Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Organisatie-, Mandaat- en Volmachtbesluit besluit DSU

Geldend van 15-11-2017 t/m heden

Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 6 november 2017, nr. 2017-0000178295, houdende de inrichting van de directie DSU, alsmede de doorverlening van vertegenwoordigingsbevoegdheden van de directie DSU (Organisatie-, Mandaat- en Volmachtbesluit besluit DSU)

§ 1. Begripsbepaling

Artikel 1

  • a. directie: de Directie Dienstverlening, Samenwerkingsverbanden en Uitvoering;

  • b. directeur: de Directeur Dienstverlening, Samenwerkingsverbanden en Uitvoering;

  • c. FDC: het samenwerkingsverband Financieel Dienstencentrum;

  • d. LO-plein: het samenwerkingsverband Leer- en Ontwikkelplein;

  • e. afdeling: het FDC onderscheidenlijk het LO-plein;

  • f. afdelingshoofd: het hoofd van het FDC onderscheidenlijk het LO-plein;

  • g. clustermanager: een functionaris die leiding geeft aan een cluster binnen een afdeling van het FDC;

  • h. teamleider: een functionaris die leiding geeft aan een team binnen het LO-plein onderscheidenlijk binnen een cluster binnen het FDC.

§ 2. Organisatie

Artikel 2

  • 1 De directie bestaat uit de volgende dienstonderdelen:

    • a. het Agentschap SZW, met aan het hoofd een directeur;

    • b. het FDC, met aan het hoofd een afdelingshoofd;

    • c. het LO-Plein, met aan het hoofd een afdelingshoofd;

  • 2 De directeur is tevens directeur van het Agentschap SZW.

§ 3. Verantwoordelijkheden

§ 3.1. Het FDC

Artikel 3

Het afdelingshoofd FDC is verantwoordelijk voor:

  • a. de dagelijkse leiding van de afdeling;

  • b. het uitoefenen van het budgethouderschap ten aanzien van aan de afdeling toegewezen budgetten;

  • c. het voorbereiden en het financieel vastleggen van de overdracht van financiële middelen aan derden, zoals gemeenten, zelfstandige bestuursorganen en externe organisaties;

  • d. het verstrekken van informatie over financiële regels, richtlijnen en uitvoeringsprocedures aan gemeenten, zelfstandige bestuursorganen en externe organisaties;

  • e. het ontvangen, controleren en registreren van verantwoordingsdocumenten;

  • f. het uitvoeren van het sanctiebeleid in het kader van de bekostigingsfunctie;

  • g. het administratief afwikkelen van de vastgestelde periodieke verantwoordingsdocumenten van gemeenten, zelfstandige bestuursorganen en externe organisaties;

  • h. het verwerken van de financiële gevolgen van het administratief afwikkelen van de vastgestelde periodieke verantwoordingsdocumenten van gemeenten, zelfstandige bestuursorganen en externe organisaties;

  • i. het verstrekken van managementinformatie over de uitvoering van de bekostigingsfunctie;

  • j. het controleren, vastleggen en wijzigen van bestaande financiële verplichtingen;

  • k. het bewaken van de doorlooptijden van factuurafhandeling en het rappelleren van directies op uit te voeren handelingen;

  • l. het verstrekken van informatie over financiële regels en richtlijnen aan interne budgethouders en leveranciers;

  • m. het verstrekken van managementinformatie over de uitvoering van de verplichtingenadministratie en de factuurafhandeling;

  • n. het uitvoeren van de betalingsordonnantie en het voeren van het kas- en vorderingenbeheer, waaronder het beheer van de bestuurlijke boetes opgelegd door de Inspectie SZW tot 2007;

  • o. het inrichten en verzorgen van de financiële administratie en het beheren van de stamgegevens van de financiële administratie;

  • p. het opstellen van verantwoordingsdocumenten en het vastleggen van mutaties in de financiële administratie;

  • q. het verstrekken van departementsbrede informatie over het financiële beheer;

  • r. het achteraf controleren op aanwezigheid en juistheid van de door P-Direkt uitbetaalde declaraties, waaronder de declaraties in Ceres, ten behoeve van het ministerie;

  • s. het achteraf controleren op aanwezigheid en juistheid van de door P-Direkt uitbetaalde declaraties;

  • t. het archiveren van Ceres-formulieren in het departementale document managementsysteem;

  • u. het borgen van de verantwoording van de personeels- en salarisuitgaven in P-Direkt en Payroll in de financiële administratie van het ministerie;

  • v. het beheren van het financieel administratief systeem dat de begrotings- en uitvoeringsadministratie uitvoert en het beheren van andere ondersteunende financiële systemen die bij de afdeling zijn ondergebracht;

  • w. het bieden van ondersteuning bij het gebruik van de financiële systemen onder beheer van de afdeling;

  • x. het realiseren van de activiteiten voor de verdere ontwikkeling van de financiële systemen onder beheer van de afdeling.

