Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
  • Vorige

  • Volgende

Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003

Geldend op 26-08-2011


De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling. Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van |< < > >| in de balk hierboven.

  • Het spreekt voor zich dat kinderen die reeds de Nederlandse nationaliteit bezitten geen deel uitmaken van een verzoek om naturalisatie van hun ouders. Nederlandse kinderen delen daarom niet in de verkrijging van het Nederlanderschap. Ook delen zij niet automatisch in de eventuele naamsvaststelling of naamswijziging van verzoeker.

    Voorbeeld

    De tweejarige Ahmed is het eerste, in Nederland geboren, kind van een Nederlandse moeder en haar Pakistaanse echtgenoot. Ahmed verkreeg bij zijn geboorte de geslachtsnaam van zijn moeder: ‘Jansen’. Onlangs heeft de vader van Ahmed een verzoek om naturalisatie ingediend en thans wordt hem het Nederlanderschap verleend. Zijn geslachtsnaam wordt vastgesteld als ‘Khan’. Aangezien Ahmed de Nederlandse nationaliteit bezit, was hij geen subject van het verzoek om naturalisatie van zijn vader. Hij deelt daarom niet in de vaststelling van de geslachtsnaam van zijn vader. Het kind behoudt de bij zijn geboorte verkregen geslachtsnaam ‘Jansen’. De na de naturalisatie van de heer Khan geboren kinderen verkrijgen allen eveneens de geslachtsnaam ‘Jansen’. Immers, volgende kinderen van dezelfde ouders hebben op grond van artikel 1:5, achtste lid, BW dezelfde geslachtsnaam als het eerste kind.

    Indien de ouders van Ahmed er bij zijn geboorte voor hadden gekozen om hem de geslachtsnaam van zijn vader te geven, dan had hij op dat moment geen geslachtsnaam gekregen, maar was hij zonder geslachtsnaam geregistreerd als ‘Ahmed - ‘ . Zijn vader had op dat moment immers nog geen geslachtsnaam, maar een namenreeks. Aangezien er echter een keuze was gemaakt voor de naam van vader, had Ahmed in dit geval wel de geslachtsnaam kunnen krijgen die zijn vader bij de naturalisatie liet vaststellen. Dan had Ahmed dus (op voorwaarde dat aan de voorwaarden van artikel 1:7 lid 3 BW werd voldaan) na de naturalisatie van zijn vader ook de geslachtsnaam Khan gekregen.