Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling Gelijke kansen in het onderwijs[Regeling vervalt per 01-01-2023.]

Geldend van 19-10-2017 t/m heden

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 5 oktober 2017, nr. WJZ/8557, houdende regels voor subsidieverstrekking voor regionale samenwerking ter bevordering van kansengelijkheid in het onderwijs voor jongeren tot 23 jaar (Subsidieregeling Gelijke kansen in het onderwijs)

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 3. Doel

Het doel van deze regeling is het bevorderen van gelijke kansen in het onderwijs voor jongeren niet ouder dan tweeëntwintig jaar.

Artikel 4. Te subsidiëren activiteiten

  • 1 De minister kan subsidie verstrekken aan een bevoegd gezag of instellingsbestuur voor:

    • a. het organiseren van kennisdelingsactiviteiten;

    • b. het uitvoeren of laten uitvoeren van een interventie op lokaal of regionaal niveau; of

    • c. het verrichten of laten verrichten van een onderzoek naar de effecten van een of meerdere interventies, waaronder mede wordt begrepen een interventie als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.

  • 2 Geen subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten die eerder zijn aangevangen dan op 1 augustus 2017.

Artikel 5. Aanvraag tot subsidieverstrekking

  • 1 Een aanvraag voor subsidie voor een of meerdere van de activiteiten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt ingediend met het aanvraagformulier dat is bekendgemaakt op de website www.dus-i.nl.

  • 2 Een subsidieaanvraag kan worden ingediend van 1 november 2017 tot en met 15 december 2017.

Artikel 6. Bij de aanvraag te overleggen informatie

  • 2 Onverminderd artikel 3.4 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS bevat het activiteitenplan een overzicht van partijen die worden betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van de activiteiten en een beschrijving van de rol en verantwoordelijkheden van deze partijen, alsmede een beschrijving van, ingeval de aanvraag ziet op subsidie voor:

    • a. kennisdelingsactiviteiten: het beoogde meetbare bereik van de activiteiten onder een specifieke doelgroep die ten minste gemeenten of andere onderwijsinstellingen omvat, en de wijze waarop de activiteiten bijdragen aan het delen van kennis en het bevorderen van samenwerken op het gebied van kansengelijkheid in het onderwijs;

    • b. een interventie: het beoogd aantal leerlingen dan wel studenten dat betrokken is bij de interventie, de verhouding tussen de voorgestelde activiteiten en de bestaande lokale of regionale aanpak ter bevordering van kansengelijkheid in het onderwijs, en de wijze van monitoring van de interventie en van de rol en verantwoordelijkheden van partijen die bij de monitoring van de interventie betrokken zijn; of

    • c. onderzoek: de aanleiding, onderzoeksopzet en methodologie van het onderzoek, waaruit blijkt welke interventie wordt onderzocht.

  • 3 De aanvraag gaat vergezeld van een samenwerkingsovereenkomst met een gemeente en ten minste een bevoegd gezag dan wel instellingsbestuur van een andere onderwijsinstelling, of van een samenwerkingsovereenkomst met tenminste een bevoegd gezag dan wel instellingsbestuur van een andere onderwijsinstelling en een intentieverklaring van een gemeente waaruit diens voornemen blijkt tot samenwerking gedurende de looptijd van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

  • 4 Ingeval de aanvraag ziet op een interventie als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, gaat de aanvraag tevens vergezeld van een verklaring van cofinanciering waaruit blijkt dat de subsidiabele kosten van de interventie voor minimaal drieëndertig procent worden gefinancierd door middel van cofinanciering.

  • 5 Ingeval de aanvraag ziet op onderzoek als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel c, is tevens een kennisinstelling partij bij de samenwerkingsovereenkomst, bedoeld in het derde lid.

  • 6 Bij het indienen van een samenwerkingsovereenkomst, een intentieverklaring of een verklaring van cofinanciering wordt gebruik gemaakt van het model dat is bekendgemaakt op de website www.dus-i.nl.

Artikel 7. Subsidieverplichtingen

  • 1 De activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt zijn uiterlijk afgerond, ingeval van

    • a. kennisdelingsactiviteiten: op 31 december 2018;

    • b. een interventie: op 31 december 2019; of

    • c. onderzoek: op 31 december 2021.

  • 2 Een onderzoek waarvoor subsidie is verstrekt wordt verricht gedurende een periode van ten minste vierentwintig maanden en ten hoogste achtenveertig maanden.

  • 3 De subsidieontvanger van subsidie voor een interventie draagt zorg voor monitoring van de interventie en stelt de resultaten van de monitoring ter beschikking aan de minister op diens verzoek. De monitoring ziet in ieder geval op de met de interventie bereikte doelgroepen en het aantal leerlingen dan wel studenten dat betrokken is bij de interventie.

  • 4 De subsidieontvanger van subsidie voor een interventie of voor onderzoek werkt op verzoek van de minister mee aan ten minste een landelijke bijeenkomst die in het kader van de Gelijke Kansen Alliantie van de minister wordt georganiseerd.

Artikel 8. Omvang subsidie

Een subsidie bedraagt ten hoogste € 110.000,– per subsidieaanvraag, waarbij per soort activiteit als bedoeld in artikel 4, eerste lid, ten hoogste wordt verstrekt:

  • a. € 10.000,– voor kennisdelingsactiviteiten;

  • b. € 70.000,– voor interventies, met dien verstande dat het subsidiebedrag ten hoogste 67% van de subsidiabele kosten van de interventie bedraagt;

  • c. € 30.000,– voor onderzoek.

Artikel 9. Subsidieplafond

Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is een bedrag van € 2.400.000 beschikbaar.

Artikel 10. Wijze van verdeling beschikbare middelen

De minister verdeelt het beschikbare bedrag in de volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 11. Weigeringsgronden

De subsidieverstrekking wordt geweigerd indien:

  • a. reeds subsidie is verstrekt aan de aanvrager op grond van deze regeling;

  • b. de gemeente die de samenwerkingsovereenkomst dan wel de intentieverklaring, bedoeld in artikel 6, derde lid, heeft ondertekend, tevens een samenwerkingsovereenkomst of intentieverklaring heeft ondertekend die betrekking heeft op een reeds op grond van deze regeling verstrekte subsidie;

  • c. ingeval de aanvraag ziet op subsidie voor de interventie, de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd eerder zijn uitgevoerd door de aanvrager of door een andere betrokken partij als bedoeld in artikel 6, derde lid; of

  • d. ingeval de aanvraag ziet op subsidie voor onderzoek, de interventie waarop het onderzoek ziet eerder is onderzocht in een soortgelijke context.

Artikel 12. Besteding subsidie

  • 1 Als de activiteiten zijn uitgevoerd en aan de verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

  • 2 De subsidie wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag.

Artikel 13. Betaling

De minister betaalt het subsidiebedrag ineens.

Artikel 14. Verantwoording

  • 2 Indien de subsidie € 25.000,– of meer bedraagt geschiedt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs met model G, onderdeel 1, zoals bedoeld in richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving.

  • 3 De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn.

Artikel 15. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

  • 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2023.

Artikel 16. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Gelijke kansen in het onderwijs.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M. Bussemaker