraag kosteloos verkrijgbaar bij de Belastingdienst/Centrum voor facilitaire dienstverlening, Afdeling Logistiek reprografisch centrum, Postbus 1314, 7301 BN Apeldoorn.

Artikel 8. Intrekking

[Vervallen per 17-05-2007]

De beschikking van de Staatssecretaris van Financiën van 29 september 1971, nr. B71/17329 (Stcrt. van 13 oktober 1971, nr. 198), wordt ingetrokken.

Artikel 9. Inwerkingtreding

[Vervallen per 17-05-2007]

  • 1 Deze regeling kan worden aangehaald als: Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingovereenkomst Nederland-Singapore.

  • 2 Zij treedt in werking met ingang van 1 januari 1991.

  • 3 Zij vindt met inachtneming van het bepaalde in artikel 6 toepassing met betrekking tot dividenden die betaald of betaalbaar zijn gesteld op of na 1 januari 1968.

De

Staatssecretaris

van Financiën,

M. J. J. van Amelsvoort

Terug naar begin van de pagina