Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk, 's-Gravenhage, 11-08-1954[Regeling vervallen per 01-06-2007.]

Geldend van 01-06-1955 t/m 31-05-2007

Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk

Authentiek : NL

Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk [Vervallen per 01-06-2007]

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Britannië en Noord-Ierland,

Besloten hebbende samen te werken op sociaal gebied,

Bevestigende het beginsel, dat de onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen krachtens de wettelijke regelingen betreffende de sociale zekerheid van de andere Partij op gelijke wijze zullen worden behandeld als de onderdanen van laatstgenoemde Partij,

Verlangende aan dit beginsel uitvoering te geven en regelingen te treffen, krachtens welke haar eigen onderdanen, die zich van het grondgebied van de ene Partij naar dat van de andere Partij begeven, òf de rechten behouden, welke zij ingevolge de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij hebben verkregen, dan wel overeenkomstige rechten genieten, krachtens de wettelijke regelingen van laatstgenoemde Partij,

Verlangende verder regelingen te treffen terzake van een samentelling van verzekeringstijdvakken, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van elk der beide Partijen, ter vaststelling van het recht op uitkering,

Zijn overeengekomen als volgt:

TITEL I. Begripsbepalingen en werkingssfeer [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 1 [Vervallen per 01-06-2007]

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

  • 1. „grondgebied”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: Engeland, Schotland, Wales, Noord-Ierland en het eiland Man en, voor wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft: het grondgebied in Europa;

  • 2. „onderdaan”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: een onderdaan (citizen) van het Verenigd Koninkrijk en zijn koloniën en, voor wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft: degene, die de Nederlandse nationaliteit bezit;

  • 3. „wettelijke regeling”: al naar het zinsverband de wetten en regelingen, bedoeld in artikel 2, van kracht in het gebied van elk der Verdragsluitende Partijen;

  • 4. „bevoegde autoriteit”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: de Minister, het Ministerie of het Bestuur, verantwoordelijk voor de uitvoering van de wettelijke regelingen, bedoeld in artikel 2, en voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden: de Minister, verantwoordelijk voor de uitvoering van die wettelijke regelingen;

  • 5. „bevoegd orgaan”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: de „Minister of Pensions and National Insurance”, het „Ministry of Labour and National Insurance for Northern Ireland”, of het „Isle of Man Board of Social Services”, al naar het geval zich voordoet en voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden: het bevoegde uitvoeringsorgaan, bedoeld in de Nederlandse wettelijke regelingen;

  • 6. „werknemer”: de arbeider of een met deze gelijkgestelde in de zin van de wettelijke regeling, welke van toepassing is, terwijl „werkzaamheid”: werkzaamheid als werknemer betreft en de woorden „arbeid” en „werkgever” betrekking hebben op zodanige „werkzaamheid”;

  • 7. „nagelaten betrekkingen of indirect verzekerden”: degenen, die als zodanig worden beschouwd met het oog op aanspraken van nagelaten betrekkingen of indirect verzekerden krachtens de wettelijke regeling, welke van toepassing is;

  • 8. „verzekeringstijdvak”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: een tijdvak, waarover premiën, betrekking hebbende op de uitkering in kwestie, ingevolge de wettelijke regeling van het Verenigd Koninkrijk zijn betaald en, voor wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft: een verzekeringstijdvak, vervuld onder de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden;

  • 9. „gelijkgesteld tijdvak”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: een tijdvak, waarover premiën, betrekking hebbende op de uitkering in kwestie, ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk in rekening kunnen worden gebracht en, voor wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft: een tijdvak, dat ingevolge de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden met een verzekeringstijdvak wordt gelijkgesteld;

  • 10. onder de woorden „uitkering” en „rente” vallen tevens elke verhoging van zodanige uitkering of rente en elke aanvullende uitkering, welke daarop wordt verstrekt;

  • 11. „ziekengelduitkering”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: ziekengelduitkering in de zin van de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk behalve voorzover deze in de zin van dit Verdrag als invaliditeitsuitkering wordt aangemerkt en, voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden: ziekengelduitkering in de zin van de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden;

  • 12. „invaliditeitsrente”:

    • a. voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: ziekengelduitkering in de zin van de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk, welke

      • (i) verstrekt wordt aan een persoon terzake van een tijdvak van onderbreking van de arbeid, in de zin van deze wettelijke regelingen, nadat betrokkene in dat tijdvak aanspraak heeft gekregen op zodanige uitkering gedurende 312 dagen, of

      • (ii) verstrekt wordt door het bevoegde orgaan van het Verenigd Koninkrijk overeenkomstig de bepalingen van het derde of vijfde lid van artikel 16;

    • b. voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden: een invaliditeitsrente in de zin van de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden;

  • 13. „ouderdomsrente”: voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: een ouderdomsrente of „retirement pension” in de zin van de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk; voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden: een ouderdomsrente in de zin van de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden.

Artikel 2 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 De bepalingen van dit Verdrag zijn van toepassing:

    • a. voor wat betreft het Verenigd Koninkrijk: op

      • (i) de National Insurance Act van 1946, de National Insurance Act, Northern Ireland (Noord-Ierland) van 1946, de National Insurance Act, Isle of Man (eiland Man) van 1948 en de wettelijke regelingen, welke van kracht waren vóór 5 Juli 1948 en welke door genoemde wetten werden vervangen;

      • (ii) de National Insurance (Industrial Injuries) Act van 1946, de National Insurance (Industrial Injuries) Act, Northern Ireland (Noord-Ierland) van 1946 en de National Insurance (Industrial Injuries) Act, Isle of Man (eiland Man) van 1948;

    • b. voor wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft: op

      • (i) de wetten en regelingen betreffende ziekteverzekering, inbegrepen moederschapsuitkeringen in geld, met uitsluiting evenwel van alle uitkeringen in natura;

      • (ii) de wetten en regelingen betreffende de verzekering tegen geldelijke gevolgen van ouderdom, invaliditeit en vroegtijdige dood;

      • (iii) de wetten en regelingen betreffende bedrijfsongevallen en beroepsziekten;

      • (iv) de wetten en regelingen betreffende werkloosheidsverzekering;

      • (v) de regeling betreffende de verzekering tegen geldelijke gevolgen van invaliditeit en ouderdom voor mijnwerkers en daarmede gelijkgestelden.

  • 2 Met inachtneming van het bepaalde in het derde en vierde lid van dit artikel is het Verdrag ook van toepassing op elke wet of regeling, welke de wettelijke regelingen, bedoeld in het eerste lid van dit artikel wijzigt, aanvult of ordent.

