Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Protocol bij het Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij, Genève, 20-04-1929

Geldend van 29-07-1932 t/m heden

Protocol bij het Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij

Authentiek : EN

PROTOCOL

I. INTERPRETATIONS.

At the moment of signing the Convention of this day's date, the undersigned Plenipotentiaries declare that they accept the interpretations of the various provisions of the Convention set out hereunder.

It is understood:

  • (1) That the falsification of a stamp on a note, when the effect of such a stamp is to make that note valid in a given country, shall be regarded as a falsification of the note.

  • (2) That the Convention does not affect the right of the High Contracting Parties freely to regulate, according to their domestic law, the principles on which a lighter sentence or no sentence may be imposed, the prerogative of pardon or mercy and the right to amnesty.

  • (3) That the rule contained in Article 4 of the Convention in no way modifies internal regulations establishing penalties in the event of concurrent offences. It does not prevent the same individual, who is both forger and utterer, from being prosecuted as forger only.

  • (4) That High Contracting Parties are required to execute letters of request only within the limits provided for by their domestic law.

II. RESERVATIONS.

The High Contracting Parties who make the reservations set forth hereunder make their acceptance of the Convention conditional on the said reservations; their participation, subject to the said reservations, is accepted by the other High Contracting Parties.

  • (1) The Government of India make a reservation to the effect that Article 9 does not apply to India, where the power to legislate is not sufficiently extensive to admit of the legislation contemplated by this article.

  • (2) Pending the negotiation for the abolition of consular jurisdiction which is still enjoyed by nationals of some Powers, the Chinese Government is unable to accept Article 10, which involves the general undertaking of a Government to grant extradition of a foreigner who is accused of counterfeiting currency by a third State.

  • (3) As regards the provisions of Article 20, the delegation of the Union of Soviet Socialist Republics reserves for its Government the right to address, if it so desires, the instrument of its ratification to another signatory State in order that the latter may transmit a copy thereof to the Secretary-General of the League of Nations for notification to all the signatory or acceding States.

III. DECLARATIONS.

Switzerland.

At the moment of signing the Convention, the representative of Switzerland made the following declaration:

„The Swiss Federal Council, being unable to assume any obligation as to the penal clauses of the Convention before the question of the introduction of a unified penal code in Switzerland is settled in the affirmative, draws attention to the fact that the ratification of the Convention cannot be accomplished in a fixed time.

„Nevertheless, the Federal Council is disposed to put into execution, to the extent of its authority, the administrative provisions of the Convention whenever these will come into force in accordance with Article 25.”

Union of Soviet Socialist Republics.

At the moment of signing the Convention, the representative of the Union of Soviet Socialist Republics made the following declaration:

„The delegation of the Union of Soviet Socialist Republics, while accepting the provisions of Article 19, declares that the Government of the Union does not propose to have recourse, in so far as it is concerned, to the jurisdiction of the Permanent Court of International Justice.

„As regards the provision in the same Article by which disputes which it has not been possible to settle by direct negotiations would be submitted to any other arbitral procedure than that of the Permanent Court of International Justice, the delegation of the Union of Soviet Socialist Republics expressly declares that acceptance of this provision must not be interpreted as modifying the point of view of the Government of the Union on the general question of arbitration as a means of settling disputes between States.”

The present Protocol in so far as it creates obligations between the High Contracting Parties will have the same force, effect and duration as the Convention of to-day's date, of which it is to be considered as an integral part.

IN FAITH WHEREOF the undersigned have affixed their signatures to the present Protocol.

DONE at Geneva, this twentieth day of April, one thousand nine hundred and twenty-nine, in a single copy, which shall be deposited in the archives of the Secretariat of the League of Nations, and of which authenticated copies shall be delivered to all Members of the League of Nations and non-member States represented at the Conference.

Vertaling : NL

PROTOCOL.

I. Uitleggingen.

Op het oogenblik van onderteekening van het Verdrag hetwelk de dagteekening draagt van heden, verklaren de ondergeteekende Gevolmachtigden ten aanzien van de verschillende bepalingen van het Verdrag de hieronder uiteengezette uitleggingen te aanvaarden.

Het is wel verstaan:

  • 1°. Dat de vervalsching van een op een bankbiljet geplaatsten stempel, waarvan het gevolg is dit in een bepaald land geldig te maken, als een vervalsching van het biljet zal worden beschouwd.

  • 2°. Dat het Verdrag geen inbreuk maakt op het recht der Hooge Verdragsluitende Partijen om in haar binnenlandsche wetgeving naar eigen goedvinden de beginselen, volgens welke een lichter vonnis dan wel geen vonnis kan worden opgelegd, alsmede het recht van gratie en dat van amnestie te regelen.

