Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling vergunningverlening windenergie op zee kavels I en II Hollandse Kust (zuid)

Geldend van 01-11-2017 t/m heden

Regeling van de Minister van Economische Zaken van 13 oktober 2017, nr. WJZ/17122295, houdende nadere regels tot vergunningverlening windenergie op zee voor de kavels I en II van het windenergiegebied Hollandse Kust (zuid) (Regeling vergunningverlening windenergie op zee kavels I en II Hollandse Kust (zuid))

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • kavel I: kavel I van het windenergiegebied Hollandse Kust (zuid) zoals aangewezen in Kavelbesluit I windenergiegebied Hollandse Kust (zuid) (Stcrt. 2016, 67082);

  • kavel II: kavel II van het windenergiegebied Hollandse Kust (zuid) zoals aangewezen in Kavelbesluit II windenergiegebied Hollandse Kust (zuid) (Stcrt. 2016, 67120);

  • minister: Minister van Economische Zaken;

  • P50-waarde voor de netto elektriciteitsproductie: de verwachte jaarlijkse energieproductie voor een gegeven combinatie van locatie en productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie dient te zijn bepaald met een waarschijnlijkheid van 50%;

  • wet: Wet windenergie op zee.

Artikel 2

  • 1 De aanvraag voor een vergunning voor kavel I of kavel II wordt ingediend in de periode tussen 15 december 2017 en 21 december 2017, 17:00 uur.

  • 2 De aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van een middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld.

Artikel 3

  • 1 Het ontwerp voor het windpark, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel a, van de wet, omvat ten minste:

    • a. een windenergie-opbrengstberekening die is opgesteld door een onafhankelijke organisatie met expertise op het gebied van windenergie-opbrengstberekeningen, met gebruikmaking van gerenommeerde rekenmodellen, omgevingsmodellen, windmodellen en windkaarten en die ten minste de locatiegegevens, het merk, type, de technische specificaties, waaronder ashoogte, rotordiameter en vermogenscurve van de windturbines, de lokale windgegevens voor het windpark en een berekening van de P50-waarde voor de netto elektriciteitsproductie van het windpark omvat;

    • b. de bescheiden waarmee aannemelijk wordt gemaakt dat aan het van toepassing zijnde kavelbesluit wordt voldaan;

    • c. informatie die aannemelijk maakt dat tijdig de verklaring, bedoeld in artikel 6.16d, eerste lid, onderdeel c, van het Waterbesluit kan worden overgelegd.

  • 2 Bij de berekening van de P50-waarde voor de netto elektriciteitsproductie zijn de beschikbaarheid, zogeffecten, elektriciteitsverliezen en terugregelverliezen opgenomen, waarbij voor het zogeffect, uitsluitend rekening wordt gehouden met het windpark waarvoor de aanvraag wordt gedaan en het windpark Luchterduinen.

  • 3 In het tijdschema, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel b, van de wet worden de realisatiedata vermeld van de volgende activiteiten:

    • a. de instemming door de exploitant van het windpark met de voorwaarden van de netbeheerder van het net op zee voor de aansluiting en het transport van elektriciteit overeenkomstig de Elektriciteitswet 1998;

    • b. de verstrekking van opdrachten aan leveranciers en installateurs;

    • c. de plaatsing van de eerste fundering;

    • d. de plaatsing van de eerste windturbine;

    • e. de start van de levering van elektriciteit;

    • f. het buiten bedrijf stellen van het windpark.

  • 4 De raming van de kosten en opbrengsten, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel c, van de wet, omvat in ieder geval een exploitatieberekening met:

    • a. een specificatie van de investeringskosten per component van de productie-installatie;

    • b. een overzicht van alle kosten en baten van de productie-installatie;

    • c. een berekening van het projectrendement over de looptijd van het project.

  • 5 In de raming van de maatschappelijke kosten bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel d, van de wet, wordt ten minste aandacht besteed aan de bezetting van het net van de netbeheerder van het net op zee uitgedrukt in het aantal MWh per jaar.

  • 6 De inventarisatie en analyse van de risico’s, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel e, van de wet, omvat ten minste:

    • a. de risico’s bij de bouw van het windpark;

    • b. het risico van fluctuerende elektriciteitsprijzen en de waarde van garanties van oorsprong;

    • c. de risico’s bij de exploitatie van het windpark.