  • 3 Het Verdrag is niet van toepassing op wetten of regelingen, welke de verzekering uitbreiden tot nieuwe groepen van personen of betrekking hebben op een nieuwe tak van sociale zekerheid, indien een der Verdragsluitende Partijen aldus beslist en daarvan aan de andere Partij kennis geeft binnen drie maanden nadat de officiële bekendmaking van bedoelde wettelijke regeling, overeenkomstig het bepaalde in artikel 38 is geschied.

  • 4 Alleen dan wanneer de Verdragsluitende Partijen aldus beslissen is het Verdrag van toepassing op wetten en regelingen, welke de wettelijke regelingen, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, wijzigen teneinde uitvoering te geven aan een wederkerigheidsregeling inzake sociale zekerheid.

TITEL II. Algemene bepalingen [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 3 [Vervallen per 01-06-2007]

Een onderdaan van de ene Verdragsluitende Partij kan aanspraak maken op de uitkeringen ingevolge de wettelijke regelingen van de andere Partij onder dezelfde voorwaarden als wanneer hij een onderdaan van laatstgenoemde Partij was.

Artikel 4 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Behoudens het bepaalde in het tweede lid van dit artikel en in de artikelen 5 en 8, zijn, wanneer een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen werkzaam is op het grondgebied van de ene Partij, de wettelijke regelingen van die Partij op hem van toepassing, zelfs wanneer hij gewoonlijk verblijf houdt op het grondgebied van de andere Partij en zelfs wanneer zijn werkgever of de zetel van de onderneming of het hoofdkantoor, bij welke hij in dienst is, in het andere land is gevestigd.

  • 2

    • a. Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die op het grondgebied van de ene Partij woont en in dienst is van een werkgever, die aldaar is gevestigd, werkzaam is op het grondgebied van de andere Partij, zijn de wettelijke regelingen van het land, waar hij gewoonlijk verblijf houdt, ten aanzien van de betrokkene van toepassing alsof hij zijn werkzaamheid uitoefende op het grondgebied van die Partij, mits de werkzaamheid in het andere land vermoedelijk niet langer dan zes maanden zal duren. Indien de werkzaamheid in het andere land door onvoorziene omstandigheden langer mocht duren dan zes maanden, blijven de wettelijke regelingen van de Partij, waar hij gewoonlijk verblijf houdt, nog gedurende een tijdvak van ten hoogste zes maanden op de onderdaan van toepassing, mits de bevoegde autoriteit van de andere Partij daarin toestemt vóór het einde van het eerste tijdvak van zes maanden.

    • b. Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen op het grondgebied van een van beide Partijen werkzaam is bij een transportonderneming, hetzij spoorweg of wegvervoer, zijn de wettelijke regelingen van de Partij, op het grondgebied van welke de transportonderneming haar zetel of hoofdkantoor heeft, op hem van toepassing, als ware hij op dat grondgebied werkzaam en als ware aan alle voorwaarden betreffende verblijf of plaats van herkomst in zijn geval voldaan.

Artikel 5 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Voor de toepassing van dit artikel wordt onder „vaartuig of luchtvaartuig van een van beide Partijen” al naar het zinsverband verstaan:

    • a. een zeeschip, zeevaartuig of een luchtvaartuig, ingeschreven in het Verenigd Koninkrijk of

    • b. een zeeschip, zeevaartuig of een luchtvaartuig, ingeschreven in het Koninkrijk der Nederlanden.

  • 2 Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die woont op het grondgebied van de ene Partij, werkzaam is aan boord van een vaartuig of luchtvaartuig van de andere Partij, zijn, behoudens het bepaalde in het derde lid van dit artikel, de wettelijke regelingen van de laatstgenoemde Partij op hem van toepassing als ware in zijn geval aan alle voorwaarden betreffende verblijfplaats of plaats van herkomst voldaan.

  • 3 Indien een onderdaan van een der Partijen, die woont op het grondgebied van de ene Partij en tijdelijk werkzaam is aan boord van een vaartuig of luchtvaartuig van de andere Partij, terzake van die werkzaamheid loon ontvangt van enige persoon of onderneming, welke is gevestigd op het grondgebied van de eerstgenoemde Partij en welke niet de eigenaar van het vaartuig of het luchtvaartuig is, zijn, voor wat bedoelde werkzaamheden betreft, ten aanzien van die onderdaan de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij van toepassing als ware het vaartuig of het luchtvaartuig een vaartuig of een luchtvaartuig van eerstgenoemde Partij. De persoon of de onderneming, welke bedoeld loon betaalt, wordt voor de toepassing van eerderbedoelde wettelijke regelingen als werkgever aangemerkt.

  • 4 Een zeeschip of zeevaartuig, gebouwd op het grondgebied van een Partij voor rekening van een persoon of onderneming, welke gevestigd is of haar zetel heeft op het grondgebied van de andere Partij, wordt gedurende de tijd, welke ligt tussen de tewaterlating en de inschrijving van dat schip of vaartuig, aangemerkt als een vaartuig van laatstgenoemde Partij. Het bepaalde in het derde lid van dit artikel is van toepassing als ware bedoelde persoon of onderneming de eigenaar van het vaartuig.

Artikel 6 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen gewoonlijk voor eigen rekening op het grondgebied van de ene Partij werkzaam is, zijn de wettelijke regelingen van dat land te zijnen aanzien van toepassing, zelfs wanneer hij woont op het grondgebied van de andere Partij.

Artikel 7 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die geen winstgevend beroep uitoefent, woont op het grondgebied van de ene Partij, zijn de wettelijke regelingen van die Partij op hem van toepassing, zelfs indien hij tijdelijk op het grondgebied van de andere Partij vertoeft.

Artikel 8 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Dit Verdrag is niet van toepassing op diplomatieke en consulaire beroepsambtenaren, kanselarijbeambten daaronder begrepen.

  • 2 Behoudens het bepaalde in het eerste lid van dit artikel geldt het volgende:

    • a. indien een onderdaan van de ene Partij, die in dienst is van zijn Regering en een verzekeringstijdvak krachtens de wettelijke regelingen van die Partij heeft vervuld, werkzaam is op het grondgebied van de andere Partij, zijn de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij op hem van toepassing als ware hij aldaar werkzaam;

    • b. indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, op wie het bepaalde in dit lid onder a, niet van toepassing is, op een diplomatieke of consulaire post van een Partij, gevestigd op het grondgebied van de andere Partij, werkzaam is of aldaar werkzaam is in persoonlijke dienst van een diplomatiek of consulair beroepsambtenaar van eerstgenoemde Partij, zijn de wettelijke regelingen van de Partij, op welker grondgebied de betrokkene werkzaam is, op hem van toepassing.

  • 3 De bevoegde autoriteiten kunnen in gemeen overleg bepalen, dat de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden van toepassing zullen zijn ten aanzien van personen, die in Nederland bij de gewapende macht of officiële instanties van het Verenigd Koninkrijk in dienst zijn.

Artikel 9 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen verblijft op het grondgebied van de ene Partij en de wettelijke regelingen van de andere Partij zijn, overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, tweede lid, of artikel 8, tweede lid, onder a, op hem van toepassing, wordt, ter beoordeling van zijn aanspraken op uitkeringen in geld terzake van ziekte, moederschap, bedrijfsongeval of beroepsziekte ingevolge die wettelijke regelingen, te zijnen aanzien gehandeld

  • 1. voor wat betreft ziekengeld- en moederschapsuitkering: als hield hij op het grondgebied van laatstgenoemde Partij verblijf;

  • 2. voor wat betreft uitkering terzake van een bedrijfsongeval, dat hem gedurende zijn werkzaamheid overkomt of een beroepsziekte, welke gedurende zijn werkzaamheid ontstaat: als had het bedrijfsongeval plaats gevonden of als was de beroepsziekte ontstaan op het grondgebied van laatstgenoemde Partij.

Artikel 10 [Vervallen per 01-06-2007]

De bevoegde autoriteiten van de beide Verdragsluitende Partijen kunnen overeenkomen, dat het bepaalde in de artikelen 4, 5, 6, 7 en 8 in bijzondere gevallen niet van toepassing is.

Artikel 11 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die woont op het grondgebied van de ene Partij, doch niet verplicht verzekerd is ingevolge de wettelijke regelingen van die Partij, aanspraak maakt op opneming in de vrijwillige verzekering ingevolge die wettelijke regelingen, wordt elk verzekeringstijdvak, krachtens de wettelijke regelingen van de andere Partij vervuld, voor de beoordeling van een zodanige aanspraak geacht vervuld te zijn krachtens de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij.

TITEL III. Bijzondere bepalingen [Vervallen per 01-06-2007]

EERSTE HOOFDSTUK. Ziekengeld-, moederschaps- en werkloosheidsuitkeringen [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 12 [Vervallen per 01-06-2007]

Een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die een verzekeringstijdvak krachtens de wettelijke regelingen van de ene Partij heeft vervuld, heeft, evenals de op grond van zijn verzekering indirect verzekerden, recht op ziekengeld-, moederschaps- en werkloosheidsuitkeringen ingevolge de wettelijke regelingen van de andere Partij onder voorwaarde, dat

  • 1. hij in de verzekering krachtens de wettelijke regelingen van laatstgenoemde Partij is opgenomen;

  • 2. hij voldoet aan de voorwaarden, gesteld in de wettelijke regelingen van laatstgenoemde Partij; hiertoe wordt elk verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij, behoudens het bepaalde in artikel 31, geacht te zijn vervuld krachtens de wettelijke regelingen van laatstgenoemde Partij;

  • 3. ingeval uitkering van ziekengeld wordt gevraagd voor de onderdaan zelf, de ziekte zich heeft geopenbaard na de aanvang van het verzekeringstijdvak, volgend op de dag, waarop de betrokkene laatstelijk het grondgebied van laatstgenoemde Partij betrad;

  • 4. bij moederschap de uitkering geschiedt ingevolge de wettelijke regelingen, welke van toepassing zijn op de vrouw of, indien aanspraak op uitkering wordt gemaakt op grond van de verzekering van haar echtgenoot, ingevolge de wettelijke regelingen, welke op het ogenblik van indiening der aanvrage op haar echtgenoot van toepassing zijn;

  • 5. ingeval van uitkering terzake van werkloosheid de werkloosheid is ontstaan na de aanvang van het verzekeringstijdvak, volgende op de dag, waarop de onderdaan laatstelijk het grondgebied betrad van de Partij, op grond van welker wettelijke regelingen aanspraak op de uitkering wordt gemaakt.

Artikel 13 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een vrouw, onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, is verzekerd ingevolge de wettelijke regelingen van de ene Partij - of wanneer zij de echtgenote is van een zodanig verzekerde - en zich bevindt op het grondgebied van de andere Partij of aldaar is bevallen, wordt zij voor de beoordeling van haar aanspraken op een moederschapsuitkering in geld ingevolge de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij geacht zich te bevinden of bevallen te zijn op het grondgebied van eerstgenoemde Partij.

Artikel 14 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen zich van het grondgebied van de ene Partij begeeft naar het grondgebied van de andere Partij, nadat hij ziek is geworden in het eerste land, behoudt hij zijn aanspraak op ziekengelduitkering ingevolge de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij alsof hij op het grondgebied van die Partij verbleef, onder voorwaarde, dat het bevoegde orgaan van eerstgenoemde Partij vóór zijn vertrek toestemming daartoe heeft gegeven.

Artikel 15 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een van beide Verdragsluitende Partijen, die woont op het grondgebied van een der Partijen, werkloos wordt op het grondgebied van de andere Partij gedurende de tijd, dat de wettelijke regelingen van laatstgenoemde Partij op hem van toepassing zijn en terugkeert naar het grondgebied van eerstgenoemde Partij, heeft hij aanspraak op werkloosheidsuitkering krachtens de voorzieningen van deze Partij. Voor de toepassing van deze bepaling wordt elk verzekeringstijdvak of het tijdvak, hetwelk met een verzekeringsperiode wordt gelijkgesteld, welke vervuld is krachtens de wettelijke regelingen van het land, waar hij werkloos werd, behoudens het bepaalde in artikel 31, beschouwd alsof dit was vervuld krachtens de wettelijke regelingen van eerstbedoelde Partij.

TWEEDE HOOFDSTUK. Invaliditeitsrenten [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 16 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen verzekeringstijdvakken of daarmede gelijkgestelde tijdvakken krachtens de wettelijke regelingen van beide Partijen heeft vervuld, worden zodanige tijdvakken ter vaststelling van zijn recht op een invaliditeitsrente overeenkomstig het bepaalde in artikel 31 samengeteld.

  • 2 Behoudens het bepaalde in het derde en vijfde lid van dit artikel wordt een invaliditeitsrente uitgekeerd overeenkomstig de bepalingen van de wettelijke regelingen, ingevolge welke de onderdaan was verzekerd terzake van zijn arbeid op het tijdstip, waarop de ziekte of arbeidsongeschiktheid het eerst medisch werd vastgesteld, of ingevolge welke hij voordien het laatst was verzekerd. De kosten van een zodanige rente worden gedragen door het ingevolge die wettelijke regelingen bevoegde orgaan.

  • 3 Indien een onderdaan van een der beide Verdragsluitende Partijen een verzekeringstijdvak krachtens de wettelijke regelingen van de ene Partij heeft vervuld en een verzekeringstijdvak krachtens de wettelijke regelingen van de andere Partij is aangevangen binnen een jaar vóór het begin van het kwartaal, waarin zijn ziekte of arbeidsongeschiktheid het eerst medisch werd vastgesteld, wordt de invaliditeitsrente uitgekeerd overeenkomstig de bepalingen van de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij. De kosten van zodanige rente worden gedragen door het ingevolge die wettelijke regelingen bevoegde orgaan. Deze bepaling is niet van toepassing indien de invaliditeit het gevolg is van een ongeval.

  • 4 Voor de toepassing van het derde lid van dit artikel wordt onder „kwartaal” verstaan een tijdvak van drie kalendermaanden, aanvangende op 1 Januari, 1 April, 1 Juli of 1 October van een jaar.

  • 5 Indien, na schorsing of staking van een invaliditeitsrente, toegekend ingevolge de wettelijke regelingen van een der beide Partijen, de onderdaan binnen een tijdvak van drie jaar opnieuw invalide wordt, dient het orgaan, hetwelk oorspronkelijk de rente toekende, overeenkomstig de bepalingen van zijn eigen wettelijke regelingen de uitbetaling van die rente te hervatten, mits de invaliditeit toe te schrijven is aan de ziekte of arbeidsongeschiktheid terzake waarvan eerder zodanige rente werd toegekend.

Artikel 17 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen vóór het bereiken van de 35-jarige leeftijd verzekerd is geweest ingevolge de ziekteverzekering van het Verenigd Koninkrijk en hij na het bereiken van deze leeftijd werknemer wordt in het Koninkrijk der Nederlanden, wordt hij niet van de verzekering krachtens de Nederlandse Invaliditeitswet uitgesloten, mits hij de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt, niet een loon geniet, dat recht zou geven op vrijstelling van de verzekering en evenmin op enige andere grond uitgezonderd is.

Artikel 18 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien, ingevolge de wettelijke regelingen van een der beide Verdragsluitende Partijen, een onderdaan van een dier Partijen recht zou hebben op invaliditeitsrente, indien hij op het grondgebied van die Partij verblijf hield, heeft hij eveneens recht op die rente wanneer hij op het grondgebied van de andere Partij verblijf houdt.

DERDE HOOFDSTUK. Ouderdomsrente [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 19 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Wanneer een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen een aanvrage indient om een ouderdomsrente te ontvangen wegens het vervuld hebben van verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken krachtens de wettelijke regelingen van beide Partijen, wordt het recht van deze onderdaan, behoudens het bepaalde in artikel 22, vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in de volgende leden van dit artikel.

  • 2 Het desbetreffende bevoegde orgaan van elk der beide Partijen bepaalt overeenkomstig zijn eigen nationale wettelijke regelingen of de onderdaan voldoet aan de voorwaarden, welke die wettelijke regelingen voor het recht op rente stellen. Het neemt daarbij in aanmerking alle verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken, door die onderdaan ingevolge de wettelijke regelingen van elk der beide Partijen vervuld alsof zij vervuld waren onder zijn eigen nationale wettelijke regelingen.

  • 3 Indien het recht op rente overeenkomstig de bepalingen van het tweede lid van dit artikel wordt vastgesteld, berekent het bevoegde orgaan van elk der beide Partijen

    • a. de rente, welke aan de onderdaan ingevolge zijn eigen nationale wettelijke regelingen zou zijn verschuldigd geweest, indien alle verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken ingevolge de wettelijke regelingen van elk der beide Partijen door hem vervuld en berekend overeenkomstig het bepaalde in artikel 31, krachtens zijn eigen nationale wettelijke regelingen waren vervuld en

    • b. het gedeelte van de rente bedoeld onder a, dat in gelijke verhouding staat tot de gehele rente als de som van alle verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken, door die onderdaan krachtens zijn eigen nationale wettelijke regelingen vervuld, staat tot het totaal van alle verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken, door hem krachtens de wettelijke regelingen van beide Partijen vervuld.

    Het op deze wijze berekende gedeelte vormt de werkelijke rente, door het bevoegde orgaan verschuldigd aan de onderdaan.

  • 4 Indien het totaal van alle verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken, door een onderdaan krachtens de wettelijke regelingen van een der beide Verdragsluitende Partijen vervuld, minder bedraagt dan zes maanden, wordt geen rente ingevolge de wettelijke regelingen van dat land uitgekeerd.

  • 5 Voor de toepassing van dit artikel wordt een verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, door een onderdaan vervuld, geacht te zijn een verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, vervuld door de echtgenoot van een onderdaan, voorzover de betrokken onderdaan een vrouw is die aanspraak maakt op een ouderdomsrente op grond van de verzekering van haar echtgenoot.

Artikel 20 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen vóór het bereiken van de 35-jarige leeftijd verzekerd is geweest ingevolge de ouderdomsverzekering van het Verenigd Koninkrijk en hij na het bereiken van deze leeftijd werknemer wordt in het Koninkrijk der Nederlanden

  • 1. wordt hij niet van de verzekering krachtens de Nederlandse Invaliditeitswet uitgesloten, mits hij de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt, niet een loon geniet, dat recht zou geven om vrijstelling te vragen van de verzekering en evenmin op enige andere grond uitgezonderd is;

  • 2. wordt hij voor wat betreft de bepaling van het recht op en de berekening van ouderdomsrente krachtens de Nederlandse Invaliditeitswet beschouwd alsof hij op 35-jarige leeftijd in de verzekering was opgenomen, of, indien zulks voor de belanghebbende gunstiger is, alsof hij in de verzekering was opgenomen op de leeftijd, waarop hij in het Verenigd Koninkrijk verzekerd werd.

Artikel 21 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen niet gelijktijdig voldoet aan de voorwaarden, gesteld in de wettelijke regelingen van beide Partijen, wordt zijn recht op rente ingevolge de wettelijke regelingen van elke Partij afzonderlijk vastgesteld, indien en voorzover hij met inachtneming van het bepaalde in artikel 19 voldoet aan de voorwaarden, gesteld in de wettelijke regelingen van die Partij.

Artikel 22 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Een onderdaan van een der beide Verdragsluitende Partijen kan, op het tijdstip, waarop zijn recht op rente wordt vastgesteld, afstand doen van de voordelen, krachtens het bepaalde in artikel 19 van dit Verdrag. In dat geval wordt hem de ouderdomsrente, waarop hij recht heeft ingevolge de wettelijke regelingen van elk der beide Partijen, afzonderlijk uitgekeerd door het bevoegde orgaan van die Partij zonder inachtneming van verzekeringstijdvakken, door hem krachtens de wettelijke regelingen van de andere Partij vervuld.

