Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Associatie van Caraïbische Staten [...] deelname van de Nederlandse Antillen als geassocieerd lid, Bridgetown, 10-12-1998

Geldend van 02-11-2001 t/m heden

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Associatie van Caraïbische Staten tot vaststelling van de voorwaarden van deelname van de Nederlandse Antillen als geassocieerd lid

Authentiek : EN

Agreement between the Kingdom of the Netherlands and the Association of Caribbean States defining the modalities of participation of the Netherlands Antilles as an Associate Member

The Kingdom of the Netherlands, in respect of the Netherlands Antilles and the Association of the Caribbean States,

Whereas Article IV, paragraph 2 of the Convention establishing the Association of the Caribbean States, henceforth called the “Convention", create the possibility that the Ministerial Council of the Association of Caribbean States shall conclude relationship agreements with Associate Members;

Considering that the Netherlands Antilles is included in the States, Countries and Territories listed in Annex II of the Convention;

Bearing in mind the relevant provisions of the Charter of the Kingdom of the Netherlands, which permit the Netherlands Antilles to obtain Associated Membership of the Association of Caribbean States;

Wishing to promote regional co-operation among the Member States and Associate Members of the Association in order to harness, utilise and develop the collective capabilities of the Caribbean Region to achieve sustained economic, social, cultural, scientific and technological advancement;

Wishing to enhance regional consultation, co-operation and concerted action regarding tourism, economic integration and other trade related topics, and transport among other matters;

Considering that the Kingdom of the Netherlands, in respect of the Netherlands Antilles, signed the Convention on November 27, 1997 at the Third Ordinary Meeting of the Ministerial Council held in Cartagena de Indias, Colombia;

Have agreed as follows:

Article 1

For the purpose of this Agreement:

  • 1. The term “Agreement" means the Agreement between the Association of Caribbean States and the Kingdom of the Netherlands defining the modalities of participation of the Netherlands Antilles as an Associate Member.

  • 2. The definitions used in this Agreement shall be the same as those set forth in Article I of the Convention.

Article 2

The Netherlands Antilles shall, in accordance with Articles IV and IX of the Convention, under the same conditions and the same modalities as Member States, have the right to intervene as an Associate Member in discussions and vote at meetings of the Ministerial Council, on those matters which belong to its constitutional competence and which affect it directly.

Article 3

The Netherlands Antilles shall, in accordance with article IV, paragraph 2 of the Convention, this Agreement and other agreements as approved by the Ministerial Council, under the same conditions and the same modalities as Member States, have the right to participate as an Associate Member in meetings of the Special Committees in which programmes, plans and projects are being studied and decided upon, which require its participation and fall within its autonomous authority and which affect it directly. The Netherlands Antilles may present projects and initiatives promoting regional co-operation.

Article 4

The Netherlands Antilles shall contribute to the Annual Budget of the Association, which in accordance with Article XII paragraph 2 of the Convention shall be approved by the Ministerial Council by consensus of the delegates. The amount of the contribution shall be in conformity with the applied criteria for the countries in Group I Category C of the quota distribution in the budget of the Association.

Article 5

The rights and obligations resulting from the present Agreement shall be exclusively binding upon the Netherlands Antilles.

Article 6

This Agreement shall come into force on the date on which the Kingdom of the Netherlands, on behalf of the Government of the Netherlands Antilles, shall have notified the Association of the completion of the relevant constitutional procedures. This notification cannot be made until the Kingdom of the Netherlands has deposited its instrument of adhesion of the Convention with the Government of the Republic of Colombia.

DONE at Bridgetown, Barbados on December 10, 1998, in three copies in the English, French and Spanish languages, each text being equally authentic, one for each Party, the third to be deposited with the Government of the Republic of Colombia as depositary State of the Convention establishing the Association of Caribbean States.

For the Kingdom of the Netherlands

(sd.) S. F. C. CAMELIA-RÖMER

Prime Minister of the Netherlands Antilles

For the Association of Caribbean States

(sd.) GABRIEL AQUILERA PERALTA

Chairman of the Ministerial Council

Vertaling : NL

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Associatie van Caraïbische Staten tot vaststelling van de voorwaarden van deelname van de Nederlandse Antillen als geassocieerd lid

Het Koninkrijk der Nederlanden namens de Nederlandse Antillen en de Associatie van Caraïbische Staten,

Overwegende dat in artikel IV, tweede lid, van het Verdrag tot oprichting van de Associatie van Caraïbische Staten, hierna te noemen het „Verdrag"1, wordt bepaald dat de Raad van ministers van de Associatie van Caraïbische Staten verdragen sluit met geassocieerde leden;

Overwegende dat de Nederlandse Antillen voorkomen op de lijst van Staten, Landen en Grondgebieden genoemd in Bijlage II bij het Verdrag (van 1994);

