Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering [...] in Frankrijk van Nederlandse bestraalde splijtstofelementen, 's-Gravenhage, 20-04-2012

Geldend van 01-01-2014 t/m heden

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek inzake de verwerking in Frankrijk van Nederlandse bestraalde splijtstofelementen

Authentiek : NL

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek inzake de verwerking in Frankrijk van Nederlandse bestraalde splijtstofelementen

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, enerzijds,

en

De Regering van de Franse Republiek, anderzijds,

Gelet op:

De overeenkomst in de vorm van de op 29 mei 1979 te Parijs ondertekende briefwisselingen tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek inzake de verwerking in Frankrijk van bestraalde splijtstofelementen (tezamen een wijzigingsovereenkomst, ondertekend te Parijs op 9 februari 2009);

Het op 20 december 2011 tussen N.V. ELEKTRICITEITS-PRODUKTIEMAATSCHAPPIJ ZUID-NEDERLAND (hierna te noemen EPZ) en AREVA NC ondertekende contract voor de verwerking van alle gebruikte splijtstoffen afkomstig van de reactor te Borssele, gelegen in de provincie Zeeland in Nederland, en waarvan de inwerkingtreding afhangt van de inwerkingtreding van deze Overeenkomst;

Artikel L.542-2 van het Franse wetboek inzake milieuaangelegenheden, voortvloeiend uit de Franse wet nr. 2006-739 van 28 juni 2006 inzake het duurzaam beheer van radioactieve stoffen en radioactief afval, dat als volgt bepaalt: „De opslag in Frankrijk van uit het buitenland afkomstig radioactief afval alsmede de opslag van radioactief afval afkomstig van de verwerking van uit het buitenland afkomstige gebruikte splijtstoffen en radioactief afval is verboden”;

Artikel L.542-2-1-I van het Franse wetboek inzake milieuaangelegenheden, voortvloeiend uit de Franse wet nr. 2006-739 van 28 juni 2006 inzake het duurzaam beheer van radioactieve stoffen en radioactief afval, dat als volgt bepaalt. „Gebruikte splijtstoffen of radioactief afval mogen slechts op het nationale grondgebied worden binnengebracht ten behoeve van de verwerking ervan, voor onderzoek of voor doorvoer tussen buitenlandse Staten.

Het op het grondgebied binnenbrengen voor verwerkingsdoeleinden kan uitsluitend worden toegestaan in het kader van intergouvernementele overeenkomsten en onder de voorwaarde dat het na de verwerking van deze stoffen overblijvend radioactief afval niet langer in Frankrijk opgeslagen zal blijven dan tot een in die overeenkomsten vastgestelde datum. In de overeenkomst worden de voorziene tijdvakken voor de inontvangstname en verwerking van deze stoffen vermeld alsmede, in voorkomend geval, het beoogde latere gebruik van de tijdens de verwerking afgescheiden radioactieve stoffen.”

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1

Deze Overeenkomst verwijst naar de in het bovengenoemde contract bedoelde verwerking in Frankrijk van uit Nederland afkomstige gebruikte splijtstoffen. Deze Overeenkomst wordt gesloten met inachtneming van de regelgeving inzake nucleaire veiligheid en stralingsbescherming.

Overeenkomstig de artikelen L.542-2 en L.542-2-1-I van het bovengenoemde wetboek inzake milieuaangelegenheden, worden Nederlandse gebruikte splijtstoffen op het Franse grondgebied binnengebracht ten behoeve van de verwerking ervan door AREVA NC, en is het niet de bedoeling dat uit het buitenland afkomstig radioactief afval of radioactief afval dat na de verwerking van gebruikte splijtstoffen overblijft, op Frans grondgebied wordt opgeslagen.

Het in Frankrijk binnenbrengen van gebruikte splijtstoffen wordt toegestaan onder het voorbehoud dat de nodige vergunningen worden verkregen voor de verwerking ervan uit hoofde van de regelgeving inzake nucleaire veiligheid, en onder voorbehoud van de volgende bepalingen.