§ 3.2. Het LO-Plein

Artikel 4

Het afdelingshoofd LO-Plein is verantwoordelijk voor:

  • a. de dagelijkse leiding van de afdeling;

  • b. het uitoefenen van het budgethouderschap ten aanzien van aan de afdeling toegewezen budgetten;

  • c. het geven van leer- en ontwikkeladvies op basis van vraagarticulatie en het faciliteren van leerinterventie, die afgestemd zijnop de doelen van de organissties en meerjarige personele planning, aan de bij het samenwerkingsverband aangesloten ministeries;

  • d. het ontwikkelen, aanbieden en onderhouden van het leer- en ontwikkelaanbod en maatwerk die ondersteunend zijn en inspelen op rijksbrede ontwikkelingen voor de bij het samenwerkingsverband aangesloten ministeries;

  • e. vanuit het perspectief van innovatie en kwaliteitsverbetering leveren van leer- en ontwikkelmaatwerk aan de bij de afdeling aangesloten organisaties;

  • f. het ontwikkelen van een leer- en ontwikkelaanpak afgestemd op politieke opdracht en meerjarige personele planning aan de bij het samenwerkingsverband aangesloten ministeries;

  • g. het inrichten en laten uitvoeren van inkoopprocessen van de afdeling en bijbehorend contractbeheer;

  • i. het verstrekken van managementinformatie op het gebied van leren en ontwikkelen;

  • j. het bewaken van de afspraken in de dienstverleningsafspraken met de aangesloten ministeries.

§ 4. Bevoegdheden hoofden, clustermanager en teamleiders

Artikel 5

  • 1 De afdelingshoofden zijn bevoegd om namens een bewindspersoon besluiten te nemen, overeenkomsten aan te gaan en handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn, voor zover zij verband houden met de taken en verantwoordelijkheden van de directie, tenzij deze zijn voorbehouden aan een bewindspersoon, de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal of de directeur DSU.

  • 2 De in het eerste lid genoemde bevoegdheid om overeenkomsten aan te gaan is beperkt tot overeenkomsten met een waarde van € 5.000,– per overeenkomst:

    • a. overeenkomsten welke gebaseerd zijn op een raamovereenkomst;

    • b. overeenkomsten voor het opleiden van medewerkers van de afdeling;

    • c. overeenkomsten voor het inhuren van personeel voor de uitvoering van werkzaamheden die onder de directe verantwoordelijkheid van het departementale management worden verricht;

    • d. overeenkomsten met betrekking tot onderzoek.

  • 3 Aan de afdelingshoofden wordt mandaat en machtiging verleend met betrekking tot het nemen van besluiten over en het vaststellen en ondertekenen van stukken die betrekking hebben op personeelsaangelegenheden ten behoeve van medewerkers van de eigen organisatorische eenheid, met uitzondering van het vaststellen van beoordelingen en bijzondere beloningen.

Artikel 6

Aan de clustermanagers en teamleiders wordt mandaat en machtiging verleend met betrekking tot het nemen van besluiten over en het vaststellen en ondertekenen van stukken die betrekking hebben op personeelsaangelegenheden ten behoeve van medewerkers van de eigen organisatorische eenheid, met uitzondering van het vaststellen van beoordelingen en bijzondere beloningen.

Artikel 7

Aan de clustermanagers en teamleiders wordt mandaat en machtiging verleend met betrekking tot:

  • a. het afdoen van informatieve brieven, die betrekking hebben op de taken van de eigen organisatorische eenheid;

  • b. het paraferen van stukken waar de afdeling geen voortouw in heeft, met uitzondering van stukken waarvan gelet op het belang daarvan redelijkerwijs vermoed kan worden dat deze door de het afdelingshoofd afgedaan moeten worden.

Artikel 8

  • 1 Bij afwezigheid of verhindering van het afdelingshoofd FDC worden, voor de duur van de afwezigheid of verhindering, diens taken en bevoegdheden waargenomen door de daartoe aangewezen clustermanager.

  • 2 Bij afwezigheid of verhindering van het afdelingshoofd LO-plein worden, voor de duur van de afwezigheid of verhindering, diens taken en bevoegdheden waargenomen door de teamleider.

  • 3 Bij afwezigheid van een clustermanager is de door hem aangewezen clustermanager bevoegd zijn mandaten en volmachten als bedoeld in artikel 6 en 7 uit te oefenen.

  • 4 Bij afwezigheid van een teamleider FDC is de door hem aangewezen teamleider FDC bevoegd zijn mandaten en volmachten als bedoeld in artikel 6 en 7 uit te oefenen.

§ 5. Slotbepalingen

Artikel 9

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 april 2017.

  • 2 Deze regeling kan worden aangehaald als Organisatie-, Mandaat- en Volmachtbesluit besluit DSU.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 6 november 2017

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

namens deze,

W.L.J. van de Griendt

Directeur Dienstverlening, Samenwerkingsverbanden en Uitvoering