Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Tijdelijke subsidieregeling Delta Alliance 2016–2020[Regeling vervalt per 01-01-2021.]

Geldend van 16-09-2017 t/m heden

Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 14 september 2017, nr. IENM/BSK-2017/719071, houdende regels voor het verstrekken van een tijdelijke subsidie aan de Stichting Delta Alliance International Foundation (Tijdelijke subsidieregeling Delta Alliance 2016–2020)

Artikel 1. (begripsbepalingen)

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • besluit: Kaderbesluit subsidies I en M;

  • deltalanden: prioriteitslanden die in de Internationale Waterambitie zijn opgenomen, te weten Bangladesh, Colombia, Egypte, Indonesië, Mozambique en Vietnam;

  • minister: Minister van Infrastructuur en Milieu;

  • subsidieontvanger: Stichting Delta Alliance International Foundation, gevestigd te Wageningen.

Artikel 2. (doel van de subsidie)

De minister kan gedurende de periode van 1 april 2017 tot en met 31 december 2020 op aanvraag subsidies verstrekken aan de subsidieontvanger voor het verrichten van niet-economische activiteiten, zijnde het uitwisselen en ontwikkelen van kennis op het gebied van waterveiligheid en waterzekerheid tussen deltalanden, gericht op:

  • a. het inbrengen van kennis in internationale netwerken gericht op duurzaam delta management, of

  • b. het stimuleren van kennisuitwisseling en kennisontwikkeling rond delta’s.

Artikel 3. (maximumbedrag)

De subsidie voor de jaren 2017 tot en met 2020 bedraagt maximaal € 1.250.000.–, inclusief btw, met dien verstande dat het subsidiebedrag dat op basis van de beschikking van 3 november 2016, kenmerk PVW41606OH59U, reeds is verleend voor de periode van 1 april 2016 tot en met 31 maart 2017 inbegrepen is in dit maximumbedrag.

Artikel 4. (subsidiabele kosten)

  • 1 Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de naar het oordeel van de minister noodzakelijke, rechtstreeks aan de activiteiten als bedoeld in artikel 2 toe te rekenen en door de subsidieontvanger gemaakte en betaalde kosten.

  • 2 Subsidiabele kosten kunnen ook betrekking hebben op de voor indiening van de subsidieaanvraag gemaakte kosten vanaf 1 april 2017.

Artikel 5. (aanvraag tot subsidieverlening)

  • 1 De aanvraag tot subsidieverlening wordt uiterlijk op 1 november voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd ingediend bij de minister met gebruikmaking van een door de minister beschikbaar gesteld middel.

  • 2 In afwijking van het eerste lid wordt voor de periode 1 april 2017 tot en met 31 december 2017 de aanvraag ingediend binnen een maand na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin de regeling wordt geplaatst.

Artikel 6. (begrotingsvoorbehoud)

Voor zover de subsidie wordt verleend ten laste van de nog niet door de Staten-Generaal aangenomen rijksbegroting, onderdeel Infrastructuur en Milieu, wordt in de beschikking tot subsidieverlening vermeld dat de subsidieverlening plaatsvindt onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld in de wet tot vaststelling van de rijksbegroting, onderdeel Infrastructuur en Milieu.

Artikel 7. (subsidieverlening)

De subsidie wordt verleend in de vorm van een maximumbedrag dat wordt bepaald op basis van gegevens die worden ingediend bij de aanvraag.

Artikel 8. (verplichting van de subsidieontvanger)

  • 1 Onverminderd artikel 17 van het besluit is de subsidieontvanger verplicht tot:

    • a. het verlenen van medewerking aan een onderzoek naar de rechtmatige en doelmatige aanwending van de ontvangen subsidiegelden, dat wordt verricht namens of in opdracht van de minister of door de Algemene Rekenkamer en het desverlangd verstrekken van alle informatie aan degene die met dit onderzoek is belast;

    • b. het de minister vooraf schriftelijk op de hoogte stellen in geval bekendheid wordt gegeven aan gesubsidieerde activiteiten of standpunten met een naar verwachting politiek gevoelig of met een belangrijk beleidsmatig karakter;

    • c. het uitvoeren van de activiteiten op een neutrale, objectieve en niet-discriminatoire wijze;

    • d. het niet concurreren met de dienstverlening die op de markt door commerciële partijen wordt aangeboden bij het uitvoeren van de activiteiten;

    • e. het voor eenieder zonder onderscheid toegankelijk laten zijn van de activiteiten, alsmede de resultaten daarvan;

    • f. het niet bevoordelen van individuele ondernemingen met de gesubsidieerde activiteiten;

    • g. het kosteloos publiekelijk ter beschikking te stellen van de resultaten van de gesubsidieerde activiteiten;

    • h. het verlenen van opdrachten aan derden op basis van transparante criteria en conform marktconforme tarieven.

  • 2 Indien naast de niet-economische activiteiten ook economische activiteiten worden verricht, dienen beide soorten activiteiten en de financiering ervan in de boekhouding te worden onderscheiden.

Artikel 9. (subsidievaststelling)

  • 1 De aanvraag tot subsidievaststelling vindt plaats binnen dertien weken na het jaar waarvoor de subsidie is verleend.

Artikel 10. (inwerkingtreding en vervaldatum)

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 2017.

  • 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2021, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de subsidies die voor die datum zijn verleend.

Artikel 11. (citeertitel)

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Delta Alliance 2016–2020.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Milieu,

M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus