Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Notawisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering [...] van de grenscontrole aan de weg van Anholt naar Gendringen, Bonn, 11-12-1968

Geldend van 16-12-1968 t/m heden

Notawisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake de samenvoeging van de grenscontrole aan de weg van Anholt naar Gendringen

Authentiek : NL

Nr. XXXVII

AUSWÄRTIGES AMT

V 3 - 81 SA 47

Verbalnote

Das Auswärtige Amt beehrt sich, der Königlich Niederländischen Botschaft unter Bezugnahme auf Artikel 1 Absatz 5 des deutsch-niederländischen Abkommens über die Zusammenlegung der Grenzabfertigung und über die Einrichtung von Gemeinschafts- oder Betriebswechselbahnhöfen an der deutsch-niederländischen Grenze vom 30. Mai 1958 mitzuteilen, dass die Regerung der Bundesrepublik Deutschland das Schreiben des Bundesministers der Finanzen vom 30. September 1968 - III B/2-Z 1108 (Nie) 93/68 - und das Schreiben des niederländischen Staatssekretärs der Finanzen vom 28. Oktober 1968 - D/68/6629 - zur Kenntnis genommen hat, durch welche gemäss Artikel 1 Absatz 4 Buchstabe a) des Abkommens folgende Vereinbarung getroffen wird:

I

An der Strasse von Anholt nach Gendringen werden die deutsche und die niederländische Grenzabfertigung zusammengelegt.

II

Die Zonen im Sinne des Artikels 3 des Abkommens umfassen

  • 1. die zur Durchführung der Grenzabfertigung erforderlichen Diensträume und Anlagen einschliesslich des Platzes vor dem Dienstgebäude auf deutschem Gebiet sowie

  • 2. einen Abschnitt der Strasse von Anholt nach Gendringen auf deutschem und niederländischem Gebiet von der gemeinsamen Grenze bis zu einer Entfernung

    • a) von 150 Metern, gemessen in Richtung Anholt und

    • b) von 75 Metern, gemessen in Richtung Gendringen, jeweils vom Schnittpunkt der Gemeinsamen Grenze mit der Achse der Strasse.

III

Diese Vereinbarung wird gemäss Artikel 1 Absatz 5 des Abkommens bestätigt und in Kraft gesetzt. Der Zeitpunt des Inkrafttretens wird in den diplomatischen Noten festgelegt.

IV

Diese Vereinbarung kann jederzeit auf diplomatischem Wege gekündigt werden. Sie tritt 6 Monate nach ihrer Kündigung ausser Kraft.

Die Regierung der Bundesrepublik Deutschland geht davon aus, dass die vorstehende Vereinbarung gemäss Artikel 1 Absatz 5 des Abkommens durch diese Verbalnote und die Antwortnote der Königlich Niederländischen Botschaft bestätigt wird; sie ist damit einverstanden, dass die Vereinbarung, wie vorgeschlagen, am 16. Dezember 1968 in Kraft tritt und dass sie jederzeit auf diplomatischem Wege gekündigt werden kann, um sodann nach 6 Monaten ausser Kraft zu treten.

Das Auswärtige Amt benutzt auch diesen Anlass, die Königlich Niederländische Botschaft erneut seiner ausgezeichneten Hochachtung zu versichern.

Bonn, den 9. Dezember 1968

An die Königlich Niederländische Botschaft

Nr. XXXVIII

AMBASSADE VAN HET

KONINKRIJK DER NEDERLANDEN

No.14496

Note verbale

De Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden heeft de eer aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de Bondsrepubliek Duitsland de ontvangst te bevestigen van zijn note verbale van 9 december 1968, V 3 - 81 SA 47, waarvan de inhoud als volgt luidt:

„Het Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft de eer de Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden onder verwijzing naar artikel 1, lid 5 van de Duits-Nederlandse Overeenkomst nopens de samenvoeging van de grenscontrole en de instelling van gemeenschappelijke spoorwegstations of van grensaflosstations aan de Duits-Nederlandse grens van 30 mei 1958, mede te delen dat de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland kennis heeft genomen van het schrijven van de Bondsminister van Financiën van 30 september 1968 - III B/2-Z 1108 (Nie) 93/68 - en van het schrijven van de Nederlandse Staatssecretaris van Financiën van 28 oktober 1968 - D/ 68/ 6629 - waarbij conform artikel 1, lid 4, sub a. der Overeenkomst de volgende regeling wordt getroffen:

I

Aan de weg van Anholt naar Gendringen worden de Duitse en Nederlandse grenscontrole samengevoegd.

II

De zones in de zin van artikel 3 van de Overeenkomst omvatten

  • 1. de voor de uitvoering van de grenscontrole benodigde dienstvertrekken en installaties met inbegrip van de ruimte voor het dienstgebouw op Duits grondgebied, alsmede

  • 2. een gedeelte van de weg van Anholt naar Gendringen op Duits en op Nederlands grondgebied van de gemeenschappelijke grens tot op een afstand van

    • a) 150 meter, gemeten in de richting Anholt en

    • b) 75 meter, gemeten in de richting Gendringen, telkens vanaf het snijpunt der gemeenschappelijke grens met de middellijn van de weg.

III

Deze regeling wordt volgens artikel 1, lid 5 van de Overeenkomst bevestigd en in werking gesteld. Het tijdstip van het in werking treden wordt in de diplomatieke nota's vastgelegd.

IV

Deze regeling kan ten allen tijde langs diplomatieke weg opgezegd worden. Zij treedt zes maanden na opzegging buiten werking.

De regering van de Bondsrepubliek Duitsland gaat ervan uit dat bovenstaande regeling overeenkomstig artikel 1, lid 5 van de Overeenkomst bevestigd wordt door deze note verbale en de antwoordnota van de Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden. Zij is het ermee eens, dat de regeling zoals voorgesteld, op 16 december 1968 in werking treedt en dat zij ten allen tijde langs diplomatieke weg kan worden opgezegd om dan na zes maanden buiten werking te treden.”

De Ambassade heeft de eer het Ministerie mede te delen, dat de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden er mede instemt, dat de note verbale van het Ministerie en deze antwoordnota de in artikel 1, lid 5 van de Overeenkomst bedoelde bevestiging vormen van de hierboven aangehaalde briefwisseling tussen de Bondsminister van Financiën en de Staatssecretaris van Financiën van het Koninkrijk der Nederlanden en dat de regeling op 16 december 1968 in werking treedt.

De Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden maakt van deze gelegenheid gebruik het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de Bondsrepubliek Duitsland haar bijzondere hoogachting te betuigen.

Bonn, 11 december 1968.

Aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de Bondsrepubliek Duitsland Bonn.