  • 7 De omschrijving van de maatregelen ter borging van de kostenefficiëntie, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel f, van de wet omvat ten minste de methodes van risicobeheersing, de wijze waarop risico’s in het verleden zijn geborgd en bij thans lopende projecten voor windenergie op zee worden geborgd, alsmede de voorgenomen mitigerende maatregelen ten aanzien van de in het zesde lid bedoelde risico’s.

  • 8 Tot de bij de bouw en exploitatie van het windpark betrokken partijen, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel g, van de wet, worden gerekend:

    • a. de aanvrager en indien de aanvrager een samenwerkingsverband betreft, elke deelnemer aan het samenwerkingsverband;

    • b. de verantwoordelijke partij voor het projectmanagement;

    • c. de leverancier van de windturbines;

    • d. de installateur van de windturbines;

    • e. de leverancier van de funderingen;

    • f. de installateur van de funderingen;

    • g. de leverancier van de parkbekabeling;

    • h. de installateur van de parkbekabeling;

    • i. de verantwoordelijke voor het onderhoud en de bediening van het windpark.

  • 9 De beschrijving van de kennis en ervaring van de betrokken partijen, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel h, van de wet, betreft de kennis en ervaring bij windparken op zee en omvat:

    • a. het geïnstalleerd vermogen van de windparken waarvoor door de verantwoordelijke partij voor het projectmanagement tijdens de bouw het projectmanagement is gedaan;

    • b. het aantal door de leverancier geleverde windturbines;

    • c. het aantal door de installateur geïnstalleerde windturbines;

    • d. het aantal door de leverancier geproduceerde funderingen;

    • e. het aantal door de installateur geïnstalleerde funderingen;

    • f. het aantal windturbines waarvoor door de leverancier parkbekabeling is geleverd;

    • g. het aantal windturbines dat door de installateur van de parkbekabeling is aangesloten;

    • h. het geïnstalleerd vermogen van de windparken dat de verantwoordelijke voor het onderhoud en de bediening in onderhoud heeft en bedient.

  • 10 Bij de aanvraag worden tevens de volgende gegevens gevoegd:

    • a. een samenvattende beschrijving van de realisatie, exploitatie en ontmanteling van het windpark;

    • b. een financieringsplan, inclusief de beoogde financiers en het beoogde aandeel dat zij zouden dragen;

    • c. indien de aanvrager een samenwerkingsverband betreft een door elke deelnemer ondertekende verklaring van deelname aan het samenwerkingsverband, en

    • d. de meest recent vastgestelde jaarrekening van de aanvrager, de moederonderneming ervan, elk van de deelnemers aan het samenwerkingsverband of hun moederondernemingen, waarbij de jaarrekening betrekking heeft op een jaar dat ten hoogste drie kalenderjaren voor het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend.

Artikel 4

  • 1 Bij de beoordeling van de technische haalbaarheid van de bouw en exploitatie van een windpark wordt in ieder geval rekening gehouden met het door de aanvrager overgelegde ontwerp voor het windpark, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel a, van de wet.

  • 2 Bij de beoordeling van de financiële haalbaarheid van de bouw en exploitatie van een windpark wordt in ieder geval rekening gehouden met de door de aanvrager overgelegde raming van de kosten en opbrengsten, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel c, van de wet en de gegevens, bedoeld in artikel 3, tiende lid, onderdelen b en d. De omvang van het eigen vermogen van de aanvrager bedraagt ten minste 20% van de totale investeringskosten voor het windpark waarop de aanvraag betrekking heeft.

  • 3 Op verzoek van de aanvrager wordt voor het bepalen van de omvang van het eigen vermogen, bedoeld in het tweede lid, meegerekend:

    • a. indien de aanvrager een samenwerkingsverband is, het eigen vermogen van de deelnemers aan het samenwerkingsverband;

    • b. indien de aanvrager of een deelnemer aan een samenwerkingsverband een dochteronderneming is en mits de moederonderneming daarmee schriftelijk instemt, het overige eigen vermogen van de moederonderneming.

  • 4 In het geval blijkt dat de aanvrager zowel een aanvraag voor een vergunning voor kavel I als voor kavel II heeft ingediend, wordt bij de beoordeling van de financiële haalbaarheid, bedoeld in het tweede lid, het geheel van de investeringskosten voor beide windparken betrokken.

  • 5 Bij de beoordeling van de aannemelijkheid dat de bouw en exploitatie van een windpark gestart kan worden binnen vier jaar na de datum waarop de vergunning onherroepelijk is geworden, wordt in ieder geval rekening gehouden met het door de aanvrager verstrekte tijdschema, bedoel in artikel 23, tweede lid, onderdeel b, van de wet.

  • 6 Bij de beoordeling van de economische haalbaarheid van de bouw en exploitatie van een windpark wordt in ieder geval rekening gehouden met de door de aanvrager overgelegde raming van de kosten en opbrengsten, bedoeld in artikel 23, tweede lid, onderdeel c, van de wet.

Artikel 5

  • 1 De onderlinge weging van de rangschikkingscriteria, bedoeld in artikel 24, derde lid, van de wet vindt plaats overeenkomstig de waardering in punten zoals opgenomen in de bijlage waarbij een hoger aantal punten leidt tot een hogere rangschikking.

  • 2 Als bij de rangschikking van de aanvragen volgens de onderlinge weging van de rangschikkingscriteria, bedoeld in het eerste lid, twee of meer aanvragen gelijk als hoogste worden gerangschikt, weegt het criterium, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdeel f, van de wet, zwaarder dan de criteria, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdelen a tot en met e, gezamenlijk.

  • 3 Als bij toepassing van het tweede lid twee of meer aanvragen gelijk als hoogste worden gerangschikt, weegt het criterium, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdeel e, van de wet, zwaarder dan de criteria, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdelen a tot en met d, gezamenlijk.

  • 4 Als bij toepassing van het derde lid twee of meer aanvragen gelijk als hoogste worden gerangschikt, weegt het criterium, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdeel d, van de wet, zwaarder dan de criteria, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdelen a tot en met c, gezamenlijk.

  • 5 Als bij toepassing van het vierde lid twee of meer aanvragen gelijk als hoogste worden gerangschikt, weegt het criterium, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdeel c, van de wet, zwaarder dan de criteria, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdelen a en b, gezamenlijk.

  • 6 Als bij toepassing van het vijfde lid twee of meer aanvragen gelijk als hoogste worden gerangschikt, weegt het criterium, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdeel a, van de wet, zwaarder dan het criteria, genoemd in artikel 24, tweede lid, onderdeel b, van de wet.

Artikel 6

De kosten voor de behandeling van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 2, eerste lid, bedragen € 0.

Artikel 7

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 november 2017.

Artikel 8

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vergunningverlening windenergie op zee kavels I en II Hollandse Kust (zuid).

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 13 oktober 2017

De Minister van Economische Zaken,

H.G.J. Kamp

Bijlage behorende bij artikel 5, eerste lid, van de Regeling vergunningverlening windenergie op zee zonder subsidie

Onderlinge weging van de rangschikkingscriteria, bedoeld in artikel 24, tweede lid, onderdeel a, van de wet

  • 1. Weging in punten:

    Criterium: de kennis en ervaring van de betrokken partijen

    (artikel 24, tweede lid, onderdeel a, van de wet)

    Maximum aantal punten: 10

     

    Kwalitatieve maatstaven

    Beoordelingsmaatstaf

    Ptn.

    1

    De kennis en ervaring van de partijen die verantwoordelijk zijn voor het projectmanagement

    Deze partijen hebben projectmanagement uitgevoerd voor windparken op zee

    Deze windparken hebben een gezamenlijke capaciteit van minder dan 25 MW

    0

    Deze windparken hebben een gezamenlijke capaciteit van 25 MW of meer

    3

    2

    De kennis en ervaring van leveranciers van de funderingen

    Deze partijen hebben funderingen geleverd voor windparken op zee

    Er zijn minder dan 10 funderingen geleverd

    0

    Er zijn 10 of meer funderingen geleverd

    1

    3

    De kennis en ervaring van installateurs van de funderingen

    Deze partijen hebben funderingen geïnstalleerd voor windparken op zee

    Er zijn minder dan 10 funderingen geïnstalleerd

    0

    Er zijn 10 of meer funderingen geïnstalleerd

    1

    4

    De kennis en ervaring van leveranciers van de windturbines

    Deze partijen hebben windturbines geleverd voor windparken op zee

    Er zijn minder dan 10 windturbines geleverd

    0

    Er zijn 10 of meer windturbines geleverd

    1

    5

    De kennis en ervaring van installateurs windturbine

    Deze partijen hebben windturbines geïnstalleerd voor windparken op zee

    Er zijn minder dan 10 windturbines geïnstalleerd

    0

    Er zijn 10 of meer windturbines geïnstalleerd

    1

    6

    De kennis en ervaring van leveranciers van de bekabeling die de individuele windturbines verbindt en aansluit op het platform