Rekening houdende met de desbetreffende bepalingen van de Grondwet van het Koninkrijk der Nederlanden, die toelaten dat de Nederlandse Antillen de hoedanigheid van geassocieerd lid van de Associatie van Caraïbische Staten verwerven;

Geleid door de wens de regionale samenwerking tussen de Lidstaten en de geassocieerde leden van de Associatie te bevorderen teneinde het collectieve vermogen van het Caraïbisch Gebied te exploiteren, te gebruiken en te ontwikkelen om te komen tot duurzame vooruitgang op economisch, sociaal, cultureel, wetenschappelijk en technologisch gebied;

Geleid door de wens regionaal overleg, samenwerking en gezamenlijk optreden te bevorderen op het gebied van onder andere toerisme, economische integratie en van andere aan handel gerelateerde commerciële gebieden, en van vervoer;

Overwegende dat het Koninkrijk der Nederlanden, voor de Nederlandse Antillen op 27 november 1997 het Verdrag (van 1994) heeft ondertekend, ter gelegenheid van de Derde Gewone Vergadering van de Raad van ministers gehouden te Cartagena de Indias, Colombia;

Zijn als volgt overeengekomen:

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

  • 1. „Verdrag": het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Associatie van Caraïbische Staten tot vaststelling van de voorwaarden van deelname van de Nederlandse Antillen als geassocieerd lid.

  • 2. De betekenis van de in dit Verdrag gebruikte begrippen is dezelfde als die uiteengezet in artikel I van het Verdrag (van 1994).

Artikel 2

Overeenkomstig de artikelen IV en IX van het Verdrag (van 1994) en onder dezelfde voorwaarden als aan de Lidstaten gesteld, zijn de Nederlandse Antillen gerechtigd als geassocieerd lid deel te nemen aan de besprekingen en te stemmen bij de vergaderingen van de Raad van ministers over alle zaken die de Nederlandse Antillen rechtstreeks aangaan en die vallen binnen het kader van hun grondwettelijke bevoegdheid.

Artikel 3

De Nederlandse Antillen zijn in overeenstemming met artikel IV, tweede lid, van het Verdrag (van 1994), dit Verdrag inzake de betrekkingen en van andere door de Raad van ministers goedgekeurde verdragen, en onder dezelfde voorwaarden als gesteld aan de Lidstaten, gerechtigd als geassocieerd lid deel te nemen aan de vergaderingen van de Bijzondere commissies, waarin programma's, plannen en projecten worden bestudeerd en daarover wordt beslist, en waarin hun deelname vereist is, en die binnen het kader van hun zelfbestuur vallen, en hun rechtstreeks aangaan. De Nederlandse Antillen zijn bevoegd projecten en initiatieven ter bevordering van de regionale samenwerking in te dienen.

Artikel 4

De Nederlandse Antillen dragen aan de jaarlijkse begroting van de Associatie datgene bij wat volgens artikel XII, tweede lid, van het Verdrag (van 1994) door de Raad van ministers wordt goedgekeurd bij consensus van de afgevaardigden. De hoogte van de bijdrage wordt bepaald conform de criteria die van toepassing zijn op de Landen ingedeeld in Groep 1, Categorie C, ter zake van de quotaverdeling van de Associatie.

Artikel 5

De rechten en plichten die uit dit Verdrag voortvloeien zijn alleen bindend voor de Nederlandse Antillen.

Artikel 6

Dit Verdrag treedt in werking op de datum waarop het Koninkrijk der Nederlanden, namens de Regering van de Nederlandse Antillen, de Associatie in kennis stelt van de voltooiing van de noodzakelijke grondwettelijke procedures. Deze kennisgeving kan niet worden gedaan dan nadat het Koninkrijk der Nederlanden zijn akte van toetreding tot het Verdrag (van 1994) heeft nedergelegd bij de Regering van de Republiek Colombia.

GEDAAN te Bridgetown, Barbados, op 10 december 1998, in drie exemplaren in de Engelse, Franse en Spaanse taal, zijnde gelijkelijk authentiek, waarvan een exemplaar voor elke Verdragsluitende Partij, en de derde ter nederlegging bij de Regering van de Republiek Colombia, de Staat die depositaris is van het Verdrag tot oprichting van de Associatie van Caraïbische Staten.

Voor het Koninkrijk der Nederlanden

(w.g.) S. F. C. CAMELIA-RÖMER

Minister-President van de Nederlandse Antillen

Voor de Associatie van Caraïbische Staten

(w.g.) GABRIEL AQUILERA PERALTA

Voorzitter van de Raad van Ministers

  • ^ [1]

    Redactie: In deze vertaling wordt het Verdrag tot oprichting van de Associatie van Caraïbische Staten, het Verdrag (van 1994) genoemd ter onderscheiding van het onderhavige Verdrag.