Artikel 2

Voorzien is dat de gebruikte splijtstoffen van de reactor te Borssele in Frankrijk worden binnengebracht tussen de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst en 31 december 2049.

Artikel 3

Voorzien is dat de verwerking van de gebruikte splijtstoffen plaatsvindt binnen een tijdsbestek van zes jaar, te rekenen vanaf het jaar van aankomst ervan bij de fabriek te La Hague.

Artikel 4

Ingevolge de in artikel 1 van deze Overeenkomst overeengekomen verplichtingen en verbintenissen wordt het radioactief afval afkomstig van de verwerking van de gebruikte splijtstoffen naar Nederland teruggezonden; Nederland verplicht zich ertoe dit afval in de vorm van pakketten bewerkt afval in ontvangst te nemen.

Voorzien is dat de terugzending van dit radioactief afval uiterlijk plaatsvindt na het verstrijken van een termijn van acht jaar na de verwerking van de desbetreffende gebruikte splijtstoffen.

Artikel 5

De laatste terugzendingen van het radioactief afval afkomstig van de verwerking van de desbetreffende gebruikte splijtstoffen vinden uiterlijk vóór 31 december 2052 plaats.

Artikel 6

  • a De Franse regering verplicht zich ertoe de nodige, onder haar bevoegdheid vallende maatregelen te treffen om de uitvoering van de bepalingen van deze Overeenkomst mogelijk te maken;

  • b De Nederlandse regering verplicht zich ertoe de nodige, onder haar bevoegdheid vallende maatregelen te treffen om de uitvoering van de bepalingen van deze Overeenkomst mogelijk te maken;

  • c De Nederlandse regering verbindt zich er in het bijzonder toe de termijnen te eerbiedigen die worden genoemd in deze Overeenkomst en in de, voor de verzending van het radioactief afval naar een aan de geldende veiligheidsregels beantwoordende inrichting voor opslag of eindberging in Nederland, benodigde autorisatieprocedures, vergunningen en licenties.

Artikel 7

Het vervoer van het radioactief afval over het grondgebied van de Franse Republiek, van elke Staat van doorvoer en van het Koninkrijk der Nederlanden wordt door de Partijen verzorgd in overeenstemming met de geldende regelgeving.

Artikel 8

Het uranium afkomstig van de verwerking van de gebruikte splijtstoffen wordt ter beschikking van EPZ gesteld die het kan terugnemen of recycleren in de vorm van nieuwe reactorbrandstof voor Nederland of voor elke andere reactor voor civiel gebruik.

Het plutonium afkomstig van de verwerking van de gebruikte splijtstoffen wordt door AREVA NC gebruikt voor het aanvullen van de lopende voorraad grondstoffen van haar MELOX-fabriek, of voor het leveren van MOX-brandstof aan haar cliënten.

Artikel 9

In geval van een geschil plegen de Partijen overleg met het oog op de snelle beslechting ervan door middel van onderhandelingen, bemiddeling, conciliatie of andere vreedzame middelen naar keuze van de Partijen, met name, in onderlinge overeenstemming, voorlegging van het geschil aan het Internationaal Gerechtshof, overeenkomstig het Statuut van het Hof, of, voor kwesties die onder het recht van de Europese Unie vallen, door middel van een compromis in de zin van artikel 273 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, juncto artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie.

Artikel 10

Elk van de Partijen stelt de andere Partij in kennis van de voltooiing van haar vereiste procedures voor de inwerkingtreding van deze Overeenkomst, die in werking treedt op de eerste dag van de tweede maand na de ontvangst van de tweede kennisgeving.

Deze Overeenkomst blijft van kracht tot de datum van de laatste terugzending van radioactief afval of nucleair materiaal dat overblijft na de verwerking van gebruikte splijtstoffen die binnen haar werkingssfeer vallen.

TEN BLIJKE WAARVAN de vertegenwoordigers van beide Regeringen, daartoe naar behoren gemachtigd, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN te ’s-Gravenhage, op 20 april 2012, in tweevoud, in de Nederlandse en de Franse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de regering van het Koninkrijk der Nederlanden,

M. VERHAGEN

Voor de regering van de Franse Republiek,

P. MÉNAT