    Deze partijen hebben bekabeling geleverd die individuele windturbines verbindt en aansluit op een platform op zee

    Bekabeling geleverd voor de verbinding van minder dan 10 windturbines met een platform

    0

    Bekabeling geleverd voor de verbinding van 10 of meer windturbines met een platform

    1

    7

    De kennis en ervaring van installateurs van de bekabeling die de individuele windturbines verbindt en aansluit op het platform

    Deze partijen hebben bekabeling geïnstalleerd die individuele windturbines verbindt en aansluit op een platform op zee

    Bekabeling geïnstalleerd voor de verbinding van minder dan 10 windturbines met een platform

    0

    Bekabeling geïnstalleerd voor de verbinding van 10 of meer windturbines met een platform

    1

    8

    De kennis en ervaring van partijen die verantwoordelijk zijn voor het onderhoud en de bediening van het windpark

    Deze partijen hebben onderhoud en bediening van windparken op zee uitgevoerd

    Ervaring met onderhoud en bediening van windparken op zee met een gezamenlijke capaciteit van minder dan 25 MW

    0

    Ervaring met onderhoud en bediening van windparken op zee met een gezamenlijke capaciteit van 25 MW of meer

    1

    Criterium: De kwaliteit van het ontwerp voor het windpark (artikel 24, tweede lid, onderdeel b, van de wet)

    Maximum aantal punten: 10

     

    Kwalitatieve maatstaven

    Beoordelingsmaatstaf

    Ptn.

    1

    De realisatie- overeenkomst en de aansluit- en transportovereenkomst gesloten met de netbeheerder van het net op zee

    De termijn na het onherroepelijk zijn van de vergunning waarbinnen de aanvrager (vergunninghouder) kan instemmen met de voorwaarden van de netbeheerder van het net op zee voor de realisatieovereenkomst en de aansluit- en transportovereenkomst

    overeenkomstig de Elektriciteitswet 1998.

    De termijn is meer dan 12 maanden

    1

    De termijn is 6 – 12 maanden

    5

    De termijn is minder dan 6 maanden

    10

    Criterium: de capaciteit van het windpark (artikel 24, tweede lid, onderdeel c, van de wet)

    Maximum aantal punten: 10

     

    Kwalitatieve maatstaven

    Beoordelingsmaatstaf

    Ptn.

    1

    De productiecapaciteit van het windpark

    Het gezamenlijk geïnstalleerd vermogen van het windpark in MW

    Niet minder dan 342 MW en minder dan 360 MW

    1

    Gelijk of meer dan 360 MW en minder dan 370 MW

    5

    Gelijk of meer dan 370 MW en niet meer dan 380 MW

    10

    Criterium: de maatschappelijke kosten (artikel 24, tweede lid, onderdeel d, van de wet)

    Maximum aantal punten: 10

     

    Kwalitatieve maatstaven

    Beoordelingsmaatstaf

    Ptn.

    1

    De efficiency van het gebruik van het net op zee.

    De berekende P50-waarde voor de netto elektriciteitsproductie

    Minder dan 1.300.000 MWh per jaar

    1

    Gelijk of meer dan 1.300.000 MWh en minder dan 1.350.000 MWh per jaar

    3

    Gelijk of meer dan 1.350.000 MWh en minder dan 1.400.000 MWh per jaar

    5

    Gelijk of meer dan 1.400.000 MWh per jaar

    10

    Criterium: de kwaliteit van de inventarisatie en analyse van de risico’s

    (artikel 24, tweede lid, onderdeel e, van de wet)

    Maximum aantal punten 20

     

    Kwalitatieve maatstaven

    Beoordelingsmaatstaf

    Ptn.