  • 3°. Dat de in artikel 4 van het Verdrag vervatte regel geenerlei wijziging medebrengt van de binnenlandsche regels, die de straffen vaststellen in geval van samenloop van strafbare feiten. Deze regel verzet zich niet er tegen, dat hetzelfde individu, hetwelk tegelijk de vervalscher en de uitgever is, slechts als vervalscher vervolgd wordt.

  • 4°. Dat de Hooge Verdragsluitende Partijen slechts gehouden zijn de rogatoire commissiën uit te voeren binnen de door nationale wetgeving gestelde grenzen.

II. Voorbehouden.

De Hooge Verdragsluitende Partijen, die de hieronder vermelde voorbehouden maken, maken daarvan haar aanvaarding van het Verdrag afhankelijk; haar deelneming onder deze voorbehouden wordt door de andere Hooge Verdragsluitende Partijen aanvaard.

  • 1°. De Regeering van Britsch-Indië maakt het voorbehoud, dat artikel 9 niet van toepassing is op Britsch-Indië, waar het niet binnen de bevoegdheden van de wetgevende macht valt den bij dit artikel gestelden regel uit te vaardigen.

  • 2°. In afwachting van den afloop van de onderhandelingen betreffende de afschaffing van de consulaire rechtsmacht, waarvan de onderdanen van zekere Mogendheden nog in het genot zijn, is het voor de Chineesche Regeering niet mogelijk artikel 10 te aanvaarden, dat de algemeene verbintenis voor een regeering inhoudt de uitlevering van een door een derden Staat van valsche munterij beschuldigden vreemdeling toe te staan.

  • 3°. Met betrekking tot de bepalingen van artikel 20 behoudt de afvaardiging van de Unie van Socialistische Sowjet Republieken zich voor haar Regeering de bevoegdheid voor om, indien zij dit wenscht, de akte van haar bekrachtiging aan een anderen Staat-onderteekenaar te richten, opdat deze er van afschrift aan den Secretaris-Generaal van den Volkenbond overlegge ter kennisgeving aan alle Staten, die onderteekend hebben of toegetreden zijn.

III. Verklaringen.

Zwitserland

Op het oogenblik van onderteekening van het Verdrag heeft de vertegenwoordiger van Zwitserland de volgende verklaring afgelegd:

„De Zwitsersche Bondsraad, die eenige verbintenis betreffende de strafbepalingen van het Verdrag niet op zich kan nemen, voordat de vraag van de invoering in Zwitserland van een eenvormig wetboek van strafrecht in bevestigenden zin opgelost is, doet opmerken, dat de bekrachtiging van het Verdrag niet binnen bepaalden tijd zal kunnen worden tot stand gebracht.

„Evenwel is de Zwitsersche Bondsraad bereid binnen de mate van zijn bevoegdheid uitvoering te geven aan de administratieve bepalingen van het Verdrag, zoodra dit in werking zal zijn getreden overeenkomstig art. 25.”

Unie van Socialistische Sowjet Republieken.

Op het oogenblik van onderteekening van het Verdrag heeft de vertegenwoordiger van de Unie van Socialistische Sowjet Republieken de volgende verklaring afgelegd:

„De afvaardiging van de Unie van Socialistische Sowjet Republieken, hoewel de bepalingen van art. 19 aanvaardende, verklaart, dat de Regeering der Unie niet voornemens is, voor zoover het haar betreft, de rechtspraak van het Permanente Hof van Internationale Justitie in te roepen.”

„Met betrekking tot de bepaling van hetzelfde artikel, volgens welke de geschillen, die niet door rechtstreeksche onderhandelingen geregeld kunnen worden, onderworpen zouden zijn aan eenige andere scheidsrechterlijke procedure dan die van het Permanente Hof van Internationale Justitie, verklaart de afvaardiging van de Unie van Socialistische Sowjet Republieken nadrukkelijk, dat de aanvaarding van deze bepaling niet moet worden uitgelegd als wijziging te brengen in het standpunt van de Regeering der Unie omtrent de algemeene kwestie van arbitrage als middel tot beslechting van geschillen tusschen Staten.”

Dit Protocol zal, voor zoover het tusschen de Hooge Verdragsluitende Partijen verbintenissen schept, dezelfde kracht, uitwerking en duur hebben als het op den datum van heden gesloten Verdrag en als een integreerend deel daarvan worden beschouwd.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergeteekenden hun handteekening onder dit Protocol hebben geplaatst.

GEDAAN te Genève, den twintigsten April negentienhonderd negen en twintig, in een enkel exemplaar, dat zal worden nedergelegd in het archief van het Secretariaat van den Volkenbond en waarvan eensluidend afschrift zal worden toegezonden aan alle Leden van den Volkenbond en aan alle ter Conferentie vertegenwoordigde Staten niet-Leden.