Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling cultuurbegeleider primair en speciaal onderwijs[Regeling vervalt per 01-10-2022.]

Geldend van 01-10-2017 t/m heden

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 22 september 2017, nr. 1228259, houdende regels voor de verstrekking van subsidie voor het volgen van de post-HBO opleiding tot cultuurbegeleider voor leraren in het primair en speciaal onderwijs (Subsidieregeling cultuurbegeleider primair en speciaal onderwijs)

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluiten:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 3. Subsidie opleiding tot cultuurbegeleider

  • 1 De minister kan subsidie verstrekken aan een leraar voor het volgen van de opleiding tot cultuurbegeleider.

  • 2 Voor subsidie zijn de volgende subsidiebedragen beschikbaar:

    • a. per leraar de kosten van het verschuldigde cursusgeld tot een maximum van € 3.000,–;

    • b. per leraar de kosten van studiemiddelen, ten bedrage van € 175,–; en

    • c. per leraar de reiskosten, ten bedrage van € 300,–.

Artikel 4. Subsidie vervangingskosten opleiding tot cultuurbegeleider

  • 1 In aanvulling op de subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, kan de minister subsidie verstrekken aan een bevoegd gezag als tegemoetkoming in de vervangingskosten van een leraar, die een opleiding tot cultuurbegeleider volgt.

  • 2 Per leraar komt ten hoogste 72 uur aan vervangingskosten voor subsidie in aanmerking.

  • 3 Het subsidiebedrag voor vervangingskosten bedraagt ten hoogste € 37,79 per uur in het primair onderwijs en ten hoogste € 39,58 per uur in het speciaal onderwijs. Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

Artikel 5. Subsidieplafond

Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is in 2017, 2018, 2019 en 2020 per kalenderjaar een bedrag van € 950.000,– beschikbaar.

Artikel 6. Wijze van verdeling beschikbare middelen

De minister verdeelt het beschikbare subsidiebedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 7. Subsidieverplichtingen

  • 1 Aan de subsidie aan een leraar, bedoeld in artikel 3, eerste lid, zijn de volgende verplichtingen verbonden:

    • a. De leraar behaalt in de voorgeschreven studieperiode aangevuld met een uitloop van twee maanden het diploma tot cultuurbegeleider.

    • b. De leraar zendt een afschrift van het diploma binnen drie maanden na het moment waarop de opleiding met goed gevolg is afgerond aan DUO.

  • 2 Aan de subsidie aan een bevoegd gezag, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is de verplichting verbonden dat het bevoegd gezag de leraar in staat stelt de opleiding te volgen.

Artikel 8. Aanvraag subsidie

  • 1 Een aanvraag wordt voorafgaand aan de start van de opleiding tot cultuurbegeleider ingediend.

  • 3 De subsidie wordt aangevraagd met gebruikmaking van het aanvraagformulier dat bekend is gemaakt op de website www.duo.nl.

  • 4 De aanvraag van de subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt gedaan door de leraar. Bij de aanvraag wordt vermeld op welk moment de opleiding start en wordt een inschrijvingsbevestiging gevoegd waaruit blijkt bij welk opleidingsinstituut de leraar de opleiding tot cultuurbegeleider zal gaan volgen.

  • 5 De aanvraag van de subsidie, bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt gedaan door de leraar namens het bevoegd gezag. Deze aanvraag wordt door zowel de leraar als het bevoegd gezag ondertekend. De subsidie wordt verstrekt, betaald aan en verantwoord door het bevoegd gezag, en op het bevoegd gezag rusten de verplichtingen die aan de subsidie verbonden zijn.

Artikel 9. Verlening, vaststelling en betaling subsidie

  • 1 De subsidie aan een leraar, bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag verleend, en ambtshalve vastgesteld binnen 42 weken na de voorgeschreven studieperiode. De minister verleent een voorschot van 100% en betaalt het subsidiebedrag ineens aan de leraar.

  • 2 De subsidie aan een bevoegd gezag, bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag. De minister betaalt het subsidiebedrag ineens.

Artikel 10. Besteding subsidie

De subsidie aan een bevoegd gezag, bedoeld in artikel 4, eerste lid, kan worden besteed aan activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

Artikel 11. Verantwoording

  • 1 De ontvanger van een subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, toont op verzoek van de minister op de in de beschikking aangegeven wijze aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen.

Artikel 12. Hardheidsclausule

De minister kan voor bepaalde gevallen de regeling buiten toepassing verklaren of daarvan afwijken voor zover deze toepassing, gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, zal leiden tot onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 13. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 2017.

  • 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 oktober 2022.

Artikel 14. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling cultuurbegeleider primair en speciaal onderwijs.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M. Bussemaker

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

S. Dekker