    1

    Risico's met betrekking tot de ontwikkeling van de financiële opbrengst van de te produceren elektriciteit

    Prijsrisico’s voor elektriciteit en garanties van oorsprong

    Korte termijn marktfluctuaties

    0-20

    Lange termijn prijsontwikkeling

    De positie van windenergie op zee in de toekomstige energiemix

    Volumerisico's

    Toegang tot voldoende liquide handelsstromen

    Onbalanskosten

    Korte termijn onbalanskosten

    Ontwikkeling van de energiemix op lange termijn

    2

    Risico's met betrekking tot de bouw van het windpark

    Leveringsrisico's van cruciale onderdelen

    Beschikbaarheid geschikte productiefaciliteiten

    Beschikbaarheid productiecapaciteit in bepaalde periode

    Beschikbaarheid van onderdelen met een lange leverings- of productietijd

    Transport- en installatierisico's

    Beschikbaarheid van geschikte installatieschepen

    Beschikbaarheid van specifieke transport- en installatieapparatuur

    Weerrisico's in relatie tot de in te zetten transport- en installatieapparatuur en het ontwerp van het windpark

    3

    Risico's met betrekking tot de exploitatie van het windpark

    Werkzaamheden op zee

    Toegankelijkheid van installaties

    Beschikbaarheid van geschikte apparatuur

    Energieopbrengst

    Risico van langjarig gemiddelde windsnelheid

    Jaarlijkse variaties en invloed daarvan op de liquiditeit

    Functioneren van de technologie

    Beschikbaarheid van de windturbine en parkbekabeling

    Preventieve onderhoudskosten

    Technische faalfactoren

    Grootschalige correctieve interventies

    Criterium: de kwaliteit van de maatregelen ter borging van kostenefficiëntie (artikel 24, tweede lid, onderdeel f, van de wet)

    Maximum aantal punten: 40

     

    Kwalitatieve maatstaven

    Beoordelingsmaatstaf

    Ptn.

    1

    Het mitigeren van risico's met betrekking tot de ontwikkeling van de financiële opbrengst van de te produceren elektriciteit.

    De verkoopstrategie van de opgewekte elektriciteit en garanties van oorsprong

    Interne of externe verkoop

    0-40

    Termijn van prijsvastlegging

    Allocatie van onbalansrisico

    De contractvormen

    Vorm van afname- en betalingsverplichtingen

    Relatie met marktreferentieprijzen

    De financiële sterkte van de afnemende partij

    Interne garantieregelingen

    Financiële kwaliteit van afnemende partij

    Aanvullende financiële garanties

    2

    Het mitigeren van risico's met betrekking tot kosten voor de bouw van het windpark

    De ontwerp- en inkoopstrategie

    Locatie specifieke ontwerpoplossingen

    Transport strategie en installatie strategie

    Contractstrategie, onderverdeling in verschillende werkpakketten

    Risico’s op de overgangspunten tussen de diverse projectonderdelen

    Ervaring op het gebied van engineering management

    Bescherming tegen stijgende grondstofprijzen en stijgende rente

    De zekerheid van toelevering van producten in de keten

    Het kunnen beschikken over geschikte productiecapaciteit voor het beoogde ontwerp

    Het kunnen beschikken over productiecapaciteit in een bepaalde periode voor het project

    Ervaring op het gebied van het managen van de toeleveringsketen

    Zekerheid van beschikbaarheid van belangrijkste benodigdheden en onderdelen met een lange leverings- of productietijd

    Mogelijkheid tot inzet van eigen installatiecapaciteit

    Bestaande raamwerkovereenkomsten

    Project specifieke contracten

    3

    Het mitigeren van risico's met betrekking tot kosten van de exploitatie van het windpark

    De operationele- en onderhoudsstrategie

    Eigen capaciteit en gecontracteerde capaciteit

    Logistiek concept

    Personele invulling voor beschikbaarheid gekwalificeerd personeel

    De optimalisatie van bereikbaarheid en beschikbaarheid van het windpark

    Ontwerpkeuzes die de beschikbaarheid van het windpark optimaliseren

    Ontwerpmaatregelen die de toegankelijkheid van het windpark verhogen

    Apparatuur en schepen die de toegankelijkheid van het windpark verhogen

    Het financieel management

    Analyse van operationele marges en financiële buffers om variaties in wind en niet-beschikbaarheid van het windpark op te vangen

    Beschikbaarheidsgaranties van leveranciers

    Wijze waarop verzekeringen zijn ingezet om operationele risico’s te mitigeren

  • 2. Indicatieve waardes op een continuschaal van 0 tot 100 in procenten voor de criteria, bedoeld in artikel 24, tweede lid, onderdelen e en f, van de wet:

    indicatieve tussenwaardes op een continuschaal

    Uitstekend, met toegevoegde waarde

    100%

    Zeer goed, met enige toegevoegde waarde

    80%

    Goed

    60%

    Ruim voldoende

    40%

    Voldoende

    20%

    Matig

    0%