  • 2 De in het eerste lid bedoelde onderdaan is bevoegd opnieuw een keuze te doen tussen de voordelen van artikel 19 en die van dit artikel, indien hij daarbij belang heeft, hetzij tengevolge van een wijziging in de wettelijke regelingen van een der beide Partijen, hetzij wanneer hij zich van het ene land naar het andere begeeft, hetzij wanneer - overeenkomstig het bepaalde in artikel 21 of anderszins - zijn recht op rente ingevolge de wettelijke regelingen van een der beide Partijen wordt vastgesteld of uitgebreid.

Artikel 23 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Indien ingevolge de wettelijke regelingen van een der Verdragsluitende Partijen een onderdaan van een dier Partijen recht zou hebben op ouderdomsrente, indien hij op het grondgebied van die Partij verbleef, heeft hij ook recht op zodanige rente zolang hij op het grondgebied van de andere Partij verblijft.

  • 2 Voor de toepassing van dit artikel geldt het bepaalde in artikel 44.

Artikel 24 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een bijzondere regeling in de wettelijke regelingen van een der Verdragsluitende Partijen het recht op ouderdomsrente afhankelijk stelt van de voorwaarde, dat de verzekeringstijdvakken zijn vervuld in een beroep, waarvoor die bijzondere regeling geldt, worden voor de vaststelling van het recht op een ouderdomsrente ingevolge bedoelde bijzondere regeling alleen die verzekeringstijdvakken, vervuld onder de wettelijke regelingen van de andere Partij, in aanmerking genomen, welke ingevolge een overeenkomstige bijzondere regeling van die andere Partij zijn vervuld. Indien in de wettelijke regelingen van laatstbedoelde Partij geen bijzondere regeling voor het desbetreffend beroep is getroffen, wordt elk verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, vervuld onder de bijzondere regeling van eerstgenoemde Partij, voor de vaststelling van het recht op ouderdomsrente ingevolge de algemene verzekeringsregeling van de laatste Partij niettemin beschouwd als een verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, vervuld onder de algemene regeling van die Partij.

HOOFDSTUK VIERDE . Weduwen- en wezenrenten [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 25 [Vervallen per 01-06-2007]

De bepalingen betreffende de ouderdomsrenten, voorkomende in Hoofdstuk 3, zijn mede van toepassing ten aanzien van weduwenrenten ingevolge de wettelijke regelingen van de twee Verdragsluitende Partijen, met inachtneming van zodanige wijzigingen als de bijzondere aard van deze renten vordert.

Artikel 26 [Vervallen per 01-06-2007]

De bepalingen betreffende ouderdomsrenten, voorkomende in de artikelen 19, 23 en 24, zijn mede van toepassing ten aanzien van wezenrenten ingevolge de wettelijke regelingen van de twee Verdragsluitende Partijen met inachtneming van zodanige wijzigingen als de bijzondere aard van deze renten vordert.

Artikel 27 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der beide Verdragsluitende Partijen ingevolge het bepaalde bij artikel 26 recht heeft op wezenrenten op grond van de wettelijke regelingen van beide Partijen, heeft hij ook recht op een bedrag van de zijde van het bevoegde orgaan van de Partij, op welks grondgebied hij verblijft, ter hoogte van het eventuele verschil tussen het totaal van beide eerdergenoemde renten en de rente, waarop hij recht zou hebben ingevolge de wettelijke regelingen van die Partij, indien het bepaalde in artikel 26 in zijn geval niet werd toegepast.

VIJFDE HOOFDSTUK. Bedrijfsongevallen en beroepsziekten [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 28 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen op grond van de wettelijke regelingen betreffende bedrijfsongevallen of beroepsziekten van een dier Partijen recht zou hebben op uitkering, indien hij op het grondgebied van die Partij verbleef, heeft hij mede recht op die uitkering zolang hij op het grondgebied van de andere Partij verblijft.

Artikel 29 [Vervallen per 01-06-2007]

Bij de vaststelling met betrekking tot de toepassing van de wettelijke regelingen van een der Verdragsluitende Partijen, van de mate van arbeidsongeschiktheid als gevolg van een bedrijfsongeval wordt elk vroeger bedrijfsongeval, voor hetwelk uitkering kan worden uitbetaald op grond van de wettelijke regelingen van de andere Partij, beschouwd als een bedrijfsongeval, waarop de wettelijke regelingen van eerstbedoelde Partij van toepassing zijn.

Artikel 30 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die een uitkering heeft ontvangen terzake van een beroepsziekte ingevolge de wettelijke regelingen van de ene Partij, terzake van een gelijksoortige beroepsziekte aanspraak maakt op een uitkering ingevolge de wettelijke regelingen van de andere Partij, dient het bevoegde orgaan van laatstgenoemde Partij inlichtingen in te winnen omtrent de uitkering, welke voordien terzake van diezelfde beroepsziekte werd uitbetaald, en ten aanzien van die uitkering te handelen alsof zij is toegekend ingevolge de wettelijke regelingen van het eigen land.

ZESDE HOOFDSTUK. Algemene bepalingen [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 31 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Bij de toepassing van het bepaalde in de artikelen 12, 15, 16 en 19 betreffende de samentelling van verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken voor de vaststelling van het recht op uitkering, telt het bevoegde orgaan van elk der beide Verdragsluitende Partijen, met inachtneming van de desbetreffende bepalingen van zijn eigen nationale wettelijke regelingen, de verzekeringstijdvakken en daarmede gelijkgestelde tijdvakken, vervuld krachtens die eigen wettelijke regelingen, samen met de verzekeringstijdvakken, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van de andere Partij, behalve voorzover laatstbedoelde met eerstbedoelde samenvallen.

  • 2 Het bepaalde in het eerste lid van dit artikel vindt toepassing met inachtneming van de volgende regels:

    • a. indien een tijdvak van verplichte verzekering, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van de ene Partij, samenvalt met een tijdvak van vrijwillige verzekering, vervuld onder de wettelijke regelingen van de andere Partij, wordt alleen het tijdvak van verplichte verzekering in aanmerking genomen;

    • b. indien een verzekeringstijdvak, vervuld onder de wettelijke regelingen van de ene Partij, samenvalt met een daarmede gelijkgesteld tijdvak, vervuld onder de wettelijke regelingen van de andere Partij, wordt alleen het verzekeringstijdvak in aanmerking genomen;

    • c. indien een met een verzekeringstijdvak gelijkgesteld tijdvak, vervuld onder de wettelijke regelingen van de ene Partij, samenvalt met een dergelijk tijdvak, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van de andere Partij, wordt alleen in aanmerking genomen het met een verzekeringstijdvak gelijkgesteld tijdvak, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van de Partij, op welker grondgebied de betrokken onderdaan laatstelijk werkzaam was vóór de aanvang van een dergelijk tijdvak of, indien hij niet zodanig werkzaam was, alleen het met een verzekeringstijdvak gelijkgesteld tijdvak, vervuld onder de wettelijke regelingen van de Partij, op welker grondgebied hij na het einde van een dergelijk tijdvak het eerst werkzaam is.

  • 3 Indien met betrekking tot een aanspraak op invaliditeitsrente of ouderdomsrente ingevolge de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden een verzekeringstijdvak, vervuld krachtens de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk, geacht wordt te zijn vervuld krachtens de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden, worden de premiën, over dat tijdvak betaald, beschouwd als waren zij betaald ingevolge de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden in de premieklasse, welke op de betrokken onderdaan van toepassing is.

Artikel 32 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien ingevolge de wettelijke regelingen van een der Verdragsluitende Partijen het bedrag van een uitkering in geld afhankelijk is van het gemiddelde loon, verdiend gedurende verzekeringstijdvakken, wordt het gemiddelde loon, dat voor de berekening van de ingevolge die wettelijke regelingen verschuldigde uitkering in aanmerking dient te worden genomen, berekend op basis van de lonen, verdiend gedurende de verzekeringstijdvakken, welke krachtens die wettelijke regelingen werkelijk zijn vervuld.

Artikel 33 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien ingevolge de bepalingen van deze Titel een uitkering in geld door het bevoegde orgaan van een der Verdragsluitende Partijen dient te worden uitbetaald aan een persoon, die verblijft op het grondgebied van de andere Partij, kan de uitbetaling op verzoek van dit orgaan geschieden door het bevoegde orgaan van laatstgenoemde Partij namens het orgaan van eerstbedoelde Partij.

Artikel 34 [Vervallen per 01-06-2007]

Indien uitbetaling van een uitkering in geld door het bevoegde orgaan van het Koninkrijk der Nederlanden namens het orgaan van het Verenigd Koninkrijk geschiedt overeenkomstig het bepaalde in artikel 33

  • 1. vindt de betaling, behalve wanneer het een bedrag ineens betreft, achteraf plaats in termijnen van een maand;

  • 2. wordt elke vraag betreffende verdiensten beslist overeenkomstig de wettelijke procedure van de Nederlandse Noodwet Ouderdomsvoorziening.

Artikel 35 [Vervallen per 01-06-2007]

In alle gevallen, waarin ingevolge de wettelijke regelingen van een der Verdragsluitende Partijen, een uitkering in geld zou zijn uitbetaald voor nagelaten betrekkingen of indirect verzekerden, indien die nagelaten betrekkingen of indirect verzekerden op het grondgebied van die Partij verblijfplaats hadden gehouden, wordt een zodanige uitkering eveneens toegekend, indien de nagelaten betrekkingen of indirect verzekerden verblijf houden op het grondgebied van de andere Partij.

Artikel 36 [Vervallen per 01-06-2007]

Behoudens het bepaalde in de artikelen 22 en 37 kan ieder persoon, die aanspraak maakt op een uitkering ingevolge de wettelijke regelingen van een der Verdragsluitende Partijen, verlangen, dat die aanspraak wordt vastgesteld zonder dat met de bepalingen van dit Verdrag wordt rekening gehouden.

Artikel 37 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Indien een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen, die recht heeft op een uitkering in geld ingevolge de wettelijke regelingen van de ene Partij, aanspraak maakt op een uitkering in geld ingevolge de wettelijke regelingen van de andere Partij, wordt elke bepaling van de wettelijke regelingen van laatstbedoelde Partij, welke het recht op uitkering beperkt wanneer een andere uitkering wordt ontvangen, ten aanzien van die onderdaan van toepassing alsof de uitkering, uit te betalen ingevolge de wettelijke regelingen van eerstgenoemde Partij een overeenkomstige uitkering was, toegekend ingevolge de wettelijke regelingen van laatstgenoemde Partij.

  • 2 Het bepaalde in het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing ten aanzien van twee gelijksoortige uitkeringen, welke worden uitbetaald overeenkomstig het bepaalde in de Hoofdstukken 2, 3 of 4 van deze Titel van het Verdrag.

TITEL IV. Diverse bepalingen [Vervallen per 01-06-2007]

Artikel 38 [Vervallen per 01-06-2007]

De bevoegde autoriteiten

  • 1. stellen die administratieve maatregelen vast, welke noodzakelijk zijn voor de toepassing van dit Verdrag;

  • 2. doen elkander mededeling van elke maatregel, door haar met betrekking tot de toepassing van dit Verdrag genomen;

  • 3. stellen elkander zo spoedig mogelijk in kennis van alle wijzigingen, welke in haar eigen nationale wettelijke regelingen zijn aangebracht en van invloed zijn op de toepassing van dit Verdrag.

Artikel 39 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 De bevoegde autoriteiten en organen van de beide Verdragsluitende Partijen verlenen elkander bijstand in elke aangelegenheid, de toepassing van dit Verdrag betreffende, als gold het een aangelegenheid, de toepassing van haar eigen nationale wettelijke regelingen betreffende.

  • 2 De bevoegde autoriteiten stellen met name in onderling overleg maatregelen vast betreffende de medische en administratieve contrôle van personen, die op grond van dit Verdrag recht op uitkering hebben.

Artikel 40 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Elke vrijstelling of vermindering van wettelijk verschuldigde bedragen en leges, geregeld in de wettelijke regelingen van een der beide Verdragsluitende Partijen met betrekking tot de afgifte van attesten of bescheiden, welke voor de toepassing van die wettelijke regelingen dienen te worden overgelegd, geldt mede voor attesten en bescheiden, welke dienen te worden overgelegd voor de toepassing van de wettelijke regelingen van de andere Partij.

  • 2 Indien voor de toepassing van dit Verdrag een attest of stuk aan het bevoegde orgaan van een der Partijen dient te worden overgelegd, zal dat orgaan niet eisen, dat het attest of ander stuk wordt gelegaliseerd of bekrachtigd.

Artikel 41 [Vervallen per 01-06-2007]

Elk beroepschrift, elke aanvrage of elke kennisgeving, welke, voor de toepassing van de wettelijke regelingen van de ene Verdragsluitende Partij, binnen een bepaalde termijn moest zijn ingediend bij het bevoegde orgaan van die Partij, doch binnen diezelfde termijn bij het bevoegde orgaan van de andere Partij wordt ingediend, wordt geacht bij het bevoegde orgaan van eerstgenoemde Partij te zijn ingediend. In dergelijke gevallen zal het bevoegde orgaan van laatstgenoemde Partij de aanvrage, de kennisgeving of het beroepschrift zo spoedig mogelijk aan het bevoegde orgaan van eerstgenoemde Partij doorzenden.

Artikel 42 [Vervallen per 01-06-2007]

De bevoegde organen van de Verdragsluitende Partijen kunnen voor de toepassing van dit Verdrag rechtstreeks corresponderen met elkander, met een ieder, die op grond van dit Verdrag recht op een uitkering heeft of met diens wettelijke vertegenwoordiger.

Artikel 43 [Vervallen per 01-06-2007]

Het bedrag van alle uitkeringen, overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag verschuldigd, wordt berekend in de munt van de Verdragsluitende Partij, van welke het bevoegde orgaan met de uitkering daarvan is belast.

Artikel 44 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 In alle gevallen, waarin een persoon vóór 5 Juli 1948 het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk verliet en voordien een of meer betalingen van ouderdomsrente ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk had ontvangen, heeft hij, indien hij zich op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden bevindt, recht op zodanige rente tot het bedrag, in het derde lid van dit artikel te zijnen aanzien bepaald, en onder dezelfde voorwaarden alsof hij zich op het eerstbedoeld grondgebied bevond. De echtgenote van die persoon heeft, indien zij zich op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden bevindt, recht op zodanige rente tot het bedrag, in genoemd derde lid te haren aanzien bepaald, en onder dezelfde voorwaarden als wanneer zij zich op eerstbedoeld grondgebied bevond.

  • 2 In alle gevallen, waarin een persoon vóór 5 Juli 1948 het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk verliet en, indien dit niet geschied was vóór genoemde datum ouderdomsrente ingevolge eerdergenoemde wettelijke regelingen zou hebben kunnen ontvangen, heeft hij recht op zodanige rente onder de voorwaarden, genoemd in het eerste lid van dit artikel.

  • 3 Het bedrag van de rente, welke ingevolge het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel dient te worden betaald, wordt op de volgende wijze vastgesteld:

    • a. indien de rente werd betaald vóór de betrokkene het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk verliet, zal het zijn het bedrag, geldend op dat grondgebied op het tijdstip, waarop de rente laatstelijk werd betaald;

    • b. indien de rente vóór de betrokkene genoemd grondgebied verliet niet werd betaald tengevolge van het feit, dat hij te laat een aanvrage had ingediend of verzuimd had een aanvrage in te dienen, zal het zijn het bedrag van de rente, waarop de betrokkene onmiddellijk vóór hij genoemd grondgebied verliet recht zou hebben gehad, indien op dat tijdstip een aanvraag zou zijn ingediend;

    • c. indien de rente, vóór de betrokkene (c.q. de echtgenoot van de betrokkene) genoemd grondgebied verliet, niet werd betaald op grond van het feit, dat hij op dat tijdstip de pensioengerechtigde leeftijd niet had bereikt, zal het zijn het bedrag, tot hetwelk de rente zou zijn betaald op die leeftijd, indien de betrokkene op genoemd grondgebied was gebleven tot hij (c.q. de echtgenoot van de betrokkene) bedoelde leeftijd had bereikt en aanspraak had gemaakt;

    met dien verstande dat, indien de betrokkene genoemd grondgebied op of na 30 September 1946 verliet, het bedrag zal zijn het bedrag, tot hetwelk de rente betaalbaar zou zijn, indien hij op genoemd grondgebied was gebleven.

  • 4 Indien op enig tijdstip de bedragen van de ouderdomsrenten ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk vóór 1 October 1946 toegekend, en betaalbaar aan gepensionneerden, die buiten het Verenigd Koninkrijk verblijven, algemeen worden verhoogd, vindt van dezelfde datum af een dergelijke verhoging plaats ten aanzien van de gepensionneerden, die op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden verblijf houden.

Artikel 45 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 Geen bepaling van dit Verdrag verleent enig recht op betaling van een uitkering over een tijdvak, gelegen vóór de datum van inwerkingtreding van het Verdrag.

  • 2

    • a. Behoudens het bepaalde in het eerste lid van dit artikel kan uitkering - niet zijnde een uitkering ineens - overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag worden uitbetaald ten aanzien van gebeurtenissen, welke vóór de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag hebben plaats gevonden.

      Te dien einde wordt:

      • (i) elke uitkering, welke niet is toegekend op grond van het feit, dat de betrokkene geen aanvrage heeft ingediend of zich niet op het grondgebied van een der Verdragsluitende Partijen bevindt, vastgesteld en uitbetaald;

      • (ii) elke uitkering, welke is geschorst op grond van het feit, dat de betrokkene niet op het grondgebied van een der Verdragsluitende Partijen verblijft, uitbetaald;

      • (iii) elke uitkering, welke is vastgesteld, zo nodig opnieuw vastgesteld mits zij niet reeds bij wijze van afkoopsom is verstrekt.

    • b. Elke uitkering, welke overeenkomstig het bepaalde onder a van dit lid kan worden uitbetaald, wordt uitbetaald c.q. vastgesteld en uitbetaald van de dag van de inwerkingtreding van dit Verdrag af, mits de desbetreffende aanvrage binnen twaalf maanden na die dag is ingediend.

  • 3 Elk verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, hetwelk een onderdaan van een der Verdragsluitende Partijen heeft vervuld vóór de inwerkingtreding van dit Verdrag, wordt in aanmerking genomen voor de vaststelling van het recht op uitkering overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag.

Artikel 46 [Vervallen per 01-06-2007]

  • 1 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen zullen er naar streven elk geschil, de uitlegging of de toepassing van dit Verdrag betreffende, in gemeen overleg te regelen.

  • 2 Indien een zodanig geschil niet binnen een termijn van drie maanden is opgelost, wordt het onderworpen aan de uitspraak van een scheidsgerecht, welks samenstelling en procedure door de Verdragsluitende Partijen in gemeen overleg zal worden geregeld of, indien binnen een volgende termijn van drie maanden een zodanige regeling nog niet is getroffen, aan de uitspraak van een scheidsrechter, door de President van het Internationaal Gerechtshof op verzoek van een der Verdragsluitende Partijen gekozen.

  • 3 Het scheidsgerecht c.q. de scheidsrechter beslist volgens de beginselen en de geest van dit Verdrag; de beslissing zal bindend zijn en zonder mogelijkheid van beroep.

Artikel 47 [Vervallen per 01-06-2007]

De beide Verdragsluitende Partijen zullen zo nodig een of meer aanvullende overeenkomsten, gegrond op de beginselen van dit Verdrag, sluiten.

Artikel 48 [Vervallen per 01-06-2007]

Ingeval van beëindiging van dit Verdrag zullen alle krachtens de bepalingen ervan verkregen rechten gehandhaafd blijven en zullen onderhandelingen worden gevoerd voor de vaststelling van de rechten, welke krachtens de bepalingen van het Verdrag nog in behandeling is.

Artikel 49 [Vervallen per 01-06-2007]

Dit Verdrag wordt bekrachtigd en de akten van bekrachtiging worden zo spoedig mogelijk te Londen uitgewisseld. Het Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de maand, volgende op die, waarin de uitwisseling van de akten van bekrachtiging heeft plaats gevonden.

Artikel 50 [Vervallen per 01-06-2007]

Dit Verdrag blijft van kracht gedurende een tijdvak van één jaar na zijn inwerkingtreding. Het zal daarna stilzwijgend van jaar tot jaar worden verlengd behoudens schriftelijke opzegging, welke drie maanden vóór afloop van een zodanig jaarlijks tijdvak dient plaats te vinden.

Ten blijke waarvan de ondergetekenden, door hun onderscheiden Regeringen naar behoren daartoe gemachtigd, dit Verdrag hebben ondertekend en van hun zegels hebben voorzien.

Gedaan in tweevoud te 's-Gravenhage, de 11de Augustus 1954, in de Nederlandse en de Engelse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden:

(w.g.) J. W. BEYEN

(w.g.) J. LUNS

Voor de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Britannië en Noord-Ierland:

(sd.) A. C. STEWART

Protocol betreffende verstrekkingen in natura [Vervallen per 01-06-2007]

Bij de ondertekening van het Verdrag inzake sociale zekerheid van heden zijn namens de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Britannië en Noord-Ierland de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd, overeengekomen als volgt:

Artikel 1 [Vervallen per 01-06-2007]

De volgende groepen van personen hebben tijdens hun verblijf op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk recht op de uitkeringen in natura op grond van de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk onder dezelfde voorwaarden als onderdanen („citizens”) van het Verenigd Koninkrijk en zijn Koloniën, die wonen op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk:

  • 1. onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen, die zich voor het verrichten van werkzaamheden op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk bevinden en verzekerd zijn ingevolge de wettelijke regelingen van een der beide Partijen, alsmede zij, die als gevolg van de verzekering van die onderdanen indirect verzekerd zijn, behoudens dat personen in Noord-Ierland, die aldaar niet wonen, slechts recht hebben op algemene medische, pharmaceutische en tandheelkundige behandeling, voorzover betreft tandheelkundige behandeling ter opheffing van pijn en andere acute symptomen;

  • 2. onderdanen van het Koninkrijk der Nederlanden, die wonen op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk en die indirect verzekerd zijn ingevolge de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden;

  • 3. voor wat betreft moederschapsuitkeringen in natura, vrouwen, die onderdaan zijn van het Koninkrijk der Nederlanden, en wonen op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk en die zich op dat grondgebied bevinden of aldaar zijn bevallen en verzekerd zijn ingevolge de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden of echtgenote zijn van ingevolge die wettelijke regelingen verzekerde personen;

  • 4. onderdanen van het Koninkrijk der Nederlanden, die wonen op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk en die recht hebben op enigerlei uitkering ingevolge de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden, alsmede zij, die als gevolg van de verzekering van die onderdanen indirect verzekerd zijn en wonen op het grondgebied van het Verenigd Koninkrijk.

Artikel 2 [Vervallen per 01-06-2007]

De volgende groepen van personen hebben tijdens hun verblijf op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden recht op de uitkeringen in natura op grond van de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden, indien zij voldoen aan de voorwaarden, gesteld bij die wettelijke regelingen, waarbij elk verzekeringstijdvak of daarmede gelijkgesteld tijdvak, vervuld onder de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk, geacht wordt te zijn vervuld krachtens de wettelijke regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden:

  • 1. onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen, die zich voor het verrichten van werkzaamheden op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden bevinden en verzekerd zijn ingevolge de wettelijke regelingen van een dier Partijen, alsmede zij, die als gevolg van de verzekering van die onderdanen indirect verzekerd zijn;

  • 2. onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen, die wonen op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden en die indirect verzekerd zijn ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk;

  • 3. voor wat betreft moederschapsuitkeringen in natura, vrouwen, die onderdaan zijn van een der Verdragsluitende Partijen en wonen op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden en die zich op dat grondgebied bevinden of aldaar zijn bevallen en verzekerd zijn ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk of echtgenote zijn van ingevolge die wettelijke regelingen verzekerde personen;

  • 4. onderdanen van een der Verdragsluitende Partijen, die wonen op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden en die recht hebben op enige uitkering ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk met uitzondering van een wezenuitkering, alsmede zij, die als gevolg van de verzekering van die onderdanen direct verzekerd zijn en wonen op eerdergenoemd grondgebied;

  • 5. wezen, die onderdaan zijn van een der Verdragsluitende Partijen en wonen op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden en voor wie een wezenuitkering ingevolge de wettelijke regelingen van het Verenigd Koninkrijk wordt verstrekt.

Artikel 3 [Vervallen per 01-06-2007]

De bevoegde autoriteiten stellen die administratieve maatregelen vast, welke noodzakelijk zijn voor de toepassing van dit Protocol.

Artikel 4 [Vervallen per 01-06-2007]

Voor de toepassing van dit Protocol hebben de woorden „grondgebied”, „onderdaan”, „werkzaamheid”, „nagelaten betrekkingen” of „indirect verzekerden”, „wettelijke regelingen” en „bevoegd orgaan” de betekenis, welke er in eerdergenoemd Verdrag inzake sociale zekerheid aan is gegeven, terwijl onder de term „uitkeringen in natura”, voor wat het Verenigd Koninkrijk betreft, wordt verstaan de uitkeringen in natura, verstrekt door de National Health Services van het Verenigd Koninkrijk en voor wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft de uitkeringen in natura, verstrekt ingevolge de Nederlandse ziekenfondsverzekering.

Artikel 5 [Vervallen per 01-06-2007]

Dit Protocol wordt bekrachtigd en de akten van bekrachtiging worden zo spoedig mogelijk te Londen uitgewisseld. Het Protocol treedt in werking op de eerste dag van de maand, volgende op die, waarin de uitwisseling van de akten van bekrachtiging heeft plaats gevonden.

Artikel 6 [Vervallen per 01-06-2007]

Dit Protocol blijft van kracht gedurende een tijdvak van één jaar na de inwerkingtreding. Het zal daarna stilzwijgend van jaar tot jaar worden verlengd behoudens schriftelijke opzegging, welke drie maanden vóór afloop van een zodanig jaarlijks tijdvak dient plaats te vinden.

Ten blijke waarvan de ondergetekenden dit Protocol hebben ondertekend en van hun zegels hebben voorzien.

Gedaan in tweevoud te 's-Gravenhage, de 11de Augustus 1954, in de Nederlandse en de Engelse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden:

(w.g.) J. W. BEYEN

(w.g.) J. LUNS

Voor de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Britannië en Noord-Ierland:

(w.g.) A. C. STEWART